Freek de Jonge bezocht de balletvoorstelling waarmee een ode aan Hans van Manen werd gebracht. Van Manen was er ook: hij gaf niet toe aan het verlangen naar stramheid.

Aan het eind van de tweede pauze spoedde ik me naar mijn plaats in de zaal van het Muziektheater in Amsterdam. Voor mij liep de man aan wie met de voorstelling een ode werd gebracht: Hans van Manen, balletmeester.

Eigenlijk moet je hem choreograaf noemen, want dat is hij in de eerste plaats, maar hij is zoveel meer. Vooral een meester in de klassieke zin. De mens wiens persoonlijkheid samenvalt met zijn vak.

Hij is ballet.

‘Iemand die muziek zichtbaar maakt,’ zegt hij er zelf over.

Advertentie