In het voorjaar van 2018 maakte ik samen met mijn vriendin Roos een rondreis door de VS op zoek naar God in Amerika. We eindigden de reis in Waco, Texas, waar sekteleider David Koresh, een zelfbenoemde profeet die meende het lam Gods te zijn, op 19 april 1993 samen met 79 van zijn volgelingen in een vuurzee omkwam nadat het landgoed bijna twee maanden door de FBI was belegerd. De dominee die in de herbouwde kerk in Waco het werk van Koresh min of meer voortzet, sprak met hartstocht over valse en minder valse profeten en meende David Koresh in mij te herkennen. ‘We hebben valse profeten nodig die níét meer samen met hun volgelingen in het vuur ten onder gaan,’ schreef ik aan het einde van de serie.

Dit voorjaar zou ik met Roos een rondreis maken door het westen van de VS op zoek naar liefde, seks en relaties in Amerika. Zij had de research gedaan en zou de foto’s maken, ik ging schrijven.

We zouden polygamisten bezoeken in Utah, het privéleven van sekswerkers in Nevada onder de loep nemen, in Californië zouden we liefde onderzoeken die door wettelijke hindernissen (lees: migratieproblemen) praktisch onmogelijk bleek. In Oregon wilden we diverse vormen van polyamorie van dichtbij bestuderen en in de staat Washington zouden we nagaan hoe liefde alles kan overwinnen, onder andere door gezinnen te bezoeken waar beide partners langere tijd in het Amerikaanse leger in oorlogsgebieden hebben gediend.

Ook zouden we in elke staat in relatietherapie gaan; als je het over liefde en seks hebt, moet je erkennen dat je het indirect ook over jezelf hebt, al geldt dit, in iets mindere mate misschien, eveneens voor pakweg oorlog en slachthuizen. De journalist is nooit alleen een fly on the wall, zijn aanwezigheid beïnvloedt de situatie, de situatie beïnvloedt hem.

Haar pijn deed mij pijn

Een paar weken vóór we deze reis zouden gaan ondernemen, begon ik een affaire met een andere vrouw en ik werd verliefd op haar, laten we de andere vrouw Y noemen. Twee dagen vóór we op reis gingen, zei ik in Amsterdam tegen Roos terwijl we op weg waren naar relatietherapie – we hebben al een paar jaar preventief relatietherapie – dat ik een affaire had, verliefd was en bij Y wilde zijn.

Tijdens de relatietherapie – een therapeut verleidt je er als het goed is toe om helder te zijn, zelfs als enige lafheid je niet vreemd is – vertelde ik dat mijn prioriteit bij Y lag, het ene woord leidde tot het andere. De conclusie liet zich niet vermijden, ik wilde de relatie beëindigen. Het verlangen naar het nieuwe was groter dan de behoefte het oude te behouden. Roos zelf zei: ‘Ik ben oud nieuws, de krant van gister, hoe erg ik ook mijn best heb gedaan een nieuw verhaal voor je te blijven.’

Kort na mijn bekentenis ontdekten we dat Roos, ondanks anticonceptie, een paar weken zwanger was. ‘Dit verandert niets aan de situatie,’ zei ze. ‘Dat weet ik.’

Haar pijn deed mij pijn. Met eigen pijn kun je spelen, de pijn van de ander doet een appèl op je, maakt je machteloos en schuldig, vooral als je zelf die pijn hebt veroorzaakt. Iemand verlaten is ook liefdesverdriet, maar ik kan razendsnel onthechten, een overlevingstactiek die al jaren de mijne is.

Ik kon me voorstellen dat Roos de reis niet meer wilde maken, maar na enkele dagen bedenktijd zei ze dat ze toch op reis wilde. Misschien konden we iets leren van de mensen die we zouden ontmoeten, misschien konden ze ons troosten. We zouden geen vragen stellen met geveinsde journalistieke afstandelijkheid, onze vragen zouden ook hulpvragen zijn, niet in de laatste plaats omdat we allebei hoopten een rol in elkaars leven te kunnen blijven spelen.

Het doel heiligt de middelen

Kort na mijn bekentenis ontdekten we dat Roos, ondanks anticonceptie, een paar weken zwanger was. ‘Dit verandert niets aan de situatie,’ zei ze. ‘Dat weet ik.’

‘Nee,’ antwoordde ik, naar waarheid.

We hadden lang samen over een kind gesproken en gefantaseerd, maar ik wilde het niet meer. Kort nadat mijn moeder was gestorven, had ik Roos ontmoet en ik zei me toen voor te kunnen stellen een kind met haar te hebben. Vermoedelijk had de dood het verlangen in me wakker gekust het niet bij literatuur alleen te laten, een bekend fenomeen dat mij niet had overgeslagen.

Nog niet zo lang geleden had ik tegen Roos gezegd dat ik hoopte dat ons kindje haar dunne polsjes en donkere wenkbrauwen zou krijgen. Ze herinnerde me aan die woorden, ze zei: ‘Hoe kunnen die gevoelens opeens helemaal weg zijn? Hoe kan het dat je niet eens twijfelt?’

Ik antwoordde: ‘Ik vind het zorgwekkend dat jij überhaupt overweegt het te houden. Ik vind het onverantwoordelijk van je. Weet dat als je het houdt dat tegen mijn zin is.’

Soms voelt liefde als een militaire missie, het doel heiligt de middelen, collateral damage of geen collateral damage. Wreedheid en liefde liggen dicht bij elkaar. Dat mocht alvast een conclusie zijn, passend misschien voor Amerika, waar de wreedheid zoveel zichtbaarder is dan in West-Europa.

Tom heeft zes jaar in de gevangenis gezeten, naar eigen zeggen omdat hij een polygamist was.  In de officiële aanklacht was er onder andere sprake van child rape.

De reis zou een poging tot conscious uncoupling worden, een term die gemunt is door gezinstherapeute Katherine Woodward Thomas, met wie we ook zouden spreken. De reis was een manier, zoals Roos het noemde, ‘om de rouw om een verloren relatie en een kindje dat op het verkeerde moment kwam vorm te geven.’

De schrijver als tikkende tijdbom

Op een woensdag begin april arriveert Roos in New York. De eerste 48 uur – we hebben nog drie dagen vóór we naar Utah zullen vertrekken – zijn een klein vagevuur. De pijn van Roos is overweldigend, ik ben verliefd op Y en wil bij haar zijn. Daarnaast zegt Roos dingen die scherp en wellicht niet geheel onwaar zijn, voor zover je de waarheid over jezelf kunt zien en verdragen.

‘Mensen mogen alleen om jou heen cirkelen, maar niemand mag naast je staan, naast je blijven staan,’ zegt ze. En vlak vóór we gaan eten: ‘Je bent een tikkende tijdbom. Er komt een dag dat de literatuur niet meer genoeg voor je is, dat de literatuur je niet meer kan redden.’

De schrijver als tikkende tijdbom; voor de literatuur is dat niet slecht, voor de schrijver zelf, en vooral voor zijn omgeving, is het misschien tragisch.

Tijdens het diner zegt Roos: ‘Ik zou willen dat jij net zoveel pijn had als ik, net zo alleen bent als ik, maar jij hebt jouw verliefdheid, jij hebt jouw nieuwe geluk.’ Ik antwoord: ‘Elke verliefdheid is anders.’ ‘Nou, veel succes met het verzamelen van verliefdheden,’ antwoordt Roos met een klein lachje, ‘ik hoop dat je ooit je kaartspel compleet hebt.’

Liefdesverdriet is het thema

Enkele dagen later vliegen we naar Salt Lake City. Roos heeft een playlist samengesteld waar we in de auto naar kunnen luisteren, liefdesverdriet is het thema. Vlak vóór we landen zegt ze: ‘Die dominee in Waco had gelijk, je bent een valse profeet. Je zei dat ik je kon vertrouwen, dat ik me geen zorgen hoefde te maken, dat we overal uit zouden komen. Al je vriendinnen hebben je hun vertrouwen gegeven en vervolgens ontsnappen ze ternauwernood maar wel met flinke wonden aan het vuur.’

Dat laatste lijkt me overdreven, maar de meeste valse profeten zijn, dat is waar, ook tikkende tijdbommen.

Utah is het heilige land van de Mormonen, ook wel genaamd The Church of Jesus Christ of Latter-day Saints, veelal afgekort tot LDS. De kerk wijst polygamie af, maar de fundamentalistische mormonen geloven dat hun profeet, Joseph Smith, polygamie aanmoedigt.

Ik was er helemaal klaar voor

In een buitenwijk van Salt Lake City bezoeken we Tom Greene. Hij is begin zeventig, heeft drie vrouwen en 35 kinderen. Ooit had hij zeven vrouwen, maar vier hebben hem verlaten.

Een jongetje met zijn arm in een mitella doet open. ‘We komen voor Tom Greene,’ zeg ik.

In een riante woonkamer zitten aan twee grote tafels een dozijn volwassenen en ruim anderhalf dozijn kinderen. ‘Dit zijn een paar van mijn kleinkinderen,’ zegt Tom, ‘en een paar van mijn kinderen.’ Hij heeft een baardje en draagt een streepjesblouse. ‘Pak een bord,’ zegt Tom, ‘schep wat chili op.’

De polygamist is ook een jongleur. Iedereen moet tevreden worden gehouden.

Twee van zijn vrouwen zitten naast Tom. Hij heeft zes jaar in de gevangenis gezeten, naar eigen zeggen omdat hij een polygamist was en met een van zijn vrouwen, Linda, trouwde toen zij dertien was. Op haar veertiende baarde ze haar eerste kind. In de officiële aanklacht was er onder andere sprake van child rape.

Linda, die nu 47 is, is tegenwoordig de eerste vrouw van Tom. Tijdens het proces weigerde ze tegen hem te getuigen. Carry, zijn tweede vrouw, 43 jaar oud, zit tegenover Linda. Roos wil weten of Linda klaar was om op haar dertiende te trouwen en op haar veertiende een kind te krijgen. ‘Ja,’ zegt ze zonder aarzeling en met kalme stelligheid, ‘ik was er helemaal klaar voor.’
‘En waarom viel je voor Tom?’
‘Hij was wijs, hij speelde gitaar,’ zegt ze.

Was het maar jouw nacht

Na de chili zijn er waterijsjes. Een van de kleinkinderen van Tom, een lief meisje met blond haar, rent rond met het ijsje in haar hand en drukt haar hoofd tegen alle volwassenen. Ik aai over haar haren. ‘Arnon is heel goed met kinderen,’ merkt Roos op. Ik zie tranen in haar ogen.

Tom vertelt: ‘Religie is de belangrijkste reden voor mijn polygamie. Maar ook zonder religie zou ik de voorkeur geven aan polygamie. We zouden nooit in dit mooie huis kunnen wonen als we niet onze inkomens bij elkaar zouden vegen. En in een monogame relatie had ik nooit 35 kinderen gehad, de gezinnen zijn voor mij buitengewoon belangrijk. Polygamie brengt de intelligentste vrouwen en mannen bij elkaar, het is een natuurlijk selectieproces.’

Roos wil weten of er dan niet veel mannen overblijven die geen vrouw kunnen vinden. Tom antwoordt: ‘Er zijn mannen die zich misschien niet moeten voortplanten.’
Ik vraag of er een schema is, hoe Tom zijn tijd verdeelt onder zijn drie vrouwen.
‘Op date night gaan we met z’n drieën uit,’ zegt Linda.

En Tom voegt eraan toe: ‘Ja er is een schema, wie wanneer bij mij in de kamer slaapt.’
‘Maar om al zijn vrouwen tevreden te houden,’ zegt Carry lachend, ‘fluistert hij altijd in hun oor, als het niet “hun nacht” is: “was het maar jouw nacht.”’ De polygamist is ook een jongleur. Iedereen moet tevreden worden gehouden.

De vrouwen giechelen alsof ze hun echtgenoot ontmaskerd en liefdevol belachelijk hebben gemaakt.

Roos wil weten of de vrouwen onderling weleens seks hebben. ‘We slapen als we op reis zijn weleens bij elkaar in een kamer, maar dan blijft het platonisch,’ antwoordt Carry.

‘Wat is liefde? Liefde is een hittegolf. Het gaat erom je verantwoordelijkheid te nemen. Verliefdheid is een opwelling.’

‘En jaloezie?’ vraag ik. Shirley, de derde vrouw, 49 jaar, die erbij is komen zitten, vertelt met zichtbaar plezier: ‘Ik heb weleens een citruspers naar een van mijn zustervrouwen gegooid.’
Dan zegt Roos: ‘Wij hebben onze eigen problemen. Hij is verliefd geworden op een andere vrouw en wil weg. Ik was zwanger.’ Voorzichtigheidshalve spreekt ze over de zwangerschap in de verleden tijd, maar ze is nog zwanger.

Tom vraagt: ‘Heb je gevoelens voor haar?’ Hij wijst op Roos. ‘Ja natuurlijk zijn er nog gevoelens,’ antwoord ik, ‘we zijn bijna vier jaar samen geweest, ik houd van haar.’
‘Wat is het probleem?’ vraagt Tom. ‘Wat is liefde? Liefde is een hittegolf. Het gaat erom je verantwoordelijkheid te nemen. Verliefdheid is een opwelling.’

Ik denk: ik wil geen polygamie, God, alstublieft geen polygamie. Daarom vraag ik snel: ‘Hoe was het in de gevangenis?’
‘Je overleeft door de gevangenis niet te vergelijken met het leven buiten de gevangenis, anders zit je in een hel,’ zegt Tom.

‘En wat deed je eigenlijk voor werk vóór je de gevangenis inging?’ vraag ik.
‘Van alles,’ zegt Tom, ‘maar vooral was ik handelsreiziger, ik ging samen met mijn vrouwen van deur tot deur en verkocht abonnementen op tijdschriften.’ De handelsreiziger, de profeet, de gevangenis, en de liefde als hittegolf, ja, vooral dit is Amerika.

‘Zouden jullie,’ vraagt Roos aan de vrouwen, ‘als Tom er niet meer is een nieuwe man zoeken?’
‘Als de Hemelse Vader het wil,’ antwoordt Carry.

Het monster is dichtbij

Vijf minuten later staan we buiten en ik zeg tegen Roos: ‘Eigenlijk een lieve man voor een kinderverkrachter.’

‘Het geheel maakte een harmonieuze indruk,’ antwoordt Roos.

Het monster is soms liever dan wij zelf zijn, wat een andere manier is om te zeggen: het monster is dichtbij, akelig dichtbij.

In de taxi terug naar ons hotel zegt Roos: ‘Kunnen we niet onderzoeken of er ruimte is binnen onze relatie voor jouw verliefdheid? We hadden toch een relatie waarin plaats was voor eigen verlangens? Wil je dat Y een tijdje meereist met ons in Amerika? Misschien kunnen we samen van haar houden? Als ik door jouw verliefde ogen naar haar kijk, kan ik vast ook van haar houden. Niet seksueel, daar gaat het niet om. Alles kan, als ik maar bij je mag blijven.’
Roos wil me delen, ik wens Y niet te delen.

‘Mijn hart staat open voor een nieuwe vrouw, maar ik ben te oud en te lelijk. Het begint altijd met een visioen, alle liefde begint met een visioen.’

Een fata morgana

Zo’n twee uur rijden ten zuiden van Salt Lake City ligt het stadje Delta, in de woestijn. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was nabij Delta kamp Topaz gelegen waar circa tienduizend Japanse Amerikanen waren gedetineerd. In die woestijn in een aantal aan elkaar gebouwde mobile homes woont James Justice (pseudoniem) met zijn eerste vrouw, de jongste dochter van zijn eerste vrouw, geiten, kippen, eenden, een kat en een hond.

Zijn tweede vrouw heeft hem verlaten. Hij is niet op het elektriciteitsnet aangesloten, maar wekt elektriciteit op door middel van zonne-energie en heeft zelf een waterput geslagen. Polygamie en een autarkische levensstijl – wantrouwen tegen elke autoriteit behalve die van de profeet – gaan goed samen.

Het is een onherbergzame plek waar James Justice ons op een koude avond ontvangt. Ik fluister tegen Roos: ‘Als hij een serial killer blijkt te zijn, vinden ze ons nooit meer.’

Door een soort werkplaats lopen we naar de keuken, daarachter bevindt zich een kleine woonkamer. James is eind vijftig, draagt een bril en heeft een grijs baardje.
Zijn dochter, Lexie, begin twintig, heeft een pagekopje. We eten bonensoep. ‘Ik heb zeven kinderen met mijn eerste vrouw Michelle. En vier met mijn tweede vrouw, Candace.’

Michelle, zijn eerste vrouw, een jaar ouder dan James, vertelt: ‘Het was moeilijk.
Ik heb gebeden, God, laat Candace alstublieft niet komen. Maar ze kwam en ik begreep dat als ik wegging en mijn gezin in de steek liet dat Satan dan gewonnen had.’
‘En ben je van haar gaan houden?’ vraag ik.
‘Eerst was er respect, toen kwam er liefde,’ vertelt Michelle.

Roos zegt: ‘Ik wil eigenlijk een avond in een bordeel gaan werken. Ik wil weten hoe het is om net zo onthecht te zijn als jij.’

‘Maar ze bleek een fata morgana te zijn, ze bestond niet echt,’ zegt James. ‘Ze was een pathologische leugenaar. Op een dag was ze weg. Ik mis haar nog steeds. Mijn hart staat open voor een nieuwe vrouw, maar ik ben te oud en te lelijk. Het begint altijd met een visioen, alle liefde begint met een visioen.’

James zucht en schept nog wat soep op. ‘Je leert niets van makkelijke dingen,’ zegt hij.

‘En ga jij binnenkort trouwen?’ vraag ik aan Lexie.
‘Ik ben nog niet klaar om te trouwen,’ zegt ze. ‘Maar verliefd zijn is wel belangrijk.’
‘Wordt het een meervoudig huwelijk?’ wil Roos weten.
‘Er zit een aantal mannen achter haar aan,’ vertelt haar vader. ‘Ook voor een meervoudig huwelijk. De man van haar zus heeft haar een voorstel gedaan. Ze schrijft verhalen, maar vooral sciencefiction. En ze zorgt voor de geiten, ze is onze geitenfluisteraar. Waar het om gaat volgens Joseph Smith is dat de mens zelf God kan worden. Het meervoudig huwelijk helpt hem daarbij, maar de kerk heeft het werk van Smith gecensureerd.’

De eenzame polygamist

Als we de volgende dag terugkomen om de geiten te fotograferen, zegt James bij het afscheid: ‘Ik zal jullie echt missen.’

In de auto merkt Roos op: ‘We waren op bezoek bij de eenzame polygamist.’
‘Ja,’ antwoord ik, ‘de eenzaamheid slaat ook polygamisten niet over.’

Nog één jongere familie van polygamisten en dan de sekswerkers in Nevada. Roos zegt: ‘Ik wil eigenlijk een avond in een bordeel gaan werken.’
‘Waarom?’ vraag ik.
‘Ik wil weten hoe het is om net zo onthecht te zijn als jij. En als de liefde zoveel pijn doet, is de liefdeloosheid misschien een pijnstiller. Jij bleek namelijk ook een luchtspiegeling te zijn.’
We zijn begonnen aan ons seizoen in de hel. Gelukkig is het lente.
Ik houd me vast aan de woorden van James Justice: alle liefde begint met een visioen. Wij stervelingen kunnen het ons niet permitteren géén valse profeten te zijn.

(Wordt vervolgd)

Dit artikel is door Roos meegelezen en met haar toestemming gepubliceerd. Ik besef dat dit ook haar verhaal is en dat ik, zoals zij het stelt, haar ervaringen niet volledig recht heb kunnen doen.