(Wat voorafging: Marente de Moor nam een rokje mee uit een half verbrand huis)

Van het huis komt nooit meer iets terecht. Al brand je het tot de grond toe af, het uitzicht blijft staan. Naar die heuvels staarde een man die langzaam gek werd. Dat uitzicht was voorbehouden aan zijn uitgemoorde gezin, want niemand anders zag het zo, vanuit die hoek. Daarvoor ligt het huis te geĂŻsoleerd. Wat je ook doet met die plek, hun blik dringt zich op. Tenzij je van niets weet, natuurlijk. Toen ik de eerste keer het huis betrad, hingen er vragen in de lucht. De tweede keer waren het uitroeptekens. Zo weinig journalist bleek ik, schijtluis, dat ik niet eens het fotoboek heb meegegrist van tafel. De kiekjes van een gezin aan de rand van de afgrond, wat doe je daarmee? Je denkt te zien dat ze iets vrezen (vader met armoedig brilletje, zoon, veel te ernstig) maar dat is niet zo. Op het moment van afdrukken wisten ze nog van niets.

In het dorp, dat gesloten leek en leeg, klonk alleen mijn motor....