In New York runt Zohran Mamdani een succesvolle maar ongebruikelijke burgemeesterscampagne. Hij vaart op de radicaallinkse principes, en schuwt daarbij de frontale aanval niet. Via social media richt hij zich met humor en brutaliteit vaak direct op opponent Cuomo en diens schandalen: ‘Meneer Cuomo verloor al eerder van mij. Hij begrijpt sowieso niet zo goed wat “nee” betekent.’
In het Verenigd Koninkrijk opende voormalig Labour-lid Jeremy Corbyn niet alleen de aanval op rechts, met manifesten als For the many, not the few, maar ook op zijn liberale oud-partijgenoot en premier Keir Starmer. Zo beweerde hij dat niet extreemrechts, maar Starmer zélf verantwoordelijk is voor de opkomst van het fascisme in zijn land. Corbyn vertrok en kreeg een half miljoen Britten mee als lid van zijn nieuw opgerichte partij. In Frankrijk noemde de linkse Mélenchon de liberaal Macron ‘le président des riches’ en de media ‘de waakhonden van de gevestigde orde’.
Ja, links kopieert —eindelijk!— de populistische trukendoos. Maar ze gaan nog niet ver genoeg. Er is namelijk één tactiek die Nederlands links vooralsnog vaak schuwt: een vijand aanwijzen. Het is het laatste politieke taboe op links. Ondertussen zondebokt en vingerwijst rechts er gretig op los. Ooit was de vijand ‘de Marokkaan’, inmiddels is dit beeld uitgebreid naar ‘de migrant’, ‘de woke elite’ of simpelweg moslims. Er is voor rechts altijd wel een nieuwe vijand, een nieuwe zondebok. Dat zit nu eenmaal verankerd in rechtse politiek. Want wie een status quo in het zadel wil houden, moet altijd voor afleiding zorgen.
Beste lezer,
Wij kunnen onze verhalen alleen maar maken dankzij de steun van betalende leden. Vind jij het belangrijk dat wij ons werk kunnen voortzetten? Wil je altijd al onze verhalen kunnen lezen of luisteren? En ben je nog geen lid van Vrij Nederland? Overweeg dan eens om lid te worden, via deze link.
Toch hoort het voor links even makkelijk te zijn, zo niet makkelijker, om een zondebok aan te wijzen. Wetenschappelijk bewijs voor zondebokken is er namelijk volop in de klimaatcrisis, de huizencrisis, de inflatie. Het zijn allemaal gecreëerde problemen met duidelijke veroorzakers (de fossiele industrie, fiscaal beleid, roofkapitalisme). Toch heeft links schijnbaar geen hapklare schuldige voor de crises van deze tijd.
Waarom lukt het links maar niet om een vijandbeeld in te zetten?
Neoliberalisme
Ook in Nederland zijn er politici die erkennen dat de handschoenen uit moeten. Aanvankelijke twijfels over of die ‘vuile’ politieke stijl wel samengaat met linkse waarden als solidariteit en vrede, lijken steeds meer opzij te worden gezet. In debatten klinkt simpelere taal. Niet ‘fiscale voordelen’ maar ‘cadeautjes aan de rijken’ (Jimmy Dijk, SP). Online gaat de strijd door als de debatten gestaakt zijn. De Partij voor de Dieren toonde onlangs nog het gênante gescheld van VVD’er Van der Burg op grappige wijze op haar socialmediakanaal (‘Wrong answers only: wat zegt Van der Burg hier tegen Esther?’).
Links lijkt zo nog wat onwennig in deze ‘vuilenhandenaanpak’. Maar die is hard nodig
Het was verfrissend: dit was even geen systeemkritiek over de vervallen Haagse normen en waarden, maar gewoon de spotlight op Van der Burg, die zichzelf onsterfelijk belachelijk maakte. Helaas viel Ouwehand kort daarna alweer terug in liberale zalvendheid (zij en Van der Burg hadden een ‘goed gesprek’ gehad, excuses geaccepteerd). Ook Dijk trok na kritiek al snel zijn voorstel van een 75 procent erfbelasting over een erfenis van 100 duizend euro in. Misschien was zo’n belasting pas geschikt vanaf 500 duizend euro.
Links lijkt zo nog wat onwennig in deze ‘vuilenhandenaanpak’. Maar die is hard nodig. We moeten alle zeilen bijzetten om het rechtse tij te keren. Dus in de aanval, op de man, krachtige taal, niet inbinden; humor, stijl en emotie.
Maar omdat links (terecht!) gewend is in systemen te denken, vinden linkse politici het nogal moeilijk individuen uit te lichten. De vijand is, immers, het neoliberale kapitalisme: een vormloze, abstracte filosofie. ‘Iets met marktwerking’, ‘iets met sociale voorzieningen’. Maar marktwerking heeft geen gezicht en sociale voorzieningen worden pas concreet voelbaar als ze al weggevallen zijn.
Als links een effectief vijandbeeld op wil werpen, dan moet het tactisch gaan denken, in plaats van krampachtig inhoudelijk
Daarbij heeft links zich het liberale idee van ‘respectability politics’ eigen gemaakt – laten we het in het Nederlands eerbiedspolitiek noemen. Dat wil zeggen: als het systeem het probleem is, dan moet het systeem worden bevochten; niet het individu. Dat zou oneerbiedig zijn. Effectieve politici, zo lijkt gevestigd links te denken, debatteren op inhoud en beleid en spelen nooit op de man. Ook niet als dat terecht is. Zo noemde SP’er Renske Leijten vertrekkend PVV-zorgminister Agema recent nog een ‘snoeiharde werker’. Leijten had vooral veel respect voor haar. Niets over Agema’s stuitende racisme, het intrekken van haar beloftes omtrent private equity in de zorg, of de rechtstaat die onder de PVV afbrokkelde. Gewoon een gewaardeerde collega die nu eenmaal eerbiedwaardig vroeg wakker werd.
Als links een effectief vijandbeeld op wil roepen, dan moet het tactisch gaan denken, in plaats van krampachtig inhoudelijk. De inhoud van een politieke boodschap is, immers, ondergeschikt aan de vorm. Een stoet aan wetenschappelijke rapporten en institutionele tegenadviezen hebben de kiezer niet overtuigd van de onzin van rechts beleid. Zo bleek het stikstofbeleid van Femke Wiersma (BBB) niet alleen peperduur, maar ook nog eens ineffectief, en leidde Marjolein Fabers (PVV) ‘strengste asielbeleid ooit’ niet zozeer tot een beperkte asielinstroom, maar vooral tot beestachtige leefomstandigheden voor asielzoekers.
Het mocht niet deren, want wat door de kiezer werd gezien, is de rechtse flair. Geert Wilders vroeg bij Radio 538 grappend een nummertje van K3 aan, en Ingrid Coenradie (eerst PVV, nu JA21) was toch wel een heel gezellige sparpartner van Johan Derksen bij Vandaag Inside op SBS6. Uitstekend politiek theater, want populisten benaderen debatten niet als technisch vraagstuk, maar als een verhaal of film met good guys en bad guys. Het roept emoties op, en juist dat is leidend in de stemkeuze.
Weet links haar systeemdenken om te zetten in een effectieve theaterstrategie en weet ze eerbiedspolitiek achter zich te laten, dan wordt een vijandbeeld vinden opeens heel gemakkelijk.
Een Sywert
Een goede vijand verbindt. In tijden van externe dreiging stijgt doorgaans de waarderingsgraad voor een politicus (het rally-round-the-flag-effect). Met een WK voetbal is die dreiging een ander land, in politiek is dat een publiek figuur aan wie we allemaal een hekel kunnen hebben.
Sywert van Lienden, bijvoorbeeld.
Grote kans dat u en iedereen die u kent, het niet leuk zou vinden om ‘een Sywert’ genoemd te worden. In zijn persoon zijn alle kenmerken van een goede vijand verzameld: hij heeft ons allemaal collectief bedonderd; hij maakte winst op ons belastinggeld, over de rug van een ziek land in een gezondheidscrisis.
‘De Sywerts’ tonen het failliet van het neoliberalisme; zij staan voor het type greenwashende klimaatvervuilers en weldoenende miljonairs
Waarom is dit een goed links vijandbeeld? De ‘Sywert’ maakt ons in één klap bewust van wat het kapitalisme eigenlijk is: geïnstitutionaliseerd consumentenbedrog dat ons elke dag belazert. Want zoals Sywert zijn er nog veel meer parasieten, kwakzalvers, en enkelingen die ‘gillend rijk worden’ ten koste van de meerderheid. Zo tonen ‘de Sywerts’ ook meteen het failliet van het neoliberalisme, want zij staan voor het type greenwashende klimaatvervuilers, pinkwashende pandjesverhuurders, overbodige consultants, medische cowboys, en weldoenende miljonairs. Niet iedere Sywert is overigens miljonair, maar wel alle miljonairs zijn Sywerts.
Daarnaast is een Sywert is overal. Wat ‘Sywert-gate’ goed aantoonde, was dat rijke ondernemers vaak een poot aan de grond hebben in allerlei instituties: in het bedrijfsleven, het medialandschap en in de politiek. Van Lienden was al niet weg te slaan uit talkshows én was een CDA’er die uiteraard ook meeschreef aan het verkiezingsprogramma van de christendemocraten.
Ten slotte is een goede vijand schaamteloos. Als Van Lienden voortschrijdend inzicht of spijt had getoond, was het moeilijk geweest hem tot een boeman te maken. Gelukkig laat Sywert juist zien hoe het grootkapitaal, geconfronteerd met zijn wandaden, uiteindelijk doorslaat naar extreemrechts (zie ook Musk, Zuckerberg en Bezos). De laatste tijd tweet Van Lienden voornamelijk over hoe vervelend vrouwen en asielzoekers zijn. Het zijn op dezelfde wijze vaak die bedrijven die ons het hardst uitbuiten, die bij maatregelen het luidst jammeren over ‘het ondernemersklimaat’ en direct bij extreemrechtse leiders, zoals Donald Trump, in het gareel vallen. Alles voor de winst. Zoals Marxistisch denker Clara Zetkin in 1923 al zei: fascisme is slechts het kapitalisme in crisis.
‘Liever een vakkenvuller, dan een Frans Muller’
Zoals Sywert zijn er veel ‘gezichten’ van het kapitaal. Zo brengt vakbond FNV jaarlijks een lijst uit met topverdieners onder de noemer van ‘Fat Cat Day’. Inspiratie volop. ‘Liever een vakkenvuller, dan een Frans Muller’ moet een nationaal volksgezegde worden. Muller, de CEO van Ahold, die per jaar bijna 7 miljoen op zijn bankrekening ontvangt, speelde bewust magazijnwerkers tegen elkaar uit en greep niet in toen zijn eigen krachten werden beboet voor staken.
Of wat dacht je van ‘een VanEerdje doen’: diepcorrupt zijn en je rijke familie gebruiken om je te beschermen? Jumbo-CEO Frits van Eerd verdiende miljoenen met witwassen. Zo’n 500 duizend aan contanten werd in beslag genomen. De flappen lagen in zijn koelkast. Al in 2022 kwam de zaak aan het licht, maar Van Eerd hoefde zijn aandelen pas onlangs in te leveren. Hij is overigens nog steeds eigenaar van Jumbo, samen met zijn zussen.
Gaat het debat over de woningmarkt? Dan moet het gezicht van prins Bernard Junior voor ons geestesoog opdoemen, inclusief die brillenvensters van hem, als de ramen van appartementen die we nooit zullen kunnen betalen. De pandjesprins is het archetype huisjesmelker, geboren met een gouden lepel in zijn mond, maar: hij heeft er zo hard voor heeft gewerkt! Links moet deze namen en rugnummers in ieders hoofd prenten, als een Pavlov-reactie op een belletje.
In de aanval blijven
Klinkt dit als een kinderachtig vingerwijzen? Denk dan aan het volgende: de invloed van bedrijfsbestuurders en CEO’s op ons leven is gigantisch – vaak groter dan die van een politicus. Toch hebben we ze niet gekozen, en hoeven ze zich maar zeer zelden te verantwoorden zoals politici. Onze economie blijft een ondemocratische aangelegenheid – maar dan wel een die invloed heeft op hoe duur onze boodschappen zijn, en hoeveel belastinggeld er binnenkomt. Hoe zou de wereld eruitzien als CEO’s en grootaandeelhouders even bekend en zichtbaar waren als een Dick Schoof of een Marjolein Faber? Als falend leiderschap in bedrijven werd gezien, bevraagd en gedemocratiseerd?
Gelukkig hoeft een vijandbeeld ook helemaal niet concreet te zijn. De focus op een individu is krachtig, maar niet altijd nodig. Net zoals Wilders zijn vijand soms concreet maakt (Frans Timmermans!), dan weer bewust vaag houdt (de Islamlobby!), kan links ook, waar dat strategisch is, abstracter te werk gaan. Rechts heeft ‘de immigrant’, wij hebben ‘de rijken’, ‘de CEO’s’, ‘de huisjesmelkers’. Het grote voordeel: zij zijn allemaal verantwoordelijk voor onze crises.
Dus: maak de vijand continu het gespreksonderwerp op social media. Val aan, en dwing rechts in de verdediging
Als links zo’n abstract vijandbeeld hanteert, kan het zich ook gemakkelijker gaan distantiëren van bepaalde groepen. Links is er niet voor ‘de bedrijven’ als geheel, maar voor de werkers. Links hoeft dus ook niet steeds voor jan en alleman in de bres te springen – iets waar rechts het graag toe dwingt (‘Jullie maken het bedrijfsleven kapot!’). Timmermans moet knikken, en niet in de verdediging schieten wanneer Dilan Yesilgöz GroenLinks-PvdA ervan beticht te spugen in het gezicht van ‘onze bedrijven’. Ja, als je enkel waarde wilt onttrekken en minder belasting betaalt dan het gemiddelde gezin, mag je ophoepelen. ‘Onze’ bedrijven bestaan uit werknemers die het werk verzetten, niet uit aandeelhouders die de winst afromen.
Dus: maak de vijand continu het gespreksonderwerp op social media, verspreid geruchten over de kwade intenties van aandeelhouders, kom met statements aan de pers over het falen van Wouter Koolmees, publiceer tienpuntenplannen voor het onteigenen van de huisjesmelkers, organiseer demo’s met bordjes van het hoofd van de vijand – niet met kumbaya. Val aan, en dwing rechts in de verdediging.
Nu het steeds duidelijker wordt dat rechts vooral in de democratie participeert om deze uiteindelijk af te schaffen, moet links dit huwelijk maar eens ontbinden
Ethisch verantwoord
Terwijl jij dit artikel leest en je je afvraagt of het opwerpen van een vijandbeeld wel ethisch verantwoord is, of het wel past bij onze linkse waarden, fikt extreemrechts Sieg-Heilend het Malieveld af. Extreemrechts maakt jou en je vrienden verdacht, noemt de journalisten uit dit blad ‘gewetenloze sufferdjes’, toont begrip voor burger-grenscontroles, feliciteert relschoppers die demonstranten van straat trappen, en geeft mensen van kleur de hoofdrol in een zelfbedachte opera vol haat.
Als links geen antwoord heeft op het vijandbeeld van rechts, blijft het de vijand en blijft het in de verdediging. Het decennialange beleid van distantiëren, uitleggen, en verontschuldigen heeft links enkel doen krimpen en inbinden. Alsof het leeft met een jaloerse echtgenoot. En links heeft inderdaad lang gedacht dat het een gedeeld project beheerde – een huwelijk – met rechts: de democratie. Nu het steeds duidelijker wordt dat rechts vooral in de democratie participeert om deze uiteindelijk af te schaffen, moet links dit huwelijk maar eens ontbinden.
Tijd voor een vechtscheiding.
Marthe van Bronkhorst is schrijver en psycholoog. Zij publiceerde voor onder meer Trouw, de Volkskrant, NRC en de Groene Amsterdammer.
Savriël Dillingh is politiek filosoof. Hij doet onderzoek en doceert aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.





