Het is ironisch dat juist Sevgi Akarçeşme slachtoffer werd van Erdogan. Jarenlang steunde ze de president, maar onlangs ontvluchtte de hoofdredacteur van Today’s Zaman haar land toen haar krant onder zijn controle kwam. ‘Hij heeft ons voor de gek gehouden.’

Nog geen dag nadat we elkaar in Schaarbeek hadden gesproken, ontplofte Brussel. Sevgi Akarçeşme was op weg naar het vliegveld, maar moest rechtsomkeert maken, Zaventem was afgesloten en alle vliegtuigen bleven aan de grond. Pas toen de taxi was omgedraaid en ze weer bij vrienden thuis was, realiseerde de uit Istanboel gevluchte hoofdredacteur zich welke ramp zich had voltrokken en aan welk gevaar ze was ontsnapt. ‘De aanslagen hier en die van een paar dagen eerder in Istanboel laten zien hoe belangrijk het is om moslimterrorisme te bestrijden,’ mailde ze korte tijd later vanuit Brussel. ‘Wij zijn in Turkije bijna gewend geraakt aan aanslagen. Maar inmiddels moeten we ons ervan bewust zijn dat veilige plaatsen niet meer bestaan.’

We spraken de voormalige hoofdredacteur van de Turkse Engelstalige krant Today’s Zaman in de Brusselse wijk Schaarbeek, aan een drukke boulevard schuin tegenover het kolossale gebouw van de Belgische publieke omroep. In naam is ze trouwens nog steeds hoofdredacteur, ook al is haar krant net als de Turkstalige uitgave overgenomen door handlangers van de regering van president Recep Tayyip Erdogan. ‘Ze hebben me niet officieel ontslagen en ik gun ze niet het genoegen dat ik zelf ontslag neem. De nieuwe leiding van de krant is illegaal en de lezers zien heel goed dat wij als journalisten monddood zijn gemaakt. De oplage van Zaman is sinds de inval op onze redactie van zeshonderdduizend gedaald naar zevenduizend en dat aantal daalt nog steeds. Die van Today’s Zaman ging van vijfduizend naar duizend. Het is overduidelijk dat onze abonnees het niet pikken.’

Toen geloofde ik in hem

Sevgi Akarçeşme heeft altijd deel uitgemaakt van het Turkse establishment en daarom is de klap misschien wel des te groter. Ze komt uit een behoudend middenklassegezin, studeerde politieke wetenschappen aan prestigieuze universiteiten in Ankara en in de VS. In haar studentenjaren stemde ze op de AKP van Erdogan die op dat moment nog burgemeester was van Istanboel en een gooi deed naar de landelijke politiek. ‘Ik haat hem nu, maar toen geloofde ik in hem. Hij was pro-Europa, hervormingsgezind, had een goed georganiseerde staf en wilde veranderingen doorvoeren waar veel Turken enthousiast over waren, zoals het afschaffen van het hoofddoekverbod voor studenten en ambtenaren. Hij verzette zich tegen het seculiere establishment van de generaals.’

Advertentie

Advertentie

Tegelijkertijd voelde ze ook veel voor de ideeën die worden uitgedragen door de islamitische prediker Fethullah Gülen, met zijn Hizmet-beweging tot twee jaar geleden een nauwe bondgenoot van de huidige president, maar nu diens verklaarde tegenstander. Toen ze in de VS studeerde, bezocht ze verschillende keren Gülens ballingsoord in Saylorsburg, op het platteland van Pennsylvania. ‘Ik heb hem niet persoonlijk ontmoet, maar wel naar zijn preken geluisterd en samen met de anderen gebeden. Ik beschouw mijzelf niet als islamist, maar wel als een religieus persoon. Gülen is een vreedzame islamitische geleerde met een progressieve geest, hij waarschuwt tegen moslimterrorisme en is voorstander van scholing van meisjes in een land waar dat heel lang verboden is geweest. Hij heeft geholpen met het moderniseren van de achterlijke plattelandsmaatschappij die Turkije lang is gebleven, het is moeilijk om zijn invloed op het huidige Turkije te overschatten.’

Complotplegers

Voordat ze journalist werd, werkte Akarçeşme bij de strategische denktank Center for Strategic and International Studies (CSIS) in Washington D.C. Na haar terugkeer naar Ankara ging ze aan de slag bij de presidentiële staf van AKP-president Abdullah Gül. ‘Ik was als persoonlijke assistent van de presidentsvrouw Hayrünnisa Gül heel close met de familie. Ik regelde haar bezoeken, schreef haar speeches, was er kind aan huis.’

In die jaren was Akarçeşme een loyale ambtenaar in de AKP-regering die Erdogan en Gül steunde in hun strijd tegen rechters die probeerden de AKP te verbieden en tegen vermeende complotplegers uit het leger in de geruchtmakende Energekon-zaak. In dat door organisaties als Amnesty en Human Rights Watch zeer bekritiseerde politieke proces ging het om een vermeend ultranationalistisch geheim genootschap, bestaand uit legerofficieren, advocaten, schrijvers en journalisten, dat de AKP door een staatsgreep ten val zou willen brengen. Later bleek dat bewijsmateriaal was gefabriceerd en waren er beschuldigingen dat kritische journalisten onder valse voorwendselen in hun vrijheid van meningsuiting werden beperkt. ‘Ik stond achter de strijd tegen het establishment en de generaals omdat ik vind dat we in Turkije een volksdemocratie nodig hebben en geen democratie die door de generaals wordt gestuurd.’ Toch heeft het iets ironisch dat juist Sevgi Akarçeşme nu het slachtoffer is geworden van de man die zich eerder met instemming van haarzelf en haar geestverwanten tegen anderen keerde.

‘Ik moet toegeven dat ik me in Erdogan heb vergist. Mijn hele leven is op zijn kop gezet door de man die ik jaren heb gesteund. Hij heeft ons voor de gek gehouden. Hij vormt heel slim allianties en als hij je niet meer nodig heeft, zet hij je opzij. Erdogan en zijn mensen speelden het spelletje mee totdat ze genoeg macht hadden om die niet meer te hoeven delen.’

Zwarte voorpagina

Op vrijdagochtend 4 maart ging Akarçeşme vroeg naar de redactie. Ze wist dat er zwaar weer op komst was, want de dag ervoor had een door president Erdogan gecontroleerde rechtbank bepaalt dat Zaman en Today’s Zaman onder staatscontrole zouden worden gebracht omdat ze deel zouden uitmaken van een terroristische organisatie met als doel het omverwerpen van de Turkse staat. Twee jaar geleden was alles nog koek en ei tussen Gülen en Erdogan, maar dat veranderde toen Zaman en andere kranten kritisch begonnen te schrijven over corruptieaffaires waarbij Erdogan, die toen nog premier was, betrokken zou zijn geweest. Er doken bandjes op met telefoongesprekken waarop Erdogan als een bullebak mensen onder druk zet, onderhandelt over de bouw van een villapark (waarbij hijzelf twee huizen krijgt) en een van zijn zoons opdracht geeft om miljoenen weg te sluizen.

Natuurlijk heeft Zaman in het verleden fouten gemaakt, net als alle mainstream media in Turkije.

De affaire deed Erdogan in woede ontsteken. Hij beschuldigde prediker Fetullah Gülen ervan dat hij achter het lekken van de opnames zou zitten en verklaarde hem de oorlog. Een zuiveringsactie van het ambtenarenapparaat volgde. Duizenden politiemensen, rechters en anderen werden uit hun functie gezet of overgeplaatst, scholen van de Gülenbeweging gesloten. Gülen-gezinde media zoals Zaman werden aangepakt onder het adagium: ook mensen die een pen vasthouden, kunnen terroristen zijn. Die vrijdag gaf Akarçeşme dus opdracht om de deadline voor die dag te vervroegen, het aantal pagina’s terug te brengen en te zorgen dat de krant die op zaterdag zou verschijnen zo vroeg mogelijk naar de drukker zou gaan. De redactie ging hard aan de slag en slaagde erin de krant tijdig te versturen, met op de verder geheel zwarte voorpagina in witte kapitalen de tekst ‘Shameful day for free press in Turkey. Zaman Media Group seized. #FreeMediaCannotBeSilenced’.

‘Buiten zagen we hoe zich steeds meer sympathisanten en lezers zich verzamelden,’ zegt Akarçeşme. ‘Ook de politie verscheen en de weg werd afgezet. Op enkele kleine kritische stations na heeft geen Turkse journalist ons gebeld om verslag te doen van wat er gebeurde: collega’s zijn zo bang dat ze er het zwijgen toe deden. Wel kwamen er parlementariërs langs van de seculiere Republikeinse Volkspartij, de CHP. Die partij hebben we altijd zeer kritisch gevolgd, maar nu kwamen ze ons steunen. In tijden van nood trek je samen op.’

Onder dwang van de oproeppolitie werden de Zaman-journalisten naar buiten gewerkt. | Foto: AP / HH
Vastgeketend aan de hekken

Om half drie ’s middag kwamen de nieuwe door Erdogan benoemde bestuurders onder begeleiding van een enorme politiemacht het gebouw binnen. Beneden bij de poort hadden mensen zich vastgeketend aan de hekken, er werd traangas gebruikt en er werden slogans geroepen als ‘je kunt de vrije pers nooit muilkorven’. Akarçeşme en andere leidinggevenden van het concern dat Zaman en Today’s Zaman uitgeeft, hadden zich verschanst op de vierde verdieping van het gebouw en zagen van daaruit wat er gebeurde. ‘Terwijl ze de glazen deuren forceerden, brak buiten protest uit.’ Ze besloot om Periscope-opnamen te maken van de inval en hield dat vol tot haar smartphone werd afgepakt. ‘Het voelde alsof we werden verkracht, de nieuwe directie kwam onder zware politiebegeleiding als plunderaars het gebouw binnen en nam de redactie over.’ Ze deed haar Persicope-streaming in het Engels, wat de woede opwekte van de politiemannen. ‘Ze zeiden: houd op met klagen over Turkije, je werkt samen met de buitenlandse machten die zich tegen ons land keren. Het was complete chaos, niemand wist wat er gebeurde.’

Om twee uur ’s nachts was de strijd gestreden, de journalisten verlieten onder dwang van de oproerpolitie hun redactielokaal en gingen naar buiten. Cafébezoek om na te praten zat er niet in. Akarçeşme : ‘Ik drink niet, dus ik ben sowieso niet zo’n caféganger, maar bovendien was ik helemaal gesloopt.’ Ze ging naar het huis van haar ouders in de welvarende wijk Sisli waar ze als 37-jarige vrijgezel woont. Ze waren nog wakker, bezorgd en ook wel een beetje boos. Waarom had hun dochter zich zo zichtbaar opgesteld? Ze hadden haar wel iets kunnen aandoen. ‘Mijn moeder was echt bang.’ Nadat ze haar ouders zo goed en zo kwaad als het ging had gerustgesteld, ging Sevgi Akarçeşme naar bed.

De volgende dag, zaterdag 5 maart, ging ze terug naar de redactie, hoewel het eigenlijk een vrije dag was. Daar trof ze haar volledige team en ook de nieuwe bazen die zich samen met de politie hadden verschanst op de vierde verdieping waar normaal de directie zit. Ze begonnen meteen met het censureren van het nummer dat op zondag zou verschijnen en al helemaal klaarstond om naar de drukker te worden gestuurd. Grappig detail: omdat niemand van de nieuwe bazen Engels kon lezen, werden columns van critici van het regime waar een foto bij stond verwijderd, terwijl andere stukken waarin ook kritiek werd geleverd aanvankelijk konden blijven staan. Later die dag werd het besluit genomen om de hele zondagseditie te schrappen. ‘Een van de nieuwe leidinggevenden zei op een paternalistische manier tegen me dat ik de volgende dag maar met hem moest komen praten. Ik walgde ervan en zei tegen van mijn oude leidinggevenden: alsjeblieft, doe iets, ik kan hier niet mee omgaan.’

Twee dagen later zou Akarçeşme naar São Paulo vliegen voor een congres dat de Gülenbeweging organiseerde over terrorisme. ‘Ik zou een speech houden over terrorisme en de media,’ zegt ze met een lachje. Maar wat moest ze in Brazilië op dit cruciale moment? Aan de andere kant: wat moest ze eigenlijk nog in Turkije? Haar krant werd vanaf dit moment gecensureerd, ze werd in de gaten gehouden, collega’s waren eerder in de gevangenis beland. En daarbij kwam dat ze zelf ook al op de korrel was genomen door het regime.

‘Ik heb overlegd met mijn collega’s van Zaman en we besloten dat het verstandig was om snel naar het buitenland uit te wijken voor ik een reisverbod zou krijgen. Later vroeg een BBC-journalist aan me waarom ik niet was gebleven om te strijden voor mijn krant. Maar hoe kun je vechten terwijl je op het punt staat te worden gearresteerd?’

Vorig jaar oktober had ze al korte tijd vastgezeten omdat ze een tweet had verstuurd waarin ze kritiek leverde op premier Ahmet Davutoğlu. Hij werd premier van een regering die de grote corruptiezaak in de doofpot stopte, schreef ze. Daaronder had een anonieme twitteraar een reactie geplaatst met teksten als ‘Marionetten van het Paleis! Leugenaars!’ Daarop had Davutoğlu een aanklacht ingediend tegen Akarçeşme wegens belediging. De door Erdogan benoemde rechters gingen mee met de premier en spraken een voorwaardelijke gevangenisstraf uit van anderhalf jaar. ‘Mijn verweer dat ik er niets aan kon doen dat de beledigingen onder mijn tweet waren geplaatst, haalden niets uit. Ik had dat maar moeten voorkomen.’ Akarçeşme telde haar knopen en besloot voorlopig uit te wijken naar Brussel, naar de redactielokalen van de Belgische uitgave van Zaman.

Akarçeşme en Zaman-hoofdredacteur Abdulhamit Bilici spreken toegestroomde sympathisanten toe nadat ze uit het pand zijn gezet. | Foto: Zaman / SIPA / HH
Niet zonder zonden

En zo zitten we tegenover elkaar in een kaal kantoor in de Brusselse wijk Schaarbeek, een dag voor de aanslagen. Sinds haar overhaaste vertrek naar het veilig geachte Europa stond ze de ene cameraploeg na de andere verslaggever te woord, van BBC’s Hard Talk tot CNN en van EU Observer tot de Australische televisie. En allemaal waren ze niet zomaar solidair met de Turkse collega’s – ze stelden ook kritische vragen over de rol van Zaman in de afgelopen jaren en de positie van Gülen. Niet ten onrechte, want de Zaman-kranten hadden zich in de jaren dat de Gülenbeweging nog nauwe banden onderhield met Erdogan regelmatig enthousiast getoond over het beperken van de vrijheid van meningsuiting van kritische journalisten.

Zo stelde de toenmalige Zaman-hoofdredacteur Dumanli zich in mei 2011 tijdens het hoogtepunt van de Ergenekon-rechtszaak vierkant op achter de aanklagers. ‘Niet iedereen die zich journalist noemt, is echt een journalist,’ stelde hij. Ook beschuldigde hij de ‘Ergenekon-media’ ervan uit te zijn op chaos.

Akarçeşme, die pas drie maanden hoofdredacteur is, reageert geprikkeld als wij ter sprake brengen dat haar krant bepaald niet zonder zonden is als het gaat om het goedpraten van eerdere pogingen van Erdogan om media van andere politieke stromingen de mond te snoeren: ‘Ik krijg steeds kritiek op artikelen en koppen die vele jaren geleden in Zaman stonden, toen ik er nog niet eens werkte. Je moet dat soort vragen aan voormalig hoofdredacteur Ekrem Dumanli zelf stellen, ik ben niet zijn woordvoerder. Natuurlijk heeft Zaman in het verleden fouten gemaakt, net als alle mainstream media in Turkije. Maar waarom zou je juist nu mensen bekritiseren die zelf het slachtoffer zijn geworden van vervolging?’

Europa heeft zijn ziel verkocht om het vluchtelingenprobleem op te lossen, en dat is treurig.

Heksenjacht

In Turkije en daarbuiten bestaat ook kritiek op de Gülenbeweging zelf. De oprichter mag zich tegenwoordig dan wel als vredelievend en modernistisch presenteren, hij heeft in het verleden vrouwonvriendelijke en antisemitische uitspraken gedaan en het Duitse weekblad Der Spiegel citeerde teksten waarin hij het Westen als de vijand benoemt en Turken die Europa omarmen omschrijft als ‘parasieten en freeloaders’. Ook haalde hij hard uit naar Koerdische separatisten en moedigde het Turkse leger aan om hen ‘te omringen om hun eenheden te breken, vuur op hun huizen te laten neerregenen, hun gejammer te laten doven in nog meer gejammer, hun wortels af te snijden en hun zaak tot een einde te brengen.’ In een speech riep Gülen zijn aanhangers op ‘via de haarvaten van het systeem naar het machtscentrum te bewegen, zonder dat iemand je bestaan opmerkt.’

Akarçeşme weigert in te gaan op de kritiek op Gülen en zijn Hizmet-beweging. ‘Voor dit soort dingen moet je naar de woordvoerder van die beweging gaan. Van de details van die preken weet ik verder niets af, ik ben geen religieus expert.’ Maar, benadrukt ze: ‘Hoe zou het kunnen dat een racistische, xenofobe, antisemitische organisatie in meer dan honderdzeventig landen actief kan zijn en ongemoeid wordt gelaten?’ Als er een onderwerp is waar Akarçeşme ‘helemaal ziek’ van wordt, is het de constante suggestie dat Gülen en de zijnen bezig waren om een parallelle staatsstructuur op te zetten, iets wat in de Erdogan-gezinde media keer op keer wordt herhaald. ‘Stop met die heksenjacht en met het brandmerken van de beweging, stop met het vervolgen van mensen als een groep. Als aanhangers van Gülen de wet hebben overtreden, besmeuren ze de hele beweging. Die moeten dan worden vervolgd en ontslagen, maar alleen als er ook hard bewijs is. Algemene beschuldigingen dat we een vijfde kolonne zouden vormen, zijn niet meer dan een voorwendsel om critici van het bewind uit te schakelen. Van de rechters die de corruptieonderzoeken leidden, werd gezegd dat het aanhangers van Gülen waren. Maar er was wel degelijk belangrijk bewijsmateriaal, dat nu allemaal door Erdogan in de doofpot is gestopt. Hij wil door Gülen aan te pakken de aandacht afleiden van de corruptiezaken waarin hij en zijn medestanders zijn verwikkeld. In landen in het Midden-Oosten krijgen de Mossad of de CIA dan vaak de schuld, in Turkije zijn de Koerden en wij steevast de zondebok. Het gaat hier niet om een machtsstrijd tussen Erdogan en Gülen, het gaat om een autocratische leider die corrupt is geworden. Ja, het is waar dat Gülen en zijn Hizmet-beweging deze man in het verleden hebben gesteund, maar daarvoor betalen we nu een hoge prijs.’

Foto: Emrah Gürel / AP / HH
Achter de tralies

Onlangs sprak Mark Rutte namens de EU meerdere malen met de Turkse premier Ahmet Davutoğlu, die vorig jaar probeerde Akarçeşme op basis van een tweet achter de tralies te krijgen. ‘Dat Europa nu een deal heeft gesloten met Turkije is vanuit realistisch oogpunt te begrijpen,’ zegt Akarçeşme. ‘Maar jullie kunnen het nu niet langer hebben over de hoogstaande morele waarden van het Westen. Europa heeft zijn ziel verkocht om het vluchtelingenprobleem op te lossen, en dat is treurig. Het is een verstandshuwelijk, ze hebben elkaar nodig in tijden van crisis, maar het is zeer teleurstellend voor mensen die in Turkije naar meer democratie streven.’

Voor Akarçeşme is één ding zeker: teruggaan naar Turkije is voorlopig uitgesloten. ‘Ik ga proberen vanuit Brussel verder te gaan met Today’s Zaman. In de Turkse media ben je een paria als je niet volledig loyaal bent als journalist. Daar kan ik dus niet meer werken.’