Bij de culturele instelling Castrum Peregrini in Amsterdam is jarenlang sprake geweest van seksueel misbruik met minderjarigen door de Duitse dichter Wolfgang Frommel en anderen. Een commissie onder leiding van oud-rechter Frans Bauduin deed afgelopen maanden onderzoek naar de zaak en sprak met slachtoffers en andere getuigen na publicaties in Vrij Nederland en andere media.
De misbruikzaak rond Castrum Peregrini kwam aan het rollen na publicatie van een persoonlijk relaas van Frank Ligtvoet, voormalig cultureel attaché in New York, in Vrij Nederland in juli 2017. Ligtvoet, oud-lid van de Castrum-kring, beschuldigde het huidige bestuur van het toedekken van een misbruikschandaal waarvan hij ook zelf slachtoffer was geweest, en het ten onrechte in ere houden van de nalatenschap van Wolfgang Frommel. Daarop volgde een tweede artikel in VN waarin andere slachtoffers hun verhaal deden. De verhalen werden bevestigd door de biografie van Annet Mooij over kunstenares Gisèle d’Ailly-van Waterschoot van der Gracht, de voormalige geliefde van Frommel en tot aan zijn dood zijn mecenas en beschermvrouw.
De huidige directie reageerde aanvankelijk geagiteerd op de publicaties in Vrij Nederland. Er zou onvoldoende wederhoor zijn gepleegd, VN zou zich schuldig maken aan ‘guilt by association’ en zou ten onrechte de bewering van Ligtvoet hebben overgenomen dat de huidige Castrum-directeur Michael Defuster indertijd volwaardig lid was van de Kring. Wat vooral opviel was dat de directie weinig empatisch was toen ze stelde dat slachtoffers wel erg laat met hun verhaal waren gekomen, omdat ze ‘in al die tussenliggende decennia niet onder woorden kunnen brengen wat hen is overkomen’. Inmiddels is de reactie van Castrum van hun website verwijderd.
Hard oordeel
De commissie velt een hard oordeel over het verleden. Allereerst stelt ze vast dat Frommel zich schuldig heeft gemaakt aan ‘seksueel ontoelaatbare en in een aantal gevallen seksueel strafbare gedragingen’. Over Gisèle van Waterschoot wordt geconcludeerd dat ze weliswaar moet hebben geweten van het seksueel misbruik tijdens de oorlog van Joodse onderduikers, maar dat ze in de naoorlogse jaren veelal weg werd gehouden van wat er zich bij Castrum afspeelde. Niettemin stelt de commissie dat Gisèle ‘een zekere morele verantwoordelijkheid niet helemaal kan worden ontzegd’.
De commissie beveelt aan om het leed dat slachtoffers is aangedaan te erkennen, hulp te bieden en waar gewenst genoegdoening. Ook wordt de huidige directie opgeroepen de voormalige vertrekken van Frommel aan de Herengracht, die tot op de dag van vandaag in onveranderde staat zijn gehouden, ‘grondig te vernieuwen’. ‘Wie aan het duistere verleden van seksueel misbruik een einde wil maken, wil niets meer te maken hebben met tastbare herinneringen daaraan,’ aldus de commissie.
De naam Castrum Peregrini wordt op advies van de commissie veranderd in ‘Het Huis van Gisèle’.
Waar de commissie opvallend genoeg niet op ingaat, is de rol van de huidige directeur Defuster. De vraag wat hij wist van het misbruik toen hij als jongere ‘vriend’ toetrad tot de kring van Castrum Peregrini blijft onbeantwoord.
Defuster en de andere twee leden van de huidige directie laten in een persbericht weten ‘scherp afstand te nemen van het verleden’ en de aanbevelingen over te nemen. Zo wordt de naam Castrum Peregrini op advies van de commissie veranderd in ‘Het Huis van Gisèle’. Dit sluit aan bij de koers die de huidige directie al eerder was ingeslagen, namelijk om de nalatenschap van Van Waterschoot van der Gracht centraal te stellen. ‘De breuk met Frommel is de afgelopen jaren natuurlijk al gemaakt, maar is met deze onderzoeksresultaten definitief,’ aldus de directie in haar persbericht. Voor de slachtoffers zal contact worden opgenomen met Slachtofferhulp Nederland en het Schadefonds Geweldsmisdrijven, om degenen die zich bij de commissie hebben gemeld daar verder te kunnen helpen.
‘Dat de huidige directie van het misbruik niet geweten zou hebben, is volstrekt ondenkbaar.’
In een eerste reactie laat Frank Ligtvoet weten dat hij het erg belangrijk vindt dat het seksueel en ander misbruik bij Castrum door Wolfgang Frommel en zijn kring nogmaals door een onafhankelijke commissie is aangetoond. ‘Sommige ernstige feiten waren tot nu toe niet bekend. Er komen echter steeds nieuwe gevallen aan het licht, dus het rapport is niet het eind van het verhaal. Dat de huidige directie van het misbruik niet geweten zou hebben, is, gezien de intieme vriendschapsrelatie die directeur Defuster met een van de vier in het rapport bij naam genoemde misbruikers had, volstrekt ondenkbaar. Ik ben benieuwd welke maatregelen Castrum gaat nemen met betrekking tot de slachtoffers.’
De huidige directie van Castrum Peregrini laat in een telefonische reactie weten dat zij, ondanks de harde conclusies van de onderzoekscommissie, geen aanleiding ziet terug te treden.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.