Het is een woord dat je niet zomaar gebruikt gegeven de gewichtigheid die het uitstraalt, maar met een zekere luchtigheid aangewend wordt het vanzelf minder pompeus: Verlichtingsparadigma. In dit paradigma, in dit denkkader, zou alles zitten waaraan men denkt bij het horen van het woord ‘Verlichting’, de filosofische stroming die met Voltaire, Diderot, Jean-Jacques Rousseau en David Hume het achttiende eeuwse denken beheerste.
Het woord valt in het gesprek met de historicus David Wootton, een van de zeventien historici, filosofen, politicologen en journalisten die in Leugen & waarheid van Bas Heijne aan het woord komen over ‘de grote kwesties van onze tijd’. ‘Verlichtingsparadigma’ wil volgens Wootton zeggen ‘dat we egoïstisch zijn, enkel genot najagen, en individualistisch zijn.’ Armzaliger en simplistischer kun je de Verlichting als historische stroming niet omschrijven. Maar dat is niet ongebruikelijk.
De Verlichting heeft nog wel meer akeligs op haar bordje gekregen. De Verlichting zou rationalistisch, imperialistisch, kolonialistisch, economistisch zijn en uiteindelijk verantwoordelijk zijn voor de Holocaust omdat voor het bedenken van de gaskamers de ratio nodig was, en de ratio is een kenmerkend attribuut van de Verlichting. Dit beeld van de Verlichting is ontstaan door De dialectiek van de Verlichting, het boek van Theodore Adorno en Max Horkheimer uit 1947. Wat tijdens de Verlichting de ‘rede’ werd genoemd veranderde in dat boek in koud ‘rationalisme’.
wootton en Robertson
Wootton zegt dat wij nu in een egoïstische bubble leven en dat is op grote hoogte waar, maar daar is de Verlichting niet verantwoordelijk voor. Dat egoïsme komt van het neoliberale gedachtegoed dat beheerst wordt door privatisering in de breedste zin: als alles maar bij het ik begint en bij het ik eindigt. De mensen die ons volgens Wootton hebben ‘opgesloten in een wereld waarin alles gaat om het najagen van macht en winst’ hebben nauwelijks van de Verlichting gehoord. Ze maken alles ‘instrumenteel’ omdat ze alleen in termen van berekeningen kunnen denken.
De Verlichting was natuurlijk ‘het tijdperk van de rede’, maar ook van vrijheid, gevoelens, rechtvaardigheid, verlangens en emoties van anderen.
Wootton noemt zichzelf een ‘ongelukkige liberaal’. Daar heb ik mee te doen. Maar hij heeft zichzelf wel een verwrongen beeld van de Verlichting aangepraat dat zijn ongeluk veroorzaakt. Wanneer hij niet de Verlichting van Adorno, maar de meer menselijke Verlichting van Peter Gay, Jonathan Israel of dat van de recentste biograaf van de Verlichting, Ritchie Robertson, had geraadpleegd, dan had hij daarin een ander Verlichtingsparadigma kunnen vinden dat niet beheerst wordt door optelsommen, maar door kunst, wetenschap, kennis en sensibiliteit.
Ritchie Robertson zegt het in de duizend pagina’s van The Enlightenment: The Pursuit of Happiness, 1680-1790 meteen aan het begin: de achttiende eeuwse Verlichting was natuurlijk ‘het tijdperk van de rede’, maar ook ‘the age of feeling, sympathy and sensibility.’ Dat duidt op een heel ander paradigma. De Verlichting van Robertson is niet alleen een intellectuele beweging, maar ook ‘a sea change in sensibility’. Mensen kregen meer gevoel voor vrijheid, voor gevoelens, rechtvaardigheid, verlangens, emoties van anderen, voor ‘humane or humanitarian values.’ Geen wonder dat Robertson zich uitvoerig baseert op de literatuur van die tijd, want daarin worden die waarden vertolkt in personages en situaties tussen mensen.
twee verlichtingen
Deze twee Verlichtingen, de berekenende en de menselijke, spelen op de achtergrond van Heijne’s gesprekken voortdurend een rol. Bij Peter Pomerantsev van The London School of Economics die zegt dat emoties altijd een rol hebben gespeeld in de politiek, maar dat die nu de ideeën hebben vervangen. Hij bestudeert de desinformatie, de polarisatie en het haatzaaien. De techniek in de vorm van bots, trollen en nepnieuws maakt gebruik van de vrijheid van meningsuiting. Er heeft een fusie plaats tussen koude berekening en emoties, het is Machiavellisme in zijn nieuwste gedaante.
Er zijn niet minder emoties in Amerika volgens Jill Lepore, schrijfster van een kloeke geschiedenis van Amerika waarin ‘het opgeblazen mythische verhaal’ van het land wordt geconfronteerd met de schaduwkanten van het Amerikaanse triomfalisme. Zij schrijft de geschiedenis als één geheel. De Amerikaanse grondwet zit vol checks-and-balances omdat de Founding Fathers ervan uitgingen ‘dat de mensen geneigd zijn de boel hopeloos te laten ontsporen.’ Amerika was een verlichtingsproject, maar er zit ook een flinke dosis calvinisme in: ze gingen uit van het idee dat mensen niet deugen.
Nogal wat denkers over de grote kwesties van deze tijd die Heijne spreekt verhelen niet dat de ‘geschiedenis door hun eigen leven stroomt.’ Zoals bij de Franse historicus Ivan Jablonka wiens grootouders in Auschwitz werden vermoord en wiens vader als baby werd gered en opgroeide in weeshuizen van een joods-communistische organisatie: ‘Die mengeling van afstand en empathie, van emotie en beschouwing stelt mij in staat hun verloren levens een historische dimensie te geven.’
Ook de schrijfster en documentairemaakster Géraldine Schwarz heeft te maken met een in haar doorlevende geschiedenis: haar Duitse grootouders waren ‘Mitläufer’, meelopers die alles lieten gebeuren zonder hun stem te verheffen. Het heeft haar duidelijk gemaakt dat je als individu wél een rol in de geschiedenis kunt spelen, geen meeloper hoeft te zijn. En dat je zowel aan je ‘thuis’ kunt hechten als Europeaan kunt zijn: ‘We hebben beide emoties nodig.’
chimpansee of bonobo
Een van de grootste kwesties is wat Heijne ‘de aanval op het liberalisme’ noemt, de opkomst van het populisme, het neo-conservatisme en het anti-liberalisme, speciaal dat van de Hongaarse premier Viktor Orbán. Die vindt dat Brussel vol zit met ‘liberale nihilisten’. Hier horen ook de gekozen dictators Jair Bolsonaro van Brazilië en Rodrigo Duterte van de Filipijnen bij. Jan-Werner Müller, schrijver van Wat is populisme?, heeft het tegen Heijne over het liberalisme, maar dan bedoelt hij de sociaal-democratie: die heeft zich op sleeptouw laten nemen door het neoliberalisme door zijn ideologische veren af te werpen, en niet alleen in Nederland.
Die ‘aanval op het liberalisme’ raakt aan alles. Tegen de tijd dat je het gesprek met Jan-Werner Müller leest ben je vergeten dat de antropoloog Richard Wrangham, schrijver van The Goodness Paradox, in het eerste gesprek helemaal ‘geen gerieflijk verhaal’ te berde bracht. Het is niet de bedoeling dat we tot populisme of anti-liberalisme vervallen, maar we zijn er volgens antropoloog Wrangham wel helemaal klaar voor: ‘In potentie zijn we allemaal kleine dictators,’ zegt hij. We zijn meer chimpansee dan bonobo.
Is er nog iets over van het egoïsme, genotzucht en individualisme? Het is er nog allemaal, maar ondergeschikt aan diepere, verontruste emoties, aan polarisatie.
We hebben ook ‘een Hobbessiaanse inborst’, dat wil zeggen: wij zijn voor de medemens een wolf. We zijn nog tamelijk agressief. Dat we niet om ons heen slaan en enigszins zijn getemd (zijn gedomesticeerd) komt omdat onze slechte eigenschappen ingebed zijn in sociale omstandigheden: ‘Wanneer de agressor beseft dat hij zelf slachtoffer kan worden, zal hij geneigd zijn zich in te houden.’ De Bolsonaro in ons ligt niettemin altijd op de loer: ‘De spanning tussen onze aangeboren goedmoedigheid en onze neiging om macht te misbruiken, zal er altijd zijn.’
Is er nog iets over van dat ‘Verlichtingsparadigma’ van David Wootton in het begin? Dat bestond uit egoïsme, genotzucht en individualisme? Het is er nog allemaal, maar ondergeschikt aan diepere, verontruste emoties, aan polarisatie, aan een mengsel van meegesleept worden door glorieuze techniek en daardoor juist gemanipuleerd te worden. Je verliest je in fascinaties en tegelijk ben je gefrustreerd omdat dit niet het echte leven is.
Wat dat betreft heeft Hartmut Rosa een interessant aandeel in de gesprekken van Heijne. Hij schreef een boek over ‘resonantie’ (Resonanz): over contact maken met iets buiten je. Door iets gegrepen worden. Het gaat om betekenisvol contact dat gevoelens van vervreemding verdrijft. Ook hier speelt emotie weer een rol want het gaat om een emotionele, affectieve reactie. Een beetje braaf gezegd: resonantie zorgt voor ‘een relatie waarin het subject en de wereld antwoordend tegenover elkaar staan.’ Ver weg van oppervlakkigheid. Zeker is dat het Verlichtingsparadigma van Ritchie Robertson (‘reason, sympathy, sensibility’) daar beter op aansluit dan dat van David Wootton.
Leugen & waarheid. In gesprek over grote kwesties van onze tijd door Bas Heijne is uitgegeven door Prometheus.
The Enlightenment. The Pursuit of Happiness 1680-1790 door Ritchie Robertson is uitgegeven door Penguin/Allen Lane.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.