De Franse schrijfster, barones en salonnière Germaine de Staël vindt het in augustus 1792, de maand van de Terreur in de Franse Revolutie, veiliger om in Engeland bij haar minnaar de graaf van Narbonne te zijn. De brieven die de adelijke en kunstzinnige vrienden elkaar van daaruit schrijven maken duidelijk dat niet iedereen haar komst met voorpret tegemoet ziet. De vader van de schrijfster Fanny Burney kreeg brieven waarin ‘groot alarm’ werd geslagen dat Fanny wel erg intiem was geworden met ‘de beruchte Mme de Staël’, de ‘diabolisch democrate’, de ‘overspelige’ en de ‘afgrijselijke’ vrouw van de Zweedse ambassadeur. Ze zou alleen maar naar Engeland zijn gekomen om bij haar minnaar Narbonne te zijn (van wie ze haar tweede kind verwachtte) en om nieuwe ‘intriges uit te broeden.’

Literaire kroniek
Lof van de geestdrift
Door Europa waarde in en rond de Franse Revolutie de geestdrift van Germaine de Staël (1766-1817), schrijfster, balling en puissant rijke salonnière. Haar enthousiasme blies leven in alles, volgens haar biografe Margot Dijkgraaf. Maar niet voor iedereen.




