Op 10 juni 2011 werd Yuri Boedanov op klaarlichte dag doodgeschoten in het zuiden van Moskou. Vier kogels troffen zijn hoofd. Ruim twee jaar daarvoor was de voormalige militair vervroegd vrijgelaten uit de gevangenis.

In 2003 werd Boedanov, ooit onderscheiden met de Orde voor Dapperheid, schuldig bevonden aan ontvoering en mishandeling van en moord op een achttienjarig Tsjetsjeens meisje. Het was de eerste keer dat een Russische officier veroordeeld werd wegens oorlogsmisdaden in Tsjetsjenië.

In het omstreden proces tegen Boedanov stond mensenrechtenadvocaat Stanislav Markelov de familie van het vermoorde meisje bij. Vier dagen na Boedanovs vervroegde vrijlating werd Markelov geliquideerd.

Haratischwili volgde het bloedige spoor dat haar via de Russische rechtszaal naar een dorpje in de Tsjetsjeense bergen bracht.

Anna Politkovskaja, de Russische journaliste die onverschrokken kritisch berichtte over Boedanov, Poetin en de misstanden in de Tsjetsjeense Oorlogen, leefde toen al niet meer. Zij werd in 2006 omgebracht in de lift van haar appartementencomplex.

Met groeiende ontzetting las Nino Haratischwili (Tbilisi, 1983), romancier en toneelschrijver, het werk van Politkovskaja. Ze volgde het bloedige spoor dat haar via de Russische rechtszaal naar een dorpje in de Tsjetsjeense bergen bracht. ‘Dit verhaal is als een Griekse tragedie: de ene moord wordt met de volgende gewroken,’ zegt Haratischwili.

Nino Haratischwili
De familie van het vermoorde meisje, Elza Kungayeva. Foto: HH
Paradoxale situatie

Haratischwili koos de moord op het Tsjetsjeense meisje – niet eens de gruwelijkste daad die ze in de verslagen van Politkovskaja aantrof, vertelt ze – als uitgangspunt voor haar nieuwe roman omdat één detail haar niet losliet: het drama vond plaats in een ‘rustpauze’.

‘Officieel was de troepeneenheid van Boedanov uit de Tsjetsjeense hoofdstad Grozny naar een dorpje in de bergen verplaatst voor een anti-terreuroperatie, officieus was het een soort vakantie. Om Grozny werd hevig gevochten, maar deze soldaten belandden plotseling ergens waar geen strijd was en waar ze een paar weken mochten uitrusten. Dat was een paradoxale situatie. Boedanov kon daar niet mee omgaan. Hij dronk iedere dag meer en verklaarde alle dorpsbewoners tot vijand. Hij beweerde dat ze stuk voor stuk terroristen waren en bleef dat later in de rechtszaal herhalen. Hij kon niet meer in de normaliteit leven, dat vond ik een fascinerend gegeven; in zijn hoofd ging de oorlog gewoon door. Op een dag heeft hij – daarvoor had hij geen bevoegdheid – het bevel gegeven het dorp te bestormen en de huizen in brand te steken. Dat culmineerde in de verkrachting (een aanklacht die verviel in het proces – KB) en uiteindelijk in de dood van dat meisje.’

Schuld-en-boete-denken

Bestaat rechtvaardigheid? Beschikt ieder mens over een intrinsiek moreel besef? Kunnen dit soort gruweldaden alleen plaatsvinden op wetteloze plekken, waar daders zich onschendbaar wanen, en in hoeverre maakt groepsdynamiek van gezonde mensen monsters? Of wordt het tijd om het schuld-en-boete-denken definitief achter ons te laten?

Steeds weer is er dat Tsjetsjeense plaatsje waar de mensen naar de wetten van hun voorvaderen leven ‘in een door bergen en heuvels ingesloten wereld’.

Met dit soort vragen in haar achterhoofd begon Haratischwili te werken aan haar vierde boek, De kat en de generaal, waarin een Russische oligarch, een Georgische actrice en een Duitse onderzoeksjournalist verwikkeld raken in een dodelijk spel. Opgejaagd door het verleden dolen deze figuren rond over de wereld, van Moskou tot Marrakesh en van Berlijn tot Venetië en steeds weer is er dat Tsjetsjeense plaatsje waar de mensen naar de wetten van hun voorvaderen leven ‘in een door bergen en heuvels ingesloten wereld’.

Onuitputtelijke vechtlust

Haratischwili groeide op in Georgië en woont sinds twaalf jaar in Hamburg, waar ze aan de theateracademie studeerde. Ze herinnert zich de Tsjetsjeense vluchtelingen die in de jaren negentig naar haar geboortestad Tbilisi kwamen.

‘Vergeleken met Rusland is Tsjetsjenië echt piepklein en ik heb me telkens verbaasd over de vastberadenheid van de Tsjetsjenen.’

‘Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie streed Tsjetsjenië voor onafhankelijkheid. Vergeleken met Rusland is het echt piepklein en ik heb me telkens verbaasd over de vastberadenheid van de Tsjetsjenen. Het is een vrijheidslievend volk dat nooit een koning of een feodale structuur heeft gekend. Ze hebben een andere cultuur, dat komt ook door de islam, en ze beschikten destijds over een onuitputtelijke vechtlust waar de Russen niet altijd een antwoord op hadden. Het leidde tot een verbeten en buitengewoon gewelddadige strijd. Rusland wilde dit ondoorgrondelijke volk koste wat kost op de knieën dwingen.’

Pas in 2009 slaagden de Russen hierin. Tsjetsjenië is nu een autonome republiek binnen de Russische Federatie. Waarnemend president Ramzan Kadyrov staat niet alleen bekend om zijn goede band met Poetin, maar is ook berucht vanwege zijn repressieve bewind.

Islamitische identiteit

‘Drie jaar geleden ben ik voor het eerst naar Grozny gereisd. Ik moest erheen om dit boek te kunnen schrijven, maar het was geen gewone research-reis. Je kunt daar niet met een opnameapparaat rondlopen en mensen het hemd van het lijf vragen. De angst is alomtegenwoordig, je kunt niet vrijuit spreken over politiek. Wat mij het meest schokte, is dat er niet aan de recente oorlogen gerefereerd wordt. Er zijn geen monumenten en volgens het museum eindigt de geschiedenis in 1945.’

Het was een beklemmende ervaring. Op iedere hoek botste ze tegen een portret van Poetin en in iedere straat liepen mannen met kalasjnikovs heen en weer. Bovendien stoorde Haratischwili zich aan de islamitische omgangsvormen die het maatschappelijk leven meer en meer zijn gaan beheersen.

‘Iedere Tsjetsjeense familie is door die eindeloze oorlogen geraakt en nu moeten ze hun oude vijand bezingen, op Poetins verjaardag moeten ze bloemen leggen.’

‘Ik begrijp het wel hoor, want die islamitische identiteit is vooral voor jongeren een manier om zich af te zetten tegen hun bezetter, de Russen. Een deel van hen radicaliseert en gaat naar Syrië. Wat wil je ook als je in zo’n vreemde leugen opgroeit? Iedere Tsjetsjeense familie is door die eindeloze oorlogen geraakt en nu moeten ze hun oude vijand bezingen, op Poetins verjaardag moeten ze bloemen leggen.’

Een extreme tijd

De personages uit De kat en de generaal zijn niet alleen door de Tsjetsjeense Oorlogen getekend, ook het uiteenvallen van de Sovjet-Unie heeft hun levens een bepalende wending gegeven. De familie van Kat laveert moeizaam tussen de langzaam verdwijnende Sovjettradities en de veeleisende mores van het westerse kapitalisme. De generaal is een van de puissant rijke Russen die bijzonder handig gebruik maakten van de (economische) chaos van de jaren negentig.

‘Met het dagelijks leven kan ik niet zoveel, ik wil weten hoe mensen onder extreme omstandigheden handelen.’

‘Veel van wat vandaag in Rusland gebeurt, vindt zijn oorsprong in die periode. Het was een extreme tijd die extreme gevoelens uitlokte. Voor mij als schrijver is het daarom ook een dankbaar onderwerp. Met het dagelijks leven kan ik niet zoveel, ik wil weten hoe mensen onder extreme omstandigheden handelen.’

Haratischwili’s werkkamer is een laboratorium waarin ze dat handelen onder een microscoop legt. ‘In het gewone leven heb je de luxe niet om de wereld vanuit verschillende perspectieven te bekijken. Ik loop me echt niet continu in anderen te verplaatsen als ik boodschappen doe. Maar tijdens het schrijven kun je de tijd even vangen en je een oneindige hoeveelheid andere levens voorstellen. Dat vind ik een groot geschenk.’

Vergeldingsactie

Intussen druppelt het bloedspoor door.

Op 23 augustus 2019 werd Zelimkhan Khangoschwili op klaarlichte dag doodgeschoten in het noordwesten van Berlijn. Ruim zeventien jaar daarvoor had hij een eenheid van Tsjetsjeense rebellen aangevoerd. Hij was een terrorist, volgens de Russische geheime dienst.

Het is niet de eerste keer dat het Kremlin in verband wordt gebracht met een vergeldingsactie omtrent de Tsjetsjeense Oorlogen.

De catharsis van deze tragedie is voorlopig nog niet in zicht.

De kat en de generaal van Nino Haratischwili is vertaald door Elly Schippers en Jantsje Post en verschijnt bij Meridiaan Uitgevers.