Schrijfster Elfie Tromp woont met haar naakthond Chin-Chin in een verzorgingshuis. Drie weken lang, terwijl ze schrijft en proeft aan het leven van een senior. ‘Om tachtig te worden en nog steeds op wisselgeld te leven: dat leek me geen leven.’

‘Ik moet binnen vijf jaar dood zijn,’ zei ze. ‘Dan is mijn geld op.’

We bladerden door de map met glazen kunstwerken die ze in haar leven had gemaakt. Decoratieve hanglampen, naambordjes, en sculpturen die ze vroeger verkocht op beurzen. Haar AOW was een lachertje. Met haar spaargeld huurde ze nu het kleinste kamertje van het tehuis. Als ze 2022 zou halen, had ze een probleem.

Ik dacht aan mijn vrienden die, net als ik, ZZP’er waren. AOW is voor ons een soort fata morgana. Waar zouden wij terecht komen? De bevriende illustrator die later wellicht Parkinson krijgt? De fotograaf die voor de helft verlamd raakt? De schrijver die eindigt met Alzheimer? Ik durfde Greet niet te vragen wat er gebeurde met platzakouderen. Of er een budgetopvang was waar je naar toe kon.

Greet zat te mokken. Ze wilde naar haar zoon in Maastricht, maar het taxibusje kon ze maar een keer in de maand betalen. Het deed me denken aan mijn studententijd. Regelmatig moest ik toen de laatste week van de maand zien door te komen met een handvol muntgeld. Ik denk daar zonder weemoed aan terug. Om tachtig te worden en nog steeds op wisselgeld te leven. Nee, dat leek me geen leven. Greet rekende uit of ze misschien nog een bitterbal kon bestellen. Ik maakte een notitie om de bank te bellen.

De komende drie weken doet Elfie Tromp twee keer per week, op dinsdag en vrijdag, verslag vanuit zorgcomplex Vitalis in Eindhoven. Dit was aflevering 2, de vorige edities lees je hier terug. Schrijver in huis is een project van Literair Productiehuis Wintertuin.