Liever luisteren? Hoofdredacteur Ward Wijndelts leest voor.
750 miljard euro. Zoveel gaat het volgens Oekraïne zelf kosten om het land weer op te bouwen na de oorlog. In gezelschap van de rekenmeesters van de WereldBank en de Europese Commissie zong de regering een toontje lager en kwam men uit op 350 miljard euro. Alsnog een gepeperde rekening. De Russische invasie leverde 97 miljard euro aan directe schade op (aan bijvoorbeeld wegen, infrastructuur, gebouwen). De grootste kostenpost is te vinden in de indirecte schade. Denk aan het stil komen te liggen van handel en productie (252 miljard) en het verlies van banen (5 miljoen), wat zich vervolgens weer vertaalt in een toename van burgers die onder de armoedegrens leven (van 2% naar 21%).
Ondertussen ziet het er niet naar uit dat Moskou de invasie zal staken, laat staan dat het om de tafel zal gaan voor vredesonderhandelingen die voldoen aan de voorwaarden van het internationaal recht. Rusland accepteert immers niet dat het de agressor is omdat het dan verplicht zou zijn zich terug te trekken uit het bezette gebied. Moskou wil niet praten over het teruggeven van de Krim (en daarmee de toegang tot de Zwarte Zee) aan Oekraïne. Tegelijkertijd kan Oekraïne zich niet veroorloven nog meer grondgebied te verliezen: het behoud van landbouw en industrie is letterlijk van levensbelang voor de overleving van Oekraïne als staat. Of, zoals minister van Defensie Kajsa Ollongren (D66) het omschreef: ‘Als Rusland stopt met vechten eindigt de oorlog, als Oekraïne stopt met vechten is dat het einde van Oekraïne.’
Het hoofd boven water houden
Het conflict zit grotendeels vast maar is zeker niet bevroren. Er is immers, zo schrijft professor Lawrence Freedman van King’s College, een verschil tussen ‘niet winnen en overduidelijk verliezen’. Het gaat in deze fase van het conflict volgens Freedman niet zozeer om winnen, maar om ‘het voorkomen van een volledig verlies’.
Inmiddels staat de winter voor de deur, is de Oekraïense verdediging vertraagd en staan de pleinen in Rusland niet bomvol anti-oorlogsdemonstranten. Redenen voor Jamie Shea, hoogleraar veiligheidsstrategie aan de Universiteit van Exeter, om nog geen begin van een einde in het conflict te zien, laat staan een fysiek begin van de reconstructie. ‘Het is voor de EU en voor veel NAVO-landen nu vooral een kwestie van Oekraïne helpen het hoofd boven water te houden. Vooral vanuit de Verenigde Staten worden begrotingstekorten aangevuld, want zodra Oekraïne zich genoodzaakt ziet om geld bij te drukken, zal het te maken krijgen met gigantische inflatie.’
Naast militaire middelen heeft ook Nederland – boven op de steun vanuit de Europese Unie – nog eens 70 miljoen euro aan hulp toegezegd.
‘Het gaat bij wederopbouw om zoveel meer dan alleen maar gebouwen repareren en wegen aanleggen.’
Met het voortslepen van de oorlog groeit de schade, en daarmee groeien ook de bedragen die nodig zijn voor wederopbouw. Maar wederopbouw is een kwestie van lange adem, en doordat het conflict voortduurt, krijgt de internationale gemeenschap wel meer tijd. ‘Vaak moeten instituties ook weer opgebouwd worden, het gaat bij wederopbouw om zoveel meer dan alleen maar gebouwen repareren en wegen aanleggen,’ aldus Thea Hilhorst, hoogleraar humanitaire studies aan de Erasmus Universiteit. ‘In eerste instantie zijn het noodreparaties om de boel weer op gang te krijgen. Als er geen elektriciteit is, dan moet dat gewoon hersteld worden.’ Ze verwijst naar de beelden van Cherson, de stad die Oekraïne half november veroverde op Rusland, ‘daar is op dit moment bijna niet te leven. Geen verwarming, geen water, daar zal op korte termijn actie worden ondernomen maar dat is niet echt wederopbouw’.
Ademruimte
Toch begint wederopbouw vaak al voordat de inkt op het vredesakkoord droog is. In sommige gevallen (Angola en Liberia) laaide het geweld weer op. Het ontwapenen en demobiliseren van de strijdende partijen is dus een belangrijke voorwaarde om te kunnen starten. ‘Je gaat niets opnieuw bouwen zolang er nog oorlog is en er gewapende partijen actief zijn,’ aldus voormalig NAVO-topman Jamie Shea. ‘De Europese Unie maakte ooit de fout om in de Gazastrook wederopbouw voor de Palestijnen te financieren, maar de herbouwde luchthaven en televisiestations werden door het Israëlische leger direct weer met de grond gelijkgemaakt.’
Dat vredesonderhandelingen nog ver weg zijn, geeft volgens Shea wel ademruimte voor de internationale gemeenschap. ‘Het is veel lastiger een vliegtuig te repareren als-ie al in de lucht is. Er zijn gelukkig al veel toezeggingen vanuit de EU in termen van geld, maar nu is het moment die om te zetten in tastbare plannen om Oekraïne weer op de been te helpen en zelfstandig bestuurbaar te maken.’
Dat hoeft overigens niet door terug te bouwen wat er al was. ‘Er ligt een gouden kans voor een groene, circulaire economie. Build back better.’
Een mogelijkheid waar ook Thea Hilhorst op wijst. ‘Het klinkt voor veel mensen contra-intuïtief, zo van, is er niets beters te doen, maar juist wederopbouw geeft de kans je af te vragen of je terug wilt naar hoe het was of naar hoe je het wilt hebben.’
Politici zijn immers dol op tastbare resultaten, helemaal als die te herleiden zijn tot de eigen agenda. Zo liet minister van Defensie Kajsa Ollongren (D66) het na de herovering van Cherson niet onbenoemd dat dit een teken was ‘dat de Oekraïense strategie en onze militaire steun werkt’. Oftewel: het leveren van wapens door Nederland wierp zijn vruchten af.
Terugkerende verleiding
Een terugkerende verleiding voor donorlanden is om bij wederopbouw te gaan voor grote, zichtbare infrastructuurprojecten die ook aan de kiezers thuis kunnen laten zien dat hun belastingcenten goed zijn besteed. Maar, waarschuwt professor Hilhorst: ‘Het is belangrijk niet alleen te denken in termen van grote projecten waarbij alles weer terug wordt gezet. Want zeker bij grootschalige projecten zullen bedrijven zichzelf aanbieden en komt er een heel lobbycircus op gang. Het is echt aan de overheid om de regie vast te houden en planmatig te blijven werken.’
‘De bevolking zit vaak niet te wachten op fancy vliegvelden. De behoefte zal eerder liggen bij het repareren van riool, waterleiding en elektriciteit.’
Aan diezelfde overheid de taak om de lokale bevolking als uitgangspunt te nemen. ‘Die zit vaak niet te wachten op fancy vliegvelden, zoals premier Erdogan in Turkije uit de grond heeft gestampt. De behoefte zal eerder liggen bij het repareren van riool, waterleiding en elektriciteit,’ aldus Shea.
Precies hier zal ook voor Nederland de uitdaging liggen. Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Liesje Schreinemacher (VVD) liet de Tweede Kamer eind september weten dat er 50 miljoen euro beschikbaar wordt gesteld voor investeringen in Oekraïne. ‘Onder meer voor export door het midden- en kleinbedrijf en investeringen in bijvoorbeeld landbouwprojecten en wederopbouw van infrastructuur, zoals ziekenhuizen en bruggen, met gebruikmaking van Nederlandse kennis en kunde,’ licht een woordvoerder toe. Hoe dat er precies uit gaat zien is nog onbekend: het kabinet heeft de opdracht gegeven tot ‘het oprichten en verder formaliseren van publiek-private platforms voor de sectoren landbouw, water en gezondheidszorg. Dit zijn sectoren waarin Nederlandse bedrijven bij uitstek expertise hebben en waarin zij in Oekraïne al actief waren voor de oorlog.’ Ook Nederland richt zich bij de wederopbouw dus voornamelijk op tastbare projecten.
Politieke showroom
Te veel aandacht voor de politieke showroom van goed bestede reconstructiegelden, kan op de lange termijn echter zorgen voor het verdampen van diezelfde gelden. Zo wilden de Amerikanen vóór oktober 2004 ruim duizend scholen en klinieken in Afghanistan hebben opgeknapt. De deadline was hard. Op 9 oktober zouden immers de eerste directe verkiezingen in Afghanistan sinds de jaren zeventig plaatsvinden, die volgens Washington mooi hand in hand zouden kunnen gaan met tastbare resultaten van de wederopbouw.
In september 2004 bleken er echter maar honderd projecten te zijn afgerond, voor het merendeel opgeknapte gebouwen. In hun haast waren de Amerikanen uitgegaan van one size fits all bouwlogica. Zo wilden ze graag gebouwen die tegen aardbevingen konden, maar constateerden de Afghanen dat de daken te zwaar waren om zonder hijskraan te kunnen bouwen. Toen de Amerikanen kwamen met een gecorrigeerd ontwerp, bleken de daken weer te licht om de Afghaanse sneeuw te kunnen dragen. In de praktijk bleken de Amerikaanse ontwerpen ook moeilijk uit te voeren voor lokale werklui, wat resulteerde in ‘shoddy work’. Een jaar later constateerde de Washington Post dat er slechts veertig extra gebouwen waren opgeknapt en overgedragen aan de Afghaanse regering. Kostenplaatje: 73 miljoen dollar.
Oekraïense behoefte
Het blijft niettemin verleidelijk voor donorlanden om te werken met grote contracten: het houdt de boel overzichtelijk en efficiënt. Althans, voor de donorlanden. Clingendael-analiste Anette Hoffman: ‘Je moet oppassen dat je lokale bedrijven niet buiten spel zet, want die hebben juist behoefte aan banen en inkomsten.’
De behoeftes gaan sowieso verder dan het vervangen en mogelijk verbeteren van bruggen. Voormalig NAVO-topman Shea: ‘In Afghanistan werden er bruggen gebouwd die nergens naartoe gingen, en zonder een achterliggend wegennet konden de boeren hun spullen niet verkopen op de markt. Het was dus niet zo gek dat ze weer overgingen tot het verbouwen van opiumpapaver.’
Er zal dus moeten worden gekeken naar zogeheten ‘spill over’-effecten, waarbij A (het bouwen van een hogesnelheidslijn, bijvoorbeeld) ook uitnodigt tot B (het opzetten van bedrijvigheid eromheen, zoals fabrieken of universiteiten) en er industriële clusters kunnen ontstaan. Oftewel: passen de plannen in de Oekraïense behoefte?
Goede bedoelingen
Verloren reconstructiegelden zijn immers niet altijd te wijten aan opportunisme en corruptie. Ook aan goede bedoelingen kan een flink kostenplaatje hangen. Zo wilden de Amerikanen graag iets doen aan de ondervoeding van veel Afghanen en adviseerden landbouwexperts om sojabonen te verbouwen. Ondanks waarschuwingen van agronomen – het klimaat is totaal ongeschikt om sojabonen te verbouwen en de infrastructuur niet toegerust op grootschalige sojabonenproductie – werd er 34 miljoen dollar vrijgemaakt om Afghanen aan de sojabonen te krijgen. Nadat de eerste oogsten mislukten (en lokale boeren het soja-technisch meteen voor gezien hielden) besloten de Amerikanen om dan maar zelf bonen te importeren om door de 1,5 miljoen dollar kostende, uit de grond gestampte fabriek in Mazar-e-Sharif bewerkt te worden. Ook dit bleek weinig zoden aan de dijk te zetten. De belangrijkste reden dat de soja-superfoods niet van de grond kwamen, was namelijk over het hoofd gezien: Afghanen houden niet van bewerkt voedsel.
Ongeveer een derde van de reconstructiefondsen voor Afghanistan was verdampt door de focus op samenwerkingsverbanden met lokale ngo’s en bedrijven die er beter van werden, in plaats van de burger.
De onderzoekscommissie Wartime Contracting schatte in 2011 dat ongeveer een derde van het totaal aan reconstructiefondsen voor Afghanistan was verdampt. Een belangrijke les was de focus op samenwerkingsverbanden met lokale ngo’s en bedrijven die er beter van werden, in plaats van de eindgebruiker (de burger).
Bescheiden maar duurzaam
Een tekentafel met ambitieuze vergezichten waar donorlanden weer goeie sier mee kunnen maken mag daarom niet leidend worden. Of het nou gaat om slogans als ‘superfoods’, ‘circulaire economie’ of te koop lopen met ‘onze experts’ die de boel aldaar wel even op orde komen brengen. Annette Hoffman van Clingendael wijst erop dat ervaringen uit Afrika leren dat juist lokale samenwerking zorgt voor bescheiden maar duurzamere resultaten: ‘Als het niet lokaal is gebouwd, wordt het vaak lastiger in stand te houden. Het vormt dan wel een mooie gelegenheid voor je eigen bedrijfsleven om zaken te doen, maar je brengt dan ook bouwimport van buiten en als er iets stuk is, zijn onderdelen lastiger te vervangen.’
Zo kunnen kleinschalige projecten niet alleen het risico beperken als het onverhoopt misgaat of er toch weer gevechten uitbreken, maar kunnen ook de regionale behoeftes beter in kaart worden gebracht. Hoffmann: ‘Een overheid waarmee je samenwerkt hoeft niet altijd op het hoogste niveau te zijn, het hoeft bijvoorbeeld geen hoofdstad te zijn, maar kan ook een gemeente of een conglomeraat van dorpen zijn.’
Lokale samenwerking
Of lokale samenwerking in Oekraïne een grote meerwaarde kan hebben, hangt overigens sterk af van de uitkomst van het conflict. Dat is, zo constateert Thea Hilhorst, in deze fase nog koffiedik kijken: ‘Is Oekraïne straks een volledig Oekraïne of gedeeld Russisch? Vooralsnog heeft de huidige regering legitimiteit en wordt internationaal alom gerespecteerd en erkend. Dat is al een voordeel ten opzichte van andere ervaringen zoals in Afghanistan, waar de regering over een heel groot deel van de bevolking simpelweg geen gezag had.’
Wat de uitkomst van het vredesproces ook zal zijn: grieven zullen er altijd zijn. ‘Je wilt straks dus geen wederopbouwproject opstarten waar bijvoorbeeld het Russisch-sprekende deel van Oekraïne aantoonbaar meer voordeel van heeft, of andersom,’ waarschuwt Clingendael-analiste Hoffmann. Want hoewel wederopbouw vaak verzand in contracttechnische specificaties, is het in principe politiek. ‘De vraag is immers: wie krijgt wat, wanneer en voor hoeveel geld. Dat is politiek van het hoogste niveau.’
Zakenlui en ingenieurs komen volgens haar vaak met een ‘technische bril’, waardoor de politiek sensitieve blik soms wordt vergeten: ‘Inspraak van verschillende groeperingen in een project is wellicht technisch niet nodig bij een project, maar van politiek levensbelang.’
Westers perspectief
Het verwarren van vraag (wat heeft een land zelf nodig) en aanbod (wat kunnen donorlanden leveren) is een veelgemaakte fout, die ook in Oekraïne snel kan worden gemaakt. Denk bijvoorbeeld aan de met veel bombarie aangekondigde Nederlandse digitale ondersteuning (via een cyberteam) aan Oekraïne die nooit actief werd. De Volkskrant wist te melden dat het land ‘al jaren digitale ondersteuning van Amerikaanse en Britse specialisten’ krijgt die eind vorig jaar al diverse teams hadden gestuurd. Oekraïne is technologisch gezien immers niet helemaal van gisteren. Zo is het bedrijf Motor Sich in het zuidoosten een van de grootste helikopter- en vliegtuigmotorbouwers, en levert raketbouwer Yuzmash satelietonderdelen aan meer dan twintig landen (waaronder de VS).
‘Internationale hulp is soms gebaseerd op wat donoren bereid zijn te leveren, in plaats van op wat het land zelf nodig heeft. Terwijl het juist cruciaal is dat hulp opgenomen kan worden in de interne capaciteit van het land.’
David Jackson, onderzoeker bij het – door Nederland mede-opgerichte maar niet langer medegefinancierde – U4 Anti-Corruption Resource Centre in Noorwegen, noemt het een achilleshiel bij internationale hulp: ‘Het is soms gebaseerd op wat donoren bereid zijn te leveren, in plaats van op wat het land zelf nodig heeft. Terwijl het juist cruciaal is dat hulp opgenomen kan worden in de interne capaciteit van het land.’ Inlevingsvermogen is daarbij van groot belang. ‘Zo zag ik in Kosovo hoe westerse landen de problematiek benaderden vanuit een perspectief van “jullie hebben last van corruptie omdat jullie niet zo zijn als wij, dus we gaan experts leveren om jullie volgens ons eigen systeem op te leiden”. De neiging bestaat om een land te benaderen vanuit het vooringenomen idee dat er tekortkomingen zijn die aangevuld moeten worden in plaats van te begrijpen waar de corruptie-uitdagingen vandaan komen,’ aldus Jackson.
Tekort aan bonnetjes
Verloren reconstructiegelden zijn er daarom niet alleen in Afghanistan. Zo verdampte er in Irak 8 miljard aan reconstructiedollars. Althans, dat was volgens inspecteur-generaal voor de wederopbouw in Irak, Stuart Bowen, tien jaar na de invasie in Irak ‘de meest conservatieve schatting’. Zijn onderzoekscommissie publiceerde in 2013 een vernietigend rapport over de mislukte reconstructie die de Amerikaanse belastingbetaler in de periode 2003 tot 2012 gemiddeld 15 miljoen euro per dag had gekost. Projecten werden opgestart maar nooit afgemaakt, zoals de $40 miljoen kostende (en nog altijd leegstaande) gevangenis in de Diyala provincie. Sommige projecten kregen meer dan nodig was: een school die vroeg om $10.000 voor materialen (zoals boeken en meubels) kreeg om onverklaarbare redenen $70.000 toegewezen. Wat daar precies van is aangeschaft was niet na te gaan, vrijwel alle projecten kampten met een chronisch tekort aan bonnetjes. Andere lokale ambtenaren wezen miljoenencontracten toe in ruil voor ‘dure auto’s, business class vliegtickets, computers, juwelen en andere items’. Bowen vertelde aan de Amerikaanse website Wired dat er ‘niet eens een informatiesysteem was dat alle bouwprojecten bijhield’.
Dat er geld te halen viel na de oorlog, was ook af te lezen aan de 174.000 man contractpersoneel die in 2009 in Irak aan het werk waren: meer dan de Verenigde Staten ooit aan troepen heeft gehad.
Langdurige stabiliteit
Cowboy-investeerders zijn er altijd, maar zijn volgens Clingendael-analiste Anette Hoffmann ook goed op afstand te houden. ‘Die komen een winstmarge halen, dus je kunt als overheid in je aanbesteding prima aanvullende eisen opnemen die verder gaan dan de beste brug voor de laagste prijs.’
Een aanvullende eis kan bijvoorbeeld zijn dat bedrijven laten zien hoe ze met bepaalde risico’s, zoals corruptie, om zullen gaan. Hoffmann: ‘Je wilt namelijk niet alleen mensen die kennis hebben van de regio, maar je wilt dat ze ook de risico’s zien en zich daar bewust van zijn. Je zal dus je eisen gedetailleerder moeten formuleren.’
Wetenschappers waarschuwen dan ook dat politieke haast en spoed, zelden goed is. Als snelle, zichtbare resultaten belangrijker worden geacht dan integriteit, kan internationale hulp structurele corruptie juist faciliteren, waarmee het alleen maar verder wordt geïnstitutionaliseerd. ‘Als je corruptiebestrijding onderhandelbaar maakt en bijvoorbeeld wegstreept tegen een ander korte-termijndoel zoals snel een project van de grond krijgen of veiligheid, dan krijg je dat vroeg of laat terug op je bord,’ constateert anti-fraudeonderzoeker David Jackson. ‘De internationale gemeenschap is in het verleden niet heel erg dapper geweest met betrekking tot het aankaarten van corruptie op cruciale momenten. Ze hebben ongemakkelijke discussies en moeilijke keuzes hierover in het algemeen vermeden, terwijl corruptie juist de instituties uitholt die je wilt opbouwen voor de lange termijn.’
Het succes van de trainingsmissies in Bosnië en Afghanistan lag in het creëren van een politie- en legermacht, zonder na te denken over wat er nodig was voor langdurige stabiliteit.
Als voorbeelden noemt hij de reconstructie van Bosnië, maar ook later in die van Afghanistan lag de nadruk erg op het opbouwen van ‘capaciteiten’, zonder er zorg voor te dragen dat de instituties geen private belangen dienden maar juist werkten voor de burgers.
Zo werd in Bosnië de politiemacht sinds begin jaren negentig internationaal getraind zonder veel aandacht te schenken aan de politieke invloeden. Invloeden die duidelijk naar voren kwamen toen eerder dit jaar Bosnische politici de politiemacht inzetten als knokploegen tegen anti-regeringsprotesten. In Afghanistan werd een spookleger getraind: in 2017 verwijderde de Amerikanen dertigduizend niet bestaande militairen van de loonlijst. Het succes van beide trainingsmissies lag vooral in het creëren van een politie- en legermacht, zonder na te denken over wat voor politie of legermacht nodig was voor langdurige stabiliteit.
Geen taboe
Het zijn pijnlijke ervaringen, maar die hebben er wel voor gezorgd dat corruptie niet langer een taboe is. Waar VN-vertegenwoordiger Jacques Klein in de jaren negentig nog door de Bosnische president Alija Izetbegovic voor ‘anti-moslim’ werd uitgemaakt toen hij zijn zorgen uitte over de hoge niveaus van corruptie in het land, lieten de Europese Commissie (bij monde van Ursula von der Leyen) en Duitsland (kanselier Olaf Scholz) weten dat ‘coördinatie en transparantie’ randvoorwaarden zijn ‘om de internationale bereidheid te investeren in de wederopbouw van Oekraïne te garanderen.’
Het is, zo stelt David Jackson, van groot belang om corruptie als onderwerp ook uit de taboesfeer te houden. Juist bij een land als Oekraïne waar de mate van corruptie ook vóór de oorlog een probleem vormde, kan het niet over het hoofd worden gezien. ‘Rusland maakt dankbaar gebruik van het narratief dat Oekraïne een corrupt land is waar nooit iets van de grond zal komen. We moeten oppassen dat uit angst Rusland in de kaart te spelen, deze reële en wezenlijke problemen weer taboe worden verklaard.’
En zelfs als er een vredesverdrag zal worden getekend, zal hiermee de dreiging vanuit Rusland niet verdwijnen. Rusland zal juist proberen te infiltreren in een kwetsbare economie. ‘De Oekraïense oligarchen zijn heus niet zoveel beter dan de Russische, dat moeten we ook niet pretenderen. Oekraïne was al voor de invasie kwetsbaar,’ aldus Shea. ‘De vraag is: hoe maak je Oekraïne weerbaar? Je moet erover nadenken voordat je gaat rondschuiven met geld, stel haalbare prioriteiten en zorg voor goede controlemechanismen.’
Risico’s in kaart brengen
Er is, kortom, werk aan de winkel. ‘Een manier om je daarop voor te bereiden, is goed in kaart brengen hoe de economie in elkaar zat voor de oorlog,’ stelt Clingendael-analist Anette Hoffmann. ‘Wat zijn de grote bedrijven op het gebied van constructie, elektriciteit, water, telecommunicatie en welke economische sectoren zijn belangrijk voor het lokale bedrijfsleven en de bevolking.’
Hoffmann wijst erop dat donorlanden zoals Nederland op basis hiervan risico’s in kaart kunnen brengen. ‘Welke mensen zitten achter die bedrijven, hoe verhouden zij zich tot politici en politieke partijen? Zijn er corruptieschandalen, onder welke andere naam opereerde dit bedrijf eerder?’
Het in kaart brengen daarvan voordat de miljoenen vrijkomen, kan voorkomen dat er miljoenen verdwijnen. ‘En daar kun je nu al mee beginnen, in samenwerking met Oekraïense instanties en universiteiten, daar zit al heel veel kennis,’ aldus Hoffmann.
Het ziet ernaar uit dat de wederopbouw van Oekraïne de grootste internationale wederopbouw zal zijn sinds de Tweede Wereldoorlog. Daar mag best wat tegenover staan. ‘Het moet haalbaar zijn, maar er zijn duidelijk voordelen te behalen voor Europa wanneer Oekraïne economisch gezien meer integreert: toegang tot steenkool, gas, wederzijdse handel, maar ook voedsel dat nu vooral naar Afrika wordt geëxporteerd,’ constateert Shea. Het zal, zo voegt hij toe, geen makkelijk verhaal zijn om Europa-breed aan de man te brengen. ‘We hebben te maken met inflatie, toenemende armoede, opkomst van populisme. Het is in ons belang om niet zomaar geld weg te geven zonder dat daar rekenschap over wordt afgelegd.’
‘Als een schandaal uitkomt en als resultaat hiervan mensen worden gearresteerd, is dat een teken dat het systeem zelfreinigend vermogen heeft,’
Daarnaast moet ook niet worden vergeten dat – in tegenstelling tot Afghanistan of Irak – Oekraïne wel degelijk op Europa zit te wachten: 85% van de inwoners is voor toetreding tot de EU. ‘Oekraïne heeft een sterk ontwikkelde burgermaatschappij, ondanks de corruptie. Het electoraat is goed geïnformeerd en hecht in toenemende mate belang aan anti-corruptie,’ zegt David Jackson.
Hoewel de angst voor verhalen over corruptie en verdwenen hulpgelden een obstakel kan vormen, zullen er zeker incidenten zijn, alleen al vanwege de omvang van de wederopbouw is de vraag niet ‘of’, maar ‘in welke omvang’. Schandalen zijn in een kwetsbare omgeving immers simpelweg niet te voorkomen, maar de internationale gemeenschap heeft in ieder geval de tijd om na te denken hoe die zoveel mogelijk in te dammen. ‘Sterker nog, als een schandaal uitkomt en als resultaat hiervan mensen worden gearresteerd, dan is dat een teken dat het systeem zelfreinigend vermogen heeft,’ aldus Jackson.
Daarbij gaat het niet alleen om Oekraïense corruptie, ook bij westerse bedrijven en hulporganisaties bleek corruptie in het verleden regelmatig voor te komen. Hier te bekrompen mee omgaan, kan juist zorgen voor een vertrouwensbreuk met de Oekraïners. ‘Want als de internationale gemeenschap niet meer te vertrouwen is, wie dan nog wel?’
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.