Hoezeer we ons ook in van alles verdiepen, we blijven Emmentaler, gatenkaas. Het Brexit-referendum, schrijft Carel Peeters, onthult nog eens het probleem van de afstand tussen weten, niet-weten en niet-willen-weten.

Omdat burgers nauwelijks wisten wat in het Verdrag van Maastricht stond en de consequenties ervan niet konden overzien vond Rudy Kousbroek het in 1991 onzin om daarover een referendum te gaan houden, zoals D66 toen wilde. Over zulke ingrijpende kwesties (zoals ook de doodstraf, bejaardenpensioenen, behandeling van de verslaafden) kan niet door de volkswil worden beslist, daar zijn de gekozen politici voor in een representatieve democratie, vond Kousbroek. ‘Hadden de bewoners van het perfide Albion dat stuk van Kousbroek maar gelezen!’, schrijft Max Pam, die het stuk van Kousbroek terugvond, terecht in de Volkskrant van 6 juli.

En hadden de bewoners van Albion het stuk van Richard Dawkins in het Britse tijdschrift Prospect van 9 juli maar meer gelezen. Aangepast aan het referendum van 23 juni staat daarin precies wat Kousbroek schreef. ‘Ignoramuses should have no say on our EU membership – that includes me,’ schrijft Dawkins, de man die in Oxford jarenlang tot taak had ons van onze domheid te verlossen als hoogleraar ‘Public Understanding of Science’. Nu kwamen de ignorami, de domoren, aanzetten met het argument dat ze de controle over hun land terugwilden omdat het toch niet voor niets Great Britain wordt genoemd. Ze wisten niet dat Groot-Brittannië eerst ‘groot’ werd genoemd om het te onderscheiden van het kleine Brittannië, de Franse provincie, en later om het samen met Schotland te onderscheiden van het kleinere eiland Ierland. Groot-Brittannië is nooit ‘groot’ geweest in de bombastische en patriottische zin.

Wij zijn allemaal behoorlijke domoren, zelfs Dawkins geeft het toe, de schrijver van het baanbrekende Het zelfzuchtige gen. Hoezeer we ons ook in van alles verdiepen, we blijven Emmentaler, gatenkaas. Dit referendum onthult nog eens het probleem van de afstand tussen weten, niet-weten en niet-willen-weten. De afkeer van emigranten was het belangrijkste motief om voor uittreding te stemmen, volgens Simon Schama. De vluchtelingen waren het ‘breaking point’ lieten de posters voor Nigel Farages champagne zien. Simon Schama, een van de 360 Britse en Europese historici (onder wie Ian Kershaw, Antonia Fraser, Timothy Garton Ash en Michael Holroyd) die in The Guardian van 24 mei wezen op het belang van Europa voor het Verenigd Koninkrijk, wees er in de Financial Times van 17 juni op dat de ‘zuiverheid’ van Groot-Britannië van vreemde invloeden nooit heeft bestaan. Dat begint al bij de ondertekening van de Magna Carta in 1215, waar vooral de namen van Normandische Fransen onder staan. En de Bill of Rights waarin in 1689 de Engelse constitutionele monarchie werd vastgelegd, kwam alleen maar tot stand omdat ‘Dutch William’ Engeland nodig had als onderdeel van zijn Europese coalities (Verbond van Augsburg, 1686, Groot Verbond van Wenen, 1689) ter verdediging van het protestantisme en zijn strijd tegen de katholieke absolutist Lodewijk XIV. Zo’n vijftigduizend Franse Hugenoten, onder wie de voorouders van Nigel Farage, zochten een goed heenkomen in Engeland, ‘to the enduring benefit of the country,’ schrijft Schama.

Richard Dawkins (l) en Simon Schama. Foto’s: Wikimedia Commons

Er moet goed naar de volkswil worden geluisterd, maar de volkswil beslist niet. De volkswil weet niet genoeg. Zoals Kousbroek schreef: ‘Nederland dankt in mijn ogen een zeker fatsoen aan het feit dat over kwesties als de doodstraf, de ontwikkelingshulp, de bejaardenpensioenen, het bestraffen van kinderlokkers, de behandeling van verslaafden, het ondersteunen van kunstenaars en niet in de laatste plaats de hoogte der belastingen, niet door de volkswil wordt beslist.’