Vluchtelingen

Waarom we onze grenzen juist open moeten gooien

door
Foto: Colin McPherson/Corbis/HH
De Britse econoom Philippe Legrain pleit voor wereldwijde vrije migratie. Dat is ethischer, en zal zelfs bijdragen aan de economische groei van de ontvangende landen. ‘Ook in Nederland leveren immigranten meer aan de schatkist dan ze opstrijken.’

Al wekenlang domineren ze het nieuws: de Afrikanen die in overvolle boten de Europese kust proberen te bereiken. Niet zelden tevergeefs; de Middellandse Zee verandert zo langzamerhand in een waar massagraf. Alleen al in april kwamen zo’n 1250 mensen om tijdens de overtocht.

Bootrampen met vluchtelingen zorgen al langer voor krantenkoppen. De Britse econoom Philippe Legrain herinnert zich bijvoorbeeld nog goed de dramatische schipbreuk bij Lampedusa in het najaar van 2013. Legrain werkte destijds als adviseur voor José Manuel Barroso, de toenmalige voorzitter van de Europese Commissie. In het zicht van het Italiaanse eiland verdronken minstens 350 van ongeveer vijfhonderd vluchtelingen, grotendeels afkomstig uit Eritrea en Somalië. Er kwam een nationale rouwdag in Italië. De paus riep op om voor de slachtoffers te bidden. De Italiaanse overheid begon een grootscheepse actie om hulp te bieden aan bootvluchtelingen. Barroso beloofde 30 miljoen euro om hen te helpen.

Wake-up-call

Legrain (nu 41) had in 2007 een boek geschreven, Immigrants: Your Country Needs Them, waarin hij pleitte voor open grenzen. Hij hoopte dat de ramp bij Lampedusa iets in gang zou zetten. Daar leek het op. De Europese commissaris voor Binnenlandse Zaken, Cecilia Malmström, vroeg om politieke en financiële steun voor grootschalige reddingsacties en bepleitte een opener houding rondom immigratie. ‘Laat dit een wake-up-call zijn,’ schreef ze in een persverklaring, ‘om soortgelijke tragedies in de toekomst te voorkomen.’

Er is weinig veranderd. Fort Europa zit dicht. Meer migranten dan ooit verdrinken op zee.
‘Klopt, en de reactie is deze keer erger. Het lijkt erop dat politici die doden in de Middellandse Zee, hoe treurig ook, zien als de prijs die we bereid zijn te betalen om ongewenste migranten buiten de deur te houden. Dit keer maakt Europa geen aanstalten om grote reddingsacties op te zetten of zich meer open te stellen voor migranten. Integendeel. Er wordt gesproken over een militair antwoord: er moet beter worden gepatrouilleerd op zee, de grens moet strenger worden bewaakt, de smokkelaars moeten harder worden aangepakt.’

Werkt dat niet, volgens u?
‘Nee. We weten nu waartoe strengere handhaving leidt. Jaren geleden, toen ik mijn boek schreef, kwamen veel boten aan in Spanje. Toen het leger de Spaanse kustlijn intensiever ging bewaken, waren de migranten gedwongen om nog riskantere routes te nemen. Desondanks blijven de migranten in steeds grotere aantallen komen en ze vinden vaker de dood op zee. Mensen blijven namelijk komen. Strengere handhaving werkt dus niet. En intussen is er een hele industrie van mensensmokkelaars ontstaan.’

Er hangt een sfeer van liefdadigheid rondom vluchtelingen. Dat is een grote vergissing. Het zou goed zijn als ze zouden mogen werken.

Het is toch logisch dat Europa de smokkelaars wil aanpakken? Zij zijn een cruciale, criminele speler in dit verhaal.
‘De aanpak van smokkelaars bestrijdt slechts een symptoom van een probleem en niet de oorzaak. De oorzaak is dat er wanhopige mensen zijn die leven met onzekerheid, geweld of armoede. Zij kijken naar Europa, een vreedzame plek met meer mogelijkheden voor hen, waar ze evenwel doorgaans niet legaal binnen kunnen komen. Dát is de kern van het probleem. Politici weigeren die simpele werkelijkheid te accepteren.’

Wat zou de Europese Unie dan moeten doen?
‘Op zijn minst moet er meer geld komen voor grootschalige reddingsoperaties, zodat het dodental op zee niet verder stijgt. Ook zouden meer Afrikaanse vluchtelingen moeten worden opgenomen en worden verdeeld over Europese landen. En als je nog een stap verder wilt gaan, dan moet de EU doen wat ik propageer: iedereen toestaan om vrijer, of liever zelfs helemaal vrij, Europa binnen te komen.’

U ziet het liefst volledig open grenzen zodat iedereen kan komen die wil?
‘Ja.’

De aantallen zijn veel te hoog om te kunnen opvangen, zeggen critici.
‘Het waren er 200 duizend vorig jaar. Dat is 0,04 procent van de totale Europese bevolking. U maakt mij niet wijs dat dit een ondraaglijk hoog aantal is.’

Het is volgens mij geen toeval dat een op de drie Nobelprijswinnaars in een ander land is geboren dan waar hij of zij werkt.

De kosten voor opvang zijn veel te hoog.
‘Het is waar dat de opvang van vluchtelingen duur is. Dat komt grotendeels doordat het in de meeste landen verboden is voor hen om te werken. Er hangt een sfeer van liefdadigheid rondom vluchtelingen. Dat is volgens mij een grote vergissing. Het zou goed zijn als ze zouden mogen werken of daartoe zelfs zouden worden aangemoedigd. Zo kunnen ze iets bijdragen aan de samenleving en enige autonomie verwerven, terwijl tegelijkertijd het argument wordt ontkracht dat ze een last zouden zijn.’

Maar als ze mogen werken, pakken ze onze banen af, zo wordt gezegd.
‘Er is meer dan voldoende bewijs dat dit niet het geval is. Er bestaat niet zoiets als een vast aantal banen dat wordt verdeeld. Mensen creëren banen, al was het maar omdat ze hun geld besteden.’

Toch concurreren ze op de arbeidsmarkt.
‘Immigranten beschikken over talenten en vaardigheden die niet zozeer concurrerend, maar eerder aanvullend zijn. Zo doen ze hier smerig, zwaar, gevaarlijk of ondergewaardeerd werk waarvoor de lokale bevolking niet langer te porren is. Als Afrikaanse immigranten identiek waren aan de Europeanen, zouden ze slechts de bevolking doen toenemen. Maar juist doordat hun perspectief, ervaringen en vaardigheden zo anders zijn, voegen zij iets toe. Ze spreken bijvoorbeeld Kirundi en hebben contacten in hun eigen regio, wat hier weer kan leiden tot nieuwe banen en investeringen.
De diversiteit die migranten met zich meebrengen, is volgens mij de kern van hun bijdrage aan de samenleving. We herkennen het nut van diversiteit als iemand betoogt dat één of twee vrouwen zitting zouden moeten nemen in een directie wanneer die uit louter mannen bestaat. Zo’n voorstel vinden we verstandig, niet alleen vanuit het oogpunt van gelijke kansen, maar ook omdat we beseffen dat een team productiever en creatiever wordt vanwege diversiteit. Datzelfde mechanisme treedt op wanneer je gaat samenwerken met migranten.’

Foto: Colin McPherson/Corbis/HH
Foto: Colin McPherson/Corbis/HH

De culturele diversiteit leidt in Nederland wel tot allerlei spanningen.
‘Een deel van die spanningen is te verklaren doordat immigranten aanvankelijk werden behandeld als tijdelijke gastarbeiders. Ze werden niet verwelkomd in de samenleving, terwijl je immigranten en autochtonen volgens mij juist moet mengen, in wijken, op scholen, op het werk. In uw land leefden ze grotendeels gescheiden van elkaar. Maar na een tijdje, toen inmiddels was gebleken dat sommige van deze mensen langer bleven dan gedacht, was men opeens geschokt dat ze niet waren geïntegreerd. Die opstelling heeft geleid tot vervreemding en afwijzing, wat weer nieuwe reacties heeft opgeroepen, et cetera.
Dat betekent niet automatisch dat die spanningen steeds erger zullen worden of altijd zullen blijven bestaan. Nu al staan jongeren in heel Europa veel positiever tegenover diversiteit dan ouderen. Hoewel racisme nog altijd bestaat, komt het aanmerkelijk minder voor dan twintig of dertig jaar geleden. Het is stuitend hoe acceptabel racisme nog niet zo lang geleden was. De trend van dergelijke veranderende houdingen is over het algemeen positief.
De positieve rol van diversiteit vind ik ondergewaardeerd in het debat. Maar het is volgens mij geen toeval dat een op de drie Nobelprijswinnaars in een ander land is geboren dan waar hij of zij werkt. Het is geen toeval dat migranten in Engeland twee keer zo vaak een onderneming opzetten. Ik zeg niet dat migranten betere mensen zijn, maar wel dat hun aanwezigheid zorgt voor nieuwe ideeën, innovatie en bedrijvigheid, die samen aan de basis liggen van economische groei.’

U heeft het graag over immigranten die werken, maar er is toch juist veel werkloosheid onder immigranten?
‘Dat is niet overal zo en het hangt ervan af hoe je kijkt. Als je kijkt naar het percentage van de beroepsbevolking dat werkloos is, is er inderdaad relatief veel werkloosheid onder immigranten, ook in Nederland. Dat heeft met veel factoren te maken. Maar als percentage van de gehele bevolking is er relatief weer weinig werkloosheid, omdat migranten als groep, vergeleken met de gehele autochtone bevolking, vaker jong en gezond zijn. Dat is ook een van de redenen waarom immigranten doorgaans via belastingen meer bijdragen aan de economie dan ze eraan onttrekken via uitkeringen.’

Migranten hebben hun onderwijs elders genoten, dus die kosten heeft de Nederlandse staat niet hoeven dragen.

Weet u dat wel zeker? Zelfs in een gulle verzorgingsstaat als Nederland?
‘De OECD heeft een uitgebreid onderzoek gedaan naar de fiscale impact van migranten. Bijna overal leveren migranten netto een positieve bijdrage. In Nederland dragen ze na alle plussen en minnen 0,4 procent bij aan het nationaal inkomen, dus ja, ook in Nederland leveren immigranten meer aan de schatkist dan ze opstrijken. Ze zijn minder vaak oud, ziek en gepensioneerd, waardoor ze eigenlijk vrij weinig beroep doen op de publieke voorzieningen, voor zover ze daar al recht op zouden hebben. Migranten hebben hun onderwijs bovendien elders genoten, dus die kosten heeft de Nederlandse staat niet hoeven dragen.’

Dus in Afrika betalen ze voor het onderwijs van hun eigen mensen en vervolgens vertrekken ze naar het rijke Europa…
‘Stel, u bent briljant en u wilt kernfysicus worden. U woont in een dorp en zou naar Amsterdam moeten verhuizen om te studeren. Maar helaas, u mag uw dorp niet verlaten. In uw dorp kunt u niet studeren en er is alleen werk in de melkveehouderij. Dan maakt de samenleving toch niet bepaald optimaal gebruik van uw talenten? U worden bepaalde mogelijkheden ontzegd die uw leven en dat van anderen vooruit zouden kunnen helpen.’

Ontkent u nu dat er op internationaal niveau sprake is van een brain drain?
‘Nee, maar de brain drain wordt vaak overgeschat. Migratie is niet voor altijd; veel mensen komen weer terug. Belangrijker nog: het is een symptoom van het probleem en niet het probleem zélf. Stel: alle hoger opgeleide mensen die ooit uit Mali zijn weggegaan, gaan we terugsturen naar hun thuisland. Denkt u dat Mali dan ineens een welvarende economie zal worden? Dat lijkt me onwaarschijnlijk. Het lijkt me veel aannemelijker dat de potentie van de meesten van hen niet optimaal gebruikt zal worden.’

In totaal stuurden migranten vorig jaar meer dan vierhonderd miljard dollar terug naar hun thuisland. Daar verbleekt alle officiële ontwikkelingshulp bij.

U heeft het positieve effect van migratie op de economie van ontvangende landen uiteengezet. Wat is het effect op de economie van het thuisland?
‘Migranten sturen doorgaans een deel van hun inkomsten terug naar huis. Als je in je eigen land duizend euro per jaar kunt verdienen en in Europa 30 duizend, dan is de bijdrage aan je thuisland door wat van je geld terug te sturen al snel veel groter dan wanneer je niet op die boot was gestapt.
Het gaat niet om kleine bedragen. In totaal stuurden migranten vorig jaar meer dan vierhonderd miljard dollar terug naar hun thuisland. Vergeleken bij dat bedrag verbleekt alle officiële ontwikkelingshulp van alle landen bij elkaar. En het geld dat via migranten aankomt, wordt vaak beter besteed. Dat geld komt namelijk niet terecht bij grote bureaucratieën, waar het kan worden gestolen, opgaat aan corruptie of anderszins slecht wordt besteed. Dat geld komt direct in de portemonnee van lokale mensen. Studies laten zien wat het effect is op gezinnen die op deze manier geld uit het buitenland ontvangen: ze zijn gezonder, kinderen gaan langer naar school, hun consumptieniveau ligt hoger, ze zetten vaker een bedrijfje op. Dus migratie speelt eveneens een enorm belangrijke, positieve rol in de ontwikkeling van het thuisland.’

Zou u nog steeds voor open grenzen zijn als de invloed van immigratie op de economie negatief zou zijn?
‘Dat is een vreemde vraag, want die situatie zal niet ontstaan. Geen enkele econoom zal ooit redeneren dat het economisch slecht zal uitpakken wanneer iemand uit een arm dorp zal verhuizen naar een welvarende stad. Het verschil met een arme Afrikaan die naar het rijke Europa wil, is dat er een landsgrens wordt overschreden. Dat verschil is economisch niet relevant, want het mechanisme is onbetwistbaar.’

Foto: Colin McPherson/Corbis/HH
Foto: Colin McPherson/Corbis/HH

Maar politiek is die landsgrens wel degelijk relevant.
‘Klopt. Ik geloof dan ook dat het pleidooi voor vrije migratie niet louter economisch is, maar óók politiek. Het recht om je vrij te bewegen, is een fundamenteel mensenrecht. In het Westen vinden we het vanzelfsprekend dat we ons vrij kunnen bewegen binnen de 28 lidstaten van de Europese Unie. We kunnen overal naartoe op vakantie. Als je een beetje hebt gestudeerd, kun je bijna overal in de wereld werken. Dat is een ongelooflijk voorrecht. Dat zou niet het privilege van een paar gelukkigen moeten zijn, maar het recht van ons allemaal.
Het pleidooi voor open grenzen komt ook voort uit humanitaire betrokkenheid bij mensen die minder fortuinlijk zijn dan wij. De meesten van ons willen niet dat ze in de Middellandse Zee verdrinken, of dat Mexicanen uitdrogen in de woestijn op weg naar de Verenigde Staten, of dat Aziaten verstikken in een overvolle vrachtwagen naar Europa. Het is een merkwaardig soort solidariteit wanneer je je wél betrokken voelt bij mensen in je eigen land die arm zijn en weinig perspectief hebben, maar níet bij mensen die in een ander land zijn geboren, maar in een vergelijkbare, of zelfs nog benardere situatie zitten.’

Honderd jaar geleden kon je nog gewoon reizen zonder paspoort. Strenge grenscontroles zijn geen ijzeren wet van de geschiedenis.

Stel, Fort Europa opent de grenzen zoals u zou willen. Dan komt toch iedereen hier naartoe?
‘Dat lijkt me sterk. Toen voormalig communistische landen zich in 2004 en 2007 bij de Europese Unie aansloten, mochten in totaal 100 miljoen mensen uit deze landen zich vrijelijk binnen Europa vestigen. Dat zou voor hen niet zo slecht zijn; in Zweden lag het gemiddelde inkomen acht keer hoger dan in Roemenië. Maar als we nu de balans opmaken, zijn in al die jaren slechts 4 miljoen van hen van land verhuisd – en doorgaans zeer tijdelijk, want de meesten gaan weer terug.’

Hier betrof het nog Europeanen binnen Europa. Wat nu als het gaat om mensen met een heel andere achtergrond? Dat kan een samenleving toch niet verwerken?
‘Na de ineenstorting van de Sovjet-Unie kwamen honderdduizenden Joden naar Israël. Ze spraken geen Hebreeuws. Ze hadden geen ervaring met kapitalisme. Ze kwamen om politieke redenen, niet omdat hun arbeid nu zo in trek was. Vanwege deze massamigratie was de beroepsbevolking in twee jaar tijd met liefst 8 procent toegenomen. Maar na zeven jaar, toen de Russische Joden inmiddels 15 procent van de beroepsbevolking uitmaakten, was er géén sprake van hogere werkloosheid en waren de lonen níet lager. Als je de juiste omstandigheden creëert – een flexibele arbeidsmarkt, een gezond investeringsklimaat – is er geen probleem.
Europa zou een grote opname van migranten zelfs zeer goed kunnen gebruiken. Grote delen van Europa worden bedreigd door het vooruitzicht van een economie die nog jarenlang stagnatie zal blijven vertonen. Er zijn hoge schulden, lage investeringen en er is de demografische uitdaging dat een kleiner wordende beroepsbevolking moet zorgen voor een snel uitdijende groep ouderen, zowel de praktische zorg voor alle gezondheidskwalen als de financiële zorg voor de pensioenen. Het openzetten van de Europese grenzen in de komende decennia is een oplossing voor al deze problemen.’

Russische emigranten in Israël. Foto: Ricki Rosen/Corbis/HH
Russische emigranten in Israël. Foto: Ricki Rosen/Corbis/HH

Is dat idee niet gewoon veel te radicaal?
‘Is het zo radicaal dan? Honderd jaar geleden kon je nog gewoon reizen zonder paspoort. Strenge grenscontroles zijn geen ijzeren wet van de geschiedenis, maar eerder een moderne uitzondering.’

In elk geval staat een voorstel om de grenzen open te zetten niet op de politieke agenda.
‘Als iemand dertig jaar geleden had gezegd dat je je vandaag vrijelijk kon verplaatsen van Litouwen naar Lissabon, hadden mensen gezegd dat je gek was en dat het een grote ramp zou betekenen. En kijk nu eens. Het is volstrekt mogelijk en de gevolgen zijn toch bepaald niet rampzalig.
Apartheid in Zuid-Afrika leek ook zo’n vaststaand feit dat tot in de eeuwigheid zou duren – en toen was het opeens voorbij. Ons migratiesysteem is een vorm van mondiale apartheid. Een rijke, hoogopgeleide elite kan zich vrij over de wereld begeven, terwijl van arme mensen wordt verwacht dat ze op de plek blijven waar ze geboren zijn. Het morele argument voor verandering is heel sterk.’

Gaat u het daarmee winnen?
‘Nee, maar ik verwacht wel dat steeds meer mensen zich op ethische gronden achter het ideaal van open grenzen zullen scharen. Nu al zie je onder jongeren een veel positievere houding tegenover diversiteit en migratie dan onder ouderen. En als die ouderen gepensioneerd zijn, hoeven ze in elk geval niet te vrezen dat immigranten hun baan afpakken. Sterker, dan zullen ouderen op een goed moment beseffen dat ze immigranten nodig hebben om voor hen te zorgen.
Bij de afschaffing van de slavernij waren het niet de moraliserende idealisten die van doorslaggevend belang waren, maar de pragmatici. De idealisten waren wel de eersten die het punt maakten, maar ze kregen pas wat meer invloed toen ze steun kregen van mensen die economische gronden aanvoerden. Toen het financiële eigenbelang werd beargumenteerd, stonden ineens andere mensen open voor de afschaffing van slavernij. Je hebt beide soorten argumenten nodig. Binnen Europa hebben we al ervaring opgedaan met open grenzen – en de gevolgen van die open grenzen zijn zeer positief. Verandering kan ineens snel ontstaan, soms sneller dan je denkt.’

Wie Philippe Legrain (Engeland, 1973)

Bekend van Legrain is auteur van 
diverse boeken over globalisering, migratie, de wereldeconomie en de eurozone. Dat zijn ook de thema’s waarover hij geregeld spreekt als commentator bij de BBC. Hij was redacteur van The Economist voordat hij in 2000 adviseur werd van Michael Moore, niet de filmmaker, maar de toenmalige topman van de Wereldhandelsorganisatie (WTO). Ook was hij tussen 2011 en 2014 adviseur van José Manuel Barroso, de voorganger van Jean-Claude Juncker als voorzitter van de Europese Commissie.

Waarom Zijn boek, Immigrants: Your Country Needs Them (2007) is weer helemaal actueel nu het Europese immigratie beleid dagelijks in het nieuws is. Het boek zet uiteen waarom vrije migratie goed is voor alles en iedereen. In 2007 behoorde het 
volgens de Financial Times tot de beste business boeken van het jaar.

Enz Philippe Legrain, geboren in Londen, heeft een Franse vader. Zijn moeder komt uit Estland. Naast Engels spreekt hij Frans, Spaans en Portugees. Hij is bezig Mandarijn te leren. Zijn favoriete voetbalclub is Arsenal, wat niet verwonderlijk mag heten voor een kosmopoliet als Legrain; in de 29-koppige selectie zitten twintig nationaliteiten en 
Arsenal was de eerste club in de Premier 
League die een elftal opstelde met elf 
verschillende nationaliteiten.

Dit verhaal uit ons tijdschrift bieden we tijdelijk gratis aan. Wil je meer lezen?