Op een doordeweekse dag sta ik klaar om in een vriezer te stappen. Cryotherapie heet het, en het betekent dat ik in mijn ondergoed drie minuten lang opgesloten ga worden in een koelcel van -115 graden. Het schijnt goed te zijn tegen een keur aan klachten: slechte huid, slechte nachtrust, stress, blessures, noem maar op. Bovendien zou je immuunsysteem ervan opknappen en wordt wit vet er bruin van. Al die voordelen zijn overigens nog niet aangetoond in harde cijfers. De eerste vriesdode en afgevroren ledematen door roekeloos gebruik zijn intussen wel een feit.
Een witte wonderwereld
Google ‘detox’ en je zoekresultaten vallen uiteen in twee categorieën. Aan de ene kant jubelende amateur-blogs die allerlei vormen van ontgifting aanprijzen, aan de andere kant krantenartikelen die sceptische wetenschappers aan het woord laten die keer op keer hetzelfde verkondigen: je lever en nieren zijn je detoxsysteem, dat hoef je niet schoon te spoelen, te ondersteunen of te ontgiften. Gevarieerde voeding, beweging, genoeg slaap en voilà: je bent je beste zelf. De rest is geldklopperij.
Maar wetenschap en kritische media hebben nu eenmaal weinig impact op consumentenbewustzijn.
Dus hier sta ik, in een vriezer. De deur wordt vergrendeld en ik kijk door een glazen raampje naar de dienstdoende begeleider. Hij heeft een witte jas aan, maar wat weet ik verder van hem? Ik heb te veel horror- en maffiafilms gezien waarin mensen zo hun einde vonden.
Ik neem kleine gulpjes adem, want de lucht is te koud om gretig in te ademen. Kolkende stikstofdamp slaat theatraal van de muren af en ik denk aan Wim Hof, The Iceman. Wees Wim, prevel ik als een schietgebed, wees meer Wim.
Want wat inmiddels wél is bewezen, is dat blootstelling aan extreme kou zoals Wim Hofman dat doet, ervoor zorgt dat het immuunsysteem minder sterk reageert op bacteriën. Hoe dat precies werkt, weten we nog niet. Nu is cryotherapie ook niet helemaal een broodje-aapverhaal; we gebruiken het plaatselijk al heel lang, als we een ijspakking op een blauwe plek leggen of een wratje bevriezen, maar wat het voor het hele lijf doet, is nog onduidelijk. De ideale temperatuur, de duur van de bevriezing: niemand weet precies wat optimaal is. Het is Frozen meets het Wilde Westen; ondernemers die een witte wonderwereld scheppen voor de avontuurlijkere detoxers onder ons.
Ontvankelijkheid
‘Volwassen zijn betekent wakker worden met rare pijntjes,’ zegt mijn favoriete veertiger-vriend. Hij is onlangs begonnen met een ketodieet (veel vetten, nul koolhydraten) dat hem niet alleen van overtollige kilo’s, maar ook van zijn levenslange psoriasis lijkt te hebben afgeholpen. Dat dieet is niet zonder controverses, artsen waarschuwen voor wat het op de lange termijn met je lichaam doet. Ik zie mijn vriend slagroom door zijn ochtendyoghurt roeren en denk alleen maar: mag dit?
Die ene die er baat bij heeft, dát is het succes van elke vorm van detox en dieet. De tabula rasa-fantasie is niemand vreemd: op een ongeschreven blad opnieuw beginnen. Vers, met een soepele geest in een vitaal lijf. Want alle adviezen van de wetenschappers ten spijt: ik ben gezond, ja, maar ik blijf teleurstellend gevoelig voor heersende virussen, stressklachten, koortslippen en blessures.
En dan heb ik het nog niet over de ziektes die me, gezien mijn genetische afkomst, op latere leeftijd waarschijnlijk in de greep zullen krijgen. De kanker van moederskant, het hartfalen van vaderszijde. Wat kan ik doen om de kans daarop te verkleinen?
Bij de reguliere drogisterijen zijn schappen vol ontgiftende pleisters, oplossingen en pillen te koop die geen van alle bewezen effect hebben, maar wel als oplossing worden verkocht.
Ik ben niet de enige die zich dat afvraagt. In het licht van de maakbaarheid is de populariteit van de detoxcultuur flink toegenomen. Vroeger kon je alleen in de biologische supermarkt sapkuurpakketten kopen (zuurkoolsap smaakt precies zoals je denkt dat het smaakt).
Tegenwoordig zijn er ook bij de reguliere drogisterijen schappen vol ontgiftende pleisters, sapjes, oplossingen en pillen te koop die geen van alle wetenschappelijk bewezen effect hebben, maar wel als oplossing worden verkocht voor een keur aan problemen.
Is dat erg? Ja en nee. Het placebo-effect – geloven dat iets zin heeft waardoor het zin krijgt – is namelijk wél bewezen. Ontvankelijkheid is de grootste genezer.
Luxecultuur
We willen graag iets goeds doen voor ons lichaam en daar betalen we grif voor. Zo leg je voor drie minuten in de koelcel zo’n dertig euro neer. Het optimale effect schijn je te verkrijgen met meer bezoeken per week. Ik tel uit wat ik dan op jaarbasis kwijt zou zijn en krijg het nóg kouder.
Het is nog geen twaalf uur geweest en de salon waar ik de dood in de kille ogen heb gekeken, heeft al meer dan 170 bezoekers gehad. En dit is niet de enige salon; ze zitten in elke stad, en in Amsterdam steken ze in aantal de zonnestudio’s al naar de kroon.
Kun je optimaal voor jezelf zorgen zonder extra investeringen? Natuurlijk, wandelen is gratis en je kunt ook naar een budgetfitness om je dagelijkse beweging te krijgen, maar wie er een sauna en zwembad bij wil, moet meer betalen. Wil je een biometrische weegschaal die je botdichtheid uitrekent? Betalen. Wil je een ontgiftende leverpakking of een lymphedrainagemassage? Betalen.
De hele secundaire gezondheidsindustrie drijft op welvaart. Minima kunnen geen dertig euro of meer neerleggen voor iets wat misschien helpt, maar misschien ook niet. Detoxing is luxecultuur die de kloof tussen rijk en arm nog eens onderstreept.
Als detoxing alleen maar een frivoliteit is, een gat om geld in te gooien, zou dat niet zo erg zijn, maar het wordt wel schril als je kijkt naar de groeiende kloof tussen arm en rijk en hun verschillende gezondheids- en levensverwachting. Zo is tussen 2005 en 2015 het verschil in levensduur tussen de 20 procent hoogste inkomens en de 20 procent laagste inkomens gegroeid van zeven naar negen jaar.
Eetstoornis
Detoxing speelt in op de angst dat we ons lichaam verontreinigen. Hoe meer we te weten komen over voedsel en hoe ons lichaam het verwerkt, hoe meer we zelf aan het roer komen te staan van ons eigen wel en wee. De ene kapitein is daarbij een stuk strenger voor zichzelf dan de andere. Is patat een gezelligheidshapje dat moet kunnen of is het slechts één stap verwijderd van een pijnlijke dood door dichtgeslibde aderen? Die inschatting wordt door iedereen anders gemaakt.
‘Als je geen geld hebt voor een magere biefstuk of biologisch gehakt, is frikandel een prima vleesproduct om door je pastasaus te roeren,’ vertelde een vriend die onder minimumniveau opgroeide. De lagere levensverwachting van mensen met een laag inkomen is gekoppeld aan de bereikbaarheid van gezonde voeding en sport. In de armere wijken bestaat het merendeel van de horeca nog steeds uit goedkope cafetaria’s en fastfoodketens. In de duurdere wijken vestigen zich intussen saladebars, low fat-pokébowlketens en vegan restaurants.
De lagere levensverwachting van mensen met een laag inkomen is gekoppeld aan de bereikbaarheid van gezonde voeding en sport.
En dreigt een ander probleem: orthorexia, een eetstoornis die zich richt op het gevaar dat bepaalde voedingsmiddelen met zich zouden meebrengen. De stoornis is nog niet officieel opgenomen in de DSM-V, het diagnostische handboek voor psychiaters en psychologen, maar wordt steeds vaker gesignaleerd door psychologen. Een extreem voorbeeld van orthorexia is de veganistische moeder van Tom in de documentaire Rauwer uit 2014. De jongen blijft achter op de groeicurves. Zijn moeder weigert hem gekookte groenten, vlees of zuivel te geven omdat ze gelooft dat dat slecht is. Samen duiken ze onder voor de jeugdbescherming.
Dit was natuurlijk een uitzonderlijk geval, maar de gemiddelde consument is ook niet vies van een beetje voedselbijgeloof. Zo geloven veel mensen dat matcha – vermalen groene-theetopjes – écht gezond voor je is, ook als het op toetjes of in je ice tea verwerkt is.
Klysma’s in een kuuroord
Ik heb detoxing van huis uit meegekregen. Zo drinkt mijn moeder regelmatig groene sappen onder het oog van diëtisten en krijgt ze klysma’s in een kuuroord. Mijn moeder is zelden pijnvrij, en waar de medische wetenschap geen uitkomst biedt, probeert ze andere manieren te vinden om haar lichaam te ondersteunen.
Dit jaar mag ik mee. We volgen een detoxdieet, wat inhoudt dat we onbespoten voedsel krijgen geserveerd in een afgelegen hotel in de Sloveense heuvels. In de eetzaal kauwen we langzaam onze afgemeten porties weg. We kijken uit op een vergezicht van rijk gebladerte en boomtoppen, dat suggereert dat wij óók zo oud kunnen worden als eiken, als we maar in balans blijven. We nordic walken, pilatesen en aquajoggen wat af.
Er zijn verschillende bezoekers. Vrouwen en koppels die willen afvallen, een professioneel sporter die niet te veel wil aankomen in haar vrije tijd en een miljonairsechtpaar dat blakend en diep zongebruind een maand per jaar doorbrengt in het kuuroord om daarna terug te vliegen naar hun huis in Ibiza.
In het busje naar het afgelegen resort zitten we nog gezellig te keuvelen, maar als we aankomen, trekt mijn moeder zich terug in een soort Roomse onderdanigheid. Ik zie de mondige vrouw die ik ken veranderen in het kostschoolmeisje dat ze vroeger was. Met neergeslagen ogen ondergaat ze de oefeningen en doodserieus snijdt ze een plakje wortel op haar bord in vieren. Ze is hier niet gekomen om te genieten van een gezonde levensstijl, maar doet boete voor de rest van haar jaar. Voor elk glas wijn, elk vetrandje, elk snoepje dat ze in haar mond stak en gulzig doorslikte.
Zou het ontgiften mijn moeder in de greep hebben gekregen toen ze God verloor? Misschien is het een hang naar rituelen en een verlangen naar een externe validatie die ons hier brengt.
Je zou kunnen beargumenteren dat ontkerkelijking de detox-industrie versterkt. Niet voor niets maakt vasten deel uit van elke grote religie en bevat ieder heilig schrift speciale voedselvoorschriften.
Zo’n detoxvakantie is natuurlijk ook niet helemaal onzinnig. Het ís ook gezonder om onbewerkt voedsel te eten, maar het is geen heilige graal; kanker woekert ook in de lijven van yogadocenten en veganisten. Door te leven loop je nu eenmaal het risico te sterven.
Ik heb vooral honger. ’s Middags sneak ik het café in om een cappuccino te bestellen en na het eten smokkel ik extra appels mee om in bed op te knagen.
Na een week keren we fitter, sterker en dunner terug naar huis en loopt mijn moeder weer met een rechte rug. Aan haar zal het niet liggen, lijkt ze uit te stralen. Zij heeft haar aflaat betaald.
Gefrituurde Oreo’s
Bij terugkomst, na zeven dagen niet zelf te hebben kunnen kiezen wat ik at, verbaas ik me over de voedingsoverdaad in ons leven. Hoeveel eten we alleen al op het treinstation kunnen kopen, het is even verlokkend als afschrikwekkend. Het houvast van een dieet of detoxkuur waarin allerlei dingen niet mogen, kan dan ook rust geven.
Aan de andere kant is er eigenlijk geen grotere decadentie dan ervoor te kiezen een deel van de verleidingen te schrappen, gewoon, omdat het ‘niet goed voor je is’.
Als tegenbeweging op al dat ontgiftende gedoe is er nu ook een verheerlijking gaande van overdadig eten. Vlogger Monica Geuze bestelde eens een bord spaghetti om ermee te poseren en liet het daarna onaangeroerd achter. Er is iets in die vreemde tegenstelling dat ons raakt en waar we maar naar blijven kijken. Een broodmager Instagram-meisje achter een bord druipende American pancakes is zoiets als een pitbull die beste vrienden wordt met een eendje, of een stoere man met een pasgeboren baby’tje op de arm. Het is een vreemd soort fetisjisme waar ik me, als zelfverklaarde fitgirl, ook schuldig aan maak.
Een broodmager Instagram-meisje achter een bord druipende American pancakes is zoiets als een pitbull die beste vrienden wordt met een eendje.
Zo is er in Amsterdam de Cereal bar, die Amerikaanse ontbijtgranen in elke decadente suikerverschijning aanbiedt: Reeses Puffs, Apple Jacks, Lucky Charms – sommige zijn zó zoet dat ze door de Europese voedsel- en warenautoriteit verboden zijn. Ik eet nietsvermoedend een schaaltje en de piek die volgt, doet me denken aan die keer dat ik een lijntje speed probeerde. Ik kan geen gesprek meer volgen, ik wil rennen, ik wil lachen, ik wil tegen de muur oplopen en het plafond tot mijn koninkrijk uitroepen. In Freddy’s in Rotterdam gaat alles op het menu een smaakglijbaan af van zoet naar zout naar vet. De gefrituurde kip wordt er voorzien van honingglazuur. Als dessert bieden ze gefrituurde Oreo’s aan. Ik vertrek er steevast gelukzalig én misselijk, om me de rest van de week weer druk te maken over mijn calorie-inname en gezondheid.
Als ik uit de vriescel ben gekomen, heb ik de rest van de dag bonkende hoofdpijn. En ik blijf het maar koud hebben. Volgens een vaste vriesganger is dat normaal en ‘ontdoet mijn lichaam zich van afvalstoffen’. Ik ben tot niets meer in staat en kruip in foetushouding onder een deken op de bank. Ik weet niet wat ik erger had gevonden: er niets van voelen of dit. Waarom doe ik mezelf dit aan? Is het omdat ik denk dat het gezond voor me is, of wil ik mezelf straffen voor alle pancakes, ontbijtgranen en gefrituurde Oreo’s die ik ooit tot mij nam?
Ik neem het mezelf voor dit nooit meer te doen, maar na een paar dagen ben ik de horror van de cryotherapie vergeten en misschien verbeeld ik het me, maar mijn huid lijkt glanzender, mijn energiepeil hoger en mijn spieren… soepeler! Ik hoor mezelf cryotherapie ineens aanbevelen aan vrienden en vreemden en overweeg zelf nog eens een sessie te boeken, ook al heb ik er eigenlijk het budget niet voor. Het lichaam is een tempel en sommigen mensen willen die zo schoon mogelijk hebben. Tempels vol stof en kringelende wierook vind ik een gemoedelijker beeld, maar soit. Wie ben ik om te zeggen waarin je moet geloven?



Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.