Een van de belangrijkste wapenfeiten van de Frankfurter Schule, de groep filosofen en intellectuelen die honderd jaar geleden in Duitsland werd opgericht, was het boek The Authoritarian Personality. Daarin presenteerde Theodor W. Adorno, in samenwerking met onderzoekers van de Universiteit van Californië in Berkeley, aan het einde van de jaren veertig de F-schaal, een op basis van enquêtes gemaakt schema waaraan je kon zien of iemand vatbaar was voor het fascisme.
In de jaren zestig van de vorige eeuw werd de Frankfurter Schule ook bekend door de boeken van Max Horkheimer en Theodor W. Adorno (De dialectiek van de Verlichting), Herbert Marcuse (De eendimensionale mens) en Erich Fromm (De angst voor vrijheid). Die gaven voedsel aan de kritiek op de consumptiemaatschappij die in heel Europa en Amerika woedde. Onder de banier van ‘Kritische Theorie’ werden het kapitalisme, het militair-industrieel complex, de oorlog in Vietnam en de maar aanhoudende rassenscheiding in Amerika aangevallen. Tegenover dit establisment kwamen de jongeren van de jaren zestig te staan die voor een minder rigide geordende samenleving waren. De door Horkheimer en Adorno ontwikkelde ‘instrumentele rede’, de dominante manier van denken in het Westen die louter op winst, efficiency en succes gericht was, werd bestookt met de informele, verbeeldingsrijke rede van de jongeren. In de kritiek op die instrumentele rede kwam alles samen.
De Frankfurter Schule bestaat wel honderd jaar maar kreeg die naam pas in de jaren zestig toen de medewerkers werden verbonden aan het Institut für Sozialforschung in Frankfurt. Inmiddels hebben vier generaties intellectuelen, historici, filosofen en wetenschappers het Institut levend gehouden door steeds weer voor nieuwe analyses te zorgen van het kapitalisme, het neoliberalisme, de afkalving van links en de nieuwe autoritaire leiders. Dit komt allemaal ter sprake in de Frankfurter Schule, een handzaam en informatief boekje van cultuurfilosoof Thijs Lijster in de reeks ‘Elementaire deeltjes’. De Frankfurter Schule heeft al die tijd briljante geesten aangetrokken die alleen al met hun achternaam bekend of beroemd werden (Benjamin, Fromm, Pollock, Neumann, Habermas, Williams, Jaeggi, Fraser). Ze zorgden voor nieuw bloed, maar vooral ook voor discussiemateriaal. In boeken en stevige polemieken kon men zich ook hartelijk distantiëren van het Frankfurter gedachtegoed. Tegen Max Horkheimer, Theodor Adorno, Herbert Marcuse en Jürgen Habermas kon je je afzetten om eigen inzichten te ontwikkelen. Peter Sloterdijk heeft dat dan ook meerdere keren gedaan, met name tegen Jürgen Habermas, de Frankfurter van de tweede generatie. Ook Bruno Latour zette zich nog in 2004 af tegen de Kritische Theorie met zijn essay ‘Why Has Critique Run out of Steam?’
De kritische reflex van het in twijfel trekken van de dominante ideologie in het Westen was volgens Latour gemeengoed geworden. De ontmaskerende analyses komen nu van elders, zijn overgenomen door de journalistiek. Onderzoekers van Follow the Money zorgen nu voor de onthullingen. De Kritische Theorie is zelf minder theoretisch geworden, heeft zich getransformeerd in de praktijk van het activisme van Extinction Rebellion en Greenpeace, gericht op het behoud van de planeet. De mensen zijn volgens Latour inmiddels zelf al kritisch en wereldwijs genoeg, ze komen eerder jou vertellen hoe het zit dan dat jij hen het geheim nog kan toefluisteren. Dat kritische van de mensen valt overigens wel mee gezien de grote aanhang van extreemrechts.
niet spectaculair, wel effectief
Dat Peter Sloterdijk in zijn boek Kritiek van de cynische rede (1983) het begrip ‘verlicht vals bewustzijn’ kon introduceren, was niet mogelijk zonder de inspiratie van de Frankfurter Schule. Zijn theorie kwam erop neer dat iedereen in het Westen weet dat de samenleving zoals hij nu is ingericht volgens het kapitalistische principe niet deugt, dat ze leeft op een niet langer gedekte cheque. Er wordt op alle gebieden roofbouw gepleegd. De planeet wordt uitgewoond. ‘We weten “het” allemaal al lang, maar we veranderen niet’, vat Lijster het verlichte valse bewustzijn samen. Maar er is geen alternatief, wordt al snel gezegd. Er is geen alternatief voor het kapitalisme, maar het kapitalisme kan natuurlijk wel veranderen van karakter, van persoonlijkheid, met een andere instelling, met een minder verbeten gezicht, met een meer geciviliseerde uitstraling.
De januskop van de technologie zorgt voor evenveel zegeningen als rampen, van het bijna wonderbaarlijke opengaan van de wereld tot de schending van de privacy en ongewenste gezichtsherkenning.
Die verandering van het kapitalisme zou minder spectaculair, maar uiteindelijk wel zo effectief als een revolutie kunnen zijn. Jammer voor de revolutie, maar het zou een geleidelijke, maar een onverbiddelijke, transformatie van het kapitalisme zijn, het zou piecemeal engineering zijn, in de geest van Karl Popper. Daarbij worden hardnekkige kwalen van het kapitalisme langs de lijnen van geleidelijkheid aangepakt. Dat kan het beste volgens de naar alle kanten genereuze sociaal-democratische weg die met alle gevoeligheden rekening houdt. Dat houdt in: verdeling van macht, invloed, zeggenschap, initiatief en geld. En met een minimum aan hiërarchie in de structuur van bedrijven.
Thijs Lijster wijst nadrukkelijk op ‘de blijvende relevantie’ van de Frankfurter Schule. Daarvoor vindt hij een ‘heropvoeding’ van de kritische theorie noodzakelijk. Dat klinkt alsof het om een puber gaat die de weg kwijt is. Zeker is dat de afkeer en kritiek op de technologie achterhaald is, maar dat de machtsconcentraties en miljardenmonopolies van Apple, Microsoft, Facebook, Google en Elon Musk hervormd moeten worden en opgedeeld in kleinere delen. De januskop van de technologie zorgt voor evenveel zegeningen als rampen, van het bijna wonderbaarlijke opengaan van de wereld tot de schending van de privacy en ongewenste gezichtsherkenning.
de taal als wapen
Het honderdjarig bestaan van de Frankfurter Schule is een uiterst geschikt moment om erop terug te kijken. De autoritaire persoonlijkheid waarvan ze als eerste de anatomie en psychogram blootlegden is met de opkomst van extreemrechts helemaal terug, zelfs in de hoogste politieke posities in Europa en Zuid-Amerika. Dit betekent dat mensen net als in de jaren dertig weer warmlopen voor het opzichtige machtsvertoon van masculiene bullebakken. Macht geconcentreerd in één man of vrouw zorgt voor duidelijkheid. Zo’n opzichtige leider werkt volgens Lijster als de plaatsvervanger van het eigen ego-ideaal.
Met het nieuwe extreemrechts gaat de wereld er steeds meer uitzien als een arena van winners en losers, met Jordan Peterson als kracht-coach. Het neoliberalisme schuift ook naar rechts op. De wereld wordt weer opgedeeld in vriend en vijand, de competitiedrang zet zich vast in permanente vijandige polarisatie. Er wordt steeds meer met simpele negatieve frases gestrooid, zoals ‘gelukzoekers’, ‘asielzoekers’, ‘vluchtelingen’, ‘vreemdelingen’. Ze worden zonder onderscheid over één kam geschoren. Gerechtvaardigde zorgen over de opvang van asielzoekers neemt de vorm aan van benauwd nationalisme, angst voor verlies van identiteit en afkeer van de Europese Unie.
Links, kritiek, solidariteit, LHBTIQ, gender, cultuur, kunst, vluchteling: de taal wordt steeds meer als een schrikwekkend wapen gebruikt.
Extreemrechts betekent de terugkeer van centralisme, hiërarchisch denken, van orde, discipline, uniformisering, zelfs afkeer van de publieke omroep. Het betekent ook de opkomst van allergisch denken: dat bepaalde woorden, bepaalde mensen, bepaalde partijen niet meer genoemd kunnen worden zonder dat ze voor hoon en afkeer oproepen. Links, kritiek, solidariteit, LHBTIQ, gender, cultuur, kunst, vluchteling: de taal wordt steeds meer als een schrikwekkend wapen gebruikt.
De Frankfurter Schule heeft voor een aantal duidelijke en memorabele begrippen en inzichten gezorgd. Zoals ‘de eendimensionale mens’ van Herbert Marcuse: de mensen die zich opsluiten in hun eigen gelijk, allergisch zijn voor andere denkbeelden, altijd eigen land en volk eerst voor ogen hebben. En de angst voor vrijheid van Erich Fromm. Je aansluiten bij anderen niet uit behoefte om uit de eigen kring te ontsnappen en verder te kijken, maar uit gebrek aan zelfvertrouwen en zelfstandigheid. En de ‘instrumentele rede’, het denken langs strakke lijnen, louter doelmatigheid voor ogen hebben, de medemens als middel zien en gebruiken. Als zulke zinvolle begrippen zich in je geheugen vastzetten is er iets gewonnen.
Frankfurter Schule door Thijs Lijster is in de reeks Elementaire deeltjes uitgegeven door Athenaeum-Polak & van Gennep.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.