Ook al zal de Tuin der lusten niet op de tentoonstelling ‘Jheronimus Bosch, visioenen van een genie’ in het Noord-Brabants Museum te zien zijn en in het Prado in Madrid blijven, het zal de commentaren wel beheersen. Ook al valt er niets wellustigs op te zien, Bosch heeft wel op een discrete manier de aardse genoegens van het minnen in het schilderij verstopt. Was niet de Bijbel, maar Ovidius zijn voorbeeld?
De Tuin der lusten heeft het onderzoek naar het werk van Bosch altijd ‘als een tiran gedomineerd’ schrijft Henk Boom in De bezeten visionair, zijn boek over vijfhonderd jaar controverse over Bosch. (Zie de Literaire Kroniek van vorige week). Dat was vooral vanwege Het paradijs, het grote middendeel van het drieluik. Het is het meest aardse en idyllische onderdeel van de drieëntwintig vooral religieuze schilderijen die aan Bosch worden toegeschreven.
Het paradijs is vaak verdacht gemaakt door christelijke interpretatoren: het zou er wel paradijselijk uitzien, maar het is een vals paradijs. Bosch zou als een trouwe godvrezende gelovige hebben geschilderd hoe de wereld eruit zou hebben gezien (vredig, onschuldig, zonnig en geweldloos), als de mens niet zondig was geweest. Het is een moralistisch-didactisch schilderij waarvan men, oog in oog met al die naakte lichamen, alleen heimelijk mag genieten. Het zou alleen maar een geïdealiseerde voorstelling van zaken zijn, ver verwijderd van de werkelijkheid. De werkelijkheid zou meer lijken op het rechterpaneel met de Hel. Daarop is te zien hoe mensen hun hoofd wordt afgesneden, waarop messen door handen steken, huizen in brand staan en griezelige monsters vrouwen belagen.
Er gebeurt, op één detail na, helemaal niets wellustigs op Het paradijs.
Het paradijs mocht het paradijs niet zijn. Dat er zo veel figuren op hun kop staan, zegt een Spaanse kenner, is omdat Bosch de wereld op zijn kop wilde verbeelden: zoals hij niet is. Het paradijs dat je ziet is de wereld niet en zal de wereld ook nooit zijn. Volgens het Christendom mag het paradijs er ook nooit komen, omdat de mens dan niet meer zou lijden. En lijden moet.
Er is natuurlijk niet alleen in de Bijbel sprake van een Hof van Eden of een paradijs. Ovidius heeft het in zijn Metamorfosen ook over een soort paradijs, bij hem het ‘Gouden Tijdperk’ genoemd, een tijd ‘zonder wraak of wetten’, een tijd van ‘rechtschapenheid en eerlijkheid’. ‘Zonder noodzaak van een leger leefden de mensen veilig in een aangename rust.’ Hun grond ‘was geen mikpunt van houwelen, niet door de ploeg gewond, want alles groeide uit zichzelf.’ De mensen ‘plukten van de aardbeiplant, van bessenstruiken, van kornoeljetakken, trokken bramen van de harde heesters of eikels van de breedgetakte boom van Jupiter. En eeuwig was er lente.’ ‘Rivieren stroomden rijk aan melk, sommige zelfs met nectar en uit de groene steeneik drupte gouden honingvocht.’
Verschillende door Henk Boom geraadpleegde kenners van Bosch’ werk moeten bij Het paradijs aan de beschrijving van Ovidius in de Metamorfosen denken, alsof Bosch het boek gekend zou hebben. Ovidius werd in die tijd (rond 1500) gelezen in de kringen die kennis namen van de eerste tekenen van de renaissance en de ‘daaraan verbonden humanistische cultuur.’ Dat waren ook de kringen van de verzamelaars van Bosch’ werk. Die beschouwden het Paradijs niet als de uitbeelding van ‘De triomf van de wellust’, die dan in het rechterpaneel van de Hel wordt afgestraft, maar als een voorbeeld ‘van de nieuwe lichte, open en subtiele renaissancebries die de tuin doortrekt.’
Dat Het paradijs ‘de triomf van de wellust’ zou verbeelden en daarom volgens christelijke beschouwers de Tuin der Onkuisheid of Tuin der Onvoorzichtigheid had moeten heten, is vreemd. Er gebeurt, op één detail na, namelijk helemaal niets wellustigs op Het paradijs. De naakte mensen staan, liggen, zitten, zwemmen, staan op hun hoofd, maken een praatje met elkaar, rijden op paarden, geiten en kamelen, kruipen bij elkaar in vreemde ronde behuizingen, plukken vruchten van de bomen of zitten met een reusachtige aardbei in hun armen, alsof ze Ovidius hebben gelezen.
Op de meestal niet al te grote reproducties van de Tuin der lusten zijn lang niet alle details te zien. Daarom ontgaat het menigeen dat Bosch in de wemeling van figuren en beesten zeker twaalf verliefde paartjes heeft geschilderd, niet allemaal even goed te zien met het blote oog. De meeste bevinden zich op de helft of bovenin het schilderij waar alles veel kleiner is.

Op de linker voorgrond zien we een man die een kus geeft aan een vrouw in een roze gebroken ei. Daarboven zitten een man en vrouw in een luchtbel terwijl de man zijn hand op de buik van de vrouw legt. Precies daar weer boven zit een man op de rug van een eend terwijl hij het gezicht van een zwarte vrouw streelt. Rechts daarvan, voor de vogel met het rode voorhoofd, maken een man en vrouw een innig dansje. Helemaal rechts op het schilderij, links van de uil, liggen een man en vrouw verstrengeld, maar de man heeft een hoofd in de vorm van een blauw ei. In het lichtblauwe meertje met het donkerblauwe ei, bovenin het schilderij, zitten rechts een vrouw en een zwarte man gezellig in een bootje. Links van het ei juichen een zeemeermin en een zeemeerman met uitgestrekte armen bij het zien van elkaar. Rechtsboven het blauwe ei lopen op de rug gezien een man en vrouw. De man heeft zijn arm om haar heen geslagen. Dit is alleen maar te zien op reproducties van details die op ware grootte zijn afgedrukt, zoals in het boek van John Rowlands The Garden of Earthly Delights. Daardoor is ook het opmerkelijkste detail van dit vredige schilderij te zien: helemaal onderaan in de opening van het blauwe ei, bovenin het schilderij, staat een man met een baard die zijn hand op het intiemste deel van de vrouw heeft.

Deze minnende paartjes, gestrooid tussen de wemeling van figuren en wonderlijke scenes op het schilderij, zorgen ervoor dat de Engelse titel The Garden of Earthly Delights adequater is dan Tuin der lusten, hoe aangenaam prikkelend die ook mag zijn. Aardse genoegens, zoals door Ovidius beschreven, daar gaat het om.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.