In fraaie brochures, compleet met zonnige foto’s waarop het omringende duinlandschap en de nabijgelegen windmolens fraai in beeld zijn gebracht en de zwaar vervuilende hoogovens héél klein in de verte, probeert Tata Steel zich de laatste tijd te afficheren als een bedrijf dat ‘versneld op weg is naar een betere leefomgeving’. De grote ambitie is om in 2045 klimaatneutraal staal te maken op basis van waterstof. De komende jaren moet de uitstoot van kankerverwekkende stoffen en hinder door geur versneld worden teruggedrongen, onder meer met afzuiginstallaties en windschermen.
Het zijn mooie plannen, maar de werkelijkheid is minder opgewekt. In de eerste plaats is de staalfabriek nog altijd de grootste CO2-uitstoter van Nederland. Uit onderzoek van EenVandaag in 2020 bleek bovendien dat longkanker in de directe omgeving van het fabrieksterrein bij IJmuiden tot 51 procent vaker voorkomt dan gemiddeld in Nederland. Tata beloofde enkele jaren geleden al de uitstoot van kankerverwekkende stoffen versneld terug te dringen, maar volgens het meeste recente rapport van het RIVM uit maart van dit jaar is daar bij metingen vrijwel niets van te merken. En ten derde: volgens de lijst die stikstofminister Christianne van der Wal afgelopen jaar publiceerde is Tata Steel nog steeds veruit de grootste ‘piekbelaster’ van Nederland, gevolgd door Schiphol en de raffinaderijen, en op veel grotere afstand door een reeks veehouderijen.
Maar terwijl de boeren gedwongen uitkoop van misschien wel duizenden bedrijven boven het hoofd hangt, zijn zulke dwingende maatregelen voor Tata Steel nog nergens te bespeuren.
Minister Micky Adriaansens van Economische Zaken, die vorig jaar nog beweerde dat de boeren niet onevenredig werden geraakt door het stikstofbeleid want ‘de industrie zal zeker zijn aandeel pakken’, kwam tot nu toe niet verder dan de aankondiging van een ‘maatwerkaanpak’ en een aantal ‘intentieverklaringen’ van de grote industriële vervuilers, waaronder Tata Steel. ‘Het kabinet wil de industrie stimuleren en ondersteunen om in Nederland haar processen te verduurzamen en daarmee voorkomen dat bedrijven uit Nederland vertrekken.’
Het is een van de grootste fouten in het stikstofbeleid: terwijl de boeren door de mangel gaan, komt de grootste vervuiler weg met mooie plannen voor ‘groen staal’.
Kooksfabriek 2
Van het kabinet mogen de provincies als ‘bevoegd gezag’ intussen de kooltjes uit het vuur halen. Maar daar komt bitter weinig van terecht. Vorig jaar werd de natuurvergunning van Tata Steel door de provincie aangescherpt: voortaan mocht de fabriek acht procent minder stikstof uitstoten. Het lijkt een druppel op de gloeiende plaat.
De grote boosdoener is Kooksfabriek 2, waarvan de zwaar verouderde installaties ook nog kankerverwekkende stoffen lekken. Wil Tata Steel de mooie ambitie voor ‘groen staal’ in 2045 halen, zou de Kooksfabriek volgens milieuorganisaties als Greenpeace zo snel mogelijk dicht moeten. Maar dat gaat niet gebeuren, ondanks de ene dwangsom na de andere, want sluiting kost 300 miljoen per jaar, en de directie van het moederbedrijf van Tata in India, dat sinds de overname in 2007 al 20 miljard van de Nederlandse winst heeft afgeroomd, verklaarde in een recente aandeelhoudersvergadering geen cent meer aan de Nederlandse fabriek te zullen besteden.
Zo blijft Tata de komende jaren grotendeels buiten schot vanwege economische belangen waarvan je de waarde voor Nederland steeds meer in twijfel kan trekken: waarom zouden we zware vervuiling in dit dichtbevolkte land überhaupt nog toestaan als alleen de aandeelhouders van het Indiase concern er rijker van worden?
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.