Hoofdredactioneel

De zoemer op het bureau van de hoofdredacteur wekt enige jaloezie. Hij kan er een schel dingdong mee voortbrengen waarvoor niemand op de burelen van de krant doof kan blijven. Maar het signaal is slechts bedoeld voor de theejongen. Die haast zich dan naar de kamer waar de hoofdredacteur en zijn gasten zijn weggezonken in diepe fauteuils om de bestelling op te nemen: thee, water, een enkele keer oploskoffie. Het tempo ligt hoog – de hoofdredacteur wil zijn gasten voortdurend laven.

Ik ben in Suleymania, een stad in Koerdisch Noord-Irak. Het is de bedoeling dat ik de staf van het dagblad Kurdistani Nwe enig advies geef over allerlei journalistieke en organisatorische vraagstukken. Na vijf lange ochtendsessies en hectoliters zoete thee komen de hoofdredacteur en ik gebroederlijk tot de conclusie dat hier eigenlijk niets goed functioneert behalve de theejongen: zijn taakomschrijving is tenminste helder. Dat het verder een zootje is op de krant komt vooral door de eigenaar: de in de regio heersende politieke partij PUK. Journalistieke vrijheid staat hoog in het vaandel, maar politieke vrienden moeten wel een baantje hebben. Daardoor zitten de verkeerde mensen op de verkeerde plaats en worden veel onderwerpen afgeserveerd omdat ze ’te gevoelig’ zijn. De hoofdredacteur weet het, hij wil veranderen, maar hoe?

Bij het weekblad Awene in dezelfde Koerdische stad is de theejongen weg. Hij is het jongste slachtoffer van een bezuinigingsronde – het scheelde toch weer zo’n 250 dollar per maand. Awene wil onafhankelijk zijn en dat kost geld. De journalisten doen niet anders dan schrijven over ‘gevoelige’ onderwerpen en zetten intussen zelf thee.

Zondagavond teruggekeerd in Nederland, maandagochtend begonnen bij Vrij Nederland. Geen zoemer op het bureau gevonden, geen theejongen te bekennen.

Dat begint goed. Bedankt Emile Fallaux!

[email protected]