Misdaad

Dat verdomde Heineken-geld

Harry Lensink& Marian Husken
Willem Holleeder en Cor van Hout, ontvoerders van Alfred Heineken, vlak voor ze aan Nederland werden uitgeleverd. Frankrijk, Beauvais, 13 november 1985. Foto: René Bouwman/Hollandse Hoogte

Het verdwenen losgeld in de Heineken-ontvoering zorgt 34 jaar na dato nog steeds voor opschudding. Hoofdrolspelers van toen zitten elkaar nu dwars. Astrid Holleeder, de zus van, heeft zelfs aangifte van afpersing gedaan. ‘Het is een breuklijn dwars door families.’

Ooit was de Costa del Sol wat Dubai tegenwoordig is: een plek waar de top van de onderwereld de zon zoekt. Marcel Grifhorst (47) kan het weten. Hij zat een kleine drie decennia in de horeca rond Malaga. Namens zijn vader bestierde Grifhorst onder meer zestien jaar lang Selecta, een bordeel in Torremolinos. Hij zag ze er komen en gaan, de kopstukken uit het Nederlandse criminele milieu. ‘Willem Holleeder kwam samen met Willem Endstra en huurde hier in Puerta Marina een appartement. Boven hem, op de eerste etage, zat Kees Houtman. Hun kinderen speelden met elkaar op het strand.’

Sommige van die mannen kende hij al sinds zijn jeugd. Zelf groeide Marcel op in westelijk Amsterdam, maar vader Rob Grifhorst nam hem mee naar kroegjes in de Jordaan, waar iedereen senior groette als ‘de Bouwvakker’, eigenaar van de gelijknamige bouwmarkt op de Brouwersgracht. Op zondag ging de jonge Marcel mee naar de paardenraces, op sleeptouw genomen door Cor van Hout, de latere Heineken-ontvoerder en vriend van zijn vader.

Het waren hechte families, die onderling vermengd raakten door vriendschappen, relaties en huwelijken. De Holleeders, de Van Houts, de Van der Bijltjes, de Grifhorsten. Ze hadden armoede gekend, maar hadden zich maatschappelijk opgewerkt, de markt op de Lindengracht hadden ze verruild voor de PC Hooftstraat. De een was rijk geworden in het vastgoed, de ander had buitensporig veel geld verdiend met de handel in de drugs. Om hun nieuwe leven te vieren, vlogen ze in de jaren tachtig en negentig naar de Spaanse kust. Daar troffen ze elkaar, feestend in de Valkenburgbar van Rob Grifhorst of diens men’s club Selecta.


Rob Grifhorst. Foto: privéarchief

Die tijd is voorbij. Rob Grifhorst is drie jaar geleden overleden en zoon Marcel heeft de Spaanse horeca van de hand gedaan. Hij leidt sindsdien een rustig bestaan in de heuvels van Benalmádena. Af en toe komt er een oude kennis langs, met wie hij het glas heft. Marcel is blij dat hij op afstand zit van het oude Amsterdamse milieu. Daar lopen namelijk onoverbrugbare breuklijnen tussen de ooit zo vervlochten families, met als belangrijkste oorzaak de onderwereldvete die midden jaren negentig ontstond tussen de Heineken-ontvoerders Willem Holleeder en Cor van Hout. Van Hout werd in 2003 vermoord en voor die liquidatie vervolgt justitie nu zijn voormalige ‘bloedgabber’ Holleeder.

Het verstoorde de relaties en leidde tot loyaliteitsconflicten. Wie moest je volgen? En wilde je eigenlijk wel kiezen? Want wiens verhaal klopte? Dat van het kamp van Willem of van de club rond Cor? Wie een keuze maakte, kon een moment later met een nieuwe werkelijkheid worden geconfronteerd. Bijvoorbeeld in 2015, toen de zussen Sonja en Astrid Holleeder besloten tegen hun broer te getuigen.

Paraguay

Hoe verwarrend dat kan werken, ondervond Marcel Grifhorst vorig jaar. In de vroege zomer van 2016 dronk hij in Spanje een biertje met Frans Meijer, een van de vijf Heineken-ontvoerders. Meijer, die tegenwoordig in Paraguay woont, vroeg aan Marcel of deze de zussen Holleeder nog wel eens zag. En zo ja, of Grifhorst voor hem aan de dames wilde doorgeven dat hij nog een bedrag te goed had. Het zou gaan om geld voor het Heineken-boek van Peter R. de Vries en de verfilming daarvan. Daar waren volgens Meijer eerder afspraken over gemaakt.

Dat zou wel moeten lukken, zei Marcel. Na de moord op Cor van Hout had hij weer contact met Sonja en Astrid. De Grifhorsten waren ooit dikke vrienden met de familie Van Hout en dus ook met Sonja Holleeder, de levensgezel van Cor. Die relatie was stukgelopen op het alcoholmisbruik van de Heineken-ontvoerder. ‘Hij was niet meer te handhaven. Als hij dronken was, vernederde hij mensen,’ zegt Marcel. ‘Mijn vader heeft toen bewust een einde gemaakt aan de vriendschap. Ik was bij dat gesprek, dat was in 1996 in Zuid-Frankrijk. Cor was een gevaar voor zichzelf en zijn omgeving geworden. Ik denk dat zijn grootspraak in de kroeg hem het leven heeft gekost.’

Na Van Houts gewelddadige dood zochten de families elkaar weer op. Dus toen hij in de zomer van 2016, kort na de ontmoeting met Frans Meijer, weer eens in Amsterdam was, belde Grifhorst met Sonja. Of ze elkaar even konden zien. ‘Ze pikte me op in de Scheldestraat. We reden naar een golfbaan in Amstelveen, waar ook Astrid was,’ vertelt Marcel. ‘Daar hebben we een uurtje zitten praten over koetjes en kalfjes.’ Grifhorst gaf de zussen ook de boodschap van Frans Meijer door. Daarna keerde iedereen huiswaarts. ‘Sonja heeft me weer netjes afgezet in de Scheldestraat.’


Rob Grifhorst en zijn vrouw. Foto: privéarchief

Grifhorst was verbaasd toen hij een tijdje daarna telefoon kreeg van de Nederlandse recherche. Ze wilden hem graag spreken. Nietsvermoedend meldde hij zich bij de politie tijdens een volgend bezoek aan Nederland. ‘Toen bleek dat ik verdachte was. Astrid en Sonja hadden aangifte van afpersing gedaan nadat ik de boodschap van Meijer had doorgegeven.’ Daarna werd Grifhorst nog twee keer gehoord, waarbij hem werd gezegd dat hij inmiddels niet meer wordt verdacht. Wel is er een officieel onderzoek gestart met de naam Goud, dat onder leiding staat van de officieren van justitie die ook Willem Holleeder vervolgen voor moord.

Volgens andere bronnen is Frans Meijer hierin officieel de verdachte en gaat het om meer dan alleen een vergoeding voor de boek- en filmrechten. Meijer zou twee ton hebben geëist, omdat hij op verzoek van Willem Holleeder en Cor van Hout zou hebben gelogen over zijn deel van het Heineken-losgeld: na zijn arrestatie in 1983 zei Meijer tegen de recherche dat hij de miljoenen ‘uit schaamte’ had verbrand. Een afgesproken broodje aap-verhaal volgens Meijer, die hiervoor blijkbaar nu het toegezegde geld opeist. Althans, dat vermoedt het OM. Een woordvoerder van het Amsterdamse parket wil echter niets zeggen over Goud. ‘We doen nooit mededelingen over lopende onderzoeken.’ Ook Wout Morra, advocaat van de zussen, wil op dit moment niet reageren op vragen over het afpersonderzoek. We hebben geprobeerd Frans Meijer te bereiken, maar dat is tot op heden niet gelukt.

Geloofwaardigheid

Dat verdomde Heineken-geld. Het blijft maar terugkomen, ook 34 jaar na dato staat het opnieuw centraal in het familiedrama rond de ontvoerders. Niet alleen in het deelonderzoek naar de vermeende afpersing door Frans Meijer, maar ook in de moordzaak tegen Willem Holleeder zelf. Deze week moet de Neus opnieuw voor de rechter verschijnen. Dan zal het zeer waarschijnlijk weer gaan over de verklaringen van zijn zussen. Astrid en Sonja hebben inmiddels aangegeven te willen getuigen over hun bemoeienis met de erfenis van Cor van Hout, waarin volgens het OM het Heineken-geld een leidende rol speelt. Eerder weigerden ze er over te spreken, omdat ze zichzelf zouden kunnen belasten. Dat maakt de affaire rond de nalatenschap latent explosief en zeker eentje die de verdediging van Willem Holleeder zal aangrijpen om de geloofwaardigheid van de zussen ter discussie te stellen.

In de lezing van het Openbaar Ministerie heeft hun moeder Sonja Holleeder als executeur-testamentair samen met haar zus Astrid en anderen gepoogd om het bezit van haar vermoorde levenspartner veilig te stellenKort gezegd komt het verhaal hier op neer: na de dood van Van Hout in 2003 kwam zijn erfenis terecht bij zijn kinderen Francis en Richie. In de lezing van het Openbaar Ministerie heeft hun moeder Sonja Holleeder als executeur-testamentair samen met haar zus Astrid en anderen gepoogd om het bezit van haar vermoorde levenspartner veilig te stellen en de opbrengst te verzwijgen voor de fiscus. Het ging om prostitutiepanden in Alkmaar, die de zussen volgens het OM hebben doorverkocht aan onder meer Rob Grifhorst. Daarbij hebben betrokkenen valsheid in geschrifte gepleegd en de fiscus getild, luidt de verdenking. Daarnaast zou er sprake zijn van witwassen, want het OM beweert dat de panden ooit zijn aangekocht met crimineel geld, beter gezegd: het nooit teruggevonden deel van de Heineken-miljoenen.
Het leidde in 2007 tot het Fiod-onderzoek Goudsnip.

Er was voldoende aanleiding om oude verdenkingen nieuw leven in te plaatsen. Na de dood van Van Hout in 2003 hadden twee hoofdrolspelers uit de Holleeder-saga zeer belastende verklaringen afgelegd. Willem Endstra vertelde op de achterbank bij de recherche over hoe Holleeder, Van Hout en Grifhorst hun gezamenlijke bezit, opgebouwd met de Heineken-miljoenen, midden jaren negentig hadden verdeeld. Kort daarop getuigde kroegbaas Thomas van der Bijl in het geheim over hoe hij het nooit getraceerde losgeld had opgegraven in een park in Frankrijk en aan Rob Grifhorst had gegeven. Die had het vervolgens in Alkmaarse raamprostitutie geïnvesteerd.

De geliquideerde Endstra en Van der Bijl kunnen het helaas niet navertellen. Maar er was meer. De recherche kreeg ook anonieme tips uit ‘het milieu’. Zoals deze, uit juni 2005: ‘Cor van Hout werd geliquideerd in 2003 en iedereen was in paniek op zoek naar zijn geld. Echter er was nergens geld te vinden, de buitenlandse bankrekeningen van Cor waren leeggehaald. Niemand wist waar het geld was.’ Volgens de tipgever waren alleen de prostitutiepanden op de Achterdam in Alkmaar overgebleven. Dat bezit zou Sonja Holleeder hebben verkocht, onder regie van Astrid Holleeder en met Rob Grifhorst als afnemer. Die zou er, samen met een andere koper, meer dan vijf miljoen euro voor hebben betaald. Volgens het OM gebruikten de zussen en hun zakenpartners daarvoor buitenlandse vennootschapsstructuren en kwam het geld uiteindelijk terecht op een Zwitserse bankrekening van Sonja.

Het Goudsnip-onderzoek leidde in 2007 tot arrestaties en huiszoekingen, onder meer bij Rob Grifhorst in Spanje. Grifhorst, ooit een goede vriend van Cor van Hout, was in de loop der jaren al meerdere keren verdacht geweest van witwassen van het ‘verdwenen’ losgeld, zo’n 6 tot 8 miljoen gulden. Tot twee keer toe kwam hij met een plausibele en legitieme verklaring over de aanschaf van de prostitutiepanden en werd niet vervolgd. En ook deze keer poogde de vastgoedmiljonair verwoed om zijn blazoen te zuiveren, onder meer in een interview met Vrij Nederland. ‘Ik heb nooit Heineken-losgeld in ontvangst genomen. Toen niet, later niet.’

Geen rooie cent

Onderzoek Goudsnip ligt inmiddels stil. De kans dat de verdachten zich ooit nog moeten verantwoorden voor de rechter, is niet heel groot. Met meerdere partijen heeft het OM geschikt, onder wie Sonja Holleeder, die ruim een miljoen euro boete heeft betaald en zo verdere vervolging heeft afgekocht. Wat er precies is afgesproken tussen justitie en de zussen Holleeder is niet bekend. De advocaat van Sonja heeft eerder gezegd dat zijn cliënte uit pragmatische overwegingen een deal heeft gesloten. ‘Sonja Holleeder ging louter om persoonlijke redenen akkoord. Zij zag zich niet opgewassen tegen een nog jarenlang durende indringende rechtszaak. Zij wil rust. Ze heeft geen rooie cent van Cor van Hout.’

Met meerdere partijen heeft het OM geschikt, onder wie Sonja Holleeder, die ruim een miljoen euro boete heeft betaaldHoe dubieus is de afwikkeling van de erfenis geweest? We kennen de details niet. Van het zeventig ordners tellende dossier Goudsnip zijn alleen flarden naar buiten gekomen en de buitenwereld kan slechts gissen naar de afspraken tussen het OM en de verdachten. Wat opvalt: eerder al probeerde justitie om het vermeende criminele vermogen van Cor van Hout te ontnemen. In 1998 werd hij veroordeeld voor drugshandel. In de nasleep van die rechtszaak schikte de crimineel echter met niemand minder dan officier van justitie Fred Teeven. Als Van Hout afzag van hoger beroep, mocht hij zijn bezittingen houden, kreeg een lichter strafregime en kwam in aanmerking voor gratie, staat er in de deal van 14 juli 1998 lezen. Later werd bekend dat Van Hout ook nog een ‘boete’ van een miljoen gulden moest betalen. Voor de Heineken-ontvoerder was het een lucratieve afspraak. Hij bleef eigenaar van de Alkmaarse panden, die een veelvoud van dat miljoen waard waren. Ondanks die afspraak uit 1998 heeft de Nederlandse staat in het Goudsnip-onderzoek opnieuw gepoogd om het bezit van Van Hout als ‘crimineel’ te bestempelen.

Waarheidsvinding

Een ding is zeker: Rob Grifhorst kan niet verder worden vervolgd. De Bouwvakker overleed in 2014, nadat hij eerder meerdere herseninfarcten en een hartaanval had overleefd. Dat is tragisch voor Grifhorst, maar ook jammer voor de waarheidsvinding. Want wat klopt er nu wel en wat niet van al die steeds terugkerende verdenkingen? Was Grifhorst inderdaad de ‘partner in crime’ van de Heineken-ontvoerders? Hij heeft al die keren zijn versie van de gebeurtenissen onderbouwt met officiële papieren en een waterdichte tijdlijn.

Toch wringt het. Want als Grifhorst gelijk heeft, hebben zowel Van der Bijl als Endstra onzin uitgekraamd. En die twee beweerden toch onafhankelijk van elkaar vrij expliciet dat het zakenimperium van Grifhorst als het beleggingsvehikel heeft gediend voor de Heineken-ontvoerders. Dat verhaal werd nog eens onderbouwd door een aanhoudende stroom anonieme verklaringen, zoals deze, uit december 2005: ‘De Heineken-ontvoering heeft Robbie Grifhorst, Cor van Hout en Willem Holleeder acht miljoen gulden opgeleverd. Robbie Grifhorst heeft hiervan een veelvoud gemaakt tijdens de detentie van Holleeder en Van Hout, door middel van de handel in onroerend goed.’ Ook deze tipgever beweert dat Grifhorst met het geld onder andere de prostitutiepanden op de Achterdam heeft gekocht en dat het driemanschap gezamenlijk recht had op de inkomsten uit de panden.

‘Op een gegeven moment was de vriendschap tussen Willem Holleeder en Cor van Hout over,’ staat te lezen in het proces-verbaal van de Criminele Inlichtingeneenheid. ‘De gezamenlijke belangen in onroerend goed, waaronder de Achterdam moesten worden verdeeld. Dit diende vrij snel te gebeuren want de handel kwam in gevaar door de frictie. De belangen op de Achterdam bleven na de verdeling bij Cor van Hout.’

Onbewezen geruchten?

Dat zou je allemaal nog kunnen afdoen als hardnekkige, maar anonieme en tot op heden onbewezen geruchten. Maar nu zijn er de verklaringen van de zussen in de Holleeder-moordzaak en heeft Astrid Holleeder ook iets gezegd over de rol van Grifhorst in haar bestseller Judas. In het boek staat de zus stil bij het conflict dat midden jaren negentig was ontstaan tussen Willem en Cor. ‘Wim […] bleef aandringen op een scheiding en deling van het vermogen dat Cor en hij, met behulp van Robbie Grifhorst, dankzij het ontbrekende Heineken-losgeld hadden opgebouwd. Uiteindelijk ging Cor akkoord. “Pak maar wat je pakken wil,” had hij tegen Wim gezegd. Wim schoof de vermogende vastgoedbaron Willem Endstra naar voren, en zo konden ze financieel uit elkaar. Wim nam de gokhallen en de seksclub in de Roompotstraat, Cor de Achterdam. In oktober 1996 was de scheiding en deling een feit.’

Daar zegt een direct familielid, dat nauw betrokken is geweest bij de afhandeling van Van Houts erfenis, dat het losgeld wel degelijk een rol heeft gespeeld bij de investeringen van Grifhorst. Alleen al dat maakt nieuwsgierig naar de details die de zussen kunnen geven over deze steeds terugkerende urban legend.

Handtekening

We leggen het fragment aan Marcel Grifhorst voor, maar die zegt geen enkele aanwijzing te hebben dat zijn vader in criminele zaken is geweest met de Heineken-ontvoerders. Marcel is zelf ook verdachte geweest in het Goudsnip-onderzoek. De reden daarvoor is dat hij een tijdlang de directie voerde over betrokken vennootschappen. ‘Ik heb in de loop der jaren heel vaak blind mijn handtekening gezet, als mijn vader daar om vroeg,’ legt Marcel uit. ‘Daarom staat mijn naam in al die stukken.’ Voelt hij zich misbruikt door zijn vader? ‘Nee, ik geloof niet dat hij slechte bedoelingen had. Mijn vader was altijd bang vroeg te overlijden, en zette daarom zakelijke belangen op mijn naam. Dan was de erfenis tenminste veiliggesteld.’

Op de dag dat Cor werd doodgeschoten heb ik Sonja gebeld om haar te condoleren. Ik heb daarna haar telefoonnummer aan mijn vader gegeven.De zoon vindt het bij nader inzien jammer dat zijn vader Sonja is gaan helpen met de erfenis. Daardoor is alles weer opgerakeld. ‘Het is een breuklijn dwars door families. Op de dag dat Cor werd doodgeschoten heb ik Sonja gebeld om haar te condoleren. Ik heb daarna haar telefoonnummer aan mijn vader gegeven. Hij was toen in Nederland en heeft contact met haar opgenomen. Zo is het gegaan.’

Hoewel hij Judas nog niet heeft gelezen vindt Grifhorst de recente tournure van de zussen een ‘rare stap’. Hij kan zich nauwelijks voorstellen dat Sonja en Astrid zich zo tegen hun broer hebben gekeerd. ‘Willem was een god voor ze. Alles was voor Wimpie.’ Grifhorst is er inmiddels meer dan klaar mee. Hoewel hij in Goudsnip een kennisgeving van niet verdere vervolging heeft gekregen, is hij er niet helemaal gerust op. Ook hij ziet ongerijmdheden in de afhandeling van de nalatenschap van Cor. Grifhorst heeft de erfenis van zijn vader geweigerd. ‘Dat was nog een heel gedoe, want het recht ging daarmee over op mijn kinderen. Daarvoor hebben we ook een hele procedure moeten doorlopen. Nu zijn we er vanaf en lopen niet meer het risico tot in lengte van dagen te worden geconfronteerd met het Heineken-verhaal.’

Alleen maar ellende van die teringzooi

Maar voor de zussen is ‘het gedoe’ nog niet voorbij. Al maandenlang staat Goudsnip in de coulissen van de moordzaak tegen Holleeder. Sonja en Astrid wilden in eerste instantie niets kwijt over hun omstreden rol. Bij het afleggen van haar geheime verklaringen ging Astrid Holleeder over de rooie toen de recherche het onderwerp aankaartte. ‘En als we het daar weer over gaan hebben, word ik er een beetje moe van. Dan gaan we weer over een ander onderzoek beginnen, en als we daarover gaan beginnen, ga ik echt boos worden! Zet dat ding nou maar uit, want daar word ik echt pissig over! Daar gaan we weer, ik heb alleen maar ellende van die teringzooi gehad!’

Zus Sonja raakte ook over haar toeren toen haar verhoorders begonnen over de erfenis: ‘Dat is zo een nachtmerrie in mijn leven geworden, dat hele verhaal. Omdat ik moest liegen voor dingen […] Het hele Goudsnip-verhaal is allemaal voorgelogen aan hem, zodat hij niet bij andere mensen kwam. Waar ik eigenlijk ingetrokken ben, omdat ik gewoon nooit echt heb kunnen zeggen hoe het zat. Dat is mijn hele nachtmerrie geweest, daar ben ik echt bijna aan onderdoor gegaan.’

Zus Sonja raakte ook over haar toeren toen haar verhoorders begonnen over de erfenis: ‘Dat is zo een nachtmerrie in mijn leven gewordenNu is dus binnenkort eindelijk het moment dat ze hun verhaal doen tegenover de rechter en vragen zullen beantwoorden over Goudsnip. Dat het zoveel voeten in aarde heeft, is ook de Holleeder-verdediging opgevallen. Mochten de zussen hebben gelogen in het eerdere onderzoek, is dat voor de advocaten van broer Willem wellicht een manier om de getuigenverklaringen van de zussen af te zwakken.

Bij de laatste pro forma-zitting, eind vorig jaar, nam Holleeder-advocaat Sander Janssen daar al vast een voorschot op. ‘Of de getuigen daadwerkelijk bereid zullen zijn hun medewerking te verlenen en of zij daadwerkelijk alle vragen naar waarheid zullen beantwoorden, wachten wij af. Dat één van die getuigen met een gecoördineerd mediaoffensief een lijvig boek heeft gepubliceerd nu zij naar eigen zeggen haar verhaal wil doen, dit terwijl categorisch werd geweigerd dat verhaal te vertellen bij de rechter-commissaris, draagt bij aan de indruk van de heer Holleeder dat deze getuigen slechts bereid zijn hun versie van de gebeurtenissen neer te leggen en niet gediend zijn van lastige vragen of lastige feiten en omstandigheden die zich moeilijk, om niet te zeggen niet, met die versie van de gebeurtenissen verhouden, maar hopelijk zal de toekomst uitwijzen dat daar nu verandering in komt.’

Holleeder meent dat de zussen liegen om hun eigen belang te dienen.Het is een lange zin die hierop neerkomt: Holleeder meent dat de zussen liegen om hun eigen belang te dienen. Volgens zijn advocaat Janssen zijn de getuigen bang dat ze alsnog door het Openbaar Ministerie worden vervolgd als ze de waarheid vertellen over hun rol bij de nalatenschap. Maar, zegt de raadsman, het is juist heel belangrijk dat we de zussen hierover mogen verhoren. Zij beweren immers dat het motief voor de moord op Cor van Hout de geldzucht van Holleeder is. Janssen: ‘Het [zijn] juist deze bezittingen van wijlen Cor van Hout […] die door de getuigen in het hart van hun beschuldigingen aan het adres van Holleeder worden gelegd. […] Wanneer je in een strafzaak wordt geconfronteerd met getuigen die zeggen uit hun ervaringen met een verdachte te hebben geconcludeerd dat hij betrokken is bij zeer ernstige strafbare feiten, dan kun je niet anders dan onderzoek doen naar de grondslagen van die conclusies.’

Dat klinkt redelijk. Maar of het een vruchtbare verdedigingslijn is, zal moeten blijken. Astrid Holleeder heeft in feite al gezegd hoe het is gegaan. Met gevoel voor drama schrijft ze in haar boek hoe Holleeder na zijn vrijlating in 2012 bij zus Sonja op de stoep stond. ‘In haar zag hij twee zakken met geld. Geld van Cor, en geld van de Amerikaanse verfilming van het boek De ontvoering van Alfred Heineken, dat Peter R. de Vries in samenwerking met Cor had geschreven. Sonja vertelde hem dat zij geen geld van Cor had, maar Wim nam geen genoegen met die mededeling. Volgens hem bezat Cor een aanzienlijk vermogen dat zij had geërfd, en dus had zij geld en dat geld was niet van haar. Dat geld was van hem, want hij had de lasten – en hij maakte daarbij het handgebaar van een pistool – en liep nog steeds het risico op een vervolging voor die zaak, en dus kon zij niet de lusten hebben. Daarom kwam Wim eind 2012 regelmatig bij Sonja aan de deur met steeds dezelfde vraag: ‘Ik wil weten hoe het zit. Waar is je geld?’

Iedere keer was haar antwoord: ‘Ik heb geen geld.’

Een jaar later kwam naar buiten dat de zussen waren vervolgd in het Goudsnip-onderzoek. Ook Willem Holleeder las in de krant dat Sonja vervolging had afgekocht met een boete van 1,2 miljoen euro. Voor Wim was daarmee het bewijs geleverd, schrijft Astrid. ‘Als je schikt voor 1,2 miljoen, “dan heb je gewoon geld”. Dus moest er nog geld zijn, veel geld, was zijn redenering. Dat [Sonja] ontkende geld te hebben, betekende voor hem dat zij weigerde haar geld vrijwillig aan hem af te geven. Maar “hij liet zich niet in de maling nemen”, zij ging hem gewoon betalen, “anders zou ze zien wat er ging gebeuren”, en hij maakte zoals altijd weer het pistoolgebaar. De afpersing van Sonja was begonnen.’

Het maakt de rode draad van de zussen meteen helder: broer Willem wilde het geld van Cor inpikken. Om dat te voorkomen, hebben ze een ingewikkelde constructie bedacht, om Van Houts nalatenschap te verbergen voor Holleeder. Uit angst voor zijn toorn hebben ze er over gelogen tegenover justitie. Ook advocaat Sander Janssen gaat er vanuit dat de getuigen het zo zullen vertellen. Daarom poogde hij eind vorig jaar al gaten in dat verhaal te schieten. ‘Als dat waar zou zijn dan zou het een ongekende prestatie zijn waarbij de FIOD op wel zeer geraffineerde wijze om de tuin is geleid, allerlei getuigen ertoe gebracht zijn verklaringen af te leggen waarin de getuigen Holleeder (de zussen, red.) wél en Willem Holleeder niet wordt genoemd, en vooral een immense berg stukken en transacties is gecreëerd waaruit het beeld opstijgt dat niet Willem maar Sonja en Astrid zich met dat vermogen hebben bezig gehouden.’

Leugenaars

Eind deze maand staat een verhoor met Astrid en Sonja Holleeder gepland bij de rechter-commissaris over Goudsnip. Het Heineken-geld is slechts een zijtakje in Vandros, het grote onderzoek naar de moorden die De Neus op zijn geweten zou hebben. De zussen gaan nog veel meer voor de kiezen krijgen. Maar gaan hun verhoren Willem ontlasten? Zus Astrid meent van niet. Ze heeft er niet op willen wachten en haar verhaal opgeschreven in de bestseller Judas. Het is een familiekroniek, een schets van een leven met in de hoofdrol een criminele sociopaat. Het is een helder, aangrijpend en overtuigend boek. In haar boek schrijft ze wat haar te wachten staat, als ze straks door de verdediging van haar broer aan de tand wordt gevoeld. ‘[Hij zal] proberen onze geloofwaardigheid tot de grond toe af te breken, door ons van van alles en nog wat te beschuldigen, en ons als leugenaars neer te zetten die er belang bij hebben hem uit de weg te ruimen. Hij zou er alles aan doen om twijfel te zaaien, want Wim weet dat een rechter het bewijs niet alleen wettig, maar ook overtuigend moet vinden.’

Maar ze is er klaar voor, liet deze week nog weten aan het tv-programma Brandpunt. ‘Ik heb een doel. Ik wil graag ten overstaande van een rechter getuigen. En het ziet er naar uit dat dat eindelijk de komende maanden gaat gebeuren.’

Meer over misdaad? Neem de nieuwsbrief van Vrij Nederland.

Sluit je nu aan voor slechts €4,99 per maand

Sorry, je hebt op het moment geen toegang tot dit artikel.

Waarschijnlijk heb je een abonnement zonder digitale toegang. Wil je deze content graag lezen, sluit dan snel een abonnement af.

Heb je wél een abonnement met digitale toegang, neem dan contact op met onze klantenservice: 020 – 5518701.