Je kunt van alles vinden van Sywert van Lienden, maar gevoel voor theater kan hem niet worden ontzegd. Zo stapte de zwaar omstreden oprichter van de Hulptroepenalliantie afgelopen week doodgemoedereerd het Kamergebouw binnen om het commissiedebat over de mondkapjesdeal bij te wonen. Toen hij, gehuld in grijze hoody, op de achterste rij in het zaaltje had plaatsgenomen stootten de Kamerleden Fleur Agema en Wybren van Haga elkaar aan, en zeiden ze – zonder door te hebben dat de microfoon open stond: ‘Wel lef!’ En: ‘Dit is systeemcorruptie. Ze hebben er schijt aan. Schijt aan ons, schijt aan het volk!’
Als dat laatste zo zou zijn, dacht ik, zat Sywert allang met zijn mondkapjesmiljoenen op de Malediven. Maar hij was dus gewoon in de Tweede Kamer, naar eigen zeggen om te luisteren naar wat de Kamer over hem te zeggen had, maar overduidelijk ook om uit te stralen wat hij al eerder had gemeld: dat hem niets te verwijten valt. Sywert van Lienden, de mediapersoonlijkheid die ’s lands bekendste paria werd toen bleek dat hij miljoenen aan belastinggeld had opgestreken terwijl hij volhield de Nederlanders ‘om niet’ van mondkapjes te voorzien, is op niets anders uit dan volledig eerherstel.
Daar bleek de Kamer heel anders over te denken. Deze keer nam Farid Azarkan van Denk het voortouw. ‘Sywert zou het geld onder de armen verdelen. Wij wisten alleen niet dat het ging om vijf miljoen onder zijn linkerarm, en vijf miljoen onder zijn rechterarm!’.
Je zou zeggen dat het kabinet de les langzamerhand wel geleerd zou moeten hebben: speel open kaart, anders worden de problemen alleen maar groter.
Maar venijnig werd het pas echt toen Conny Helder, minister voor Langdurige Zorg, zich in bochten wrong om vooral geen conclusies te trekken uit het vuistdikke rapport van Deloitte waar in opdracht van het ministerie van VWS voor een lieve som van zes miljoen euro anderhalf jaar lang aan was gewerkt. De hamvraag: wie was er verantwoordelijk voor de ‘politieke druk’ die ambtenaren volgens het rapport hebben ervaren om een miljoenendeal met Van Lienden en zijn zakenpartners te sluiten? Terwijl vele vingers wijzen naar Hugo de Jonge, die in verschillende appjes aan ambtenaren op de deal had aangedrongen, bleven Helders antwoorden op het vragenvuur van de parlementariërs zo ontwijkend en zo nietszeggend in een kennelijke poging om De Jonge uit de wind te houden, dat eerst Caroline van der Plas, en later haar collega’s Agema, Azarkan en Van Haga demonstratief uit het debat wegliepen.
En zo demonstreerde het kabinet weer dat het optrekken van mist inmiddels een groter probleem is geworden dan de omstreden deal zelf. Zoals Farid Azarakan ’s avonds in Op1 uiteenzette: als Hugo de Jonge veel eerder openheid van zaken had gegeven over de rol die hij precies had gespeeld bij de totstandkoming van de deal tijdens de eerste paniekerige maanden van de coronacrisis, had de Kamer – en in ieder geval Azarkan zelf – er best vrede mee kunnen hebben.
In plaats daarvan ziekt de kwestie nu eindeloos door, met alle verdachtmakingen van dien.
Je zou zeggen dat het kabinet de les langzamerhand wel geleerd zou moeten hebben, na de talloze debatten over de rammelende herinneringen van Mark Rutte: speel open kaart, anders worden de problemen alleen maar groter.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.