Op gymschoenen en in spijkerbroek besteeg Jesse Klaver afgelopen maandag het podium in de Arnhemse poptempel Luxor Live, met aan zijn zijde Attje Kuiken, om met een zaal vol PvdA’ers en GroenLinksers in gesprek te gaan over de samenwerking tussen de twee partijen. Na enig vrijblijvend gepraat over de noodzaak van het samenwerken, was het Sabine Scharwachter, oud-voorzitter van jongerenorganisatie Dwars, tevens betrokken bij een petitie tegen een mogelijke fusie, die de knuppel in het hoenderhok gooide. ‘Ik ben heel blij dat zojuist het f-woord is gevallen: de fucking fusie’ sprak ze. ‘De reden dat links het zo slecht doet is dat het ontbreekt aan links leiderschap en een links sterk verhaal. Ik geloof niet dat we dat gaan oplossen met lekker te gaan zitten keuvelen over de toekomst van links. Ik ben heel benieuwd wat we hier in godsnaam doen eigenlijk.’

Daarmee gaf Scharwachter uiting aan een groeiend gevoel van ongemak binnen GroenLinks: wordt de partij door Jesse Klaver een fusie ingerommeld? Nu de partijtop opeens een referendum op touw heeft gezet over het vormen van een gezamenlijke fractie in de Eerste Kamer na de Statenverkiezingen dreigen er onomkeerbare stappen te worden gezet naar een fusie, terwijl het gesprek daarover in de partij nog moet beginnen.

In Arnhem moest Jesse Klaver zich in bochten wringen om uit te leggen dat een fusie nog helemaal niet aan de orde zou zijn. Het referendum bleek vooral te zijn ingegeven door een praktische afweging: omdat de PvdA zich tijdens het partijcongres op 11 juni buigt over een motie voor een gezamenlijke senaatsfractie, vond Klaver dat de GroenLinks-leden zich ook over die kwestie moesten uitspreken. Maar zelfs op de vraag of er een gezamenlijke kieslijst zou komen, kon de partijtop geen antwoord geven, zodat de leden geen idee hebben waar ze bij het referendum eigenlijk voor kiezen. Geen wonder dus dat het broeit in de partij.

Ook bij de PvdA beginnen kritische leden zich te roeren. Eerder spraken oud-voorzitter Hans Spekman en kandidaat-voorzitter Reshma Roopram zich al uit tegen een mogelijke fusie. En van de week schreef oud-Kamerlid Adri Duivesteijn op Twitter: ‘De leegte van een fusie PvdA/GroenLinks kenmerkt zich door het ontbreken van ook maar enig gedachtegoed.’ Zelfs een ‘progressief kernpunten program’ is er niet, noteerde hij. ‘Zonder dat is het voorstel van één EK-lijst een verkapte fusie!’

In de vorige eeuw waren fusies van politieke partijen een logische stap – zie het succes van de PvdA, het CDA en de VVD. Maar de tijden zijn veranderd.

Adri Duivesteijn sloeg de spijker op z’n kop, net als Sabine Scharwachter. Niet alleen ontbreekt het aan een gezamenlijk program van GroenLinks en de PvdA: ook binnen beide partijen is het al jaren in ideologisch opzicht stilstaand water. Onder Lodewijk Asscher had de PvdA net een nieuwe koers gevonden rondom bestaanszekerheid, gebaseerd op doorwrochte rapporten van de Wiardi Beckman Stichting, en hoogst actueel door de groeiende ongelijkheid. Maar sinds Asscher zich genoodzaakt voelde terug te treden vanwege het oproer binnen de partij over zijn eerdere betrokkenheid als minister van Sociale Zaken bij de toeslagenaffaire, heeft de partijtop onder zijn opvolger Lilianne Ploumen aan ideeënvorming niks uit de handen gekregen.

Stuurloze indruk

Ook GroenLinks maakt al jaren in dat opzicht een stuurloze indruk. Onder Jesse Klaver moest GroenLinks eerst een ‘brede volksbeweging’ worden, als erfopvolger van de PvdA van Joop den Uyl. Vervolgens keerde Klaver zich tegen de ‘scorebordpolitiek’ en kondigde hij tot veler verbazing aan dat hij nooit meer tegen begrotingen van het kabinet zou stemmen, in een kennelijke poging als toekomstig regeringspartner serieus genomen te worden. En nu moet er dus steeds inniger worden samengewerkt met de PvdA om een ‘gezamenlijke vuist te maken tegen rechts’.

Lees ookHoe GroenLinks een marketingmachine in dienst van de leider dreigt te worden18 juni 2019

Omdat zowel Jesse Klaver als Attje Kuiken blijven ontkennen dat een fusie aan de orde zou zijn – terwijl een gezamenlijke senaatsfractie overduidelijk in die richting wijst – is er ook geen enkel gezamenlijk idee geformuleerd over wat zo’n fusie electoraal eigenlijk zou opleveren. De afgelopen tijd betoogt de ene na de andere wetenschapper – van Tom van der Meer in Amsterdam tot Tom Louwerse in Leiden – dat de uitkomst van zo’n moeizaam fusieproces volkomen ongewis is.

In de vorige eeuw waren fusies van politieke partijen een logische stap – zie het succes van de PvdA, het CDA en de VVD. Maar de tijden zijn veranderd: juist eenpitters en afsplitsers als Pieter Omtzigt en Caroline van der Plas van de BoerBurgerBeweging, met een helder tegengeluid, gooien nu electoraal hoge ogen. Wat heeft een brede, linkse fusiepartij  – als resultaat van onvermijdelijke compromissen – aan eigenheid toe te voegen? Die vraag zullen Jesse Klaver en Attje Kuiken eerst maar eens moeten beantwoorden.