In het Engels scheelt het slechts één letter: ‘wealth’ en ‘health’. Het zou echter een totaal andere samenleving opleveren als niet materiële welvaart en economische groei, maar gezondheid het doel van de economie zou zijn. ‘Steeds duidelijker blijkt dat het op groei gerichte kapitalisme een doodlopende weg is. Het heeft rijkdom gebracht, maar er ook toe geleid dat het klimaat ontspoort, de natuur wankelt, de ongelijkheid toeneemt en ons welzijn steeds meer onder druk staat,’ zegt de Britse ecologisch econoom en hoogleraar duurzame ontwikkeling Tim Jackson via Zoom. Hij pleit daarom voor een postgroei-samenleving, en volgens hem kan een zorgeconomie daarvoor de blauwdruk bieden. Tijdens de eerste driedaagse Beyond Growth Conference, die het Europees Parlement afgelopen mei organiseerde, hield hij hierover twee bevlogen voordrachten.

Meer lezen?Het nieuwe nummer ligt nu in de winkels.19 september 2023

De vraag wat welvaart kan betekenen op een eindige planeet houdt Jackson al decennia bezig en staat centraal binnen het Centre for the Understanding of Sustainable Prosperity (CUSP) waarvan hij sinds 2016 directeur is. Door de groeiobsessie faalt ons politieke en economische systeem in zijn basisopdracht: het garanderen van bestaanszekerheid voor mensen, schrijft hij in zijn laatste boek Post Growth. Life after Capitalism, vorig jaar in België verschenen als Voorbij de groei. Het leven na het kapitalisme.

De kern van zijn betoog: een goed leven hoeft niet ten koste te gaan van de aarde. Welvarende landen moeten bedenken hoe ze welvaart kunnen creëren terwijl ze minder grondstoffen en energie gebruiken. Jackson: ‘Dat kan, als ze meer inzetten op werk dat in economische zin minder productie oplevert, maar wel bijdraagt aan welzijn, zoals zorg, onderwijs, kunst en ambachtelijk werk.’

U noemt groeidenken een culturele mythe. Hoe bedoelt u dat?

‘Ik gebruik het woord mythe op een vriendelijke manier, in de zin dat elke cultuur en elke samenleving een mythe over haar bestaan kent. Daarvoor geldt dat we niet de neiging hebben die in twijfel te trekken en dat we er trouw aan zijn, omdat we ons er niet van bewust zijn. Voor ons is dat de mythe van groei. We hebben al onze aannames op basis hiervan gevormd en hebben instituties gebouwd die erop gebaseerd zijn. Ik noem het een mythe, omdat die diepgaand verweven is met elk deel van onze levens.

‘De overheid wordt het toneel van tegenstrijdige belangen. Ze wil enerzijds de economie en groei beschermen en anderzijds de burgers en hun welzijn.’

Omdat ik daar al lang over nadenk, ben ik er gevoelig voor en kan ik het voortdurend horen in politieke taal. Het grappige is dat, hoewel er nu veel meer vragen over groei worden gesteld, je het toch zo duidelijk blijft horen. Bijna alle politici hebben het erover dat het verschil tussen hun partij en andere partijen is dat zíj kunnen zorgen voor groei. Zo willen ze laten zien dat ze verantwoordelijke, fatsoenlijke, vooruitziende en succesvolle politici zijn.’

Om mensen gerust te stellen, zodat die op ze blijven stemmen?

‘Ja, en dat werkt ook zo. Want het punt van een mythe is dat die niet alleen leeft in de politiek, in onze instituties en onze cultuur, maar ook in onszelf. Het idee van groei is goed, groei staat gelijk aan banen en meer is beter, is gebaseerd op een naturalistische analogie. We houden de groei van onze kinderen nauwgezet bij en zijn gewend geraakt aan het idee dat groei iets goeds is, omdat we het associëren met bloei. Maar we willen natuurlijk niet dat onze kinderen blijven doorgroeien. Als je een mythe wilt baseren op de natuur, zou die veel meer moeten denken in cycli van groei en verval. Maar wat we doen met onze groeimythe, is simpelweg de tweede helft van die cyclus afsnijden, omdat we daar niet graag naar kijken. Want we houden er niet van dat dingen uiteindelijk vervallen, verslechteren en sterven. Daarom vestigen we onze hoop op slechts de helft van de levenscyclus.

De kracht hiervan is gigantisch. Ik heb door de jaren veel gesprekken gehad over groei, ook met gewone mensen, en ook zij formuleren nog steeds het standpunt dat groei goed is. Natuurlijk klopt dat voor een deel. Maar als je het hele verhaal over onze samenleving en al onze verwachtingen baseert op een mythe, namelijk het idee dat groei altijd kan doorgaan en dat technologie al onze problemen zal oplossen, botst dat na verloop van tijd met de realiteit. Dan is een mythe niet alleen niet langer functioneel, maar wordt die zelfs schadelijk.’

Omdat we inmiddels bijna alle planetaire grenzen overschrijden?

‘In 2009, toen het Stockholm Resilience Center een onderzoek publiceerde naar de planetaire grenzen, werden we ons er voor het eerst van bewust dat we sommige van die grenzen dreigden te overschrijden. Dat er vervolgens vastgehouden is aan het idee van economische groei, is wat jonge mensen zoals Greta Thunberg inspireerde om het te hebben over sprookjes.’

U vindt dat duurzame welvaart niet gericht moet zijn op groei, maar systematisch gezondheid centraal zou moeten stellen. Waarom?

‘Dat was in een aantal opzichten een eenvoudige les van de pandemie. We merkten toen dat, als puntje bij paaltje komt, we ervoor kiezen levens van mensen en hun gezondheid te verdedigen. Ook realiseerden we ons hoe belangrijk dat deel van de economie is: de gezondheidszorg, onze ziekenhuizen, de beschikbaarheid van gezonde voeding, de mogelijkheid te leven op veilige plaatsen met schone lucht en een goede volksgezondheid. We zagen toen ook dat het zo veelvuldig voorkomen van obesitas, hart- en vaatziekten en diabetes ten gevolge van de enorme overconsumptie betekent dat een bevolking minder veerkrachtig is tijdens een pandemie, zoals de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) ook heeft aangegeven. Nog los van hoe slecht dat is voor individuen.

De negentiende-eeuwse filosoof John Ruskin zei al: de eerste rijkdom is gezondheid. Er ís geen welvaart zonder gezondheid. Een ruimere opvatting van welvaart als gezondheid gaat niet alleen over fysieke gezondheid, maar ook over mentaal welbevinden. En het gaat niet alleen over individuen, maar over gemeenschappen, en niet alleen over mensen, maar ook over andere soorten, ecosystemen en de planeet. Als je vraagt wat mensen zelf het belangrijkst vinden, staat gezondheid – van henzelf, hun familie, gemeenschap en leefomgeving – ook bovenaan hun lijstje. Gezondheid als metafoor is een heel bruikbaar startpunt om na te denken over welvaart. Het wijst namelijk onmiddellijk in een andere richting dan groei. Want als je welvaart opvat als rijkdom, dan wil je er altijd méér van. Terwijl gezondheid altijd draait om balans. Want er is dan een punt waar wat je hebt toereikend is en waar “meer” niet beter is. Aristoteles had het al over het belang van de balans tussen tekort en overdaad voor eudaimonia, het goede leven.

Balans is een veel beter uitgangspunt voor een verhaal voor onze cultuur, of mythe, als je het zo wilt noemen, en voor onze aspiraties en doelen. Een gezond organisme streeft niet naar steeds meer. Maar wij hebben welvaart ingebed in een bepaalde vorm van economie, kapitalisme, waarin het streven naar meer de drijvende kracht is waar we alles rond organiseren. Een kenmerk van kapitalisme is dat het niet herkent wat “voldoende” is. En zelfs als het dat punt wel zou herkennen, weet het niet hoe het kan stoppen.’

‘Als je erkent dat materialisme en consumentisme de planeet verwoesten en ons niet gelukkig maken, moet je op zoek gaan naar iets beters.’

Als welvaart wordt opgevat als gezondheid, betekent dit dat zorg het leidende principe van de economie zou moeten zijn. Waarom pleit u voor een zorgeconomie?

‘Zorg is een sector die bijdraagt aan de kwaliteit van leven, met een relatief lage materiële, energie- en CO2-voetafdruk, die veel werkgelegenheid biedt en die ook – als de omstandigheden goed zijn ingericht – erg bevredigend werk kan betekenen. Het is economisch gezien dus een goede plek. Het gaat om zorg van mensen voor elkaar en voor de leefomgeving. Het fundamentele punt is echter: het kapitalisme doet niet aan zorg. Dat heeft te maken met een wezenlijk kenmerk van zorg: het vraagt tijd, want het gaat om aandacht. Daarmee staat het haaks op de drang naar meer productiviteit die kapitalisme centraal stelt. Daarom zien we dat de zorgsector al decennia te maken heeft met bezuinigingen en dat dezelfde zorgmedewerkers voor wie we applaudisseerden tijdens de pandemie nog steeds moeten strijden voor fatsoenlijke salarissen.’

Volgens sommige mensen is economische groei noodzakelijk voor voldoende welvaart, zodat we gezondheidszorg kunnen betalen. Hoe kijkt u daarnaar?

‘Dat klopt totaal niet, het is juist andersom: gezondheid vormt de basis van al onze welvaart. Het is een hardnekkige misvatting dat rijkdom op de eerste plaats komt en gezondheid op de tweede en dat we de zorg alleen kunnen betalen als het economisch goed gaat. Zonder gezondheid ís er geen rijkdom. En zonder zorg is er geen economie. Zorg is het onzichtbare hart van onze economie. Feministische economen wijzen hier al lang op. Zorg is geen luxeartikel, maar een fundamentele investering.’

 

Dochteronderneming van de natuur

Niet alleen zorg, ook natuur komt er per definitie bekaaid vanaf in het kapitalisme, constateert Jackson. Maar de economie staat niet los van de natuurlijke wereld. ‘Economie is voor de volle honderd procent een dochteronderneming van de natuur,’ schrijft hij in Voorbij de groei. Zoals veel ecologisch economen is hij niet opgeleid als klassiek econoom; hij studeerde wis- en natuurkunde en filosofie. De ramp met de kerncentrale in Tsjernobyl in 1986 was voor hem een wake-up call en daarna ging hij voor Greenpeace werken aan duurzame energie. In 2009 verscheen zijn internationaal invloedrijke boek Prosperity without Growth, dat hij aanvankelijk schreef als advies aan de Britse overheid. Sindsdien worden er volgens hem alsmaar meer vraagtekens gezet bij groei en ziet hij de discussie over degrowth – ontgroeien – steeds turbulenter worden.

Dat heeft volgens hem verschillende redenen. Zo merken politici de laatste jaren dat groei moeilijker realiseerbaar is. Ook lukt het niet om voldoende technologische investeringen te doen om duurzame doelen te halen en toch te blijven groeien. Tijdens de pandemie – een experiment in non-kapitalisme, aldus Jackson – is veel nagedacht over wat voor een economie we willen. ‘Vlak erna begon de oorlog in Oekraïne. Die confronteerde ons ermee dat het niet goed is om afhankelijk te zijn van dictators of autocratische regimes.’

Denkt u dat het mogelijk is om een postgroei-economie te realiseren binnen het huidige democratische systeem?

‘Nee, want ik denk dat dit systeem ernstige fouten bevat. Die volgen niet uit de principes van democratie, maar uit de manier waarop we democratische participatie vormgeven. Want de structuren en instituties hebben de democratische legitimiteit in sommige opzichten uitgehold. Zo hebben we in het Verenigd Koninkrijk een belachelijk kiesstelsel met districten, dat niet eens representatief is voor de bevolking. Maar zelfs in representatieve democratieën heb je een probleem, in die zin dat garanderen dat bedrijven succesvol kunnen zijn als hoofdtaak van regeringen wordt gezien, omdat dat ons welvaart bezorgt en het mogelijk maakt te betalen voor zaken zoals zorg. Dat betekent dat de overheid het toneel van tegenstrijdige belangen wordt. Want ze wil enerzijds de economie en groei beschermen en anderzijds de burgers en hun welzijn.

Ik zag dat duidelijk toen ik Economisch Commissaris was. Het Verenigd Koninkrijk was in 2008 wereldwijd het eerste land met een klimaatwet, maar ging ook aan kop met de neoliberale economie, had gedereguleerde financiële instituties en had haar eigen bank op afstand geplaatst van besluitvormingsprocessen. De manier waarop de private sector werd bevoordeeld, hoewel het een Labourregering was, leidde tot een economische ineenstorting. Daarna werden bezuinigingen gezien als het enige politiek realistische antwoord op de financiële crisis. Met het kapitalisme hebben we een problematische relatie gecreëerd tussen de staat en de markten, waardoor staten niet langer goed in staat zijn hun plichten voor het beschermen van gewone burgers na te komen. Dat is gevaarlijk voor de democratie.’

Omdat het leidt tot populisme?

‘Ja, want je pretendeert dat er democratische participatie is en dat mensen via verkiezingen politici kunnen kiezen die opkomen voor hun belangen en het algemeen belang. Als vervolgens blijkt dat vooral de belangen van degenen met geld, bezit en macht en bedrijfsbelangen worden verdedigd, met als argument dat dit groei zal opleveren, ervaren mensen rechteloosheid en desillusie. Dat leidt tot populisme en draagt bij aan een post-truth en postdemocratische wereld waarin democratie een vijgenblad, een illusie, wordt voor macht. Kijkend naar hoe onze democratieën zich ontwikkeld hebben, verwacht ik niet dat het realiseren van een postgroei-economie een gemakkelijk gevecht zal zijn. Ik denk dat onze democratische systemen aanpassingen nodig hebben.’

Zoals een burgerberaad?

‘Dat is een interessant idee en er bestaat al een lange geschiedenis van zulke vormen van democratie. Maar uit de experimenten ermee blijkt ook dat het beperkingen heeft. Toen ik vanuit de Commissie voor Duurzame Ontwikkeling deelnam aan een burgerberaad over duurzame consumptie kwamen gewone mensen met prachtige creatieve oplossingen. Na afloop hadden ze een leuke dag gehad en had de regering aan haar plicht voor een burgerberaad voldaan, maar veranderde er niets. Het moet dus echt meer betekenen dan tot nu toe, anders draagt een burgerberaad alleen maar bij aan het ontbreken van een oplossing. En er zijn meer veranderingen nodig in het democratisch systeem.’

Ziet u belangrijke internationale ontwikkelingen op het gebied van degrowth?

‘Er is steeds meer serieuze belangstelling voor. Tijdens de Beyond Growth Conference van het Europees Parlement bleek duidelijk dat het idee sterk leeft, vooral bij jonge mensen, en dat zij vraagtekens zetten bij het groeiparadigma. Dat is veel breder dan de klimaatbeweging onder jongeren; het leeft in de politiek, in bedrijven en in het maatschappelijk middenveld. Het wordt steeds duidelijker dat het echt anders moet, en veel meer mensen werken daaraan. Tijdens die conferentie is een nieuw netwerk opgezet van nationale politici in Europa die proberen die ideeën in te brengen binnen regeringen. In het Verenigd Koninkrijk is een groep parlementariërs van verschillende partijen, de Al-Party Parliamentary Groups on Limits to Growth, waarvoor mijn CUSP-groep de secretaris levert. We proberen een veilige plek te creëren waar zij onderling in gesprek kunnen. We leven in een andere wereld dan tien jaar geleden en er gebeurt veel. Maar we zijn nog niet waar we zouden moeten zijn.’

‘We hebben een economie nodig met als eerste taak: voldoen in de basisbehoeften van iedereen, binnen de grenzen van de planeet. Dan kom je uit bij een economie die wil zorgdragen.’

Opmerkelijk was dat de Ierse president Michael D. Higgins onlangs een toespraak hield over de noodzaak van degrowth, waarin hij u citeerde over de onmogelijkheid van groene groei.

‘Hij wil het in zijn presidentschap hebben over ideeën, dus hij gebruikte die speech, net als zijn andere speeches, als een manier om fundamentele punten waarop het systeem moet veranderen uit te dagen. De tien dagen erna had hij wel zijn handen vol aan brandjes blussen, vanwege de vele boze mensen die hem aanvielen. Los daarvan was het een bijzondere toespraak van een gewaardeerd politiek leider en daarom heel belangrijk.’

Een aantal landen, zoals Finland, IJsland en Nieuw-Zeeland, werkt aan een welzijnseconomie. Sluit dat aan bij wat u bedoelt met een postgroei-economie?

‘Nieuw-Zeeland werkt sinds 2019 met een welzijnsbudget en formuleert doelen die op welzijn zijn gericht, zoals het verbeteren van de geestelijke gezondheid. Het gevaar is wel dat een welzijnseconomie een mainstream alternatief wordt voor het groeiparadigma. Dan wordt een welzijnseconomie alleen een glazuurlaagje op de taart: leuk om te hebben en een luxe waarover je kunt nadenken, als er genoeg groei is. Dat was mijn boodschap afgelopen juni tijdens het Wellbeing Economy Forum in Reykjavik.

De neiging is groot om een welzijnseconomie gelijk te stellen aan de groeieconomie. Zo concludeerde de Europese Raad in 2019 dat beide in essentie hetzelfde zijn. Terwijl we juist moeten nadenken over de fundamentele verschillen. Want we hebben een ánder soort economie nodig met als eerste taak: voldoen in de basisbehoeften van iedereen, binnen de grenzen van de planeet. Dan kom je uit bij een economie die wil zorgdragen.’

Uit de reacties op degrowth blijkt dat er veel misverstanden over bestaan, zoals dat het doel ervan economische krimp zou zijn.

‘Dat klopt. Terwijl het belangrijk is een onderscheid te maken tussen wat er gebeurt tijdens een recessie en waar we het over hebben bij een postgroei-economie, namelijk het ontwikkelen van een visie op een fundamenteel ander soort samenleving. Tegelijk moeten we beseffen dat ons huidige systeem in bepaalde opzichten afhankelijk is van groei vanwege hoe het nu georganiseerd is. Om dit te ontwarren, zal veel hard werk nodig zijn, en het vraagt om visie en om het soort leiderschap dat Higgins liet zien om naar voren te stappen en een waardegestuurde vorm van vooruitgang te formuleren.’

U schrijft dat we voldoening moeten vinden in niet-materialistische waarden. Hoe kunnen we dat leren?

‘Ik denk dat we dat tot op zekere hoogte al weten. We hebben tijdens de pandemie opnieuw geleerd dat het niet gaat om hoeveel spullen we hebben, maar of onze naasten veilig waren, en we waardeerden de natuur meer. Een van de dingen die kapitalisme heeft gedaan, is een onderwijssysteem creëren dat gericht is op de eigen behoefte aan consumenten en producenten. Maar dat staat haaks op een leefbare planeet. Welvaart definiëren als het voorhanden zijn van consumptiegoederen is armoedig, want het is een miskenning van onze menselijkheid en onderlinge afhankelijkheid. De psychologie weet dat wat ons werkelijk vervulling biedt het hebben van betekenisvolle interacties in het dagelijks leven is en het ervaren van verbinding met mensen en plaatsen.

‘Het kapitalisme heeft allerlei psychologische verslavingen en afhankelijkheden gecreëerd, ook van instituties en structuren en van de manier waarop markten verondersteld worden te werken.’

In mijn boek noem ik flow als voorbeeld. Het is een toestand die kan optreden als je helemaal opgaat in een taak of gesprek, of in het bouwen of ontwerpen van iets. Dat hangt sterk samen met een gevoel van welzijn. Psycholoog Mihály Csíkszentmihályi heeft erop gewezen dat dit een van de meest vervullende mentale toestanden is. Het draait om een langer proces waarbij je gebruikmaakt van je vaardigheden en uitdagingen overwint bij het halen van doelen die vragen om tijd en aandacht. Dat dreigt naar de achtergrond te verdwijnen door het consumentisme met alle onmiddellijke bevrediging die daarbij hoort.’

Ondertussen wordt dat aangewakkerd door influencers op sociale media als TikTok…

‘Dat is enorm beangstigend. We hebben een generatie jongeren die verslaafd is aan statusgedreven doelen en zij worden in wezen klaargestoomd voor bedrijfsmodellen die hun werkelijke belangen helemaal niet op het oog hebben. Het kapitalisme heeft allerlei psychologische verslavingen en afhankelijkheden gecreëerd, ook van instituties en structuren en van de manier waarop markten verondersteld worden te werken. Als je erkent dat materialisme en consumentisme de planeet verwoesten en ons niet gelukkig maken, moet je op zoek gaan naar iets beters en dat formuleren. Het betekent levenslang leren en zingeving en betekenis proberen te vinden op manieren die niet schadelijk zijn en meer rechtdoen aan wie we als mens in wezen zijn.’

Tim Jackson (1957)

Tim Jackson is hoogleraar duurzame ontwikkeling aan de universiteit van Surrey in het Verenigd Koninkrijk en directeur van het Centre for the Understanding of Sustainable Prosperity (CUSP). Hij is lid van de Club van Rome en van de Earth4All Transformational Economics Commission. Van 2004 tot 2011 was hij Economisch Commissaris voor de Britse Commissie voor Duurzame Ontwikkeling.

Jackson schreef Prosperity without Growth (2009/2017, verscheen in zeventien talen) en Post Growth. Life after Capitalism (2021), respectievelijk vertaald als Economie voor een eindige planeet (2010) en Voorbij de groei. Het leven na het kapitalisme (2022). Hij schrijft ook toneelstukken, en hoorspelen voor de BBC.