Dat iedereen tegenwoordig een foodcritic is door apps als TripAdvisor, komt het horecapersoneel zelf meestal niet ten goede. Dan is het, vindt Amarens Eggeraat, soms heerlijk om ergens te zijn waar het ze geen lor kan schelen of je het naar je zin hebt.

In de kerstvakantie ging ik naar Au Lapin Agile, een oud cabaret op de heuvel van Montmartre, schilderachtig gelegen aan de voet van een stadswijngaard. Vroeger werd het bezocht door onder andere Picasso en Apollinaire, tegenwoordig kun je er elke avond voor achtentwintig euro naar binnen om naar Franse liedjes te luisteren.

Zo’n show duurt vier uur, tot lang nadat de laatste metro is vertrokken, en wordt op geen enkel moment onderbroken om het publiek de gelegenheid te geven naar de wc te gaan of om een tweede, peperduur glaasje huisgemaakte kersenwijn te bestellen. De spreekstalmeester, een bejaarde man in een met goud bestikt gilet, blijft het ene na het andere eeuwenoude dranklied aankondigen, ook al zuigen zijn toeschouwers al twee uur lang op dezelfde kersenpit. Het lijkt, kortom, vooral bedoeld voor mensen met een flink uithoudingsvermogen en een onbevredigbare liefde voor Franse chansons.

Als er één stad is waarin opgeklopte romantiek als een rijpe stuifzwam uiteen kan ploffen, dan is het wel Parijs.

In de nachtbus terug zocht ik op Au Lapin Agile in Tripadvisor, want ik lees graag dramatische recensies. Ik hoopte op furieuze tirades van teleurgestelde toeristen die zich een rokerige nachtclub vol absint en ondergoed met ruches hadden voorgesteld, maar in plaats daarvan urenlang op een houten bank hadden gezeten terwijl ze smalend werden aangekeken door een Franse zestiger met een gitaar. Als er één stad is waarin opgeklopte romantiek als een rijpe stuifzwam uiteen kan ploffen, dan is het wel Parijs.

Maar tot mijn verbazing stond de pagina vol met lyrische verhalen. ‘Dit is het èchte, authentieke Parijs’, schrijft iemand. ‘Josephine Baker zou het hier fantastisch hebben gevonden’, schrijft een ander. ‘Ik zou willen dat ik wat meer had verstaan, en een plaspauze was wel fijn geweest, maar wàt een avond. Vijf sterren.’

De beruchte Parijse arrogantie

Iemand legde me eens uit waar de beruchte arrogantie van Parijse obers vandaan komt: terrassen in de Franse hoofdstad zijn zó populair, dat ze altijd vanzelf wel volstromen, al kost een kop koffie er tien euro en hoest de serveerster in je gezicht. Iets soortgelijks lijkt op te gaan voor Au Lapin Agile. De mensen die er komen, zijn zo vastberaden iets bijzonders te beleven, dat ze met bijna alles akkoord gaan. Het doet denken aan het Das Bayerischen Restaurant Stück van Monty Python, of – een recenter voorbeeld –Vice-schrijver Oobah Butter die zijn tuinschuurtje tot het best beoordeelde restaurant in Londen wist te bombarderen.

Die instelling is volgens mij echter rap uit aan het uitsterven: ook nukkig Frans horecapersoneel wordt langzaam maar zeker getemd door de constante dreiging van een slechte online recensie. Voor bedrijven zijn vijfsterrenscores essentiële data om op te vallen en hun producten of diensten te kunnen verkopen. Dat is begrijpelijk, maar de psychologische last van die recensiecultuur komt vaak terecht bij de mensen die onderaan de bedrijfshiërarchie werken, tegen een minimaal loon en/of zonder vast contract. Die moeten zich elke dag uitsloven voor een publiek van potentiële criticasters. Het maakt baantjes die al vermoeiend waren en weinig aanzien opleveren extra onzeker en stressvol. Bovendien is het niet echt leuk om over jezelf terug te lezen als ‘chauffeur met muffe koffieadem’ of ‘bitchy waitress’.

Het voelde daarom verfrissend om ergens een avond door te brengen waar het niemand iets kon schelen of de gasten zich wel vermaakten.