‘De PvdA krijgt altijd van alles de schuld, zelfs als het regent,’ hoorde ik Wouter Bos ooit zeggen, in de lang vervlogen jaren dat de partij nog 33 zetels had. De toenmalige leider van de PvdA moest er zelf bij grinniken. Zijn verklaring: een partij die de neiging heeft het leed der wereld op z’n schouders te nemen, wekt hoge verwachtingen en wordt daar hard op afgerekend. Zo werkt het al vele jaren ook binnen de PvdA: geen partij slaagt erin het zichzelf zo moeilijk te maken. Dat merkte ook Lodewijk Asscher, die zich in januari 2021 gedwongen zag als partijleider terug te treden na een motie van wantrouwen van kritische partijleden vanwege zijn vermeende betrokkenheid bij de Toeslagenaffaire – terwijl hoofdverantwoordelijke Mark Rutte vrolijk doorregeerde.

En de afgelopen maanden maakten twee Kamerleden van de PvdA mee hoe ze door hun eigen fractiebestuur uit de boot werden geduwd omdat ze zich schuldig zouden hebben gemaakt aan grensoverschrijdend gedrag. Eerst was de beurt aan oud-vakbondsman Gijs van Dijk, die in februari door toenmalig fractievoorzitter Lilianne Ploumen zwaar onder druk werd gezet om terug te treden na enkele beschuldigingen van ongewenst gedrag in zijn privéleven – voordat er onderzoek naar de klachten was gedaan en zonder dat hem de gelegenheid werd geboden op de klachten te reageren. Toen Gijs van Dijk door Ploumen werd gebeld, lag de persverklaring over de ‘ernstige’ beschuldigingen al klaar.

Lees ookLinks moet eens ophouden zich schuldig te voelen22 september 2022

In het uiteindelijke onderzoek, dat ik kon inzien, stond niet veel meer dan dat het aannemelijk was dat ‘meldsters’ zich grensoverschrijdend behandeld hadden gevoeld, en dat Van Dijk verschillende normen van de interne Gedragscode zou hebben geschonden, zoals ‘ook buiten werktijd ben je een ambassadeur van de partij’ – waarbij onvermeld bleef wat dat ambassadeurschap dan in zou houden, en al helemaal wat de partij überhaupt te maken heeft met het privéleven van de volksvertegenwoordigers, maar toen was het leed al geschied. Het fractiebestuur – dat na aandringen van Van Dijk had geweigerd om ook haar eigen rol in de affaire te laten onderzoeken – maakte ervan dat er ‘sprake was’ van grensoverschrijdend gedrag en dat de conclusies ‘pijnlijk en ernstig’ zouden zijn. Gijs van Dijk ging in beroep en beraadt zich op juridische stappen.

Ook van politici die het leed der wereld op hun schouders torsen, mag je een zorgvuldige behandeling van hun partijgenoten verwachten.

En toen kwam de affaire rond oud-Kamervoorzitter Khadija Arib. Nadat NRC onthulde dat het presidium van de Tweede Kamer een onderzoek zou starten naar haar vermeende ‘schrikbewind’ als Kamervoorzitter op grond van twee brieven uit juli vol anonieme beschuldigingen, bleek dat Lilianne Ploumen als fractievoorzitter al eerder een brief met anonieme klachten over Arib naar het presidium had doorgestuurd, zonder Arib zelf daarvan in kennis te stellen. Zo verwonderlijk is het dus niet dat Arib de telefoon niet opnam toen Attje Kuiken, de huidige fractievoorzitter, haar probeerde te bellen, en vervolgens terugtrad als Kamerlid.

Extra pijnlijk werd het toen Henk Nijboer, die als fractiesecretaris van de PvdA medeverantwoordelijk was voor de onbarmhartige omgang met Gijs van Dijk, plotseling opstapte als lid van het presidium – in welke rol hij zich genoodzaakt had gezien met het onderzoek naar Arib in te stemmen. De verklaring die hij via Twitter uitbracht roept alleen maar vragen op. Nijboer zou naar eigen zeggen niet meer als lid van het presidium kunnen functioneren omdat hij voortdurend werd aangesproken op zijn partijlidmaatschap, en hoe zich dat zou verhouden tot zijn steun aan het onderzoek. Alle reden om de rug recht te houden, zou je zeggen, en het te laten bij een verklaring dat het presidium moet staan voor het belang van de Kamer als geheel. Maar Nijboer voegde er nog een inhoudelijk oordeel aan toe over de anonieme klachten, die ondersteund zouden worden door ‘de gehele ambtelijke leiding’ – quod non, want dezelfde dag namen verschillende hoge ambtenaren het bij Ton F. van Dijk in HP/De Tijd juist op voor Arib – dat alles terwijl het onderzoek nog moest starten. Zo viel de PvdA opnieuw in haar eigen zwaard.

De conclusie van dit alles: ook van politici die het leed der wereld op hun schouders torsen, mag je een zorgvuldige behandeling van hun partijgenoten verwachten.