Een van de mooiste Engelse woorden is resilience, veerkracht. Veel woorden met re- zijn goed. Recreatie, bijvoorbeeld. Het is nu een heel gewoon woord dat je gedachteloos gebruikt, maar in de zeventiende eeuw begreep men het woord zoals het begrepen moest worden: met re-creatie, een tijdje vrij zijn, zonder zorgen, werd je als het ware opnieuw geschapen, opnieuw gecreëerd, je werd vernieuwd.

Zo werkt resilience ook. Veerkracht, elasticiteit, dat is wat je nodig hebt en altijd zou willen hebben. Het woord dook het afgelopen jaar regelmatig op omdat men het nodig had. Er moest een woord zijn dat stond voor je niet laten kisten, voor terugvechten en weerbaar zijn. Het tegendeel van ‘kwetsbaar’, ook al waren we dat allemaal door corona. Door alle beperkende maatregelen moesten veel verlangens, wensen en gewoonten worden ingeslikt.

We werden allemaal een beetje zielig. Zelfs de verstofte dozen met spelletjes (vooral Mens erger je niet) moesten tevoorschijn komen om het ongemak te sublimeren. Die spelletjes waren een soort vernedering, een terug naar af, naar de achtergelaten jeugd, een aanslag op het aangekweekte gevoel van trots.

Veerkracht heb je ook nodig als je hoort dat iemand een hartoperatie moet ondergaan maar de doktoren niet kunnen vertellen wanneer de operatie zal plaatsvinden omdat er geen intensive care-bed is voor na de operatie.

Het is diezelfde ‘dynamische veerkracht’ die de Europese Unie volgens Luuk van Middelaar heeft getoond in de corona-crisis. In Een Europees pandemonium. Kwetsbaarheid en politieke kracht schrijft hij dat de Unie door onmiddellijk te handelen zich versneld heeft veranderd van een ‘marktregulator’ in een ‘gebeurtenissenbedwinger’.

Bij zoveel betoonde veerkracht kun je getroffen worden door het tegendeel, het gedrag van president Bolsonaro van Brazilië. Die wordt door leden van de senaat in zijn land officieel aangeklaagd. Hij wordt verantwoordelijk gehouden voor een kleine honderdduizend doden als gevolg van zijn trage reactie op de corona-epidemie, die hij afdeed als een griepje. Het is een soort genocide. Bolsonaro zou ook hiervoor moeten eindigen bij het Internationaal Gerechtshof in Den Haag, waar al een aanklacht tegen hem ligt wegens het aanzetten tot genocide en systematische aanvallen op inheemse volkeren.

Veerkracht, elasticiteit, heb je ook nodig als je hoort dat iemand een hartoperatie moet ondergaan maar de doktoren niet kunnen vertellen wanneer de operatie zal plaatsvinden omdat er geen intensive care-bed is voor na de operatie. Want daar liggen ongevaccineerde covidpatiënten in. Terwijl de hartpatiënt dat bed hoogstens twee dagen zou bezetten om bij te komen van de operatie, bezet de covidpatiënt het twee weken.

Niet kwaad worden en veerkracht tonen bij het horen van zo’n voorbeeld is bijna te veel eer. De ongevaccineerde coronapatiënt komt ermee weg. Terwijl het niet deugt.

Voetbalsupporters komen ook weg met hun gedrag wanneer gezegd wordt dat ze het afgelopen jaar zoveel frustratie hebben opgeslagen dat het er nu in de vorm van grootscheepse agressie uit moet, zoals in oktober gebeurde bij de wedstrijd NEC-Vitesse. ‘We moeten accepteren dat we allemaal agressie in ons hebben,’ heette het.

Dat is natuurlijk waar. Maar agressie is er niet om op deze manier uit te leven. Daar zijn andere methoden voor. Zoals de gesublimeerde vorm: je goed kwaad maken en met de energie die dat oproept een bepaalde prestatie leveren. Dan is de agressie vruchtbaar, levert nog wat op. Maar het inzetten van die vruchtbare agressie gaat niet vanzelf, daar is nog iets anders voor nodig: coole zelfbeheersing.