Drie jaar geleden stond Geert Wilders samen met congreslid Steve King op de trappen van het Capitool in Washington. King had Wilders uitgenodigd om een lezing te geven voor een club van bevriende politici. Toen King Wilders introduceerde aan de Amerikaanse pers, benadrukte hij hoe belangrijk het was dat ‘we ons netwerk voor behoud van de westerse beschaving uitbouwen tot over de oceaan’.

De Amerikaanse media besteedden nauwelijks aandacht aan de persconferentie. King stond bekend als een islamofoob en werd gezien als een randfiguur binnen de Republikeinse partij.

Dat was toen. Nu zit er een president in het Witte Huis die dagelijks de dog whistles van wit nationalisme gebruikt. En met de moord op elf joodse Amerikanen, heeft Amerika eindelijk ontdekt dat Wilders’ vriend Steve King een extremist is.

Advertentie