Ook te beluisteren.
‘In de avonden en het weekend is het hier wel drukker, hoor,’ zegt Sarah Bawuah-Acquah vanachter haar kraampje GoldCoast. Het is donderdagmiddag, vlak na lunchtijd, en het is heel rustig. Bawuah-Acquahs eettentje met West-Afrikaanse lekkernijen zoals Ghanese pindasoep en Nigeriaanse gekookte rijst in tomatensaus staat in het midden van de oude parkeergarage Develstein in Amsterdam-Zuidoost, die is omgetoverd tot World of Food.
World of Food biedt culinaire ondernemers uit Zuidoost de kans hun beste gerechten te presenteren aan een breed publiek, staat op de website van het foodcourt. Tussen al de kleine ondernemers uit alle windstreken zit opvallend genoeg ook een vestiging van McDonald’s. Hier is het op deze donderdagmiddag wél bedrijvig. Zowel in het restaurant als bij de drive-in, waar een rij auto’s staat.
De hamburgertent is een vreemde eend in de bijt. Daar blijkt een goede reden voor: ‘McDonald’s is de financiële kurk waar World of Food op drijft,’ reageert de gemeente. ‘Bij het opzetten van World of Food heeft de gemeente indertijd, in 2012, een brede uitvraag gedaan. Het consortium van ontwikkelaar Lingotto en McDonald’s won,’ aldus de woordvoerder. Hoewel een McDonald’s oorspronkelijk niet in het bestemmingsplan paste, maakte de gemeente een uitzondering voor de fastfoodreus. Dat is opmerkelijk: Amsterdam beweert de groei van fastfoodketens juist aan banden te willen leggen.
Fast Food Nation
The Investigative Desk is een groep gespecialiseerde onderzoeksjournalisten. Zij financieren hun werk met donaties, subsidies, beurzen en honoraria. Dit artikel is onderdeel van het ‘Fast Food Nation’-project. Hierin doet The Investigative Desk voor verschillende media waaronder Vrij Nederland, Vers Beton en Den Haag Centraal onderzoek naar de groei van fastfoodketens in Nederland. Deze publicatie is tot stand gekomen met steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten, het Lira Auteursfonds Reprorecht en de Subsidieregeling Kwaliteitsimpuls Zuid-Hollandse Journalistiek.Zij hebben geen rol in of inhoudelijke zeggenschap over de onderzoeken en publicaties. Meer informatie op www.investigativedesk.com
Brandbrief
Het aantal vestigingen van fastfoodketens McDonald’s, Burger King, KFC en Domino’s Pizza is in de vier grote steden sinds 2000 meer dan verdubbeld van ongeveer vijftig naar meer dan 120, blijkt uit onderzoek van The Investigative Desk. De wethouders van Volksgezondheid van deze steden trokken in 2021 aan de bel over het alsmaar uitdijende aanbod van hamburgers, pizza en friet. In een brandbrief vroegen ze het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) om meer handvatten om de komst van nieuwe fastfoodlocaties tegen te gaan.
‘De bijdrage van fastfood in het voedingspatroon neemt toe. Dat draagt bij aan overgewicht en obesitas; het aanbod van voedsel bepaalt in grote mate het consumptie-gedrag.’
Volgens de brandbrief uit 2021 hebben de gemeenten hun juridische instrumenten om fastfood te weren ‘zo goed als volledig benut’. Maar klopt dat wel? Uit het onderzoek van The Investigative Desk blijkt dat de stadsbesturen laks reageren op de agressieve uitbreidingsplannen van Big Fastfood. Ze hebben geen beleid opgesteld, waardoor economische kortetermijnbelangen al snel prevaleren. Fastfoodketens krijgen zo ruim baan om hun ongezonde snacks op elke straathoek te verkopen.
Voortdurend uitgedaagd
‘Je ziet het in alle grote steden in de centra: als er een kledingzaak verdwijnt, komt er een shoarmatent voor terug,’ zegt Lex Burdorf, gezondheidswetenschapper aan het Erasmus MC in Rotterdam. De toename van fastfood in het straatbeeld viel hem ook op. ‘De afgelopen tien, vijftien jaar is er een situatie gecreëerd waarin mensen voortdurend uitgedaagd worden om ongezond voedsel te kopen.’
The Investigative Desk verzamelde vestigingsdata van McDonald’s, Burger King, KFC en Domino’s Pizza in Amsterdam, Utrecht, Den Haag en Rotterdam en zag de afgelopen vijftig jaar een enorme toename in het aantal fastfoodketens in de stad. Op zoek naar een vette hap kom je McDonald’s het vaakst tegen. Deze fastfoodgigant heeft maar liefst 49 vestigingen verspreid over de vier grote steden. Daarna volgt de pizza van Domino’s, die je op veertig adressen kunt bestellen. KFC’s kipbucket is op 24 plekken te scoren en de Whoppers van Burger King bij 17 vestigingen.
En niet alleen in de centra van de steden. Data-onderzoek van Pointer concludeerde in 2022 dat er in arme wijken twee keer zoveel verkooppunten van ongezond voedsel te vinden zijn dan in rijke wijken. Juist in deze buurten zijn ook de cijfers van mensen met obesitas en overgewicht het hoogst.
Dat is niet uitsluitend te wijten aan de beschikbaarheid van fastfood in de buurt, maar het speelt wel een rol, volgens wetenschapper Burdorf. ‘De bijdrage van fastfood in het algemene voedingspatroon neemt toe. Dat draagt bij aan overgewicht en obesitas; het aanbod van voedsel bepaalt in grote mate het consumptiegedrag van mensen.’ Stadsbewoners die binnen vijfhonderd meter van een fastfoodrestaurant wonen, hebben meer kans op hart- en vaatziekten, ontdekten onderzoekers van de Universiteit Utrecht.
Nieuwe fastfoodwet
‘Ik zie ook dat fastfoodketens kwetsbare wijken een interessante vestigingsplek vinden,’ reageert (nu demissionair) staatssecretaris Maarten van Ooijen (CU) via een videogesprek vanaf de achterbank van zijn auto. ‘Dat is problematisch omdat het grote aanbod van ongezond goedkoop voedsel de gezondheidskloof alleen maar verder versterkt.’
Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de gezondheid van hun inwoners. In de brandbrief van 2021 klaagden zij dat het aanpassen van een bestemmingsplan alleen kan wanneer er risico is op stank-, afval- of geluidsoverlast. Van Ooijen werkt inmiddels aan een fastfoodwet die gemeenten moet helpen om in bestemmingsplannen een onderscheid te maken tussen gezonde en ongezonde eettenten. Maar het kan nog jaren duren voordat die wet er is. Door de val van het kabinet ontstaat waarschijnlijk vertraging. De opvolger van Van Ooijen krijgt bovendien een flinke dobber aan de wet. ‘Het is lastig om het onderscheid tussen gezond en ongezond af te bakenen,’ legt hij uit. De wet moet daarom juridisch goed worden dichtgetimmerd. ‘Elke aanbieder zal gaan kijken: wat betekent dit voor mij? En kan ik er misschien nog onderuit komen?’ Van Ooijen benadrukt dat gemeenten dan ook niet achterover moeten gaan leunen totdat de fastfoodwet er is. ‘Ik verwacht van gemeenten dat ze blijven kijken: wat kan ik wél doen?’
Zijn de grote gemeenten net zo ambitieus in hun strijd tegen Big Fastfood als de staatssecretaris? The Investigative Desk reisde voor Vrij Nederland af naar de stadhuizen te midden van fastfoodparadijzen en interviewde de wethouders Zorg, Volksgezondheid en Welzijn van Rotterdam, Amsterdam, Den Haag en Utrecht.
De gesprekken met de wethouders laten zien dat elke gemeente een eigen aanpak hanteert. De Rotterdamse wethouder van Welzijn, Faouzi Achbar, wil niets weten van strenge maatregelen tegen fastfoodketens. Zijn Amsterdamse collega Alexander Scholtes klaagt juist over het gebrek aan juridische mogelijkheden om de ongebreidelde groei van fastfood in de hoofdstad aan te pakken.
Om de paar meter
Als je op zoek bent naar een vette hap in het centrum van Rotterdam, hoef je niet ver te zoeken. Franse frietjes van de Mac, curly fries van de Burger King of toch liever een patatje-mét van Bram Ladage? Waar je ook trek in hebt, om de paar meter zit voor ieder wat wils. Tussen alle snackkarren en fastfoodtenten in is het Rotterdamse stadhuis gevestigd. ‘Ik voer liever het gesprek met de fastfoodketens,’ zegt Faouzi Achbar (DENK), nadat hij aan zijn vergadertafel heeft plaatsgenomen. ‘Dat is dus niet opleggen, dwingen of straffen,’ zegt de wethouder resoluut. Al moet hij toegeven dat hij nog niet met de fastfoodketens om tafel heeft gezeten. ‘Maar de lijntjes zijn wel heel kort. Dus als ik zou willen, dan kunnen we dat gemakkelijk doen.’
Die korte lijntjes komen mede door het fastfood-verleden van de wethouder Welzijn. Achbar was zelf tot 2011 acht jaar lang manager bij McDonald’s en had daarna samen met zijn broer drie fastfoodzaken in Rotterdam. Volgens de wethouder heeft dit verleden zijn mening over fastfood niet gekleurd. ‘Nee, die is daardoor niet veranderd. Ik vind dat je de ondernemer ondernemer moet laten zijn.’
‘Vooral op de duurdere locaties is het voor pandeigenaren interessant om te kiezen voor een fastfoodzaak, die vaak meer zekerheid geeft op een hogere omzet.’
Achbar ziet de snacktenten liever als compagnon: ‘Fastfoodketens zijn onze partners in de strijd tegen obesitas.’ De wethouder zet dan ook sterk in op voorlichting.
Gezondheidswetenschapper Burdorf staat sceptisch tegenover deze aanpak: ‘Ik denk dat het volstrekt zinloos is om de obesitasepidemie op die manier aan te pakken.’ In Rotterdam heeft 51,3 procent van de volwassenen overgewicht. De gemeente zit daarmee boven het nationaal gemiddelde.
In armere wijken is het aanbod ongezond eten nog hoger, net als het percentage inwoners met overgewicht. In Feijenoord ligt dat op 55,5 procent en in Hoogvliet is het zelfs 61 procent. Volgens Burdorf komt dat door twee dingen: ‘Het eerste is de prijs, het is duurder om echt gezond te eten. Een bloemkool is net zo duur als een Big Mac, dan weet je wel wat de keuze is. Het tweede is dat als je voortdurend mensen fastfood ziet eten in jouw omgeving, dat vanzelf het normale sociale gedrag wordt. Het is heel logisch dat je dat dan automatisch zelf ook doet.’
Achbar, de wethouder van Welzijn, wijst er juist op dat de fastfoodtenten belangrijk zijn voor de werkgelegenheid en daarmee voor de economie van de stad. ‘Maar dan ga ik op de stoel van de wethouder van Economie zitten.’
Dweilen met de kraan open
‘Zonder wetgeving is het gewoon dweilen met de kraan open,’ zegt Alexander Scholtes (D66), wethouder Zorg van gemeente Amsterdam, in zijn nieuwe kantoor in de Stopera. De fitte veertiger nam in april het stokje over van partijgenoot Shula Rijxman, die na een paar maanden het wethouderschap naast zich neerlegde. ‘Ik wil als sociaal-liberaal eigenlijk vrijheid voor dit soort dingen, maar de problemen zijn gewoon te groot om dit op zijn beloop te laten,’ aldus de nieuwe wethouder.
Als voormalig stadsdeelvoorzitter van Amsterdam Centrum is Scholtes bekend met de verschillende pogingen om fastfood te beperken. ‘We hebben denk ik een heleboel geprobeerd en dat heeft zeker zijn nut gehad.’ De wethouder doelt bijvoorbeeld op het decennia oude categorieënsysteem voor fastfood, waarmee de gemeente in bestemmingsplannen kan bepalen waar wel of geen fastfood mag komen. Of op het verbod op eetwinkels in het centrum die fastfood verkopen.
Toch telt de hoofdstad de grootste hoeveelheid fastfoodlocaties per inwoner. The Investigative Desk dook in bestemmingsplannen, omgevingsvergunningen en eigendomsaktes en ontdekte een aantal vestigingen van fastfoodketens waar de gemeente iets tegen zou kunnen doen. Zo blijkt uit de onderzochte documenten dat vier locaties van fastfoodketens in het centrum kunnen worden uitgekocht.
De gemeente paste daar eerder het bestemmingsplan aan om fastfood te weren. Zaken die er al zitten, moeten financieel worden gecompenseerd, als de gemeente er vanaf wil. Waarom maakt Scholtes daar geen gebruik van? ‘Financieel staan we er gewoon niet supergoed voor.’
‘De fastfoodfunctie is passend en gewenst omdat het een leeg perceel opvult en bewoners en passanten op een goede wijze bedient,’ stelt de gemeente in de omgevingsvergunning van een McDonald’s in Amsterdam Osdorp. Die boodschap staat haaks op de noodkreet uit de brandbrief.
Als hem wordt gevraagd of het dan wel klopt dat de gemeente de instrumenten ‘volledig heeft benut’, reageert Scholtes: ‘Ik kan niet helemaal inschatten of wij in het verleden elke mogelijkheid altijd hebben benut, maar ik heb de juridische mogelijkheden nog niet gezien en onze juristen ook niet. Dus als iemand die heeft, stuur ze dan vooral op.’
De stadsdelen lijken die mogelijkheden wel degelijk gevonden te hebben. Zo is er in stadsdeel de Oude Pijp al een horecastop actief waar ook fastfood onder valt, en lukte het stadsdeel Nieuw-West om nieuwe fastfoodzaken rondom Plein ’40-’45 te weren met geluidshinder en zwerfvuil als argument. Andere stadsdelen volgden dit voorbeeld niet.
Verdubbeling
De Utrechtse wethouder Eelco Eerenberg (D66) is als enige ondertekenaar van de brandbrief in 2021 nog steeds actief als wethouder. Is er in de tussentijd iets veranderd? ‘Nou, daarna heeft de staatssecretaris gezegd dat er inderdaad een instrument mist. Maar het probleem is nog steeds hardnekkig. Als je hier rondfietst, zie je alleen maar ongezonde keuzes,’ vertelt hij tijdens een gesprek op het Stadskantoor.
‘Vooral gemeenten met een grote aanwezigheid van scholieren, studenten en huishoudens met lagere inkomens bieden nog potentieel,’ schrijft Retailsonar.
Utrecht heeft net als Amsterdam al jarenlang een categorieënsysteem, waarbij categorie C in een bestemmingsplan is bedoeld voor fastfood. Dit systeem wordt echter nauwelijks gebruikt om fastfood te weren. Hoewel de Domstad de minste ketens telt, steeg het aantal fastfoodzaken de laatste jaren explosief. In 2019 liep provincie Utrecht met ruim 40 procent groei voorop. Deze groei werd haast volledig veroorzaakt door een verdubbeling van de fastfoodlocaties in de stad.
Het officiële beleid van Utrecht is passiviteit. In het Ontwikkelingskader Horeca Utrecht 2018, het meest recente horecaplan, wordt bij verschillende regio’s in de stad in de ontwikkelingsrichtlijn genoemd dat ‘de fastfoodsector groeit en zal blijven groeien’. Er wordt niet gesproken over het tegengaan van deze groei. Ook in het coalitieakkoord van Gemeente Utrecht wordt niet uitgebreid gesproken over het terugdringen van fastfood. ‘Maar het feit dat het er niet in staat, betekent niet dat we dat niet doen of niet willen,’ zegt Eerenberg.
Niet in winkelgebieden
Ook Den Haag heeft relatief weinig vestigingen van Amerikaanse fastfoodketens per inwoner. Maar het lijkt slechts een kwestie van tijd, want in de rest van het fastfoodaanbod is al wel een sterke groei te zien geweest: een stijging van 23 procent tussen 2016 en 2020.
Mariëlle Vavier, wethouder van Volksgezondheid namens GroenLinks, is kritisch op vorige colleges: ‘Het was een politieke keuze om grote ketens geen strobreed in de weg te leggen.’ Het huidige college ziet volgens haar wel de noodzaak in van het weren van fastfood, vertelt ze eind februari (de VVD is dan nog niet uit het Haagse college gestapt) in een gesprek op het stadhuis. Dat moet ook wel: in juni 2021 nam de Haagse gemeenteraad al de motie ‘terugdringen fastfood’ aan, waarin de raad het college vroeg om actie te ondernemen tegen het uitdijende aanbod van ongezonde snacktenten.
Pas in april van dit jaar gaf de gemeente gehoor aan die oproep: Den Haag wil in bestemmingsplannen een aparte horecacategorie voor fastfood gaan invoeren. De gemeente kan zo in bepaalde wijken alleen maar ‘gewone’ horeca toestaan en fastfood weren.
Zoals hierboven beschreven, hebben Amsterdam en Utrecht al tientallen jaren zo’n systeem, zonder veel effect. Opvallend genoeg kiest Den Haag ervoor deze optie alleen toe te staan in winkelgebieden, omdat de gemeente daar de grootste groei vreest. ‘Vooral op de duurdere locaties is het voor pandeigenaren interessant om te kiezen voor een fastfoodzaak, die vaak meer zekerheid geeft op een hogere omzet dan een restaurant of lunchroom,’ verklaart het persbericht. De gemeente heeft daarmee geen mogelijkheid om fastfoodzaken te weren in de buurt van scholen of arme wijken, behalve als daar een winkelgebied zit. Volgens (demissionair) staatssecretaris Van Ooijen laat de gemeente Den Haag hiermee ‘een kans liggen’. Hij is van mening dat gemeenten zich niet alleen moeten richten op de stadscentra waar veel fastfoodtenten samenklonteren, zoals het Spui in Den Haag dat in de volksmond ook wel de fastfoodstraat wordt genoemd. ‘Het probleem zit óók in de kwetsbare wijken.’ (Bij het ter perse gaan van dit nummer was er door de gemeenteraad nog niet gestemd over het voorstel van het college.)
Aantrekkelijk vestigingsklimaat
Dat kwetsbare wijken interessant zijn voor fastfoodketens, wordt bevestigd door het marketingbedrijf Retailsonar, dat bedrijven adviseert over aantrekkelijke vestigingslocaties. Retailsonar, met onder meer McDonald’s als klant, publiceerde in 2022 een factsheet over fastfoodketens in Nederland: ‘Vooral gemeenten met een aantrekkelijk vestigingsklimaat en een grote aanwezigheid van scholieren, studenten en huishoudens met lagere inkomens bieden nog potentieel.’
Zolang gemeenten afhoudend blijven, krijgen fastfoodrestaurants de tijd rustig uit te breiden. Domino’s Pizza kondigde vorig jaar op haar website aan in te zetten op verdere toename van het aantal locaties. De pizzaketen is sinds 1989 in Nederland gevestigd en heeft hier inmiddels 350 vestigingen. Domino’s maakte vooral in de afgelopen decennia een enorme groei door en behoort inmiddels tot de top-drie ketens in Nederland met de meeste vestigingen. De pizzagigant ambieert een uitbreiding tot vijfhonderd winkels door heel Nederland.
Marianne Kemps, woordvoerder van Domino’s, denkt niet dat het veel uitmaakt als fastfoodrestaurants wegblijven uit kwetsbare wijken. ‘Daar geloof ik niet zo in. Mensen zijn toch gemaksdieren. Je krijgt dan dat ze naar de dichtstbijzijnde supermarkt stappen en daar een frikandelbroodje voor 85 cent halen. Dan verschuif je dus eigenlijk het probleem.’ Zij ziet de oplossing eerder in het gezonder maken van het fastfoodaanbod. ‘Wij hebben de afgelopen jaren het zout in onze pizza’s gereduceerd en we werken uitsluitend met vers deeg en verse groenten.’ De keuze is vervolgens aan de consument zelf: ‘Een pizza shoarma is gewoon een stuk ongezonder dan een pizza met veel groenten.’
Uit een enquête van AD uit 2019 blijkt dat ruim 90 procent van de zorgwethouders geen beleid had om het aantal fastfoodrestaurants te beperken.
De vraag rijst: wat kunnen gemeenten wél doen om de wildgroei van fastfood te voorkomen? Van Ooijen: ‘Het is ingewikkeld voor gemeenten om op te treden tegen fastfood, maar ze zijn niet totaal weerloos.’
Dat bevestigt ook een onderzoek uit 2020 van de Universiteit van Amsterdam. Zij onderzochten de mogelijkheden die gemeenten hebben om fastfood te weren. De conclusie: de opties zijn beperkt, maar er zijn wel degelijk middelen die gemeenten kunnen inzetten.
De meest voor de hand liggende stap is in bestemmingsplannen een aparte categorie voor fastfood op te nemen, zoals Amsterdam, Utrecht en binnenkort misschien ook Den Haag. Rotterdam wil dat niet doen. ‘Wij fixeren ons niet op die fastfoodketens. Het gaat om het bredere plaatje: hoe krijgen we de Rotterdammer gezond?’ zegt de Rotterdamse wethouder Achbar.
Met alleen het invoeren van een aparte horecacategorie zijn gemeenten er nog niet. Ze moeten voor het wijzigen van een bestemmingsplan vervolgens ‘ruimtelijke argumenten’ aandragen. De motivering om fastfood in een bepaalde wijk te weren, moet dus gaan over de indeling van de ruimte, bijvoorbeeld dat fastfoodtenten vaker overlast door stank, lawaai of meer verkeer veroorzaken.
Ruimte geven
Die argumenten zijn er zeker, zegt bestuursrechtadvocaat Anita Nijboer, die meewerkte aan het UvA-onderzoek. ‘In een fastfoodrestaurant wordt veel meer gefrituurd dan in een gewoon restaurant. Als de zaak een goede afzuiging heeft, dan maakt die vaak lawaai. En hebben ze die niet, dan ontstaat er een pizza- of frituurlucht.’
Gemeenten kunnen klachten van omwonenden gebruiken om nieuwe fastfoodketens te weren. Al is het volgens Nijboer niet eens nodig dat er al klachten zijn. ‘Een gemeente kan ook preventief fastfood weren doordat vooraf kan worden beoordeeld dat frituurlucht, geluidsoverlast, veel straatverkeer door aan- en afloop bij de snackbar in strijd is met een goede ruimtelijke ordening, zeker in het centrum met veel omwonenden.’
Gemeenten hebben nog een instrument dat zij kunnen gebruiken om fastfood in te perken: beleid. Als een fastfood-onderneming niet binnen het bestemmingsplan past, kan de ondernemer een omgevingsvergunning aanvragen om zich toch op die locatie te mogen vestigen. De gemeente maakt bij deze aanvraag om een omgevingsvergunning een belangenafweging en moet motiveren waarom zij een fastfoodvestiging wel of niet toestaat. ‘Als er bijvoorbeeld in het gemeentelijk beleid staat dat er geen nieuwe fastfoodrestaurants in het centrum mogen komen, of dat er alleen een nieuwe vestiging mag komen als een andere weggaat, kan de gemeente op basis daarvan een aanvraag om een omgevingsvergunning weigeren,’ licht bestuursrechtadvocaat Corina Hoogendoorn toe.
In de coalitieakkoorden en horecaplannen van de vier grote gemeenten is echter geen beleid voor het stoppen van de wildgroei van fastfood opgenomen. Integendeel, het horecabeleid is er in veel gevallen juist op gericht om horeca-exploitanten meer vrijheid te geven. ‘Ruimte geven, dat is wat horecaondernemers op dit moment het hardst nodig hebben,’ staat bijvoorbeeld in het Rotterdamse horecaplan van december 2022.
Hierin staan de grote gemeenten niet alleen: uit een enquête van AD uit 2019 blijkt dat ruim 90 procent van de zorgwethouders geen beleid had om het aantal fastfoodrestaurants te beperken.
In de buidel tasten
Sommige gemeenten kunnen de wildgroei van ongezonde eettenten ook bestrijden via hun rol als verhuurder. Zo bezitten Rotterdam, Amsterdam en Den Haag alledrie een pand waarin een McDonald’s zit. De gemeenten Amsterdam verhuurt daarnaast aan Domino’s en Rotterdam aan KFC en Burger King. ‘Het gros van de contracten heeft een looptijd van nog tientallen jaren. Die openbreken zou grote financiële gevolgen hebben,’ reageert de gemeente Rotterdam.
‘Ongezond voedsel draagt 8,1 procent bij aan de ziektelast, leidt landelijk tot 12.900 sterfgevallen per jaar en is goed voor 6 miljard aan zorgkosten.’
Om van bestaande restaurants af te komen, moeten de gemeenten diep in de buidel tasten. Dat geldt ook voor het uitkopen van fastfoodzaken op plekken waar het bestemmingsplan inmiddels is aangepast, zoals in Amsterdam. ‘En jullie weten, de financiën van de gemeenten zijn niet top,’ aldus Amsterdamse wethouder Scholtes.
Maar niets doen kost ook geld. In Gezond010, de Rotterdamse variant van het preventieakkoord uit december 2019, rekent de gemeente uit hoeveel fastfood de belastingbetaler kost: ‘Ongezond voedsel draagt 8,1 procent bij aan de ziektelast, leidt landelijk tot 12.900 sterfgevallen per jaar en is goed voor 6 miljard aan zorgkosten.’
Prominente rol voor McDonald’s
Terug naar Amsterdam-Zuidoost: daar eten een moeder, dochter en kleindochter in de McDonald’s friet en hamburgers. Bij de andere eettenten in World of Food zijn ze nog nooit geweest. ‘Sinds de coronacrisis is het daar nogal uitgestorven,’ vertelt de moeder.
De gemeente heeft plannen om de huidige parkeergarage te slopen om plaats te maken voor een nieuwe World of Food, inclusief woonruimte.
Sommige ondernemers, onder wie Bawuah-Acquah, mogen over drie jaar terugkeren. ‘In de tussentijd moet ik op zoek naar een andere ruimte.’
Bij de vernieuwde World of Food zal weer een prominente rol zijn weggelegd voor McDonald’s, laat de gemeente Amsterdam weten. De hamburgergigant trekt namelijk opnieuw de portemonnee, al wil de gemeente niet zeggen voor hoeveel. Het blijft dus een vraagteken of dat opweegt tegen de zorgkosten die de McDonald’s in Zuidoost mede veroorzaakt.




Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.