Is het mogelijk om níét van Saul Bellow te houden?

Schrijver Saul Bellow (1915-2005) deed met elke roman een gooi naar het allerhoogste. ‘Bellow was een aardse mysticus en een superieur stilist. Een smakelijk verteller met een zwak voor gehaaide hustlers, waanwijze zwervers en nerdy academici,’ schreef Joost Zwagerman in 2015.


Fotografie Ferdinando Scianna/Magnum/HH

15 tot 19 minuten leestijd

Soul Bellow, noemde Martin Amis hem nu en dan in zijn memoires Experience (2000). Met o-u. Amis wilde ermee benadrukken dat voor hem Saul Bellow een Mensch was, iemand met een groot hart, een ‘wijde’ ziel, groot geweten en een verbluffend rijk uitgerust brein. Bellow liet, aldus Amis, die ziel uitvloeien in al zijn romans, novellen en verhalen. Aan zijn brein ontsproot een zwerm aan – soms wilde – ideeën die neerdaalde in een oeuvre dat, hoewel tot aan de rand gevuld met die ideeën, nergens een cerebrale indruk maakt.