Winter is here, en hetzelfde geldt voor onze recaps van Game of Thrones. Vandaag: seizoen zeven, aflevering één.

Mijn naam is Roos, a girl has a name, I want you to know that, en dit is een Game of Thrones-recap. Ik bespreek in totale nerd-turbostand aflevering 1, sans gêne. Voor de mensen die de aflevering pas gisteravond laat konden afspelen – man, wat had je verwácht? Heb je de marketingcampagne van Ziggo gezien? They know nothing! Stelletje Jon Snows, stelletje brave Neds – heel dit stuk is een spoiler.

We zongen luidkeels mee met de intro en zochten toen als gekken naar de afstandsbediening. Nog vers in ons geheugen gutste het bloed uit Walder Frey’s slagaderen. En nu stond-ie er weer, even onsmakelijk als in het verleden, maar levend niettemin. Een van ons kroop naar de laptop, zette het beeld braaf even op zwart en controleerde de titel. ‘Yep.’ Toen viel het kwartje. Gerechtigheid. ‘Leave one wolf alive and the sheep are never safe.’ We hadden het kunnen weten, zei iemand vanaf de bank. ‘Frey lijkt niet voor niets op ‘prey’.’ Die was bij z’n doop al het haasje.

Dat heb je, als zelfs de grootste fan zich niet meer fatsoenlijk kan voorbereiden. Zonder de boeken als naslagwerk is alles van waarde weer wérkelijk weerloos.

In de scènes die volgden werd de opzet van de aflevering duidelijk: we laten de oorlog nog even rusten, en mogen van de regisseurs rustig wennen aan seizoen zeven met een min of meer geografisch geordend potje ‘hoe is het nu met?’.

In de sneeuw

Een gestaag groeiend leger White Walkers heeft de pas erin. Het oogt als een tweedehandsje, zo’n shot. Wie kijkt er nog op van een blauwe ledlamp? Ondertussen heeft Meera eindelijk een sleetje gebouwd voor Bran en hem op pure wilskracht naar The Wall gesleept. Meera, met de M van mantelzorg in de breedste zin van het woord. Meera, die me vervelend vaak doet denken aan Anne Frank. Meera, die geen dagboeken hoeft te schrijven omdat The Three Eyed Raven tóch al weet wat ze denkt.

In Winterfell steelt Jon Snow harten tijdens een vergadering. Strak gezicht, doffe traanogen, een Ned-referentie: het werkte bij de Night’s Watch, het werkt in Winterfell. Nu Sam stage loopt bij Pakhuis de Zwijger, moet Jon het laatste duwtje de goede richting uit krijgen van Lady ‘I do not plan on knitting by the fire while men fight for me!’ Mormont. (Wat een vrouw. I won’t refuse her call.) Met z’n allen op zoek naar drakenglas, en snel een beetje. Littlefinger en zijn Knights of the Vale zijn de enigen die nog niet voor de King of the North door de knieën zijn gegaan. Zijn lieve woordjes kaatsen terug van de mantel van Sansa en landen in zijn smerige snorretje. Het borrelt in Baelish. Heel goed. Zijn snode plannen zijn het snufje zout dat de sneeuw in het Noorden doet smelten.

Na de vergadering mansplaint Jon zijn plannen aan Sansa. Cersei kan geen kwaad, zegt Jon. First things first. ‘Everyone who has ever crossed her, she has found a way to murder’, weet Sansa. Jon heeft even geen quote van Ned paraat. Eh… ‘winter is here.’

Op King’s Landing

In King’s Landing loopt Cersei over een nog natte vloerschildering. De trut. Verbitterd en ontdaan van haar manen kan ze niet anders meer dan gadeslaan hoe de mist optrekt en de blauwe lucht het gelijk van de vrouw in de tent onthult – de heks die zij om de toekomst vroeg toen ze nog jong was, en pas een beetje bedorven.

‘Wanneer trouw ik de prins?’, vroeg de jonge Cersei. ‘Nooit’, zei de heks Maegi. ‘Jij trouwt de koning.’ Check. ‘Je zult koningin zijn tot er een andere komt, jonger en mooier, die je alles afneemt wat je liefhebt.’ Het is Margaery niet gelukt. Daenerys? Sansa? Tormund Giantsbane? ‘Krijgen de koning en ik kinderen?’, vroeg de jonge Cersei. ‘Aye’, zei de heks. ‘Twintig voor hem, drie voor jou.’ Check: Robert heeft talloze bastaards verwekt, en viel thuis dronken in slaap na vlugge, strategische handjobs van zijn koningin. Cersei raakte eenmaal zwanger van Robert, maar dat kind stierf vlak na de geboorte. De kinderen die bleven leven waren van Jaime. ‘Gold shall be their crowns and gold their shrouds’, zei de heks. Check. Zowel hun kruin als hun kroon blonk in de zon, zowel hun mantel als hun lijkwade was verguld. Dood. Alledrie nu. Power is power, gelooft Cersei, maar het lot trekt zich daar niets van aan. Jaime, netjes aan de reeds droge rand van de natte vloer, haalt een sfeerspons uit zijn broekzak: ‘No one wants to fight for the losing side, Cersei. Right now, you are looking at the losing side.’

Nu de good guys vervaarlijk samenklonteren, sluit Cersei een verbondje met verse schurk Euron Greyjoy. Met ‘a thousand ships and two good hands’ vertrekt hij na een portie hard to get van de koningin, op zoek naar een cadeautje. Wat wil ze van hem hebben? Het hoofd van haar kleine broer? Een draak? Twee draken? Drie draken? Een piemel in een doosje? (Ja, draken.)

Omdat de vijftigvoudige moord aan het begin van de aflevering onze maaginhoud niets deed, worden we getrakteerd op een parel van een montage uit de Citadel. Sam, maester in wording, weegt ingewanden, ruimt stront en kots op, eet eten dat lijkt op stront en kots, en kotst. En dat allemaal op maat. (Als je goed kijkt, zie je dat hij ook wat is afgevallen. Logisch.) Nadat hij ontdekt dat de Citadel barst van de oude, witte klimaatontkenners, jat hij een boek uit de bibliotheek en ziet dat een aanhangsel van Westeros, een soort Limburg, half uit drakenglas bestaat.

Op dit aardappelscreenshot zie je Limburg. Foto: foto van televisie met daarop GoT.

In het bos

Ondertussen in Meerdijk maakt Ed Sheeran reclame voor zijn nieuwe plaat. ‘It’s a new one.’ Ik heb naar de televisie gespuugd, gehuild en gescholden. Dit had nooit mogen gebeuren. Het poezelige gesprekje van Arya met de brigade blotebillengezichten van Ed leek rechtstreeks overgenomen uit SpangaS. Beurtelings praten, geen moeilijke vragen stellen, je niet vergrijpen aan een meisje alleen. Zelfs binnen de context was de ontmoeting ongeloofwaardig, en van geen enkel nut voor het plot. Een verspilling van kostbare GoT-minuten. Ga je schamen, schrijvers. Ken je plaats, Ed. SHAME, SHAME, SHAME!

The Brotherhood without Banners en Sandor Clegane stoppen bij een huisje dat ons bekend voorkomt. Arya en wij leerden hier ooit van The Hound dat de mens niets anders is dan een zak water, die je gemakkelijk lek prikt als hij je in de weg staat. Een vader en zijn kind stonden Clegane in de weg. Hij stal hun laatste zilverstukken en liet ze sterven. Nu liggen ze daar, een herinnering in vodden aan een van zijn vele vorige levens. In een graf in de tuin laat hij ze achter, samen met de man die hij ooit was. Zand erover. ‘Sorry you are dead. You deserved better.’

Na wat rake woorden over mannen met een knotje ontdekt The Hound de gave die een ingreep van de Lord of Light hem heeft opgeleverd. In de vlammen ziet hij ‘a mountain that looks like an arrowhead.’ Ah, de drakenglasberg in Limburg! Bij het kasteel dat binnenkort bemand wordt door niemand minder dan Tormund Giantsbane en zijn free folk. ‘The dead are marching past’, zegt Clegane. ‘Thousands of them.’  Oh jongens, dit wordt een klappertje van een gevecht. Ik gun Tormund op z’n minst één nacht met Brienne, voor hij het Noorden en zijn dood tegemoet rijdt.

Op Dragonstone

Daenerys is thuis. De vaart is verbazingwekkend voorspoedig verlopen. Geen Dothraki hing meer over de reling, geen haar sprong uit model, geen vijandige vloot wachtte haar op. Ze drukt haar handen in het zand van haar geboortegrond, rukt wat vergane glorie van de wand en veegt het stof van de tafel waarop Stannis seizoenen terug nog de pionnen van het bord neukte. ‘Shall we begin?’

Ja, laten we dat doen. We willen niet anders dan beginnen. De eerste aflevering van seizoen zeven is nog wat mat, een warming-up met bovendien niet één woord van Tyrion. We zijn al warm, jongens. De boeken zijn uit, elke link is blauw, elke aflevering staat van begin tot eind op ons netvlies gebrand. We hebben een kookpunt bereikt na een jaar wachten en speculeren. Kom op: where do whores go, waar is Gendry, waar is Nymeria, en waar blijft de zeeslag uit mijn dromen? Laat het ijs breken, laat vlammen aan het zeil likken, laat de kraken haar tentakels om de kiel klemmen, en kom in actie.

Valar Morghulis.

Volgende week pakt collega Jeroen Vullings, ook groot fan én man met het grootste vocabulaire van Nederland, de recap op. Ik moet drie weken zonder.