‘De gevolgen van klimaatverandering zijn straks onomkeerbaar. Gelukkig groeit het aantal mensen dat zich daarvoor wilt inzetten. De Partij voor de Dieren vormt de politieke aanjager. Demonstreren en activisme horen daarbij.’ Tijdens het halfjaarlijkse partijcongres in juni in een snikhete zaal in Ede leidde het partijbestuur een serie moties in om met de leden te bespreken. Ondanks de hitte binnen hield de Partij zich aan zijn principes en was het congrescentrum verzocht de airco stil te houden.

Bijna alle moties gingen over de vraag of partijleden wel of niet burgerlijk ongehoorzaam mogen zijn. Aanleiding: de niet officieel aangemelde A12-blokkades van Extinction Rebellion. Het partijbestuur ontmoedigde de leden lange tijd daaraan deel te nemen, en dat leidde tot boze reacties.

eigen afweging

‘Activisme is nu belangrijker dan ooit aangezien de regering zich niet aan de eigen wet- en regelgeving houdt,’ aldus bestuurslid Marnix van der Werf. ‘Maar een politieke partij heeft ook een verantwoordelijkheid. Ze controleert de wetgevende macht en is medewetgever. Daarom was de partij aanvankelijk terughoudend over burgerlijke ongehoorzaamheid van haar leden. Dat beleid wordt nu iets verruimd.’ In het kort: de partij reguleert niet meer, iedereen maakt nu zijn eigen afweging. De motie werd met 63% stemmen voor aangenomen.

Het bezwaar van bestuur en Kamerfractie was dat je andere partijen niet de maat kunt nemen als je zelf de wet overtreedt door deel te nemen aan niet-aangemelde demonstraties, zoals de A12-blokkades van XR. Ze wilden binnen de rechtstaat blijven opereren. ‘Als partij blokkeren we dus geen wegen en bezetten we geen stal,’ aldus Van der Werf. Maar omdat demonstranten niet worden vervolgd, is er ruimte voor een individuele afweging. De motie leidde tot fikse discussies op het congres. Zou de partij geen imagoschade lijden? Vallen vreedzame blokkades niet onder het demonstratierecht?

‘Nu de Partij voor de Dieren groter is, verloopt alles centralistischer en strakker. Daarmee gaat ook iets van de ‘doe-mentaliteit’ verloren.’

Ingrid Ramaan, al jaren zeer actief binnen de partij, hield een pleidooi voor dat laatste. Ze kon het ‘niet uitstaan’ dat deelname aan A12-blokkades werd ontmoedigd. ‘We zijn een activistische partij die staat voor burgerrechten en opkomt voor de meest kwetsbaren.’ En de rechtstaat dan? ‘Het maakt nogal uit of je een tankstation overvalt of burgerlijk ongehoorzaam bent.’ Ze verwees naar een recent Amnesty-rapport dat stelt dat demonstraties niet verboden of beëindigd mogen worden alleen omdat de kennisgeving ontbreekt, of omdat demonstranten de voorschriften niet volgen.

Activisme, inclusief geweldloze burgerlijke ongehoorzaamheid, is volgens haar nog een van de weinige manieren waarop verandering gerealiseerd kan worden. Of dat nu gericht is op Tatasteel of op een overheid met tekortschietend klimaatbeleid.

Haar pleidooi vond gehoor. Waar moties over burgerlijke ongehoorzaamheid eerst nog werden ontraden, steunde het bestuur nu de vier moties die ze over dit onderwerp indiende.

‘Een gigastap,’ zegt Ramaan in een gesprek na afloop. Maar nog steeds staat de partij te veel op de rem, zegt ze. Ramaan vindt de partij steeds braver geworden. ‘In de beginjaren heerste er een sfeer van activisme. Nu de partij groter is, verloopt alles centralistischer en strakker. Daarmee gaat ook iets van de ‘doe-mentaliteit’ verloren.’

ongemakkelijk

Zoals bedrijven niet meer om klimaatactivisten heen kunnen, zo kunnen politieke partijen, gemeenten en wetenschappelijke instituten dat ook niet meer. De discussie die binnen de Partij voor de Dieren speelt, speelt ook op veel andere plekken. De gemeente Amsterdam lanceerde onlangs een richtlijn voor activisme voor haar ambtenaren. En ook binnen de wetenschap gaan er geluiden op. Bij de laatste A12-blokkade liep ook een wetenschapper van het internationale klimaatpanel IPCC mee, die vond dat er te weinig was gedaan met de uitkomsten van de IPCC-rapporten.

Voor de Partij voor de Dieren, een klimaatpartij bij uitstek waar vermoedelijk veel klimaatactivisten op stemmen, ligt dit dilemma gevoelig. Het aantal deelnemers aan de acties van Extinction Rebellion groeit zienderogen. Dat duidt op een groeiende klimaatbeweging, met dus indirect meer steun voor de standpunten van de partij. De blokkades hebben volgens een persvoorlichter ook bijgedragen aan een groeiend ledenbestand, al wil het bestuur dit bij navraag niet bevestigen.

Het willen reguleren van de deelname van partijleden en volksvertegenwoordigers aan de blokkades, leidde tot ongemakkelijke situaties, blijkt uit gesprekken met twee van hen, die liever anoniem blijven. Een van hen, een activist die regelmatig meedeed aan acties tegen onder meer de Duitse bruinkoolindustrie en pensioenfonds ABP, bleef dat doen toen hij fractievolger voor de partij werd (iemand die namens zijn politieke partij raadsvergaderingen kan bijwonen en de fractie kan ondersteunen bij de voorbereiding, red.) en namens de partij kon spreken. ‘Ik ben altijd burgerlijk ongehoorzaam geweest, en ging ervan uit dat actievoeren gedoogd zou worden. Het gaat toch om de kernthema’s van de partij.’

Totdat hij zich anderhalf jaar geleden verkiesbaar stelde voor de gemeenteraad en geen Verklaring van Goed Gedrag (VOG) kreeg. Vier arrestaties tijdens klimaatacties waren de boosdoener. ‘Ik heb wel meteen open kaart gespeeld naar de partij.’ Een gesprek met het bestuur volgde. ‘Ik dacht dat ze me gingen helpen om alsnog een VOG te krijgen, maar ik werd op de vingers getikt, moest beloven niet meer burgerlijk ongehoorzaam te zijn en politieorders op te volgen.’ Hij ging akkoord en legde een eed af. Maar hij is het er nog steeds niet mee eens.

‘De politiek kan veel oplossen, maar het klimaatprobleem niet. Dat is te ingewikkeld en vraagt een lange-termijninzet, terwijl de politiek op korte termijn acteert.’

‘Mensen sterven door droogte en hongersnood. Dan kom je in actie. Actievoeren is heel belangrijk en hoort bij mijn persoon. De politiek kan veel oplossen, maar het klimaatprobleem niet. Dat is te ingewikkeld en vraagt een lange-termijninzet, terwijl de politiek op korte termijn acteert.’ Waarom zit hij dan toch in de politiek? ‘Ik spreid mijn kansen. Als politicus probeer ik wetgeving te verbeteren, in mijn werk onderwijs ik mijn leerlingen in het klimaatprobleem. Ik leef groen en ben activist. Maar eerlijk gezegd ben ik meer activist dan politicus.’

Arrestatie is belangrijk, benadrukt hij. ‘De aantallen maken uit. Een docent die zich laat arresteren, dat is best radicaal, zet mensen aan het denken. De staat heeft bovendien geen capaciteit om iedereen vast te zetten en te vervolgen. Dat kost heel veel geld. Maar laat ik me arresteren, dan kan ik door de partij worden geroyeerd. Het ergste wat je als politicus kan overkomen.’

Ook voor een ander lid is deelname aan acties een dilemma. Ook hij zet zich vanuit verschillende kanten in voor het klimaat. ‘Het liefst doe ik het allemaal, de straat op, in mijn werk, de politiek. Het draagt allemaal bij aan verandering.’ Maar het actievoeren staat nu op een laag pitje vanwege een nieuwe functie, maar ook omdat ook hij op de vingers is getikt door de partij vanwege een arrestatie. ‘Ook de gemeente waarvoor ik werk vindt dat ik als ambtenaar niet de straat op moet gaan. Dat is nu wel een reden om me af te vragen of ik binnen die organisatie pas.’

Want ook hij is vóór actie en arrestatie, mits de actie vreedzaam en verantwoordelijk verloopt. ‘Dat helpt absoluut. De klimaatmars van september 2019 in Den Haag, waar naar verluidt 35.000 mensen aan meededen, haalde het nieuws nauwelijks. De acties van XR worden breed uitgemeten in het nieuws. Hoe meer aandacht, hoe groter de impact die je maakt. Al is het de vraag hoe dat vertaald wordt naar beleid.’ XR ontregelt het systeem, zegt hij. En dat heeft volgens hem effect.

De angst van de partij voor geloofwaardigheid en reputatieschade snapt hij wel, maar hij is het er niet mee eens. ‘Ik denk niet dat de reputatie van de partij er echt door geschaad wordt. Als Esther (Ouwehand, lijsttrekker van de PvdD, red.) zich vastplakt aan het asfalt, dan is dat een heel sterk beeld. Maar betekent dat dat we dan geen zaken meer kunnen doen met andere partijen? Dat laat juist de urgentie voor een grotere klimaatinzet zien.’

In een reactie die lang op zich liet wachten omdat het bestuur eerst niet wilde reageren, schrijft bestuursvoorzitter Ruud van der Velden dat het bestuur ‘geen gedetailleerd kader’ meer meegeeft als het om demonstraties gaat. ‘Leden kunnen nu zelf de afweging maken of hun aanwezigheid bij een demonstratie wenselijk is. Richtsnoer is nog altijd dat een actie binnen de wet blijft.’

In aanloop naar de volgende demonstratie, op 9 september, wordt dat nog eens bevestigd in een mail aan de leden.

Voor partijleden blijft het allemaal wat onduidelijk, schrijft de ambtenaar in een reactie. ‘De verantwoordelijkheid wordt bij mij persoonlijk gelegd, waarbij verwacht wordt dat ik me aan de wet houd als volksvertegenwoordiger om goed mijn functie uit te kunnen oefenen. Maar de risico’s op herhaling en integriteit zullen in eventuele sollicitatieprocedures wel besproken worden.’ Hij zegt erbij: ‘Als ik het goed interpreteer, hebben ze liever dat ik ’t niet doe, en heeft het misschien consequenties als ik later ergens hoog op een lijst wil staan. Maar in een persoonlijk antwoord heeft de partij me in enigszins vage bewoordingen bevestigd dat ze er voor nu geen probleem van zullen maken.’

Ook de docent kreeg groen licht. Mag hij zich laten arresteren? Met een lach: ‘Volgens mij houden we dat een beetje vaag.’