Hoog tijd voor de Van Reybrouck-methode: we zetten alles even stil om met elkaar te onderzoeken wat écht belangrijk is.

Het voelt niet goed om zomaar af te moeten wachten of het nog goed komt met Griekenland. Misschien was het inderdaad een rare zet van Athene om het volk per referendum te raadplegen. Maar nu dat is gebeurd, ben ik me er wel nog pijnlijker van bewust dat ik geen enkele stem heb in wat volgens velen toch een cruciaal moment is – bepalend voor de toekomst van Europa, de euro, de Unie en, als ik sommige analyses mag geloven, zelfs voor geopolitieke verhoudingen (de Chinezen!). Het democratisch tekort van de EU knijpt nu het allerhardst. Ook al wordt deze crisis te elfder ure nog bezworen, ik kan me niet goed voorstellen dat het echt goed komt. Er zijn nieuwe ideeën nodig om uit de impasses te komen. En dat moet maar even niet komen van de murw gebeukte onderhandelaars.

Ik wil geen referendum, want ik zou niet weten waar ik ‘ja’ of ‘nee’ tegen moet zeggen en ik bewaar weinig goede herinneringen aan het vorige.

En, met alle respect, volgens mij wisten de Grieken dat ook niet precies. Liever wil ik de David van Reybrouck-methode beproeven. Wat deze schrijver in België met de G1000 ondernam, verdient navolging. Even heel ruw samengevat: we zetten alles even helemaal stil (de Grieken krijgen een overbruggingskrediet – je moet er wat voor over hebben) en nemen de tijd voor overlegrondes tussen burgers, niet alleen van de landen in de eurozone, maar ook van de EU-lidstaten. Zij moeten in panels de belangrijkste thema’s vaststellen en daar gezamenlijke antwoorden op zoeken, waar parlementen een klap op mogen geven.

Naïef? Vast. Ik begrijp dat de pinautomaten zich niet vanzelf vullen. Maar als de exercities van Van Reybrouck en de zijnen tot nog toe één dingen hebben geleerd, is het dat burgers desgevraagd heel goed in staat zijn verder te kijken dan hun eigen neus lang is.

Ruim tien jaar geleden probeerde de Nederlandse regering de burgers in een ‘bewustwordingscampagne ervan te overtuigen dat Europa ‘best belangrijk’ is (in ieder geval belangrijk genoeg om er voor te gaan stemmen). Het is nu aan de burgers om hun regeringen ervan te overtuigen dat Europa te belangrijk is om ze niet serieus te raadplegen.