Zaterdag 21 april zes uur ‘s middags. In het diepblauwe water van de Middellandse Zee voltrekt zich een drama. Een overvolle rubberboot met honderd mensen aan boord dobbert al uren op de golven. Onder hen een zwangere vrouw, twee baby’s en enkele kinderen. Zodra een patrouilleboot van de Libische kustwacht nadert, springen vluchtelingen in paniek uit de rubberboot de zee in. ‘No Libya, no Libya,’ schreeuwen ze. Libië, het land waar ze tegen een hoge prijs wisten weg te komen.
In de lucht een helikopter van de Italiaanse kustwacht. Rond de rubberboot cirkelen twee speedboten van de organisatie Sea Watch, die hulp geven aan vluchtelingen en op de Middellandse Zee patrouilleren. Vrijwilligers hebben net zwemvesten uitgedeeld aan alle inzittenden van de rubberboot.
De Libische kustwacht aan de ene kant, de Sea Watch aan de andere kant, de vluchtelingen in het midden, wat nu? Wie neemt de uitgeputte groep mensen aan boord? Lonkt Europa of dreigt een pullback naar de Libische hel?
De rubberen boot gespot
Eerder die middag komt bij het reddingscoördinatiecentrum in Rome om drie uur een melding binnen. Vanuit de lucht is de rubberen boot met vluchtelingen gespot op zestig zeemijl (ruim honderd kilometer) boven de Libische kust. Dit bootje is in internationale wateren zeker niet zeewaardig, het dichtstbijzijnde schip wordt daarom gevraagd om poolshoogte te nemen. De vluchtelingen hebben geluk want dat is de Sea Watch 3, ruim twintig mijl verderop. Daar besluiten ze onmiddellijk om twee speedboten vooruit te sturen om snel ter plaatse te zijn met reddingsvesten. Het moederschip Sea Watch 3 vaart onder Nederlandse vlag, met aan boord een internationale bemanning van vrijwilligers. Ook zijn er verslaggevers van de Italiaanse tv-zender RAI mee.
Mensen sprongen in paniek overboord. Tenminste twintig migranten onder wie twee kinderen kwamen om het leven.
De Sea Watch 3 kwam vorig jaar november wereldwijd in het nieuws toen er voor de Libische kust in internationale wateren een reddingsoperatie plaats vond, en de Libische kustwacht tussenbeide kwam om vluchtelingen mee terug te nemen. De kustwacht voer over de achterkant van de rubberboot, sloeg aan boord gehaalde migranten. Mensen sprongen in paniek overboord. Tenminste twintig migranten, onder wie twee kinderen kwamen om het leven.
Uiteindelijk namen de Libiërs tientallen mensen mee terug en verlieten zij op hoge snelheid het toneel, terwijl er nog een vluchteling aan hun boot hing. Een Italiaanse helikopter probeerde de Libische patrouilleboot tevergeefs te stoppen. Sea Watch slaagde er toen in 58 mensen aan boord te nemen. Zeventien van hen zijn eisers in de zaak die nu aan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens wordt voorgelegd.
De huidige missie is de 34ste die Sea Watch ten noorden van Libië uitvoert. Terwijl Sea Watch nog onderweg is, belt het Italiaanse coördinatiecentrum opnieuw. Nu met de mededeling dat de Libische kustwacht er met hun patrouilleboot Sabratha aankomt en dat zij de leiding nemen. Sea Watch moet wel naar de locatie varen, maar aldaar verdere instructies afwachten.

‘Blijf weg’
Dat de Libische kustwacht met een boot die ongeschikt is voor reddingen ver in internationale wateren de leiding wil nemen over een zaak waar ze zelf als laatste zullen aankomen is al dubieus. Maar wie coördineert de hulpactie vanaf de wal? In Libië is geen officieel erkend reddingscoördinatiecentrum. Dus aan wie wil Rome de coördinatie en verantwoordelijkheid overdragen? De kapitein van de Sea Watch 3 krijgt geen antwoord. De speedboten van Sea Watch hebben de rubberboot na een kleine twee uur gevonden. De patrouilleboot uit Tripoli is dan nog nergens te bekennen.
Ondertussen verzoekt Rome de kapitein van de Sea Watch 3 om contact op te nemen met de Libiërs. Sea Watch roept de Libische kustwacht op via de maritieme VHF radio, maar krijgt geen reactie. Totdat enkele minuten later een telefoontje binnenkomt van iemand die zich ‘Commander of the sea’ noemt. ‘Blijf weg, houd acht zeemijl afstand,’ is de instructie. Dat ‘acht mijl’-bevel lijkt standaard geworden wanneer de Libische kustwacht weet heeft van een boot in nood. Ook in de voorgaande weken kregen Sea Watch en andere ngo’s dit te horen. Geen pottenkijkers, lijkt het devies.
Opvallend: op de display van de telefoon is te zien dat de landcode van het binnenkomende telefoontje begint met 0039: Italië. Belt de ‘Commander of the sea’ van het Italiaanse marineschip dat in Tripoli ligt om de Libische kustwacht te helpen met coördinatie en communicatie?
Aangekomen bij de rubberboot overziet de bemanning van de speedboten de situatie. De boot is overbelast en inzittenden hebben geen reddingsvesten. Een arts constateert dat sommige mensen medische hulp nodig hebben. Er zijn nog steeds geen andere vaartuigen – dus ook geen Libische – in de buurt, blijkt uit radarbeelden.
Volgens het zeerecht heeft elke zeevarende de plicht om schepen in nood te assisteren.
Volgens het zeerecht heeft elke zeevarende de plicht om schepen in nood te assisteren. In plaats van acht mijl afstand te houden zoals de anonieme ‘Commander of the sea’ verordonneerde, varen de speedboten naar de rubberboot en deelt de bemanning reddingsvesten uit aan alle inzittenden.
Een half uur later belt Rome weer: patrouilleboot Sabratha uit Libië is tot twintig zeemijl van de locatie genaderd en dus nu echt in aantocht. Even later roept de zogenaamde Libische kustwacht de Sea Watch 3 aan en herhaalt weer dat ze acht mijl afstand moeten houden. De Duitse Pia Klemp (34), de kapitein van de Sea Watch 3, legt uit dat dit niet gaat: de rubberboot is duidelijk in nood. Er zijn levens in gevaar en geen andere vaartuigen in de buurt. De kapitein heeft de wettelijke plicht om de migrantenboot bij te staan. Geen antwoord van de Libiërs.

Den Helder, Malta of Spanje
Als de Sabratha uiteindelijk op het toneel verschijnt breekt de paniek uit onder de migranten. In een reportage van RAI is te zien hoe de een na de ander in het water springt en richting de Sea Watch 3 probeert te zwemmen. De Libiërs roepen naar Sea Watch over de VHF radio: ‘Help de mensen in het water!’ De speedboten varen er onmiddellijk naartoe en hijsen ze zo snel mogelijk aan boord. ‘Het was een totaal verwarrende situatie,’ beschrijft speedbootbestuurder Hendrik Simon (42) later in een e-mail. ‘De Libische patrouilleboot, een helikopter erboven, schreeuwende mensen in het water en wij dan daar middenin. Het was duidelijk dat de mensen nog liever verdronken dan terug te gaan naar Libië.’
Ondertussen manoeuvreert de nog altijd overvolle migrantenboot zich langs de zijkant van de Sea Watch 3. De kapitein van de hulpverleners roept de Libische kustwacht herhaaldelijk via de boordradio maar krijgt geen reactie. Totdat de Libiërs enige tijd later aan Sea Watch de opdracht geven dat ze alle personen uit de rubberboot aan boord moet nemen. Eindelijk duidelijkheid.
Het was duidelijk dat de mensen nog liever verdronken dan terug te gaan naar Libië.
Om kwart over acht ’s avonds, vijf uur na het eerste telefoontje uit Rome zijn alle 95 mensen aan boord van de Sea Watch 3. Ze blijken afkomstig uit Eritrea, Soedan, Somalië, Senegal, Ethiopië en Nigeria. Sommigen zijn al meerdere malen van zee teruggehaald naar Libië. De bemanning vraagt een update van het coördinatiecentrum in Rome. Een reddingsoperatie is pas voltooid wanneer alle drenkelingen naar een veilige havenplaats zijn gebracht. Dus hoe moet het nu verder?
Aanvankelijk volgt een lang stilzwijgen. Om half elf ’s avonds komt er een merkwaardig antwoord uit Rome: Sea Watch moet contact opnemen met de eigen vlaggenstaat, Nederland dus. Rome wil blijkbaar dat de kustwacht in Den Helder bedenkt waar de mensen voet op Europese grond zullen zetten.
Een fase van verwarring
‘Abnormaal,’ vindt Violeta Moreno-Lax, hoogleraar aan de Queen Mary Universiteit van Londen en gespecialiseerd in migratie- en vluchtelingenrecht. ‘Het coördinatiecentrum in Rome heeft de regio onder zijn hoede. En is dus ook verantwoordelijk voor de afwikkeling van een reddingsoperatie, tot en met aan land brengen van geredde personen op een veilige plek. Het kan niet zo zijn dat de kapitein maar een beetje moet gaan rondbellen naar andere kustwachtcentra in Den Helder, op Malta of in Spanje.’
De Nederlandse kustwacht focust zich op de Noordzee en niet op de Middellandse Zee, stelt ook directeur Ronald Blok van Kustwacht Nederland. ‘Daarom hebben we na overleg met de ministeries van Infrastructuur en Waterstaat, en Justitie en Veiligheid, het kustwachtcentrum in Rome verzocht deze zaak toch ter hand te nemen.’
Na de chaos op volle zee, breekt zo een nieuwe fase aan van verwarring die een nacht lang duurt. Ondertussen vaart de Sea Watch 3 vast naar het noorden. In de stuurhut komt aan het eind van de volgende ochtend het bericht uit Rome dat het Italiaanse centrum toch de coördinatie op zich neemt. In de namiddag wordt Sea Watch verzocht zijn gasten zelf naar Messina op Sicilië te brengen, op zo’n 36 uur varen. Zo houdt Italië de marineschepen die ook in het gebied zijn (en die veel sneller naar Sicilië heen en weer kunnen varen) vrij om migrantenboten te blijven spotten. En zijn ze tegelijkertijd een paar dagen verlost van de aanwezigheid van een ngo-schip dat roet in het eten kan gooien door pullbacks naar Libië te voorkomen.
In Messina worden de migranten op 23 april overgedragen aan de Italiaanse autoriteiten.
Op steun van andere EU-lidstaten bij de opvang van al deze mensen hoeft Italië nauwelijks te rekenen.
Zo liep het voor de 95 mensen aan boord van deze rubberboot relatief goed af. Niemand verdronk, niemand terug naar Libië. Voor hen begint nu een lange periode van wachten in Italiaanse centra. De zaak is exemplarisch voor hoe de situatie op de Middellandse Zee zich ontwikkelt. Italië heeft steeds minder trek in de migranten. Op steun van andere EU-lidstaten bij de opvang van al deze mensen hoeft Italië nauwelijks te rekenen. Wat rest is proberen te voorkomen dat de migranten en asielzoekers de Italiaanse kust bereiken.
En dus krijgt de Libische kustwacht zo veel mogelijk ruim baan van de Italiaanse autoriteiten, een praktijk die juristen uit verschillende hoeken sterk veroordelen. ‘Het is een gevaarlijke ontwikkeling, het zorgt voor onveiligheid in internationale wateren,’ zegt Judith Sunderland van Human Rights Watch. ‘Italië loopt hiermee het risico dat ze medeplichtig zijn aan extreme mensenrechtenschendingen waar teruggestuurde migranten in Libië aan worden blootgesteld.’
Dat risico van medeplichtigheid geldt mogelijk ook de andere EU-lidstaten. De Europese Unie heeft het optreden van Italië nooit veroordeeld. ‘De Europese boodschap aan Italië over de komst van migranten is: deal with it, en we helpen jullie wel via de achterdeur door steun te geven aan de Libische kustwacht,’ concludeert professor Moreno-Lax. Waarbij overigens volstrekt onduidelijk is wie de Libische kustwacht nou precies is.
In Libië zijn verschillende groepen die zichzelf als de wettige regering van het land zien dus wie controle heeft over de mensen die de schepen van de ‘kustwacht’ bemannen, is de vraag, ‘Dit maakt het lastig ze ter verantwoording te roepen voor misdragingen. Dat zijn onder andere samenspanning met mensensmokkelaars en met milities die detentiecentra runnen waar migranten losgeld moeten betalen. Europa weet niet met wie ze te maken heeft,’ aldus Sunderland.

Vervolgen van vrijwilligers
De laatste maanden is de kans dat vluchtelingen en migranten op zee onderschept worden door een Libisch vaartuig steeds groter geworden. Met dank aan Italië die patrouilleboten heeft verschaft wordt de vloot van de Libische kustwacht steeds omvangrijker. Tegelijkertijd is het aantal reddingsschepen dat door humanitaire organisaties wordt ingezet flink afgenomen: van twaalf in 2017 naar vier dit voorjaar.
De criminalisering, bedreigingen door de Libische kustwacht en vermoedelijk ook de flinke kosten die het met zich meebrengt om een schip in de vaart te houden maken het niet eenvoudig voor humanitaire organisaties om hun werk voort te zetten. Sea Eye en MSF onderbraken hun missies op zee tijdelijk, Save the Children stopte er helemaal mee.
‘Als de schepen van hulporganisaties er niet zijn, zullen opnieuw vele onnodige doden te betreuren zijn.’
Italië is overigens niet de enige buitengrens van Europa waar migranten worden tegengehouden en teruggestuurd en vrijwilligers die hen helpen worden vervolgd. NOS correspondent Lucas Waagmeester berichtte vorige week hoe rond de Evros, de grensrivier tussen Griekenland en Turkije, een goed georganiseerd, illegaal gesleep met migranten plaatsvindt. Op Lesbos is op 7 mei een rechtszaak begonnen tegen drie Spaanse brandweermannen die reddingsacties hebben uitgevoerd en verdacht worden van mensensmokkel.
‘Het weer wordt beter’
‘Criminalisering van hulporganisties die reddingsoperaties op zee uitvoeren is een duidelijke poging om deze reddingen zoveel mogelijk te voorkomen,’ stelt Sunderland van Human Rights Watch. Het plaatst organisaties volgens haar in een onmogelijke positie. Een kapitein is immers wettelijk verplicht op zee mensen in nood bij te staan. Maar hij of zij loopt vervolgens het risico met agressie van de Libische kustwacht of vervolging in Italië te maken te krijgen.
‘Het is nu begin mei, het weer wordt beter, en we zien weer een toename van het aantal bootjes dat de oversteek waagt. Als de schepen van hulporganisaties er niet zijn, zullen opnieuw vele onnodige doden te betreuren zijn,’ zegt ze. ‘De beleidsmakers die ervoor zorgen dat het de hulpverleners steeds moeilijker wordt gemaakt, terwijl Libië aangemoedigd wordt op deze manier in internationale wateren op te treden, moeten dat goed op hun geweten laten inwerken.’
Voor jurist Moreno-Lax is de gang naar de rechter de meest geëigende weg om onrecht en de verantwoordelijkheid van Italië en Europa aan de kaak te stellen. Samen met haar collega Itamar Mann van Global Legal Action Network startte ze een procedure tegen Italië bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg. Door de Libische pullbacks te coördineren en faciliteren is Italië medeverantwoordelijk voor sterfgevallen en mishandeling van migranten, stellen zij. Basis voor deze zaak is bovengenoemde reddingsoperatie van Sea Watch in november vorig jaar waarbij de Libische kustwacht er, anders dan op 21 april, wél in slaagde vluchtelingen terug te brengen naar Libië.
De Europese rechter zal dus uiteindelijk oordelen over de gang van zaken op de Middellandse Zee. Een uitspraak? Die zal nog jaren op zich laten wachten. Moreno-Lax is zich bewust van de beperkingen van de juridische route tegen onrecht. Totdat de rechter deze misstanden veroordeelt, zijn de reddingsschepen het enige obstakel van de Libisch-Europese pullback tandem.‘Het werk van de humanitaire organisaties als levensredders is essentieel. Zonder hen zijn er geen getuigen, geen onafhankelijke waarnemers, kunnen we misstanden niet voorkomen, en zijn we overgeleverd aan de juichende persberichten uit Europa over de samenwerking met Libië.’
Alleen wanneer er schepen als de Sea Watch 3 in de buurt zijn, kunnen we een glimp opvangen van wat er werkelijk op de Middellandse Zee gebeurt.
Over de auteur
Myrthe Verweij is journalist en videomaker, en richt zich met name op milieu, mensenrechten en globalisering.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.