Herman Brusselmans herschrijft zijn biografie door alle fouten van de maker te corrigeren, en legt fout voor fout uit hoe het wél zat. Wie gelooft in de waarheid volgens HB?
Het idee is onweerstaanbaar. Vlak voor de verschijning van HB, een biografie over de jeugdjaren van Herman Brusselmans, geschreven door de neerlandicus Johannes Huyghe, krijgt het lijdend voorwerp van dat boek, de inmiddels de zestig naderende schrijver, het manuscript in handen. Hij schrikt zich een hoedje. Het ding staat vol fouten. Hij zet zich daarom aan een schone en urgente taak: hij inventariseert de fouten en legt per fout, fout na fout, omstandig uit hoe het wél zat in zijn ongelukkige jonge jaren.

