‘I don’t want to reproduce, I want to make something entirely new.’
(Jeanette Winterson, ‘Written on the Body’)
Ik dacht dat ik wel klaar was met denken over seks. Ergens klaar mee zijn, er (tijdelijk) genoeg van hebben, komt voort uit verzadiging. Een gevoel van verzadiging heeft minimaal een van deze twee oorzaken: luxe of frustratie. In mijn geval was het luxe. Nadenken over seks werd minder belangrijk naarmate ik minder heteroseks had. Als heterovrouw moest ik me voortdurend verhouden tot alle do’s and don’ts, tips & tricks in tijdschriften en voorlichtingen. Ook diende ik me enigszins te herkennen in de verhalen die ik in films of op televisie zag. Ondertussen hield ik de ontwikkelingen op het gebied van anticonceptie nauwkeurig in de gaten en bevocht ik de drukkende opvatting dat mannen meer zin hebben in seks dan vrouwen. Dat was niet mijn ervaring. Nog altijd wordt een gebrek aan zin aan de vrouwelijke biologie toegedicht, en niet, bijvoorbeeld, aan het feit dat slechts 65 procent van de heterovrouwen tijdens de seks een orgasme bereikt. Dit in tegenstelling tot lesbische vrouwen, 86 procent van hen zegt altijd klaar te komen.
Daargelaten dat de hoeveelheid hoogtepunten weinig zegt over de intensiteit van de orgasmes, motiveerde dit percentage me een paar jaar geleden wel om mijn Tinder zoekneus ook eens in te stellen op ‘vrouwen’.
Inmiddels leef ik biseksueel. Waar ik me toe aangetrokken voel, is niet geslachtelijk bepaald. Dit betekent niet dat de gender van de ander geen invloed heeft: wie iemand is wordt immers gevormd door haar of zijn achtergrond, ervaringen en mogelijkheden. Door met vrouwen te zijn, ontsnap ik aan vele oude, diepgewortelde gedachten over de aard van vrouwen, mannen en hun samenzijn. Met mannen doe ik het ook nog steeds, maar het feit dat ik getrouwd ben met een vrouw terwijl wij niet monogaam leven, maakt doorgaans dat ik mij met mannen – hoewel m/v in bed – ook niet meer zo gauw ‘heteroseksueel’ voel.
Ik beschouw mijn weigering om veel over seks te praten en na te denken als een welkome pauze. Het kost namelijk best wat energie om je óf aan de stereotiepe beelden en ideeën over (hetero)seks aan te passen, of deze te weerleggen.
Ik moet even op adem komen, van het opgroeien als hetero. En ondertussen heb ik 21 procent meer orgasmes dan voorheen.
Mijn grootste angst
Als kind al, nog voor ik ongesteld werd, was zwangerschap mijn grootste angst.
Seks is immers altijd verbonden aan effect en resultaat. Je wist: er komt iets uit voort. Is het geen baby, dan een ziekte. Is het geen liefde, dan een slutshame. Is het geen vrijelijk klooien, dan een huwelijk. Is het geen zin, dan een trauma. Zelfs in een tijd waarin het voorkomen van zwangerschap en ziekte prima mogelijk is, kun je geen seks hebben zonder ook aan voortplanting, gezondheid en veiligheid te denken. Ik schrijf ‘zelfs’, maar misschien is het wel: ‘juist’. Reproductie, gezondheid en het beschermen van je eigen grenzen zijn tegenwoordig geen bijkomstige pech. Het geldt als je eigen verantwoordelijkheid.
Hoezeer heteroseks aan risico’s wordt verbonden, blijkt wel uit de manier waarop een minnares mij vroeg of ik wel recent was getest. ‘Dat vraag ik normaal nooit,’ zei ze, ‘maar aangezien jij het ook met mannen doet, vind ik het een beetje gevaarlijk.’
‘Dat is toch zo?’ kun je nuchter reageren. De kans op soa’s ís toch groter bij hetero’s en homo’s dan bij lesbiennes? Ja. Maar dat iets zo is, betekent nog niet dat er niet ook allerlei verhalen en gevoelens rondom de feiten spoken. De feiten zijn de feiten, maar wat de feiten teweegbrengen – vragen, berispingen, angsten, sociale codes en regels – lijkt vooral cultureel bepaald.

De schaduw van reproductie en de vrees voor onveiligheid verdwijnt wanneer je lesboseks bedrijft. Maar wat voor seks je ook hebt, het wordt altijd gezien als een belangrijk onderdeel van je identiteit. Je bedgedrag, op wie je valt: het zegt iets over wie je bent. Doet date X zo, dan voelt zij of hij dit. Houdt lief Y van standje zo, dan is Y echt een type zus. We praten psychologisch en puur persoonlijk over seks: ‘Ik neuk zo dus dit ben ik’. Deze persoonlijke, psychologische kijk op seks dient wel degelijk een politieke agenda. Het idee dat seks, liefde en seksualiteit puur privéaangelegenheden zijn, verhult het feit dat de overheid wel degelijk wensen heeft over de inrichting van de slaapkamer. En wat wenselijk is, wordt bevoordeeld. Het huwelijk wordt bijvoorbeeld met belastingvoordelen aangemoedigd.
Hygiënische esthetiek
Ik was te verzadigd, te zeer on a break wat denken over seks betreft, om enthousiast aan Future Sex van Emily Witt te beginnen. Op de achterflap van het Engelse boek staat: ‘I was single, straight, and female’. Verleidelijk in verleden tijd, zodat de lezer weet dat er een verandering op komst is. Er misten nog net drie prikkelende puntjes om je nieuwsgierig te maken naar het vervolg. Ook in haar voorwoord, getiteld ‘Verwachtingen’, verwijst Witt naar een plotse omslag in haar leven: ‘Het jaar dat ik dertig werd, ging mijn relatie uit.’ Daarmee impliceert de auteur dat een verbroken relatie sowieso een groots kantelpunt vormt en met het noemen van haar leeftijd legt ze de nadruk op de voorbijgaande tijd, die meestal waarschuwend wordt ingezet wanneer het vrouwen en relaties betreft.
Ze trekt seks uit een soort nutsdenken. Seks hoeft niet in dienst te staan van voortplanting, van verhevigde intimiteit of een beter zelfbeeld. Seks is ongewoon seks.
Ik vreesde een persoonlijke, psychologische onderzoeking te treffen. Een sprookjesachtige zelfhulpgoeroe met een en toen werd alles anders-belofte.
Gelukkig blijkt Future Sex helemaal niet zo’n persoonlijk, psychologisch pad te volgen. Bij Emily Witt hoeft seks niet tot magische bevrijding te leiden en experimenteren is niet per se bedoeld als voorbereiding op een lange relatie.
Witt gaat meer sociologisch en antropologisch te werk. Wordt ze geil van de porno waar ze als research naar kijkt, dan ziet ze dit niet als haar puur persoonlijke voorkeur of natuur, maar onderzoekt ze de culturele gronden van het toenemend vocht tussen haar benen.
Wie het over seks heeft, moet vragen stellen over technologie, economie en commercie, religie, genderverhoudingen en beleid. Daarom onderzoekt Witt wat webcammers met hun online Chaturbate sessies verdienen en beschrijft ze de Apple-medewerkers die losgaan op het Burning Man festival. Ook beschrijft ze hoe een gladde, ‘hygiënische’ esthetiek van datingapps en seksspeeltjes wordt ingezet om vrouwelijke klanten te trekken.
In haar essays belicht Witt de seksuele verlangens en genotsmiddelen van anderen. Soms brengt ze haar twijfels, eigen ervaringen en opvattingen naar voren om duidelijk te maken waarom ze welk pad onderzoekt. Nergens deelt ze een fel oordeel. Daardoor vraagt ze er niet naar om te worden overtuigd of weerlegd. Nieuwsgierigheid is haar begin- en eindpunt. Haar onderzoek naar de toekomst van seks is vrij van resultaat: ze wil niet per se een beter of gelukkiger mens worden. Het is gewoon nieuwsgierigheid naar wat nieuw is. Daarmee trekt ze de seks uit een soort nutsdenken. Seks hoeft niet in dienst te staan van voortplanting, van verhevigde intimiteit of een beter zelfbeeld. Seks is ongewoon seks.
Verwende prinsesjes
Ik herinner me een oudere gynaecoloog die in een interview zei: ‘Vroeger hield ik me bezig met het voorkomen van zwangerschappen, tegenwoordig komen mensen bij mij met de vraag: “hoe word ik zwanger?”’ De precieze redenen van deze omslag vind ik niet het onderstrepen waard. Doorgaans wordt benadrukt dat vrouwen op latere leeftijd kinderen krijgen. Maar het herhalen van die redenering heeft een morele connotatie die conservatief klinkt en van vrouwen al gauw ‘verwende prinsesjes’ maakt, terwijl de man in dit geheel verdwenen is. Anders gesteld: de gynaecoloog was destijds zo succesvol in zijn (of haar) werk dat het werk nu anders van aard is. Voortplanting wordt steeds meer een techniek. Dat juich ik toe. Zo raakt ‘seks’ namelijk werkelijk losgekoppeld van effect en resultaat. Heteroseks wordt dus een beetje meer zoals lesbische seks: een handeling zonder (de schaduw van een) doel.
Zo’n toekomst zie ik met graagte tegemoet. Maar het lijkt me belangrijk om te benadrukken dat ‘de toekomst’ niet bestaat. We weten dat seks niet zomaar seks is. Seks en liefde zijn afhankelijk van de middelen en verhalen die voorhanden zijn. De distributie van anticonceptie is geen wereldwijd succes en de ontwikkeling van nieuwe beschermingsmiddelen stokt, omdat het welzijn van een vrouwenlichaam nog altijd minder aandacht krijgt dan dat van een man – anders was er al lang een anticonceptiemiddel met minder bijwerkingen. Zonder gedurfde bijsturing en herverdeling gaan we geen gedeelde toekomst tegemoet.

Niet werkelijk progressief
De Amerikaanse schrijver, hoogleraar, activist en feminist Cathy Cohen beschrijft hoe vooruitgang voor de één vaak leidt tot achterstelling van de ander. Cohen benadrukt dat het merendeel van de zwarte Amerikanen opgroeit bij een moeder die ongehuwd is. Programma’s als Black Marriage Day en Marry the Daddy proberen daar een eind aan te maken. In de VS wordt het huwelijk vaak verbeeld als een manier om armoede op te lossen, arme moeders worden aangemoedigd om hun kind op te geven voor adoptie en wie hulp krijgt van de staat, wordt gekort als er een tweede kind bijkomt. Doordat alles wordt ingezet op de promotie van een nucleair c.q. ‘normaal’ en ‘stabiel’ gezin, wordt de meerderheid van de zwarte Amerikanen weggezet als sociaal incapabel. De mogelijkheid dat een ander sociaal en intiem leven evengoed volwaardig is, wordt nauwelijks overwogen.
De voorkeur voor het huwelijk is dus niet alleen een romantische keuze voor een vorm van liefde en samenleven. Het is ook een heersende norm die vooral rijkere en witte mensen steunt. Klasse en huidskleur zijn gerelateerd aan opvattingen over liefde en seksualiteit. Zwarte vrouwen worden steevast neergezet als exotisch en ongeremd. Surinaamse mannen zouden notoire vreemdgangers zijn, waarbij dus ook meteen wordt aangenomen dat ‘monogamie’ overal het ideaal is. Niet-westerse vluchtelingen moeten worden geweerd omdat ze ‘onze’ vrouwen zouden komen verkrachten. En Geert Wilders is pro-homo, mits hij daarmee zijn anti-islam-agenda voedt, want het COC Regenboogakkoord werd niet door de PVV ondertekend.
Denken doe je met je lijf. En dus is denken over seks ook een vorm van doen. Het belang van denken, lezen en schrijven over seks is wellicht groter dan het effect van seks zelf.
Hoezeer klasse en huidskleur gerelateerd zijn aan opvattingen over de liefde, blijkt ook uit de manier waarop zwarte Amerikanen als homofoob worden weggezet. Er gingen valse cijfers rond die bewezen dat zwarte Amerikanen massaal tegen het homohuwelijk waren. De cijfers bleken uiteindelijk veel milder dan in eerste instantie naar buiten werd gebracht, en een anti-homohuwelijkstandpunt bleek bovendien vooral gerelateerd aan leeftijd, religie en politieke voorkeur, maar de correcties kwamen te laat om het beeld bij te sturen. Cathy Cohen bekritiseert de homohuwelijk-activisten vooral op het feit dat zij geen oog hebben voor het nieuwe normaal dat zij bestendigen door voortdurend de nadruk te leggen op het belang van het huwelijk. Vaak worden ‘moderne’ fenomenen zoals het homohuwelijk ingezet om niet werkelijk progressief te hoeven zijn. Kijken we naar de toekomst van seks, dan is het belangrijk om in acht te nemen naar wiens toekomst we eigenlijk kijken.
Hijgen volgens het tantrische ritme
Hoewel ik me verzet tegen het effectgerichte discours rondom seks, had Future Sex wel degelijk een effect op mij. Heel concreet bekeek ik de pornofilms die Witt gedetailleerd beschrijft. Ik kocht een latexpakje met in het broekje een rits die van spleet tot spleet open kan. Ik dwaalde een avond op Chaturbate rond en probeerde te ademen en hijgen volgens het tantrische ritme dat ze in San Francisco beoefenen. De concrete uitvoering was leuk genoeg, maar het werkelijke genot zat voor mij vooral in mijn verhouding tot het boek. De tekst daagde me uit. Niet om mijn leven te beteren, maar om verder te denken. Ik kreeg weer zin om te denken over seks (niet ‘aan’, maar ‘over’).
Denken doe je met je lijf. En dus is denken over seks ook een vorm van doen.
Het belang van denken, lezen en schrijven over seks is wellicht groter dan het effect van seks zelf. In 2015 publiceerde ik het pamfletboekje Het monogame drama, waarin ik vragen stelde over de wijze waarop we invulling geven aan ons sociale en romantische leven. Onlangs kwam er een jonge vrouw naar mij toe. Ze vertelde dat ze net een baby had gebaard. Het kindje zou er niet zijn geweest als ze mijn boek niet had gelezen. Het monogame drama overtuigde haar ervan dat ze heus kon liefhebben, juist als ze niet aan het standaard plaatje hoefde te voldoen. Ze wilde niet eerst een gezin vormen en de zorg met één partner delen. De baby is nu drie maanden.
Denken over seks brengt meer toekomst dan het simpelweg te doen.
Emily Witt, Future Sex. Liefde in tijden van digitalisering, vertaling Hien Montijn, verschijnt eind juni bij Amsterdam University Press, 224 p., €19,99
Future Sex, met een voorwoord van Simone van Saarloos, verschijnt 22 juni. Bestel nu alvast het boek in de webshop van AUP.nl. Dan hoef je geen verzendkosten te betalen én krijg je als een van de eerste het boek in huis. Gebruik bij het afrekenen de code: FutureSex (geldig tot 22 juni).
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.