In 2023 trad Finland na 75 jaar neutraliteit toe tot de NAVO. Die neutrale positie was door de militair sterkere Sovjet-Unie afgedwongen; al die tijd was de koers wel Europees. In 1994 werd Finland lid van de EU, en het tekende in datzelfde jaar een samenwerkingsovereenkomst met de NAVO. Na de grootschalige Russische inval in Oekraïne in 2022 gaf Finland de neutraliteit ook formeel op. Artikel 5, dat bepaalt dat wanneer één NAVO-land wordt aangevallen alle landen in actie zullen komen, lonkte.

Heerst er dan nu een pro-Europese, op samenwerking gerichte sfeer in Finland? Nou, nee. Finland kent sinds 2023 een rechtse regering bestaande uit de conservatieve ‘coalitie’-partij die zich profileert als middenpartij, de christendemocraten, de partij van de Zweedse minderheid, én de Finnenpartij, die in standpunten en uitingen vergelijkbaar is met de PVV: tegen immigratie, klimaatmaatregelen en Brusselse inmenging.

Deze coalitie kwam tot stand na een moeizame formatie, en het regeerakkoord hangt van compromissen aan elkaar. De EU wordt bijvoorbeeld het belangrijkste politieke en economische kader genoemd, maar mag, aldus het akkoord, Finland geen geld kosten.

Alle deelnemende partijen zijn bang om de fragiele samenwerking op te blazen. In hun Europese verkiezingsprogramma’s doen de partners van de Finnenpartij hun best om de Finnenpartij – en de kiezers van de Finnenpartij – niet voor het hoofd te stoten.

Ook de Finnenpartij, die bijna een kwart van de zetels in het Finse parlement bezet, doet water bij de wijn. Voorheen was een ‘Fixit’ een belangrijk campagnepunt, maar volgens partijleider Riika Purra is dat nu niet realistisch. Graag zou ze uiteindelijk samen met de andere Noordelijke landen de EU verlaten. Tot het zover is, wil ze graag dat Finland gebruikmaakt van de positieve kanten die de EU te bieden heeft.

De oppositiepartijen spinnen garen bij de kramp in de regering. In de peilingen is de ‘coalitie’-partij favoriet, die ook bij de landelijke verkiezingen van 2023 met maar drie zetels meer dan de Finnenpartij nipt de grootste werd. Maar de sociaaldemocraten, die toen een grote nederlaag leden, gaan nu met hun progressieve en Europese verhaal op voor de tweede plaats.