Zwart-wit film

Elma Drayer

Media

Vorig jaar november was Curaçao al op het IDFA te zien, twee weken geleden bereikte de film Willemstad zelf. En rond de première, kan ik melden, ging de conversatie op het eiland bijna nergens anders over.

Ook in de Antilliaanse kranten en op internet kreeg het debat al snel verhitte trekken. De een noemde de documentaire ‘een waardeloze film die totaal niet aan mijn verwachtingen voldeed’, de ander roemde juist ‘de grote meerwaarde’ ervan. De belangstelling was zo groot dat er extra voorstellingen moesten worden ingelast. Dat had Teatro Luna Blou in zeven jaar niet meegemaakt.

Het idee voor Curaçao (die nu ook in filmhuizen hier rouleert) ontstond tijdens een zonvakantie van regisseur Sarah Vos. Samen met cameraman Sander Snoep keerde ze diverse malen terug. Nobel doel: ‘het collectief verzwegen verleden van de Nederlandse oud-kolonie tonen en hoe dit de Curaçaose samenleving van nu beïnvloedt’.

Dat maakte nieuwsgierig. Ik zag Curaçao op een avond niet lang na de première, in gemengd gezelschap, zoals dat heet. Buiten was het nog lauwwarm, in het theater airconditioned fris. De lichten doofden, het geroezemoes verstomde.

Het moet gezegd: wat zich in die vijfenzeventig minuten op het scherm ontvouwde was een postkoloniaal drama van formaat. Zo’n beetje alle geportretteerde blanken bleken van het type nouveau riche: grofgebekt, aan de drank, opzichtig gekleed en stuitend arrogant. Zo’n beetje alle geportretteerde zwarten waren zwijgzaam, nors, armoedig gekleed en stuitend onderdanig. Als er al contact was tussen de beide bevolkingsgroepen, dan verliep dat zonder uitzondering stroef. Tussendoor zagen we gravures uit het gruwelijke slavernijverleden, en hoorden we acteur Jeroen Willems citeren uit gruwelijke historische documenten. Verder veel sombere klanken, veel shots van verlaten landhuizen.

De boodschap kon vermoedelijk alleen een kleuter ontgaan: er is sinds de afschaffing van de slavernij in wezen niets veranderd. Blanken gedroegen zich ooit als gevoelloze slavendrijvers, en dat doen ze eigenlijk nog steeds. Zwarten leden daar hevig onder, en dat doen ze eigenlijk nog steeds. In de overzichtelijke wereld van de makers blijven daders kennelijk altijd daders, slachtoffers altijd slachtoffers – tot in het zoveelste geslacht. De aloude leer van de erfzonde in een hedendaagse jas.

Geen wonder dat het publiek in Luna Blou bij de discussie na afloop op zijn achterste benen stond. Blank én zwart, welteverstaan. De verontwaardiging laaide hoog op. Twee lokale medewerkers aan de film trachtten de nobele bedoelingen van de makers nog onder de aandacht te brengen. Tevergeefs. ‘Dat

mensen zo verschillend reageren,’ zei de regisseur desgevraagd tegen dagblad Amigoe, ‘laat zien dat wij een ingewikkeld probleem hebben aangekaart.’ ‘De film,’ zei de cameraman, ‘houdt Nederlanders een spiegel voor.’

Natuurlijk, elke documentairemaker, elke journalist heeft recht op zijn eigen engagement. Maar in dit geval was het alsof pakweg twee Koreaanse filmers waren neergestreken bij het proletenvolk van Vinkeveen, vervolgens hadden gedraaid in de allochtone schotelwijk Slotervaart, waarna ze ter verdediging met een stalen gezicht zouden aanvoeren dat hun eindproduct ‘een ingewikkeld probleem’ aankaart en ons allen ‘een spiegel’ voorhoudt.

Wat die spiegel precies spiegelt, lijkt me de interessante vraag.

Sluit je nu aan voor slechts €4,99 per maand

Sorry, je hebt op het moment geen toegang tot dit artikel.

Waarschijnlijk heb je een abonnement zonder digitale toegang. Wil je deze content graag lezen, sluit dan snel een abonnement af.

Heb je wél een abonnement met digitale toegang, neem dan contact op met onze klantenservice: 020 – 5518701.