Als kenner van de democratie stuitte de Franse politiek filosoof Claude Lefort natuurlijk op het democratische lek: een meerderheid kan iemand kiezen die de democratie om zeep helpt. Het is te lezen in een kloeke bundel politiek-filosofische essays.

Het onderwerp van de Huizinga-lezing die de Franse filosoof en politiek commentator Jean-Francois Revel in 1976 hield was ‘de totalitaire verleiding.’ Hij had het over het verleidelijke van utopische vergezichten waarmee grote maatschappelijke problemen opgelost zouden worden. Maar die grote grepen gingen altijd gepaard met de beknotting van een reeks vrijheden. Mensen die het er niet helemaal mee eens waren vielen buiten de boot. Dissidenten konden Robespierre, Stalin, Hitler en Mussolini niet gebruiken in hun heilstaten.

Zo lang de president het volk iets weet te geven waarmee het tevreden wordt gehouden, neemt hij de ruimte van het totale regeren.

Er is nog een andere, hedendaagse totalitaire verleiding. Dat is de verleiding die een democratisch gekozen president niet kan weerstaan om zijn macht uit te breiden. Zo lang hij het volk iets weet te geven waarmee het tevreden wordt gehouden, neemt hij de ruimte van het totale regeren. Op deze manier wist president Erdogan de Turkse pers te muilkorven, arresteerde hij (al voor de coup) tegenstanders, en liet hij een paleis van Ceausescu-achtige proporties en smakeloosheid bouwen op een door de rechtbank van Ankara en de Hoge Raad verboden locatie. Erdogan heeft zijn tegenstanders met zijn hoogmoed en paranoia zelf gecreëerd. Hoe zou een Erdogan, aan de macht sinds 2003, géén weerstand oproepen? Hetzelfde geldt voor die andere democratisch gekozen leiders die de totalitaire verleiding niet konden weerstaan: Poetin in Rusland, Viktor Orbán in Hongarije en Mugabe in Zimbabwe.

Claude Lefort, thuis in 1996. Foto: Rue des archives/HH

Je ziet hier geïllustreerd wat de Franse politiek filosoof Claude Lefort in zijn boeken over de democratie beschrijft: de democratie is zo democratisch dat er een dictatuur uit kan ontstaan: een democratische meerderheid kan iemand kiezen die de democratie om zeep helpt. Het toegeven aan de totalitaire verleiding is niet alleen bij politici te vinden: dezelfde almachtsverlokkingen liggen ten grondslag aan het ontstaan van kartels, syndicaten, kongsies en monopolies: het is de toe-eigening van de totale macht. Claude Leforts ideeën over de werking van de democratie zijn te vinden in het boek met door Pol van de Wiel en Bart Verheijen vertaalde essays, onder de titel Wat is politiek? Zo eenvoudig als deze vraag is het het antwoord van Lefort niet. Wel is zijn beschrijving van de aard van de macht in een democratie van grote eenvoud en schoonheid. In een democratie is macht een lege plaats die van niemand is, en nooit definitief van iemand zal worden. Elke vier jaar wordt hij opnieuw ingevuld. Het beeld van die lege plek die gevuld kan worden door elke denkbare burger (als hij of zij zijn best doet) is prachtig. Elke vier jaar staat alles weer op losse schroeven, dan is alles in principe weer mogelijk. Er kan vernieuwd worden, er kan een traditie voortgezet worden, of alles kan drastisch omgegooid worden. De democratie is daardoor iets dat altijd onaf en onvoltooid zal blijven. De macht kan nooit langdurig toegeëigend worden.

Wanneer dat wel gebeurt is men op weg naar een dictatuur, zoals met Poetin en Erdogan. Die hebben afscheid genomen van de eenvoudige democratische sterveling. Ze hebben zich laten verleiden door dromen over een nieuw tsaristisch en ottomaans rijk. Daar hoort ook een nieuwe versie van politieke krachtpatserij en afgoderij bij.

Wat is politiek? door Claude Lefort. Inleiding Paul Frissen, vertaling Pol van de Wiel en Bart Verheijen. Uitgegeven door Boom.