Bij de watersnood van 1916, 100 jaar geleden, kwamen op het toenmalige eiland Marken 16 mensen om. Thijs Broer en Johan Moes spraken met Markers die de verhalen over de ramp nog uit de eerste hand hoorden. Sander Troelstra fotografeerde hen op de plek des onheils.

‘De stal van mijn grootvader stond op palen, aan de westzij van de Kerkbuurt,’ zegt Luutje Kes-Schouten (1920). ‘Daar waren de golven het hoogst in de noordwesterstorm. Bij overstromingen brachten ze de dieren vaak naar de kerk, maar in 1916 wisten ze niet dat het zo erg zou worden. Het water bleef maar stijgen. Midden in de nacht is toen de hele stal weggeslagen en zijn alle koeien verdronken. Mijn moeder heeft me wel eens verteld hoe het er daar na de storm uitzag. Het was verschrikkelijk: overal wrakhout. Mijn grootvader heeft nooit geld uit het rampenfonds gekregen. Dat regelden de mensen met elkaar. Samen met zijn broer, die timmerman was, heeft hij de stal weer opgebouwd. Het was een hard leven in die tijd.’

...