Zadie Smith gaf een lezing in Amsterdam. Wat Amarens Eggeraat ervan leerde: laat schrijvers de wereld presenteren, niet analyseren.
‘Ik was op een best gezellige verkiezingsbijeenkomst,’ zei Zadie Smith afgelopen vrijdag tegen gespreksleider Joost de Vries. ‘Maar ik ben vroeg naar bed gegaan. Ik heb goed geslapen, ik droomde dat ik vrienden was met Bob Marley.’ Het John Adams Institute had Smith uitgenodigd voor een bespreking van haar nieuwe roman Swing Time, maar ze moest natuurlijk eerst iets zeggen over de verkiezing van Donald Trump.
Een onprettig neveneffect van het bestaan van deze man is hoe hij werkelijk elke openbare discussie komt binnengeslopen, waarna iedereen op vermoeide toon precies dezelfde dingen herhaalt en niets opbeurends weet te verzinnen. Toen schrijfster Chimamanda Ngozi Adichie een tijdje geleden een lezing gaf in Amsterdam, werd ook zij bestookt met vragen over de presidentskandidaat. Zo tussen de pilaren van de Zuiderkerk had Adichie wat weg van een alwetend orakel. Maar over Trump kon ze niets anders dan zuchten en zeggen hoe afschuwelijk ze hem vond; hoe zijn populariteit diepgeworteld racisme en seksisme in de maatschappij verraadt.
Het werd iets vrolijker toen de echte wereld even naar de achtergrond verdween.
Hetzelfde gold nu voor Zadie Smith. ‘Het is goed om hier te zijn, weg uit Amerika,’ begon ze. Trumps verkiezing noemde ze een profound shock, zijn aanhangers omschreef ze als een soort perverse tijdreizigers die als witte mannen de luxe hebben om terug te verlangen naar de jaren ’50. Een tijd die als vrouw, en zeker als zwarte vrouw, natuurlijk een stuk minder idyllisch was.
Ze voegde er aan toe dat het desondanks als zwarte vrouw in veel opzichten erg prettig is om in de Verenigde Staten te wonen. ‘In Amerika zijn zwarte mensen zichtbaar,’ zei ze. ‘Afro-Amerikanen hoeven hun bestaan niet te verantwoorden, want ze zijn onlosmakelijk verbonden met de Amerikaanse geschiedenis. In Engeland moest ik steeds bewijzen dat ik wel Brits genoeg was.’
Het werd iets vrolijker toen de echte wereld even naar de achtergrond verdween, en Smith over Swing Time (de titel verwijst naar een Fred Astaire-film uit 1936) begon. Het boek vertelt het verhaal van twee vriendinnen die opgroeien in Willesden, een niet al te florissante buurt in Londen. Ze zijn allebei dol op dansen en hebben allebei één zwarte en één witte ouder. Het ene meisje, Tracey, heeft een moeilijk gezinsleven en een nog moeilijker karakter, maar ze danst alsof haar lichaam er voor gemaakt is. Het andere meisje, de naamloze verteller, leert alles wat er over dansen te leren valt, maar als het op de praktijk aankomt bakt ze er veel minder van dan haar getalenteerde vriendin.
Vorige maand schreef Smith in het artikel ‘What Beyoncé Taught Me’ hoe het kijken naar dans haar minstens zoveel inspireert als het lezen van boeken – en dans is dan ook overduidelijk het belangrijkste thema van Swing Time. Het idee voor het verhaal kreeg ze na het lezen van What The Eye Hears van Brian Seibert, een boek over de geschiedenis van tapdance. Het verhaal gaat dat zwarte slaven vanaf het dek van hun schip contact probeerden te leggen met Ierse havenarbeiders aan de kade, waarvoor ze niets anders dan hun lichaam tot hun beschikking hadden (want de afstand was te groot om te overschreeuwen). Uit deze fysieke pogingen tot wederzijds contact ontstond het tapdansen, een samensmelting van Afrikaanse dans en Ierse riverdance.
Nu vertelde Smith hoe ze diep geraakt werd toen ze vrouwen zag dansen in een afgelegen dorpje in Afrika, en in hun dans de bewegingen van haar moeder en zichzelf terugzag. Een fantastic recurrance noemt ze dat, wonderbaarlijke echo’s van culturele uitingen die dwars door de tijd en ruimte galmen.
Als literatuur een taak heeft, dan is het om dit soort recurrances te presenteren en te waarderen, aldus Smith. In Swing Time presenteert ze in ieder geval een hele hoop: van de bijna buitenaardse capriolen van de Nicholas Brothers tot het lichtvoetige gedartel van Fred Astaire en de hypnotiserende heupbewegingen van Prince. Het is aan te raden om het boek te lezen met Youtube binnen handbereik, zodat je van het ene verbluffende dansfilmpje in het andere kunt verdwijnen.
Natuurlijk is het in deze chaotische tijd begrijpelijk dat we ons tot fictie wenden voor antwoorden. Maar Zadie Smith legt ons niets uit. Ze laat zien hoe bijzonder de wereld soms is.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.