Laten we de toon in hemelsnaam koesteren

Lisa Bouyeure
Illustratie: Jip van den Toorn

De toon is een keizer met nieuwe kleren geworden: zelfs als hij met niets om het lijf ‘dobbernegers’ staat te gillen op een marktplein, hoor je niet naar zijn slappe lul te kijken.

Er zijn een heleboel manieren om een broodje kaas te bestellen. ‘Eén broodje kaas alstublieft,’ om maar een voorbeeld te noemen. Als het je niet om dat broodje kaas te doen is maar om het beledigen van de ober, kun je beter zeggen: ‘Doe mij zo’n broodje kaas, gore netenvreter, en snel een beetje.’ Naar dat broodje kun je fluiten, maar wat zou het? Je houdt niet eens van kaas en je hebt je punt gemaakt: de toon is bijzaak. Applaus.

Maar verrek, daar is de ober weer, mét een broodje kaas. Ontzettend oud brood weliswaar, en er ligt een gesmolten Époisses de Bourgogne uit de vorige eeuw op. ‘Let maar niet op die vreselijke stank,’ zegt de man glimlachend als hij het bord op tafel zet. ‘Het gaat om de voedingsstoffen.’

Asielaso’s, asieltuig, kánsloos asieltuig, asielhopper-invasie — krantje voor krantje waren de onderbuiken van Telegraaf-lezers gekieteld tot ze klaar waren voor de grote uitsmijter: KANSLOZE ASIELPLAAG. Want waarom zou je asielzoekers níet in verband brengen met ratten, steekvliegen of ander gespuis dat uitgeroeid dient te worden, als er in de kleine lettertjes toch wel wordt genuanceerd? Xenofobie is een verdienmodel, dat blijkt ook uit de extreem vruchtbare bodem voor nepnieuws.

Maar het gaat dus om de inhoud, niet om de schreeuwletters erboven, aldus De Telegraaf in een hoofdredactioneel commentaar.

Onder het motto ‘Een dag niet gedeugd is een dag niet geleefd’ ging ik dit weekend op bezoek bij een oude vriend van wijlen mijn opa.

De toon is een keizer met nieuwe kleren geworden: zelfs als hij met niets om het lijf ‘dobbernegers’ staat te gillen op een marktplein, hoor je niet naar zijn slappe lul te kijken. Met een licht opgetrokken wenkbrauw ben je al een Gutmensch, en een grotere belediging bestaat er op het moment niet.

Onder het motto ‘Een dag niet gedeugd is een dag niet geleefd’ ging ik dit weekend op bezoek bij een oude vriend van mijn overleden opa. Zijn huis is tot de nok toe gevuld met boeken, waar ik altijd in mag grasduinen. In de kast met poëzie vond ik het Erotisch woordenboek. Daarin stonden vooral veel synoniemen voor het mannelijk lid. Als je zo nu en dan dirty talk bezigt of een bouquetromannetje leest, ken je de woorden wel die voor opwinding zorgen. Deze vielen daar totaal niet onder.

Hier een passage uit het erotische verhaal ‘Container’ van Monika Sauwer, over een getrouwde vrouw die het met de vuilnisman doet. ‘Lul’ en ‘stoten’ heb ik vervangen door synoniemen uit het boekje: ‘Zijn broekneus/hansje zonder been/billebreker dringt zonder scrupules binnen. Machteloos neergedrukt moet ik het fleppen/tureluren/heigaten ondergaan.’ Ja, kreun dat maar eens zachtjes in het oor van zo’n rechtse koppenmaker. Angstig zal-ie naar zijn slappe lul kijken. En fluister dan: ‘Maar schatje, het gaat toch om de ínhoud, niet om de toon.’

Sluit je nu aan voor slechts €4,99 per maand

Sorry, je hebt op het moment geen toegang tot dit artikel.

Waarschijnlijk heb je een abonnement zonder digitale toegang. Wil je deze content graag lezen, sluit dan snel een abonnement af.

Heb je wél een abonnement met digitale toegang, neem dan contact op met onze klantenservice: 020 – 5518701.