Je kan droevig worden van deze tijd waarin ministers makkelijk wegkomen met dingen die ze jarenlang hebben geroepen, waarin feiten er voor beleid eigenlijk niet meer toedoen en waarin partijen na verkiezingen hun beloften voor van alles makkelijk intrekken. Alleen daar bereiken we helemaal niets mee.

In plaats daarvan kunnen we er wel iets van leren. Dat kiezers vooral geïnteresseerd zijn in grote verhalen waarin een wereld wordt beloofd die veiliger en beter is. Het doet niet ter zake dat het een wereld is gebaseerd op een nostalgisch gekleurd verleden dat we nooit gehad hebben en waar we niet naartoe kunnen. Doorrekeningen, details, plusjes en minnetjes, het zal de gemiddelde burger een worst wezen. Het gaat om de belofte, het verlangen naar zekerheid, overzichtelijkheid en wellicht de illusie dat dan ‘alles wordt zoals het was’. Ook al is dat idee nergens op gebaseerd en biedt het geen antwoord op klimaatverandering, geopolitieke ontwikkelingen, vergrijzing of bestaanszekerheid. Laat staan dat het uitvoerbaar is.

Ondertussen wordt alles weggehoond wat wel tot achter de komma wordt doorgerekend, op haalbaarheid wordt getoetst, of genuanceerd en lastig is (zoals het meestal in de realiteit is). Niet interessant. Sterker nog, elke doorrekening is meer munitie om verder het verleden nog meer te verheerlijken. Immers, degenen die dreigen te verliezen, protesteren en framen het gesprek over de toekomst als een dat gaat over verlies, over minder.

Als je een echt andere economie, een systeemtransitie, voorstaat, is het wellicht niet zo zinnig om die te analyseren met modellen die gebaseerd zijn op de huidige economische structuur. Dan krijg je logischerwijze allerlei beperkingen. Niet omdat die gewenste werkelijkheid niet mogelijk is, maar omdat het model dat toekomstbeeld simpelweg als onmogelijkheid presenteert.

Gaan voor een systeemverandering verdraagt geen doorrekening over details.

Zo probeerde ik tijdens de financiële crisis met een macromodel te simuleren wat er in werkelijkheid op dat moment gebeurde. Het model gaf een foutmelding. Dezelfde ervaring had ik met negatieve rentes, covid en de inflatieperiode die we half achter de rug hebben: een onmogelijke werkelijkheid volgens het model, maar wel de realiteit. Als de werkelijkheid zich niet laat vangen in modellen, hoe kan je dan visionair, meeslepend beleid toetsen met diezelfde modellen?

Een paar weken geleden publiceerde de Stichting Toekomstbeelden der Techniek een intrigerend boekje over post-groeiscenario’s, Voor niets gaat de zon op. Geen doorrekeningen van beleid, maar creatief ontwikkelde beelden over de verhouding tussen mens, technologie en natuur. Met een scenario waarin data wordt opgeslagen in bomen. Een scenario waarin uitgestorven soorten weer tot leven worden gewekt. Een Big Brother-achtig scenario waarin technologie alles stuurt en een scenario waarin de natuur veel rechten krijgt. Creatieve, speculatieve maar inspirerende beelden waarbij niet exact duidelijk is hoe ze worden gerealiseerd, maar die wel over onze toekomst gaan, over de mogelijke positieve keuzes hebben om onze wereld te vormen.

Wat ik nodig vind zijn meer van die inspirerende toekomstbeelden over hoe ons land er wel uit kan zien. Hoe bestaanszekerheid en veiligheid er in een moderne variant uitzien. Hoe we mooie dingen kunnen creëren, gezonder kunnen leven en het goed kunnen hebben als we onze blik echt naar de toekomst richten en die plannen niet worden platgeslagen door cijferfetisjisten. Positieve beelden die mensen doen verlangen naar een mooie, andere toekomst. Noem het een radicale utopie, noem het de verbeelding aan de macht. Gaan voor een systeemverandering verdraagt geen doorrekening over details. Dat vraagt om een fantastisch verhaal waarin wij allemaal gelukkig, duurzaam én tolerant kunnen leven.