Er was deze week verbazing alom over een orang-oetan die zijn wond behandelde met geneeskrachtige bladeren. Goh, dat lijkt wel mensengedrag. En vorige maand, tijdens een bijeenkomst aan de New York University, hebben vooraanstaande biologen en filosofen verklaard dat er ‘een realistische mogelijkheid’ bestaat dat insecten, schaaldieren en vissen bewustzijn ervaren. Diverse studies hebben de afgelopen decennia laten zien dat dierlijk leven, en wellicht ook planten, bewustzijn hebben.
Hoe serieus nemen wij deze studies? Want het lijkt voor ons mensen telkens weer een verrassing te zijn dat wij niet de enige soort zijn met bewustzijn en gevoelens. Wij denken nog steeds dat de natuurlijke omgeving er vooral is om onze behoeften te bevredigen als input voor onze economie. En daarom gaan wij vooral heel instrumenteel met onze leefomgeving om.
Maar stel dat we wel zouden gaan geven om het lot van levende wezens met bewustzijn, zoals we dat wel doen voor onze huisdieren. Dat zou behoorlijk grote gevolgen hebben voor hoe we welvaart definiëren. Het lijkt me dan glashelder dat we de financiële winst van de industriële veehouderij niet alleen moeten corrigeren voor de milieuvervuiling – zoals stikstofuitstoot en methaan – die ermee gepaard gaat, maar ook voor het leed dat we de 3.723.000 koeien, 10.471.000 varkens, 86.942.000 kippen, 662.000 schapen en 561.000 geiten in Nederland aandoen door ze op te hokken, vet te mesten en te slachten.
Onze beschaving heeft nog niet eens het niveau bereikt dat iedereen van onze eigen soort dezelfde rechten heeft, laat staan voor dieren met hetzelfde DNA.
De kiloknallers zijn niets anders dan de uitverkoop van het gevoelsleven van dieren. Inmiddels willen de meeste consumenten best wel wat extra betalen voor een iets minder slechte behandeling van hun varkenslapje. Dat is echter nog steeds heel ver verwijderd van een goede behandeling. En het is al helemaal niet genoeg om te compenseren voor zowel dierenleed als milieuvervuiling. Ons ‘recht’ op een betaalbaar stukje vlees blijft daarmee veel zwaarder wegen dan dierenwelzijn en een schoon milieu.
Daarom is er veel meer nodig dan de goedwillendheid van consumenten. Het zou niet raar zijn om dierenwelzijn te behandelen als een publiek goed. Ofwel, als iets dat waarde op zichzelf heeft en dat daarom moet worden beschermd. Dus niet de schade omrekenen in een prijs. Want als je dat gaat doen, is er altijd wel iemand die bereid is de prijs te betalen en tóch niet dierenwelzijn respecteert. Niet alles wat natuur is, staat ten dienste staat van ons. We moeten ons dus realiseren dat er een groot deel is waar we gewoon van af moeten. Strengere regels, minder dieren en al helemaal minder export. Wat voor mensen geldt, in ieder geval in theorie, zou ook voor dieren moeten gelden (zeker voor die met bewustzijn): er zijn geen ‘minderwaardige soorten’.
Maar ja, we weten allemaal dat de praktijk van alledag een andere is. Want onze beschaving heeft eigenlijk nog niet eens het niveau bereikt dat iedereen van onze eigen soort dezelfde rechten heeft, laat staan voor dieren met hetzelfde DNA, en nog minder voor wezens met een iets ander DNA. Dat is nog een heel lange weg in het menselijk bewustzijn.
VRIJ NEDERLAND VERNIEUWT
Hans Stegeman is een nieuwe columnist bij Vrij Nederland. En er gaat nog veel meer veranderen. Zo gaan we de redactie uitbreiden, de website opnieuw vormgeven en ons meer richten op onze oorspronkelijke missie. Benieuwd? Lees hier meer.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.