Van zomerluwte kun je niet spreken dit jaar: de aarde gaat naar de knoppen en Mart Smeets kapt ermee. Armageddon! Maar nee, we moesten het al-le-maal hebben over de boerkini.

Geen idee waar we het aan te danken hadden, maar vroeger kregen we elke zomer een beest cadeau. Een rupsenplaag die een half dorp omtoverde tot één kleverige cocon, een poema die vast geen poema was maar er toch verdomd veel op leek als je er met een giga-telelens een wazig plaatje van schoot, een wolf die wel of niet de grens was overgestoken – anything. Als je het beestennieuws maar zorgvuldig afwisselde met campingleed, dan kwamen we die zalige nieuwsloze weken wel door.

Het voelde als een verworven recht. Maar ach, alles wordt ons afgepakt tegenwoordig. Terroristen weigeren halsstarrig rekening te houden met onze rustbehoefte, en de planeet vond juli een goed moment om ons eens te bekogelen met, volgens de NASA, ‘de warmste maand ooit waargenomen’. Dat nieuws kwam niet lang na het bericht dat heel 2016 ‘goed op koers’ ligt het warmste jaar aller tijden te worden.

Zomerluwte of niet, het zou waarschijnlijk het verstandigst zijn geweest om eerst even in blinde paniek de straat op te rennen en een paar uur ‘Armageddon! Armageddon!’ te gillen, en vervolgens de kranten en de journaals van begin tot eind te vullen met strenge bespiegelingen over hoe wij allen ons leven drastisch moeten veranderen om de enige planeet die we hebben van een zekere ondergang te redden.

Maar ja, kon niet. Want op een Frans strand was een vrouw gesignaleerd die te water ging in allesbedekkende badmode, met een opstootje tot gevolg, waarna een paar burgemeesters hun zorgen uitten over de openbare orde en een verbod instelden. In het verre Zuid-Frankrijk dus. Bij ons ging helemaal niemand te water, omdat het plensde van de regen. Niettemin moest het verschijnsel in een ziljoen artikelen worden veroordeeld, verboden, historisch geduid, feministisch geduid, religieus geduid, toegejuicht, verketterd en in de juiste context geplaatst door de toejuichers te verketteren en de verketteraars, eh, ook. De zorgwekkende situatie in Boerkini Faso schoot er intussen lelijk bij in.

Ja, het is een akelige lap stof, als u het mij vraagt. Zeker als je hem aantrekt/aan moet in de warmste maand ooit waargenomen. Verder is het mijn zaak niet waar je in baddert. Bovendien is de boerkini niks meer dan de strandvariant van de boerka, waar we gewoon de rest van het jaar over kunnen, en zúllen, bakkeleien. Nu werden er heus zinnige dingen over gezegd, maar ook zóveel dat je je af begon te vragen of we misschien stilletjes ons welverdiende zomerdier hebben ingeruild voor een jaarlijkse islam-komkommer.

Op de valreep werd de gouden Olympische medaille voor onsmakelijk formuleren nog in de wacht gesleept.

Eerlijk is eerlijk: één medium vond een andere zaak nóg belangwekkender. Op The Post Online betoogde een gewaardeerde collega hoe ongelooflijk schandalig het wel niet was dat sommige mensen lieten weten de foto van een shellshocked jongetje uit Aleppo heel aangrijpend te vinden. Met de kop (‘Verlangen naar symboolslachtoffers brandt vuriger dan de hel waar zij uit komen’) werd op de valreep nog even de gouden Olympische medaille voor onsmakelijk formuleren in de wacht gesleept. Waarvoor hulde. Beter een brandbom op hun hoofd dan een gutmensch zeurend aan het onze, nietwaar?

Maar het betere zomernieuws kwam er dus bekaaid vanaf. We hadden ons, bij gebrek aan beest, ook massaal kunnen storten op De Mart, over wie men maar blijft beweren dat hij afscheid heeft genomen, terwijl dat helemaal niet kán. ‘Ik ga rustig weg,’ sprak hij nu al legendarisch. ‘Dit waren mijn laatste woorden.’ Of op Vader Abraham, die boos was dat de Jostiband zijn ‘Kleine café aan de haven’ liever met Gerard Joling vertolkte dan met the original. De Vader was wel uitgenodigd. ‘Maar,’ zo wist hij Geer in valsenichterigheid te overtreffen, ‘ik schenk de twee kaarten graag aan de 92-jarige mevrouw die vorig jaar door Gerard is aangereden op dat zebrapad’. Bám! Of wat te denken van Thierry Baudet, die wereldkundig maakte dat hij zijn eigen roman herlas en het zomaar ‘toch wel een erg mooi en goed boek’ vond? Enfin, ophefmogelijkheden te over. Maar in Zuid-Frankrijk moest zo nodig een vrouw in allesbedekkende badmode te water gaan.