Jongen A en jongen B hebben een jongetje vermoord. Zijn zij het kwaad? Schrijver Jonathan Trigell compliceert de zaak.

Het pure kwaad als kwaad benoemen en er niet meer over nadenken is misschien geruststellend, maar ook veel te gemakkelijk. Jonathan Trigell wist beter; hij drong door tot de haarvaten van het kwaad in Boy A. Die roman reflecteert de zaak-James Bulger uit 1993, toen twee Engelse jongetjes op een braaklandje een peuter afslachtten. De beelden van een beveiligingscamera, waarop de twee hand in hand met hun slachtoffertje een winkelcentrum uitlopen, vormen onderdeel van het collectieve geheugen. Zijn bliksemreactie zou toenmalig kandidaat Tony Blair wel eens het premierschap kunnen hebben opgeleverd (Blair sprak van ā€˜hammer blows against the sleeping conscience of the countryā€™).

Trigell doet wat een schrijver hoort te doen, en waar presidenten en premiers best eens over mogen lezen: hij compliceert het kwaad. In Boy A, de vertaling en verfilming verschijnen...