Volgens Walter Benjamin is melancholie het gevolg van je verdiepen in de geschiedenis. Redenen genoeg voor een portie linkse melancholie van de sociaaldemocraten van nu.
Nadat de Frankfurter Zeitung het stuk had geweigerd, publiceerde het blad Die Gesellschaft in 1931 toch Walter Benjamins krakende recensie van Erich Kästners Gedichte. De titel, Linke Melancholie, verwees naar Kästners onomwonden linkse engagement, al was dat gegoten in virtuoze ironische zwaarmoedigheid. Kästner sloeg daarmee de plank mis, volgens Benjamin: hoe links hij ook was, hij werd er de lieveling van de nieuwe bourgeoisie van de Weimar Republiek mee: ‘Kästners Gedichte sind Sachen für Grossverdiener.’ Hij werd een verrader van het proletariaat. Samen met Walter Mehring en Kurt Tucholsky zou Kästner voor louter amusement zorgen. Hij was ongevaarlijk links.
De nederlaag van de sociaaldemocraten was totaal onverdiend.
Het begrip linke Melancholie was vanaf dan gemunt door de onorthodoxe communist en essayist Benjamin. Het is nu de titel van Enzo Traverso’s boek Left-Wing Melancholia. Marxism, History and Memory. Voor Kästner zou melancholie niet meer dan een stemming zijn, gespeend van politieke inhoud en kritische potentie. Volgens Benjamin was het iets anders: het gevolg van je verdiepen in de geschiedenis. Dan zag je onwrikbare en onrechtvaardige klassenverhoudingen. Die vroegen niet om de sociaaldemocratische kleine stapjes van Kästner, maar om een messianistische verlossing.
Traverso’s boek gaat over de melancholische ‘cultuur van nederlaag’. Alle grote omwentelingen en revoluties na de Franse Revolutie (en die was ook al geen eenduidige overwinning) zijn in de kern mislukt: de revolutie van 1848, de Commune, de Spartacusopstand, de Russische Revolutie enzovoort. Dat is om melancholisch van te worden, want het doel was en blijft nobel: grotere gelijkheid. Volgens Traverso hebben deze nederlagen nooit tot definitief defaitisme geleid en is het vuur altijd blijven branden. De reden: ‘It was supported by a world vision that had its core in revolutionary utopia.’
Dat het revolutionaire vuur in afgezwakte vorm is overgenomen door varianten van het democratisch socialisme is niet Traverso’s onderwerp. Benjamin ontwikkelde een visie op de geschiedenis die hij ook kon gebruiken voor zijn messianistische toekomst. Overeenkomstig de mening van de Koningin in Alice: ‘Het is een armzalig soort herinnering als die alleen maar achteruit werkt’, reactiveerde hij het verleden door nostalgisch naar inspirerende voorbeelden te kijken. Daardoor aangespoord wilde hij niet op de verlossende Messias wachten, maar zijn komst liefst revolutionair forceren.
Er is nu ook reden voor linkse melancholie. De nederlaag van de sociaaldemocraten bij de verkiezingen was totaal onverdiend. Het electoraat was niet erg bij de les. Het ideologisch tegenstrijdige kabinet Rutte II heeft Nederland de afgelopen vijf jaar langs de afgrond van de crisis geleid en weer ‘vaste grond onder de voet’ gegeven, schreef NRC terecht, ‘het resultaat valt in hoge mate positief uit’. Zo is het: de economie werd hersteld, de werkloosheid is onder de 5% gebracht, de boekhouding is kloppend gemaakt. De sociaaldemocratie kan volgens Benjamins recept inspiratie uit het verleden van de afgelopen vijf jaar putten. Deze nederlaag heeft zijn cultuur.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.