Op het moment dat Wopke Hoekstra op de uitslagenavond van de Provinciale Statenverkiezingen in het partijbureau van het CDA verslagen bekende dat zijn partij door de uitslag ‘midscheeps’ was geraakt, werd door aanhangers van BBB in café Boode in Bathmen de polonaise ingezet op de tonen van Brommers Kieken, de kraker van Jovink en de Voederbietels: ‘Al bun ik getrouwd met een ander / ik hol vannacht van ow’.

De feestvreugde was losgebarsten, omdat net duidelijk was geworden dat de partij van Caroline van der Plas een monsteroverwinning had behaald. Volgens de eerste exitpolls haalde BBB uit het niets 14,7 procent van de stemmen in Noord-Holland, 19,5 in Noord-Brabant en 31,3 in Overijssel, en in de gemeente Tubbergen, vanouds een vesting van het CDA die tot nu toe alle stormen wist te doorstaan, zelfs 58,8 procent van de stemmen.

Nadat Van der Plas in het stampvolle café de eerste uitslagen verbouwereerd over zich heen had laten komen, verklaarde ze met herwonnen zelfvertrouwen voor talloze camera’s dat BBB de afgelopen maanden was uitgelachen en beschimpt, maar dat nu niemand meer om de partij heen kon: ‘de kiezer heeft gesproken’.

Wie verwacht dat BBB spoedig in onderling gekrakeel uiteen zal vallen, doet er goed aan te bedenken dat Caroline van der Plas en haar getrouwen al twee jaar ijverig bezig zijn met de opbouw van de partij.

Sindsdien hagelt het schampere commentaren op de sociale media. De overwinning van BBB zou de zoveelste populistische oprisping zijn: eerst de LPF, toen de PVV en FvD, nu de ‘domrechtse’ club van Caroline, die groot gemaakt zou zijn door ‘de media’, maar spoedig wel weer in elkaar zou storten.

verschraling

Dat oordeel lijkt me veel te simpel. Toen ik rond de grote doorbraak van de LPF in 2002 voor Vrij Nederland naar Noordoost-Groningen ging om te verklaren waarom Pim Fortuyn juist daar zo populair was, begon vrijwel iedereen die ik sprak in dorpen als Nieuw-Beerta en Finsterwolde over de bus die niet meer reed door de privatisering van het openbaar vervoer, over de bibliotheek die gesloten was, over het zwembad dat vanwege bezuinigingen dicht zou gaan, over de gemeentelijke schaalvergroting waardoor de mensen de nieuw raadsleden en wethouders niet meer kenden. Het eigenlijke thema van de verkiezingen, bleek toen, was daar niet de angst voor buitenlanders of de islam waar de Randstad zich druk over maakte, maar de verschraling van de voorzieningen op het platteland, en het gevoel door niemand te worden gezien of gehoord.

Dat diepe gevoel van miskenning is de afgelopen decennia alleen maar sterker geworden, zoals Josse de Voogd en René Cuperus beschreven in hun Atlas van afgehaakt Nederland, terwijl politiek Den Haag vooral met zichzelf bezig was. Veelzeggend was een interview met Alexander Hendriks, de jonge beleidsmedewerker en rechterhand van Caroline van der Plas, in de Youtube-talkshow van EW-columnist Zihni Özdil afgelopen augustus, toen Maurice de Hond al maanden een monsteroverwinning van BBB voorspelde. Gevraagd naar de plannen van BBB begon Hendriks niet over de boeren of het stikstofprobleem, maar over het ‘keren van de verdwijning van de overheid uit de regio’: dat de bus gewoon weer stopt in de straat, dat er weer basisscholen en bibliotheken zijn in kleine dorpen, en dat er weer een zwembad is waar je naartoe kan fietsen.

Op uitslagenavond stond Alexander Hendriks te stralen, temidden van het gewoel in café Boode in Bathmen. ‘Nu móéten ze wel naar ons luisteren,’ verklaarde hij opgetogen.

Wie verwacht dat BBB, net als indertijd de LFP en recenter nog de FVD, in onderling gekrakeel uiteen zal vallen, doet er goed aan te bedenken dat Caroline van der Plas en haar getrouwen al twee jaar ijverig bezig zijn met de opbouw van de partij. Om free riders te weren moeten kandidaten al een jaar lid zijn. Vervolgens worden ze zo goed mogelijk gescreend en opgeleid, compleet met teambuilding. Er zijn al maanden lijsten klaar van mogelijke gedeputeerden, secondanten en verkenners voor de komende coalitieonderhandelingen. En er is alvast een fors budget gereserveerd voor een verkiezingscampagne, mocht het kabinet eerder dan verwacht ten val komen, zoals partijvoorzitter Erik Stegink me in Bathmen vertelde.

Nog een verschil met de rechts-populistische bewegingen waar BBB vaak te makkelijk bij wordt ingedeeld: de kiezers van BoerBurgerBeweging zijn afkomstig van een veel breder palet van partijen, niet alleen van rechts – PVV (18 procent), VVD (17 procent), FvD (4 procent), en het midden – CDA (14 procent) maar ook van links en links-liberaal: PvdA (2 procent), SP (9 procent) en zelfs D66 (7 procent).

En nog een verschil: al op uitslagenavond verklaarde Caroline van der Plas wél mee te willen besturen, wél verantwoordelijkheid te willen nemen, en wél bereid te zijn compromissen te sluiten.

De komende maanden zal moeten blijken of BBB de zware verantwoordelijkheden van de nieuw verworven macht ook echt aankan. Hopelijk dringt in ieder geval in politiek Den Haag eindelijk het besef door dat het platteland al decennia wordt achtergesteld. Dat zou de grote les van deze verkiezingen kunnen zijn.