Gisteren overleed psychiater en schrijver Jan Foudraine, grondlegger van de ‘antipsychiatrie’. In 1981 interviewde de legendarische Vrij Nederland interviewster Bibeb hem over de Bagwhan, zijn vakgebied en de linkse journalistiek.

Het grote statige huis wordt omringd door een daarbij passende tuin. Hij opent de deur, gaat voor mij uit de brede gang door, de trap op, naar een kamer waarvan hij zegt: ‘Die heb ik gehuurd. Hier woon ik.’ Hoge ramen met daarachter kruinen van bomen. Foto van Bhagwan aan de muur bij het smalle bed. ‘Wat hier staat heb ik gehouden,’ zegt hij ‘de rest, ook mijn boeken zijn verkocht.’

Eén zwart leren fauteuil (‘maakte deel uit van een bankstel’) paar eenvoudige stoelen, tafel, kast. De ribfluwelen broek en trui zijn niet oranje maar bloedrood. Lichte ogen, sterk wisselend van blik; fel maar ook opeens verward of uiterst afstandelijk.

Zeven jaar geleden zei je op mijn verzoek om een interview: ‘Nooit.’ Je legde de hoorn op de haak.
‘Ik was bang door de mand te vallen. Nu denk ik: Er is geen mand.’ Toen was ik er slecht aan toe. Onzeker, gefrustreerd.’ Beroemde auteur van de bestseller Wie is van hout. ‘Zoals je moet weten was de grote motor van dat boek mijn frustratie.’ Praat alsof hij declameert. ‘Toen ik uit Washington terug was, na vijf jaar staf psychiater te zijn geweest in het beroemde psychoanalytisch sanatorium Chestnut Lodge vond ik mezelf een soort messias van de schizofrenen. Zat vol plannen om wat ik daar geleerd had in praktijk te brengen.

Advertentie

Advertentie

Mijn vakbroeders wilden er niet van horen. Jan Bastiaans zei dat hij me kon gebruiken voor het gewone spit- en graafwerk in de kliniek. Overal kreeg ik de kous op m’n kop. Vier jaar frustratie! Ze waren natuurlijk jaloers. Ik raakte gedeprimeerd door hun opgeblazenheid. Had later behoefte mijn teleurstelling en verontwaardiging van me af te praten en zo is via de tape-recorder dat boek ontstaan.’

Je nam wraak.
‘Ik heb wel een moment gedacht: nou heb ik ze bij hun kloten. Maar wraak was niet de opzet. Het succes van Wie is van hout is trouwens voor mij vernietigend geweest. Succes is een groot gevaar.’

Wil je geen succes meer?
‘Natuurlijk wel, nu schrijf ik voor Bhagwan! Hij eist veel. Grijpt je bij de strot, vraagt je totale commitment.’ Zegt dit met hartstochtelijke stem, de handen omhoog zoals je doet als je je overgeeft.

Fragment Vrij Nederland uit 1981

In de tijd dat je het interview weigerde had je een privé-praktijk. In Oorspronkelijk Gezicht schreef je: ‘De praktijk loopt terug, veel mensen willen dat ik geen geld vraag. Ik voel me een soort Jezus Christus van de psychiatrie. ’ Omstreeks die tijd hoorde ik je voor de radio vragen beantwoorden van mensen die konden bellen. De presentator zei: ‘Afgesproken is dat u geen nieuwe patiënten aanneemt, Maar ik hoop dat u voor deze vrouw een uitzondering wilt maken, ze is er vreselijk aan toe. ’ Met luide stem zei je: ‘Nee, onmogelijk.’
Dat herinner ik me. Ik was er niet toe in staat, gezien mijn eigen situatie.

Ik dacht, hoe krijgt-ie het over z’n lippen en op die toon.
‘Luister es, je moet me niet opzadelen met de plicht mij als een Florence Nightingale te gedragen. Dat is hypocriet. Even schijnheilig als de tekst: hebt Uw naasten lief gelijk Uzelve. Het christelijk geloof is uitermate destructief, elk geloof leidt trouwens tot rampen.’

Jij gelooft in Bhagwan.
‘Dat is geen geloof, dat is herkenning.’

Je stuurde Bhagwan de Engelse vertaling van Wie is van hout. Kreeg een bandje terug waarop Bhagwan vertelt over een psychiater die aan succes ten onder was gegaan!
‘Ja, hij heeft zijn netten voor me uitgezet.’

Schreef hij je terug?
‘Bhagwan schrijft niet zelf. What are you talking about. Dat doet de deur dicht… Bhagwan schrijft nooit, dat doen hoogstens zijn discipelen.’

Hoe ben je veranderd?
‘Ha, ha, Bhagwan heeft een vuurpijl in mijn reet gestoken.’ Gretige mond open, punt van de tong eruit.

Waaruit blijkt dat je veranderd bent?
‘Ik begin hoe langer hoe meer m’n eigen leugens te herkennen, mijn grote harnas.’

Dat is nu oranje.
‘In tegendeel. Daarmee lever ik mezelf uit. Bhagwan eist dat je voor lui loopt, aangeloerd en gewantrouwd. Hij heeft de pest aan oranje. ’t Is een rekel!’

In Amerika komt de grootste commune aller tijden. Een model leefgemeenschap voor de hele planeet. Amerika is er rijp voor.

Je was niet geschokt toen hij naar Amerika was gevlucht?
‘Hij vertrok naar Amerika. Dat was heel verstandig anders hadden ze hem vermoord. Socrates is vergiftigd, Mansoer hebben ze eerst de linkerhand, toen de rechterhand afgesneden, toen de voeten, de ogen uitgestoken, de tong uitgerukt. Verlichten hebben het niet leuk, hoor. En voordat je begint over de grond die Bhagwan kocht in Amerika, al het geld liet hij in India achter maar hij heeft ontzettend rijke discipelen en dus kon hij in Amerika toch veel grond kopen. Daar komt de grootste commune aller tijden. Een model leefgemeenschap voor de hele planeet. Amerika is er rijp voor. Reagan is een kwaad, maar de verlichten marcheren het land binnen.

Als mijn laatste boek Meester antimeester een best-seller zou worden, geef ik al het geld aan Bhagwan. Ik heb nog precies drie duizend gulden op de bank. Deze kamer kost me aan huur drie honderd per maand. Ik leef van een deel van mijn royalties en lezingen. Mijn reizen naar Poona hebben veel gekost. Als ik straks misschien geen boeken meer schrijf zou ik het liefst zingen met Swami Ramses Shaffy. Misschien ook met Freek de Jonge, die man heeft veel in de gaten. Zit ook met de rug tegen de muur. We hebben veel contact. ’

In zijn show noemde hij Bhagwan meneer soebat.
‘Maar in zijn nieuwste show gaat het anders toe. Hij heeft een dialoog met een paalheilige. “Kom eraf,” zegt hij. “Dat verdom ik, kom jij maar boven,” is het antwoord. Duidelijk nietwaar! Hij is nog niet in het oranje en je moet dat ook niet suggereren, want dan smijten ze hem op de brandstapel. Anton Constandse heeft de gaskraan al open gezet.’

Pakt een bandrecorder. Even later schiet de hogeneusstem van Constandse de kamer in. ‘Het zal niet veel Nederlanders zijn opgevallen dat de Indiër Krishnamurti weer in ons land is geweest en dat hij lezingen heeft gegeven voor aanhangers en belangstellenden. In een tijd dat een andere Indiër, de vermaarde Bhagwan wiens discipelen in het oranje gekleed gaan, als miljonair met de noorderzon is verdwenen naar Noord-Amerika, wekt zoiets wel belangstelling,’ enzovoort.

Terwijl het bloed naar z’n hoofd stijgt brengt hij de stem tot zwijgen, grimmig mompelend dat Constandse verklaarde dat de oranjeklanten geen medelijden verdienen. ‘Ik zal je voorlezen wat ik heb geantwoord.’: ‘Toen ik u zo hoorde praten, zo kortzichtig en insinuerend kwam er ineens een herinnering bij mij boven. Het moeten radiopraatjes geweest zijn, 2500 jaar geleden in Athene. Het volk werd er door opgehitst en ze hebben toen die prachtige mysterie school rond de verlichte geest Pythagoras uitgemoord. Of was het rond Socrates die ook zo’n commune bouwde? Vergis ik mij of heb ik u zien lopen in Jeruzalem. Was u een van die intellectuelen die mede de voedingsbodem schiepen voor de samenwerking tussen de Romeinse politici en de Rabbis. Men heeft toen inderdaad geen medelijden gekend, noch met Jezus noch met zijn “goedgelovigen”. Heb ik uw hand misschien waargenomen aan de brandstapel bij Jeanne d’ Arc. Ik moet u toch ergens van kennen. Ze hebben mij als discipel van Bwagwan met Mussert vergeleken. Wist u dat al die opmerkingen worden gemaakt door “fervente strijders tegen het fascisme.” Deze manipulatie van de publieke opinie via de radio is geen onschuldige zaak, het scheppen van een bepaald klimaat voert later tot meer destructieve acties. Zo werkten Goebbels en Streicher, tussen de eerste en tweede wereldoorlog.’

Je gaat te ver.
‘Je houding verbaast me niet,’ zegt hij honend en stort zich in een stroom van woorden op de Alles is anders show met het ‘oppervlakkig gekibbel van ijdele mediamensen. Nooit worden er belangrijke problemen aangepakt zoals onze crisis die in feit geen economische, politieke crisis is maar een crisis in ons bewustzijn. Als een aantal intelligente Nederlanders zouden kunnen praten over hoe journalisten van Vrij Nederland, Haagse Post en Privé functioneren in deze uiterst kritieke tijd en je zou dat ongecensureerd te horen krijgen zou je opkijken.’

Ik vind de media blokkade van wezenlijke informatie een catastrofale zaak. Journalisten beschouwen nu zich zelf al als nieuws. Dom geleuter, verloederde incrowd.

Je ziet geen verschil tussen Vrij Nederland, Haagse post en Privé?
‘Ik niet, hoor. Of je nu een verhaal leest over het doen en laten van CDA politici of je leest over het liefdeleven van Hedy Lamar, allemaal even dom entertainment, opium. Altijd dezelfde rot onderwerpen. Altijd over de kabinetsformatie, over Van Agt. My God, geen nieuws, geen waarheid. Terwijl we snakken naar waarheid. Ik vind de mediablokkade van wezenlijke informatie een catastrofale zaak. Journalisten beschouwen nu zichzelf al als nieuws. Dom geleuter, verloederde incrowd. De goeie journalisten zijn ontslagen of aan de drank, enkele uitzonderingen daargelaten. R. is bij de Volkskrant weg. Had nog enig licht in de grijze hersencellen, maar kon zich blijkbaar in de Volkskrant-maffia niet handhaven.

Als je niet via Willem Oltmans had laten weten dat je door mij geïnterviewd wou worden, zat ik hier niet.
‘Kom nou, ’t was een idee van Oltmans toen ik hem bij toeval ontmoette. Ik dacht dat jij alleen het soort mensen als Albeda en Swarttouw nam. Ik moet nog afwachten of Vrij Nederland dit interview afdrukt.’

Neem dat maar gauw terug.
‘Goed, ik zei het om te provoceren. Jij bent niet de enige die dat kan.’ In bijtend tempo over zijn slechte ervaringen. ‘Op Ben Bos en Emmy van Overeem na, heeft niemand geschreven over de zaak waar het om gaat. Altijd over seks, horigheid, slavenmoraal, decadentie, zweefjurken.’

Je lijkt niet veel gelukkiger dan vroeger.
‘Geluk is voor lollyzuigers. Ik word intelligenter, helderder. Daardoor zie ik ook de smartelijkheden en wreedheden scherper, en de dreigende verwoesting van de planeet. Die Hollanditus richt niks uit. Wat we nodig hebben is Bhagwanditus: radicale bewustzijnsverandering. Gek het bewustzijnsniveau is niet zo laag in dit krankzinnige land maar er zijn geen pieken. Welnee, ik ben geen piek. Ik ruik aan de pieken, drink ze in. Kledder, bam bam. Ik geef berichten door. Ik ben de kleine jongen met de blikken trommel van Günther Grass.

Ik trommel, ik trommel opdat er geluisterd wordt naar die paar levende spirituele meesters, Bhagwan, Da Free John, die zit in Amerika en Krishnamurti. Ze zeggen alle drie: “Wake up. Lazarus kom je graf uit.” Die vredesdemonstratie is een afleidings manoeuvre uit wanhoop geboren. Mient Jan Faber heeft Bhagwan nooit ontmoet. En die ontmoeting is noodzakelijk want er is een echte revolutie nodig van vblwassen religiositeit. Als ze bij het Ikon een paar van de vijftig videotapes van Bhagwan of Krisnamurti zouden uitzenden had je binnen twee maanden een echte revolutie. Minstens een paar honderdduizend mensen zijn ervoor klaar. De rest slaapt en demonstreert uit wanhoop. Ik heb altijd PvdA gestemd, ik hoop dat de politici gaan beseffen dat een bewustzijnsrevolutie noodzakelijk is. Bij D’66 zitten een paar heldere mensen. Glastra van Loon bijvoorbeeld en Terlouw daar gaat iets geks van uit. Hem heb ik steeds mijn boeken toegestuurd.’

Hoe dacht je dat dat ging, zo’n bewustzijnsrevolutie.
‘Een aantal verlichte meesters moeten voor de ontploffing zorgen. Stel dat er vijfduizend verlichten zijn die kunnen voor het nodige tegengif zorgen.’ En daarna geen politieke partijen, geen regering. Misschien alleen in de overgangsfase, een pragmatische, D’66-achtige regering.’

Stel dat jij gevraagd werd voor het Nederlandse departement van Defensie.
‘Nederland bestaat niet. The word is not the thing. We zijn woorden gaan geloven.’

Zou je hoofdredacteur willen zijn van een krant.
‘Nu? In deze maffia. Oh, come on!’

Je zit vol wantrouwen maar Bhagwan wijst de goeie weg. Hoe weet je dat zo zeker?
‘Er is iets gebeurd. In Poona, in de tuin. Ik wil er niet over praten.’

Een hersenspoeling?
‘Inderdaad, de leugen spoelde weg. Nee, er moet een andere sfeer zijn, ik kan er niet over praten. Voordat je dit overkwam in de tuin was je actief in een groep waarin de grenzen rond seksuele gewelddadigheid, woede werden doorbroken. Men ging op zoek naar de killer in zich zelf. De encountergroep, heel belangrijk. Seks en gewelddadigheid zijn de onderste sporten van de ladder, die naar spiritueel bewustzijn leidt, die mag je niet afzagen.’ Zegt dit dreunend, beide handen voor de mond. De vreemde ogen roerloos starend. ‘Eerst deed je niet mee, je dacht aan je jeugd, je angst voor geweld en ruwheid. Verschrikkelijke ruzies tussen je ouders. De groepsleider zegt: “Als je nu wegloopt kun je meteen wel een eind aan je leven maken. Neem dan die swami mee,” hij wijst dan op een man met een uitgemergeld gezicht, “dan springen jullie maar samen van het dak.” ’

Die opmerking noemde je niet grof of sadistisch.
‘Omdat ik zijn liefde voelde…’

Likken, zoenen, wrijven, orgastische geluiden om me heen. Ik niet nee, ik heb alleen even een schouder gestreeld.

Later als de groepsleden je betast hebben, roep je ‘Ik heb nooit lief gehad, ik zit vol haat’ en kort daarop slaat de algemene agressie om in een orgie.
‘Ongelofelijke explosie, niet te beschrijven. Likken, zoenen, wrijven, orgastische geluiden om me heen. Ik niet nee, ik heb alleen even een schouder gestreeld.’

Je voelde je oud en lelijk, je hoektand breekt af en in razernij wil je een vrouw die je aan je moeder doet denken, wurgen. De vrouwen beschrijf je met valse wreedheid, de mannen wekken je tedere gevoelens. Vooral op Bhagwan ben je geil.
Hij slaat mijn woorden van zich af, heftig gebarend. Knijpt de ogen stijf dicht. ‘De liefde die ik voor Bhagwan voel… het heeft niks te maken met erotische gevoelens.’

‘Je bent krankzinnig op me verliefd,’ zei Bhagwan. Ik was bang dat je gek zou worden. ’ Het is een letterlijk citaat uit Oorspronkelijk gezicht.
‘Ach,’ fluistert hij, de vingertoppen op de lippen, ‘mijn bereidheid het onmogelijke voor hem te doen, daaruit blijkt wel dat er iets waanzinnigs aan de hand is.’

Ben je ooit zo bezeten van iemand geweest?
‘Nee, ik had alleen oppervlakkige affaires met vrouwen. Ik kan me niet binden. Ik meende dat dit niet normaal was. Nu weet ik dat trouwen volslagen waanzinnig is maar ik heb echt lang in de waan geleefd dat ik abnormaal was, totdat ik Bhagwan las en beluisterde. De laatste jaren had ik drie vriendinnen, radeloos liep ik van de een naar de ander.

Jaren lang in analyse geweest. Behoefte aan warmte, vriendschap. Voor sommige mannen heb ik diepe platonische liefde gevoeld. De eerste keer dat ik bij Bhagwan was… Ik liep naar hem toe.

Hij droeg z’n witte zijden mantel, hij zei: “Je bent dus eindelijk gekomen.” Ik voelde zijn blik op mij rusten. Donkere ogen, vuur, translucent darkness. Ik schoot in een bulderende lach. Ongelofelijk helemaal van pffft. Ja, een soort orgasme. Ik heb er nooit eerder op die manier aan gedacht. En toen — ik geloof dat ik gehuild heb.’ Tranen rollen over z’n wangen in z’n baard. ‘Even een plasje doen.’ Staat op, stapt naar de deur, veerkrachtig de knieën heffend.

Even later: Waarom loop je zo verend?
‘Ik heb het bewustzijn op de voetzolen gericht. Als Bhagwan loopt is het of hij zweeft. ’

Mis je je vak niet?
‘Ik ben bezig met mijn vak, begrijp je dat dan niet. Ik geef de waarheid van Bhagwan door. Jung heeft het contact met Ramana Maharshi niet aangedurfd. Hij scheet in z’n broek van angst voor deze verlichte meester. Het was geen moed van mij, ik kon het gewoon niet laten na zeven jaar ellende. Ik was op weg alcoholist te worden. Die ijzige stilte van mijn vakbroeders, de cynische afstandelijkheid van journalisten, de stromen wanhopige brieven. Ik ging me steeds meer vastklampen aan materiële dingen. Kocht een groot huis in Eemnes, lederen bankstel, een zeilboot. Ik woonde daar met een jongere vriend, Kees. Hij zou me leren zeilen. Ik vergat belasting te betalen, begon een privé-praktijk. Dat ging niet goed, ik was er niet toe in staat.’

Broer Bob

Volgens je analyticus projecteerde je angst en agressie uit je jeugd op de buitenwereld. In Poona verlangde je naar een sterke broer.
‘Mijn broer Bob was vroeger degeen die mij beschermde. Een jongen van stavast, populair bij meisjes. Ik was schuw, onhandig. Op de HBS werd ik ontzettend gepest met mijn kippeborst. Wat heb je daar, riepen ze.’ Gaat staan, laat de bovenkant van z’n borst onrustbarend zwellen. Loopt licht verend naar het raam en terug. Gaat nogal stram zitten.

Ik dank mijn gedrevenheid vooral aan Bhagwan. Ik weet dat ik nog lang niet verlicht ben, een meester kan je niet verlicht maken maar hij schept de condities.

‘Ik had mijn broer uit Poona geschreven om hem te waarschuwen. Hij schreef terug dat zijn vrouw en hij ontroerd door mijn beslissing van alles afstand te doen, zoals Bhagwan wilde, besloten mij hun huis aan te bieden. Maar toen ik terug kwam in het oranje, mala om de hals, waren er allerlei bezwaren. Jullie zijn net koeien, riep ik, ’t kwijl loopt uit de mond, zo kijken jullie me aan. Ze waren nogal beduusd. Maar Bob zit nu in zijn auto naar bandjes van Krishnamurti te luisteren. Ze beginnen te begrijpen waar het om gaat.’

Er is weer een nieuwe Christus opgestaan.
‘Interesseert me niet. Christus was altijd al op aarde. Ik dank mijn gedrevenheid vooral aan Bhagwan. Ik weet dat ik nog lang niet verlicht ben, een meester kan je niet verlicht maken maar hij schept de condities.’

Ook deze condities: ‘Iedere keer als een van de vrouwen uit de hoek probeert te komen, sla ik ze er in terug. Karima sleur ik aan d ’er haren de kamer uit. Mijn leven lang heb ik de rol van de begrijpende gespeeld, eerst als kind, later als therapeut. Nooit eens godverdomme dat neem ik niet. Eva sla ik in het gezicht.’
‘Ik heb een hekel aan die verhalen.’

Ik citeer letterlijk uit Oorspronkelijk gezicht.
‘Maar er werd de laatste tijd al niet meer aan lijfelijke gewelddadigheid gedaan, alleen verbale. En ’t was ook nooit zo erg als wel beweerd werd, er zijn nooit botten gebroken. My God, de ruzies thuis waarin je als kind werd betrokken. Ik was tóén al het jongetje met de trommel. Ik trommelde, trommelde terwijl ik alles wat er gebeurde in mij opnam met een mengeling van compassie, wreedheid, angst, bevreemding. Ik was volwassener dan mijn ouders. Mijn moeder leek op Mariene Dietrich, hield het meest van mijn broer. Ach, je bent een baarmoeder in gefloept. Ik stak niet in haar slot. Ze was vervuld van een onbevredigd verlangen. She was not there. Alles wat in Poona gebeurde was noodzakelijk. Het etter moet eruit. Blokkeringen moeten worden opgeruimd. We zitten allemaal met seksangst. Homoseksualiteit is ook een gevolg van seksangst.’

Geloof je dat echt? Hoe noemde Freud homoseksualiteit ook weer? Een afwijking?
‘Ik begrijp dat je dit een ongelukkige opmerking van Freud vindt,’ zegt hij koel, ‘maar ik weet nergens van. Mijn boeken heb ik verkocht, ik weet niets meer. Dat is de hoogste vrijheid. Kennis is destructief, versluiert het bewustzijn. Universiteiten zijn het bolwerk van bewustzijnsvernietiging. Kijk naar mij. En ik heb nog de mazzel gehad dat ik een beetje licht in een paar grijze hersencellen had. Zullen we nu maar ’s stoppen?’

Fragment uit een brief die hij de dag daarna schreef en verstuurde: ‘Ben verbluft hoe snel ik in die stress van geobserveerd-worden in de verdediging zat, hoe wantrouwend ook. Door het rigoureus ontbreken van feedback was vooral de jeugdhomo-erotische liefde van Bhagwan en Krishnamurti een hoogtepunt van defensie bij me. Moet daar echt naar kijken. Wat een angst nog voor genot. De angst zat bij de gewone schoonheid van de homo-erotische, kortom Eros-thrilling In de verliefdheid op Bhagwan en Krishnamurti. Moet toch eens in een tantragroep door die gekke erosangst heen. Hoe diep hebben we geleden onder het verbod op het lichaam. Niet in één leven maar in talloze. Heb er echt later om moeten huilen, love Amrito.’

Als we enige tijd later weer tegenover elkaar zitten, in dezelfde kamer, zegt hij vrolijk: ‘Ik schrok van mijn reactie op je vraag, omdat ik het mooiste wat er is verloochende. Ik schrok omdat jij mij de spiegel voorhield. Ik dacht moralistisch, alsof erotiek tussen mannen slecht zou zijn.’

Maar even later steekt de storm in z’n stem weer op. ‘Schei alsjeblieft uit over feministen. Verschrikkelijk dat vrouwen zich zelf slingeren in een strijd om de macht. Deze maatschappij heeft juist vervrouwelijking, tederheid nodig. De gelijkberechtiging is juist, maar het enige resultaat nü zal zijn dat de mannelijke agressie het wint. Ik heb Joke Smit op de televisie gezien. Uitermate ontroerend, indrukwekkend. Ik heb er groot respect voor dat ze in haar laatste bericht niet over haar ziekte zat te lullen. Maar dat dogmatische ideaal is catastrofaal. Bhagwan zegt de man moet vrouwelijk, een baarmoeder worden. Bhagwan heeft de penis van zijn licht diep in mij gestoken. Hij plaatste alle vrouwen aan de top want de vrouw staat het dichtst bij God.’

Zegt Bhagwan dat of jij?
‘Als ik wat zeg, zegt hij het.’

Gevaarlijke gehoorzaamheid.
‘Nee overgave. Weet je dat de overgave van negenennegentig procent van de mannen aan Bhagwan intellectueel is, slechts een procent gaf zich helemaal. Bij de vrouwen is dat net andersom. Er waren in Poona feministen en lesbische feministen die ineens in de (Ingezonden mededeling) gaten hadden hoe ze zich zelf aan het vernielen waren.

Ach begin nou niet weer over de armoede in India. Daarmee komt links altijd aan. Armoede is een vloek. Mensen die niet te vreten hebben kan je niet bij Bhagwan op schoot zetten. Links voert een hetze. Links is altijd tegen innerlijke revolutie geweest. Maar ze zitten nu zelf met de rug tegen de muur. Dit is geen sociaal-politieke beweging. Hardnekkig misverstand. Net als die verhalen over suïcides in Poona. Vergeten wordt dat het grootste deel van de bevolking van Amerika sulcidal is. Natuurlijk, in Poona waren ook mensen in despair. Dat vind ik prachtig. Mensen die niet wanhopen zijn ziek. Wij dienen in despair te zijn. Maar Bhagwan biedt wel een alternatief.’

Uit je boeken komt hij op mij over als een demonische uitbuiter.
‘Wat is het verschil tussen duivel en god. Ik kan niemand duidelijk maken wat ik voor hem voel. Ik besef best dat algehele overgave het gevaarlijkste is wat je kunt doen. Wat is het verschil tussen een krankzinnige en een mysticus? Zou het kunnen zijn dat een mysticus naar boven valt, waarop hij wordt gekruisigd. Al of niet door het soscomité verontruste ouders, of Anton Constandse. Misschien stuur ik dat stukje over zijn VPRO praatje naar De Nieuwe Linie. Gerard van den Boomen was erg geboeid door mijn Meester antimeester. Als hij verstandig was, maakt hij van De Nieuwe Linie een radicaal bewustzijnsrevolutionair blad. Nu maken ze de toer van de actiegroepen, dat soort flauwekul.

Van den Boomen voelt wel al nattigheid. Hij is Bhagwan aan het lezen. Je noemde mij gevaarlijk, dat ben ik ook omdat ik anderen probeer te besmetten met denkbeelden van verlichten. In Leuven waren alle zalen voor mij verboden, De discipelen van Bhagwan moeten in België in loopgraven zitten. Hier gaan ze nog vrijuit. Mijn vriendin, die discipel is, geeft les op een antroposofische school. Ze is erg goed, creatief. Ik ben blij dat ze niet gediscrimineerd wordt. Ik zou het liefst willen zingen, optreden met swami Ramses. Wij lijken op elkaar. Als we samen zijn, spatten de vonken eraf. Als ik niet zo’n totale bourgeois was geweest, was ik zanger geworden of acteur. Toneelspelen is in mijn studententijd mijn redding geweest. Caro van Eyck die ons regisseerde zei: “Je hebt ongewoon veel talent.” Ik zat in het corps, ja, ontgroend en al. Ik heb Geertsema over me heen gehad. Ontzettend, verbijsterend, gillend krankzinnig. Ik liep met een wandelstokje. Probeerde me aan te passen. Ramses heeft twee nieuwe liedjes geschreven, de koude rillingen lopen over je rug als hij ze zingt. Bhagwan had ze liever luchtiger gehad. Hij houdt van grappen. Vertelt ze, op de band hoor je hem lachen, chucl, chucl. Jezus heeft ook veel gelachen. Een avonturier, Jezus, een feestende, juichende man. Ook homo-seksueel grapt Bhagwan: “He had twelve boys.” ’

Toon Hermans is interessanter omdat hij een eigenaardige, mystieke invloed heeft.

Braaksel

Je was verslaafd aan werken en gek op misère. Het zweet brak je uit bij de gedachte dat je al die tragiek moest laten vallen.
‘Tragiek genoeg hoor. Als ik Bhagwan niet had herkend, was ik geen getroebleerd psychiater geworden. Jazeker, psychiater getroebleerd, in de verloedering geraakt, zoekt geborgenheid. Met die kreten is Oorspronkelijk gezicht in de grond geboord. Een groot deel van de literatuur vind ik braaksel. W.F. Hermans, die onkunst lees ik niet. Toon Hermans is interessanter omdat hij een eigenaardige, mystieke invloed heeft. Schrijft de ene best-seller na de ander. Zegt wijzere dingen dan de hele psychiatrie bij elkaar.

Mijn grootvader was directeur bij de Koninklijke Lloyd, drager van de De Ruytermedaille. Een havenbaron, een echte, belangrijker dan Swarttouw. Mijn vader, een lieve warme man die goed kon zingen, Maurice Chevalier imiteerde, liep het allemaal tegen. Na zijn dood kon ik door zijn zuster studeren. Professor Holmer, gynaecoloog, beheerde het geld, elke maand moest ik het bij hem halen. Dat slingerde hij voor me neer, een vernederende situatie. ’t Was zijn manier om z’n wantrouwen in mij te uiten, vanwegen de goklust van mijn vader.

Ik heb altijd arts willen worden, maar toen ik het was, had er geen zin in en ben psychiatrie gaan studeren. Ik voelde meer voor gestoorde mensen. Omdat ik zelf een verschrikkelijke jeugd had gehad, verdiepte ik me daarin. Ik was het eens met Laing die schreef: “Schizofrenen hebben ons iets te zeggen, het is de spiegel waar wij in kijken.” Ik had het gevoel dat ik naar hen moest luisteren en ik merkte dat ik hen begreep. Schizofrenie gold toen nog volstrekt als een organische ziekte. Ik las wat Laing hierover schreef en dat sprak me erg aan.

Met Tas en mijn vriend en collega John Waage had ik een goed contact, maar ik wilde naar Amerika naar de beroemde Chestnut Lodge waaraan groten uit het vak verbonden waren, Frieda Fromm-Reichmann, Rosen, Sullivan. Ik schreef op m’n eigen houtje naar de directeur en toen hij naar Europa kwam, ontmoetten we elkaar in Parijs. We hebben gepraat, ik liet artikelen zien die ik had geschreven en toen ik zei dat ik helaas afscheid moest nemen en geen geld had om naar Amerika te gaan, was het antwoord: “You’ve got a job.” Ik kon daar werken als psychiater.’

Schoonwassen

Vrij kort na je vertrek is de jongen, waarover je in Wie is van hout aangrijpend schreef gestorven.
‘Ja, hij had zeep ingeslikt. Hij wou zich van binnen schoonwassen en is in de zeep gestikt. In overleg met zijn moeder heb ik dat uit het boek gehouden. Nee laat me uitpraten… Walter was inderdaad een schuilnaam, maar hij bleek toch te herkenbaar…’

Ik wou zo ontzettend graag naar Chestnut Lodge, had er ook behoefte aan, ik wilde van de grote vakbroeders horen: “Jan, you are right.”

Je voelde je van het eerste ogenblik dat je hem zag, in 1958, verantwoordelijk voor hem?
‘Nee, ’t was een herkenning. Ik zag die jongen die net zo min als ik een vent van stavast was… Totaal in zich zelf opgesloten. Hij lag in bed, z’n hoofd in het verband, was al zes keer behandeld met shocks. Nu had hij zich rechtstandig op de vloer laten vallen, had zich zelf de zevende shock gegeven. Ik boog me over hem heen, toen fluisterde hij: “Ik zit zo in de jungle, haal me eruit. ” Ik vroeg of met de shocks mocht worden gestopt en dat is gebeurd, wat toen heel bijzonder was. Ik ben elke dag naar hem toegegaan, heb naar hem geluisterd… In dat kleine kamertje van paviljoen 3, te midden van de wittejassenpsychiatrie. Geen pillen, alleen aandacht, begrip, liefde. Een keer zei een toenmalige professor: “Zeg Foudraine, je moet hier niet de grote Rosen uithangen hoor.” Ik was toen nog erg bang en zei alleen maar: “Nee professor.” Drieënhalf jaar, iedere dag therapie, wat eigenlijk niet mocht maar ze hebben mij er nooit uitgesodemieterd.’

Je ging naar Amerika.
‘Ja.’

Je hoorde dat hij dood was?
‘Ik kreeg een angstaanval. Ik had Walter overgedragen aan mijn vriend John Waage. Ik wou zo ontzettend graag naar Chestnut Lodge, had er ook behoefte aan, ik wilde van de grote vakbroeders horen: “Jan, you are right.” John Waage raadde me aan te gaan: “Follow your star.” Ik was trouwens niet tegen te houden, al vond ik de beslissing Walter los te laten verschrikkelijk. De beroemde Zürichse psychotherapeut Beneddetto schreef al: “Einen Schizofrenen verlassen ist einen toten.” ‘

Heerma van Voss raadde je destijds aan om die stellige ontkenning dat het geen zelfmoord was af te zwakken in je boek. En ook om ‘stompzinnig ongeluk’ te veranderen in ‘ongeluk’. Je was het daarmee eens maar toen de volgende en dertiende druk uitkwam, bleek dat je het hele ongeluk had geschrapt. Het leek of met Walter alles goed bleef gaan. Heerma van Voss schreef daarover in Propria Cures. Zou je zo iets nu weer kunnen doen?
‘Ik had het niet moeten schrappen. Ik heb je al eerder gezegd dat ik sinds Bhagwan mijn eigen leugens duidelijk zie.’
Zegt het langzaam, de ogen dicht.
‘Weetje wat mij opvalt? Mijn koeriersfunctie in m’n leven. Als jongetje met de blikken trommel, begon ik al als kind. Ik was erg vroeg diep getroffen door de tragiek van m’n ouders, ik voelde een mengeling van compassie, vergeldingsdrang, verontwaardiging. Toen kwam de afkeer van de Wein, Weib und Gesang-sfeer van corpstudenten, ik ging trommelen voor de mensen die het meest verlaten zijn, schizofrenen. Dat hun situatie een gevolg was van onze samenleving was toen een taboe. Nu trommel ik voor een nog groter taboe: bewustzijnsverandering, het oplossen van het ego. In Meester antimeester heb ik als koerier ook gedachten van Krishnamurti genoteerd.’

Hij zei dat je boeken en de propaganda voor Bhagwan, het aansporen van mensen om er heen te gaan tot rampzalige situaties zou leiden. Noemde de ashram een concentratiekamp en Bhagwan een verlichte dictator. Veroordeelde de afhankelijkheid, bespotte de oranje kleren, de mala enzovoort.
‘Krishnamurti wil geen meester zijn en wijst ook het discipelschap af, maar hij laat zo wel miljoenen mensen compromisloos in de kou staan. Ik heb in Saanen, waar Krishnamurti sprak, Guus Hermus ontmoet, die al jaren naar die lezingen gaat. “Hij geeft me geen opstapje,” zei Hermus, “hij slaat alles weg. Ik kon niet verder.” Hij is Bhagwan gaan lezen. Onlangs heeft Helmut Schmidt gewaarschuwd tegen de groeiende invloed van Bhagwan. Dat heeft Krishnamurti in al die jaren nooit bereikt, die staat nog altijd in z’n eentje op de zeepkist.’

Het gezin zal in de commune van Bhagwan niet voorkomen. Gezinnen zijn destructief. In de psychiatrische inrichtingen heb ik de gevolgen gezien.

Wist je dat Amnesty International zich nu ook gaat inzetten voor kinderen in communes, omdat ze totaal overgeleverd zijn? Als ze daarin geboren werden en dus niet zijn aangegeven, kunnen ze worden vermoord en begraven zonder dat er een haan naar kraait. Dat schijnt geregeld te gebeuren.
‘Je hebt het nu over sekten, Jonestown en dergelijke monsterlijkheden. Ik ben geen lid van de Bhagwan-beweging, het enige wat mij met de oranjeklanten bindt is mijn liefde voor Bhagwan. Maar wat dacht je van de kinderen in onze samenleving, na de eerste klap op de billen worden ze op alle mogelijke manieren vernietigd. Door opvoeding, door het gezin. Het gezin zal in de commune van Bhagwan niet voorkomen. Gezinnen zijn destructief. In de psychiatrische inrichtingen heb ik de gevolgen gezien. My God, al die slachtoffers. En ik sluit de mannen met de aktentassen, de witgepleisterde graven niet uit.’

Was je nooit bang gek te worden?
‘Natuurlijk wel. Krankzinnigheidsangst. Het is een zeer aangrijpend vak. Ik heb me erin geslingerd. Ik heb me ingeleefd in patiënten, in paviljoen 3 waren John Waage en ik al hevig bezig. Maar ik vooral in Amerika. Ik heb met ze gezongen. Mijn collega’s daar zeiden: “Jezus, Froudraine is weer aan de gang.” Ik deed alles. Er was een meisje dat vijf jaar lang had gezwegen. Met dat meisje heb ik gezongen dat ik haar begreep. Ze zat in een cel, het haar afgeschoren, ze bevuilde haar kleren. Ik deed of ik haar een brief schreef, imiteerde de post die de brief bracht, speelde dat ik op antwoord wachtte. Na drie jaar zei ze: “Dokter Foudraine…”

Wat bleek? Ze was stom geworden door het verbaal geweld van haar moeder. Later heb ik de moeder ontmoet, ik werd meteen stom. Je bent twintig jaar bezig, voortdurend blootgesteld aan agressie. Natuurlijk ken ik die angst voor krankzinnigheid. Je identificeert je met hen, je past je aan bij hun niveau. Nu wordt er gezegd: “Foudraine is geen psychiater meer.” Maar ik zit toch verdomme in mijn vak. Zijn deze drie boeken die ik schreef dan niet mijn vak? Ze begrijpen er geen moer van, ze willen niet begrijpen dat ik het heb over de schizofrenie van de mensheid.

Er is nu die andere angst,’ zegt hij, voor het eerst weer met een acteursstem, ‘de angst uit je mind te slippen. Als de meditatie zo diep is…, dat je geest geen enkel geluid meer geeft.’ Gaat naar de kast, komt terug met een kistje. Opent het voorzichtig. Ik zie glanzende, witte zijde. ‘De laatste keer dat ik bij Bhagwan was, hoorde ik hem opeens zeggen: “Take the robe.”’ Sluit het kistje, bergt het weg.

De volgende morgen ontvang ik een brief: ‘Lieve Bibeb, wees erg voorzichtig met dat “tonen van de witte mantel”. De ervaring in de tuin was geen hallucinatie, er waren geen stemmen, ik voelde me opeens een met alles wat me omringde. Het was of er een deur in mij openging en ik werd opgenomen in die zee van liefde. Ik wil me niet met je zaken bemoeien hoor maar wat vind je van deze kop: “Hij kwam bij me naar binnen als een penis van licht’?’

Tranen

Zondagavond, na de vredesdemonstratie, belde ik hem op. ‘Ja, ik heb alles gezien,’ zei hij, ‘op de televisie. Ik vond het toch heel indrukwekkend, de tranen kwamen in m’n ogen. Die demonstratie is een afleidingsmanoeuvre uit wanhoop geboren maar de groeiende wanhoop zou een voedingsbodem kunnen zijn voor een aantal mensen bij wie niet al het licht in de grijze hersencellen is aangetast, zodat ze gaan luisteren naar de levende meesters. Maar de meesten weten niet waarom het gaat.’

Maandag meldde hij dat hij Freek de Jonge een brief schreef over de demonstratie. In zijn stem steekt de storm op. ‘Hoeveel van die demonstranten zouden beseffen: Ik ben de kruisraket. Wij zijn die agressie al duizenden jaren, die robotachtige zijnswijze. Deze demonstratie is wanhoop en opium. Mient-Jan Faber opium, Marga Klompé opium, allemaal opium. We gaan eraan als we niet luisteren naar Bhagwan, Krishnamurti, Da Free John, die geen opium zijn. Alleen bewustzijnsverandering kan kruisraketten tegenhouden.’ En na een lange stilte op een toon, die als hij zwijgt in m’n oren blijft gegrift: ‘Ik ben de kruisraket, ik ben Reagan, ik ben Breznjev. The ego is violence. ’

Je hebt deze maand drie artikelen gratis kunnen lezen. Verder lezen? Sluit je nu aan.
Je hebt deze maand drie artikelen gratis kunnen lezen. Verder lezen? Sluit je nu aan.
Vrij Nederland publiceert elke dag één artikel dat er echt toe doet.
Vrij Nederland publiceert elke dag één artikel dat er echt toe doet.
Lees minder. Blijf vrij van geest.
Eén verhaal per dag dat je verrijkt en tot verder nadenken stemt
Van longread tot video, van podcast tot column
Over macht, cultuur en toekomst
Naar je toegestuurd via e-mail of WhatsApp