Het mist. Buiten, en in Betty’s hoofd. Maar Jonas kijkt haar doordringend aan. ‘Dit is belangrijk,’ zegt hij. ‘Je vergaderde met die mensen van de energiemaatschappij. Wat werd er precies gezegd?’

Goeie vraag. Geen idee. ‘Iets met targets. En implementeren. En sexy.”Sexy?’

Vage contouren doemen op. ‘Het is de bedoeling dat ik, jij, jouw reclamebureau, met een magazine kernenergie weer sexy gaan maken. Voor de doelgroep. Oudere hoogopgeleide vrouwen. Image control, daar draait het om, zei Eva.’

‘Eva?’

‘De voorlichtster.’

‘Die heet Christine.’

‘Ze lijkt op Eva Jinek. Moeilijk haar.’

‘Moeilijk h… Ja, nu je het zegt… Maar goed, en toen?’

‘Toen kwamen die demonstranten binnen. Met Wiebe Waterland, je weet wel, die aksiekunstenaar, aan kop. Die kent mij, ik heb hem eens geïnterviewd. Hij zei: “Wat doe jij hier? Ik dacht dat je aan onze kant stond. Dat je idealen had.”‘

‘O god.’

‘De bewakers hebben hem de deur uitgewerkt. Maar op de gang schreeuwde hij nog naar me: “Betty, je hebt de ruggengraat van een amoebe.”‘

‘Ai.’

‘Ja. Iedereen keek me natuurlijk heel raar aan.’

‘En toen hebben ze je eruit gegooid.’

‘Nee. De directeur vroeg: “Mevrouw, moeten wij uw commitment en uw ruggengraat in twijfel trekken?”‘

‘En toen?’

‘Toen zei ik: “Ik zie geen problemen. Maar voordat we dit project een go geven, zal ik eerst alle key issues terugkoppelen naar reclamebureau GreedForGreen voor een plenaire feedback.”‘

‘Wat?’

‘Ja, ik zat er al een uur, dan ga je ook zo praten.’

‘En dat pikten ze.’

‘Ja.’ Betty begint te lachen. ‘Wonderlijk, hè, hoe dat werkt.’

‘Betty? Ik heb toch het gevoel… Ben je niet een beetje tegen kernenergie? Als dat zo is, haal ik je van dit project af.

‘Ik heb geld nodig. En ik moet niet zeuren. En ik heb niet alle kennis in pacht. ‘Jonas, ik wéét het niet. Een ietsiepietsie, ja, wel. Denk ik.

‘Jonas zwijgt. Hij tikt iets onduidelijks op zijn iPhone. Hij kijkt haar vorsend aan. ‘Weet je wat, ik delegeer het aan een creative van GreedForGreen. Ik heb nog wel een ander klusje voor je.’

Popmuziek voor Afrika? Eten voor aids? Pumps voor Pink Ribbon?

‘Groene chocoladeletters. Dat vind je toch wel sexy, chocolade?’

‘Ja! Maar als het moet, doe ik die kernenergie, hoor.’ Laf! Laf!

Jonas grijnst. ‘Die meneer Waterland heeft gelijk. Je hebt de ruggengraat van een amoebe.’

Betty breekt een stuk van een slaafvrije B. Door het raam schemert een schilderij van William Turner. Alleen de feestverlichting prikt door de dichte mist op het plein beneden, verder is het alsof de mensen verdwenen zijn en zij op haar zolderetage in de ruimte zweeft. Ruggengraatloos. De mist omarmt haar amoebe-achtige staat, die haar eigenlijk wel bevalt. Hoezo ruggengraat? ;Er is al te veel rigide ruggengraat in dit land. Ik wil ruimte voor twijfel, voor enerzijds-anderzijds. Soms is het fijn om een amoebe te zijn.

Telefoon.

O ja. Wat doen we met moeder met de Kerst. ‘Dag mam.’

‘Dag kind. Zeg, ik dacht ineens… Heb je al kerstplannen?’

‘Nog niks vastomlijnds.’ Ik kan mezelf niet eens zien. ‘Voor mij hoef je niks te doen, hoor! Als jij en David gezellig samen… Je moet je niet aan mij gebonden voelen. Thuis op de bank met een bord boerenkool voor de tv zitten vind ik óók goed.’

Dat zegt ze elk jaar. Ze zou zich doodschrikken als ik echt geen Kerst kwam vieren.

‘Maar ik vind het léúk, mam, als je komt. Of we kunnen naar jou toe komen en dan kook ik.’ De eerste Kerst zonder pappa. Ze moet toch voor íémand soep maken, en stoofpeertjes.

‘Zal ik dan soep maken? En stoofpeertjes?’ ‘Lekker, mam.’

Betty hangt op, sluit haar ogen en voelt zich contourloos wegdrijven. ‘Amoebes in de mist,’ mompelt ze, op de wijze van ‘Pigs in space’.

Telefoon.

Shit. Ha! David. Als-ie nou maar niet wil dat ik meteen naar hem toe kom. Ik lig hier net zo lekker op de bank.

‘Liefje, ik heb een verrassing. Als je nu naar The Movies komt, leg ik het je uit.’

‘Ik kom eraan!’ Ruggengraat, het mocht wat. En toch. Toch is ze tegen kernenergie.