In Harlingen heit de boortoren van Frisia Zout elke dag dieper in beschermd Waddengebied. De NAM staat in de startblokken om in 2021 vier tot zeven miljard kuub gas onder het wad bij Ternaard te winnen. Dit terwijl wetenschappers waarschuwen dat de Wadden nog voor het eind van deze eeuw dreigen te verdrinken door bodemdaling en de stijgende zeespiegel. Hiermee verdwijnen de karakteristieke wadplaten en kwelders, waar miljoenen trekvogels afhankelijk van zijn. Waarom grijpt de overheid, hoeder van ons Werelderfgoed, niet in?

Deze vraag houdt de bevolking en natuurorganisaties bezig nu er allerlei nieuwe plannen liggen voor het Waddengebied.

De Waddenvereniging, gesteund door een groot deel van de Tweede Kamer, vindt het onbegrijpelijk en roept op tot stopzetten van alle nieuwe winningsplannen, totdat onafhankelijk onderzoek uitwijst dat grondstofwinning niet tot onherstelbare schade leidt. Maar het lijkt tevergeefs. Het ministerie van Economische Zaken laat in een reactie weten dat zij geen reden ziet om te stoppen, omdat volgens rapportages en metingen, aangeleverd door de commerciële winningsmaatschappijen zelf, de schade beperkt blijft.

‘Het leek wel een maanlandschap, vol kraters. Tweehonderd zeehonden waren op de vlucht.’

De reactie van de regering is opvallend, omdat de onafhankelijke Auditcommissie, die al dertien jaar de monitoring van gaswinning onder de Waddenzee beoordeelt, zich in haar laatste rapportage hardop afvraagt of mijnbouw ‘met de hand aan de kraan’ wel voldoende effectief is om langetermijngevolgen van gaswinning in het Waddengebied te voorkomen.

Onder druk van de Tweede Kamer heeft minister Wiebes nu toegezegd dat nog dit jaar een onafhankelijk panel wordt ingesteld voor nader onderzoek. De toezegging is een kleine overwinning in de al vijftig jaar durende strijd tegen mijnbouw in het gebied.

Dubbele boodschap

Waddenschilder Geurt Busser is actievoerder van het eerste uur. Al 34 jaar is hij drie tot vier dagen in de week op het wad te vinden met zijn ‘varend atelier’. Na een jarenlang juridisch gevecht met de autoriteiten, kreeg hij in 1993 een vergunning om te werken in het beschermde natuurgebied. Het ministerie van Landbouw, Natuur en Visserij wees zijn aanvraag in eerste instantie af. Volgens een juriste van het ministerie zou hij de rust van de zeehonden verstoren.

Toen de schilder, na drie jaar procederen, weer mocht varen bij Rottum, kon hij zijn ogen niet geloven. Busser: ‘De NAM wilde een hefeiland plaatsen. Het seismisch onderzoek bracht ondergrondse explosies, terreinwagens, speedboten en tachtig man personeel met zich mee. Het leek wel een maanlandschap, vol kraters. Tweehonderd zeehonden waren op de vlucht.’

Niet lang daarna trof Busser op een hoorzitting over de gaswinning dezelfde juriste van het ministerie, die ditmaal met droge ogen verkondigde dat de werkzaamheden van de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) de rust in het gebied niet verstoorden.

De overheid is enerzijds hoeder van een beschermd natuurgebied, anderzijds grootverdiener van grondstofwinning in het gebied.

Deze dubbele boodschap is volgens de kunstenaar typerend voor de politiek. Als de mijnbouw ter discussie staat, spreken ministers over een ‘robuust gebied’ dat wel tegen een stootje kan. Tegelijkertijd bestempelt de overheid het gebied als zo kwetsbaar dat het een Waddenfonds van achthonderdmiljoen nodig heeft voor natuurherstel.

Het toont de lastige spagaat waar de Nederlandse overheid zich in heeft gemanoeuvreerd: enerzijds hoeder van een beschermd natuurgebied, anderzijds grootverdiener van grondstofwinning in het gebied.

Dreigementen

Na de vondst van de gasbel in Groningen in 1959, begon de NAM in de jaren zestig met haar zoektocht naar olie en gas onder de Waddenzee. De regering kon in eerste instantie haar geluk niet op. De opgespoorde kleine gasvelden onder de Wadden leverden naar schatting zeshonderd tot duizend miljoen gulden extra per jaar op voor de staatskas.

Politieke partijen droomden hardop over de prachtige dingen die de regering met dit geld kon doen, zoals: ‘uitbouw voor de zorg aan ouden van dagen en steun aan onderontwikkelde gebieden.’

Pas in 2019 lekte een vertrouwelijk document uit, waaruit bleek dat de staat niet alleen aandeelhouder was, maar ook mede-exploitant en mede-vergunninghouder van de NAM.

Of mijnbouw schadelijk was voor het Waddengebied en haar bewoners speelde in de discussie amper een rol. De vraag op welke wijze de staat zoveel mogelijk kon profiteren van de opbrengsten, domineerde het debat.

Links pleitte voor nationalisatie van de bodemschatten of ten minste staatsdeelname in de mijnbouw, terwijl rechts bleef benadrukken dat het belang van de regering geen afbreuk mocht doen aan de belangen van particuliere ondernemers.

Opvallend was dat ook binnen- en buitenlandse olieconcerns zich openlijk mengden in het politieke debat door publiekelijk dreigementen te uiten omdat de staat wilde meeprofiteren.

Uiteindelijk sloot het kabinet in 1963 een geheime deal met de NAM, waarin de staat als aandeelhouder flink profiteerde van de aardgasbaten. De NAM kreeg in dezelfde periode eeuwigdurende concessies voor exploitatie van het Groninger gasveld en voor een deel van de gasvelden in de Waddenzee. Saillant detail: pas in 2019 lekte een vertrouwelijk document uit, waaruit bleek dat de staat niet alleen aandeelhouder was, maar ook mede-exploitant en mede-vergunninghouder.

Ernstig verdeeld

De vijf Waddeneilanden en ook de Friese Staten begonnen zich ondertussen toch wel zorgen te maken over een nieuw ‘Texas in de Waddenzee’. Het ministerie van Economische Zaken wuifde de bezwaren weg, maar de inwoners van Ameland waren niet overtuigd. Uit een enquête bleek tachtig procent van de bevolking tegen. Lokale politici waren ernstig verdeeld.

Het spel werd hard gespeeld. De Gasunie liet de Amelander gemeenteraad weten dat het eiland niet op het gasnet zou worden aangesloten als zij de gaswinning tegenhielden.

De verdeeldheid hield aan en ook binnen de Tweede Kamer nam de weerstand toe. Minister Terlouw verklaarde in 1981 dat de gaswinning simpelweg niet meer te stoppen was, omdat bij onteigenen van de concessie de NAM met een miljoenenclaim dreigde.

Uiteindelijk gaat de politiek altijd akkoord en paait zij de lokale bevolking met financiële steunfondsen voor lokale ontwikkelingsprojecten.

Het is een patroon dat zich elk decennium zal herhalen. Olie- en gasconcerns willen boren, natuurbewegingen en de lokale bevolking zijn tegen en de landelijke politiek is verdeeld. Ondertussen speelt de NAM ‘good cop, bad cop’ door enerzijds met miljoenenclaims te dreigen en aan de andere kant geruststelling te geven door te wijzen op (eigen) onderzoek, dat zegt dat eventuele schade minimaal zal zijn.

Uiteindelijk gaat de politiek altijd akkoord en paait zij de lokale bevolking met financiële steunfondsen voor lokale ontwikkelingsprojecten. Precies zoals anno nu het Friese Ternaard zestig miljoen euro is beloofd bij groenlicht voor nieuwe gaswinning.

Goedkoop cadeautje

De aardbevingen in Groningen hebben inmiddels laten zien dat de schade veel groter is dan verwacht en dat bodemdaling ook na het dichtdraaien van de gaskraan doorzet.

Het draagvlak voor boringen onder de Waddenzee is in de Tweede Kamer minimaal. Zo werd in 2018 een amendement aangenomen dat nieuwe opsporingsvergunningen in de Wadden verbiedt. ‘Een goedkoop cadeautje van de regering,’ volgens Frank Petersen van de Waddenvereniging.

Hij legt uit: ‘Het klinkt heel stoer, maar alles wat in de bodem zit, is in de jaren zestig al opgespoord. Een vergunning voor nieuwe winningsplannen is nog steeds toegestaan, terwijl de gewone man denkt dat alles nu goed geregeld is.’

Dat is precies wat nu aan de orde is bij de winning van zowel zout als gas. Met als nieuwste bedreiging de zoutwinning onder het wad bij Harlingen. De Provinciale Staten zat met zoutwinning onder het Friese vasteland in haar maag vanwege de vele schades en protesten van omwonenden.

De Staten stelden daarom in 2016 na overleg met Frisia Zout voor om de zoutwinning te verplaatsen naar de Waddenzee. Volgens de Staten had het ministerie hen voorgespiegeld dat bij stopzetting de concessie met honderden miljoenen euro’s moest worden afgekocht.

Uit onderzoek van Omrop Fryslân blijkt echter dat de zoutwinning zonder consequenties stopgezet had kunnen worden door het ministerie van EZ. De Provinciale Staten waren helemaal geen beslissingsbevoegde partij.

Het zoutwinningsbedrijf heeft beloofd een verbeterslag te maken, maar net als bij gaswinning, is het weer de slager die zijn eigen vlees keurt.

Het zoutbedrijf is inmiddels begonnen met voorbereidende werkzaamheden in Harlingen. In 2021 moet de zoutwinning volledig in productie gaan. De winning is toegestaan zolang de natuur geen schade ondervindt. De onafhankelijke auditcommissie waarschuwt Frisia dat de huidige nulmeting tot dusver onvoldoende is om gevolgen voor de natuur goed te monitoren. Het zoutwinningsbedrijf heeft beloofd een verbeterslag te maken, maar net als bij gaswinning, is het weer de slager die zijn eigen vlees keurt.

Beschermd Werelderfgoed

Als de Nederlandse staat zo’n groot belang heeft bij de economische exploitatie van het gebied, rijst de vraag waarom zij de Wadden hebben genomineerd voor de beschermde status van UNESCO Werelderfgoed. In 2009 is de status toegekend. Bestaande mijnbouwactiviteiten blijven toegestaan, mits deze geen onherstelbare schade aanrichten.

De Waddenvereniging heeft de bij UNESCO’s hoofdkantoor in Parijs aandacht gevraagd voor de gevaren van mijnbouw in het Waddengebied. In een brief heeft het hoofdkantoor de Nederlandse regering om opheldering gevraagd, maar of dit effect sorteert, is nog onduidelijk. Er gaat een bureaucratisch pingpongspel in briefvorm aan vooraf voordat een klacht daadwerkelijk behandeld wordt op de overlegtafel.

De Nederlandse UNESCO Commissie neemt zolang de procedure loopt geen officieel standpunt in over de kwestie.

Wel laat de voorzitter van de commissie, Kathleen Ferrier, weten dat zij de zorgen van wetenschappers over de gevolgen van gas- en zoutwinning in het waddengebied zeer serieus neemt. ‘Het gaat hier om een natuurgebied met een uniek microklimaat in een dynamische omgeving. Daarom is monitoring van de bodemdaling door de overheid van belang en er moet een duidelijke langetermijnstrategie ontwikkeld worden. Daarbij zouden ook, bij het beoordelen van de zeespiegel, de na-ijleffecten van zout- en gaswinning meegenomen moeten worden.’

Een woordvoerder voegt daaraan toe: ‘Werelderfgoed ben je voor het leven. Dit betekent dat je als politiek niet alleen maar kan denken in periodes van vier jaar, want je committeert je aan het behoud van werelderfgoed voor toekomstige generaties. Je legt jezelf hiermee een grote verantwoordelijkheid op, maar dat is wel waar de politiek heel bewust voor heeft gekozen. Dat betekent overigens niet dat er niets meer mag. De Wadden zijn een dynamisch gebied waar natuur, toerisme, visserij en economie allemaal een plaats hebben. Het is aan de Nederlandse staat om binnen dit speelveld de verantwoordelijkheid te nemen voor het behoud van de Wadden.’

De kip met gouden eieren

Het kabinet is niet alleen verantwoordelijk voor het beschermen van de Waddenzee, maar ook voor economische ontwikkeling. Hier bovenop komt verantwoordelijkheid voor de transitie naar een duurzaam energiesysteem, in de strijd tegen klimaatverandering.

Een opgave die haaks staat op gaswinning. Binnen dit complexe speelveld van tegenstrijdige belangen probeert de overheid verschillende partijen tevreden te houden. Zo heeft zij de verschillende stakeholders in het Waddengebied ‘gebruiksruimte’ toebedeeld.

‘Er kan veel, maar uiteindelijk is de vraag: waar ligt de prioriteit? Hoeveel is het je waard dat een gebied behouden blijft?’

Waddenschilder Busser is kritisch: ‘De NAM neemt een grote hap, daarna komen de enorme veerboten en watertaxi’s die dag en nacht op en neer pezen. De visserij en zelfs ik, een kunstschilder, hebben moeite een beetje gebruiksruimte los te peuteren. Ondertussen gaat bij deze strijd de intrinsieke waarde van de Wadden verloren. Het is de kip met gouden eieren slachten. De stilte verdwijnt door het geroep om stilte. De rust verdwijnt door het geroep om rust. Onthaasters die elkaar met drommen vertrappen.’

Busser raakt een gevoelige snaar, die ook door de Nederlandse Unesco Commissie wordt herkend: ‘Er kan veel, maar uiteindelijk is de vraag: waar ligt de prioriteit? Hoeveel is het je waard dat een gebied behouden blijft?’

Het antwoord op die vraag ligt bij de politiek. Of zoals de Waddenvereniging zegt: ‘De bal ligt in Den Haag, op het kantoor van minister Wiebes.’