Toen Mark Rutte vorige week donderdag een massaal gesteunde motie van afkeuring aan zijn broek kreeg en het er even, heel even, naar uitzag dat de VVD-leider na elf jaar aan de macht niet meer weg zou komen met de onnavolgbare souplesse waarmee hij in de loop van de tijd met de waarheid is omgegaan – van ‘hier heb ik geen actieve herinnering aan’ tot ‘ik heb gelogen, maar naar eer en geweten’ – kwam een reeks VVD-prominenten in het geweer.

Oud-staatssecretaris Fred Teeven, die zelf moest opstappen vanwege de bonnetjesaffaire, meldde in het AD dat Rutte ‘de mensen echt niet belazert’. Henk Kamp, de trouwe partijsoldaat, verklaarde over Rutte en de stuntelende verkenners Annemarie Jorritsma en Kajsa Ollongren dat hij zich niet voor kon stellen ‘dat drie mensen van die kwaliteit zomaar wat gaan liegen’.

Oud-VVD-Kamerlid Ton Elias probeerde de hele affaire terug te brengen tot een ‘operatie beschadig Rutte’ door Sigrid Kaag, die aan ‘pure machtspolitiek’...